Maarten 't Hart

1983

212

Nederlands

bovenbouw vmbo/havo/vwo

2 uit 5

6.8 / 10
Titel
De kroongetuige

Auteur
Maarten 't Hart

1e druk
1983

Aantal bladzijden
212

Motto
geen

Titelverklaring
De innerlijke samenhang heeft de auteur aangegeven met allerlei uiterlijke tekenen. De duidelijkste daarvan is de titel. Deze slaat op het detectiveaspect (de kroongetuige is het mannetje dat tegenover het laboratorium woont(170)) en op dat van het huwelijk: het kind is, volgens Nietzsche, in de meeste huwelijken de ongewenste kroongetuige (p.144).


Samenvatting
Leonie en Thomas Kuyper hebben een kinderloos huwelijk. Vooral leonie lijdt daaronder. Eind juli logeert ze een week bij haar moeder om een beroemde gynaecoloog uit haar geboortestad te consulteren. In die week gaat Thomas veel uit met Jenny Fortuyn, een meisje uit de bibliotheek met wie hij daarvoor al kennis gemaakt had. Na hun laatste avond verdwijnt zij spoorloos. Kuyper krijgt op het laboratorium (hij doet daar dierproeven) bezoek van de inspecteurs Lambert en meuldijk. Later komt Lambert ook bij hem thuis. De aanwijzingen van Kuypers betrokkenheid stapelen zich op en het politieonderzoek eindigt met zijn arrestatie. Men vermoedt, dat hij Jenny gedood heeft en door de ratten heeft laten opeten.
In een brief bekent Thomas aan Leonie zijn verliefdheid op het meisje; hij zegt dat hij vooral onder de indruk was van haar spiegelbeeld. Hij vertelt, dat hij op haar kamer boven de bibliotheek ook haar vriend Robert ontmoet hij naar Amerika vertrok. Leonie, die overtuigd is van Thomas' onschuld, veronderstelt in een antwoordbrief, dat Jenny met Robert is meegegaan.
In een dagboek noteert Leonie haar wedervaren sinds Thomas' arrestatie. Ze wil bewijzen, dat haar man niets met de moord te maken heeft, en gaat daartoe zelf op onderzoek uit. Daarbij wordt ze voortdurend gepijnigd door de gedachte, dat Thomas wellicht met Jenny naar bed geweest. Ze kan dat nauwelijks accepteren. Ze bezoekt de man die tegenover het laboratorium woont en die beweert, dat Thomas en Jenny die nacht samen naar binnen zijn gegaan en dat hij alleen naar buiten gekomen is. Ze komt in aanraking met Jenny' s vriendin, die vertelt, dat Jenny met iedereen vrijde op wie ze maar een beetje viel. Echt dol was ze echter op Robert. Met Thomas was ze zeker niet naar bed geweest, maar ze wilde wel iets van hem; ze kon hem ergens voor gebruiken. Leonie ontdekt tijdens dit bezoek aan de vriendin ook dat inspecteur lambert Jenny al gekend moet hebben voor het onderzoek naar haar verdwijning begon. Hierna heeft ze een gesprek met de oude buurvrouw van Robert en diens vrouw, die volhoudt, dat het sneeuwde, toen de twee vertrokken. Tijdens een gesprek met Lambert - hij deelt haar mee, dat de kleren van Jenny in het laboratorium teruggevonden zijn - moet ze opeens denken aan een filmpje dat Thomas vroeger met zijn jaargenoten gemaakt heeft: 'moord in het museum'. Naar aanleiding daarvan gaat ze d volgende dag in het laboratorium op onderzoek uit. In een grote pot waarin twee zeekoeien - dieren die een wonderlijke gelijkenis met mensen vertonen - op alcohol worden bewaard, bevindt zich ook het lichaam van de vrouw. Leonie moet nu wel aannemen, dat Thomas schuldig is. Tijdens het proces blijkt het getuigenis van de kroongetuige - de man tegenover het laboratorium - op niets te berusten. Thomas wordt een paar weken later dan ook vrijgesproken.

Eenmaal thuis hoort hij van Leonie over de vrouw in de pot. Hij bezweert haar, dat ze zich vergist moet hebben. Dat blijkt niet zo te zijn, maar het lichaam is niet van Jenny, maar van de vrouw van Robert. Robert en Jenny hebben haar omgebracht en haar lijk tussen de zeekoeien verborgen. Daarna zijn ze waarschijnlijk samen naar Amerika vertrokken. Aan het eind van de roman zijn veel raadsels opgelost: Thomas' voortdurend zwijgt, Lamberts betrokkenheid bij Jenny, de 'sneeuw' is augustus, datgene waar Jenny Thomas voor nodig had. Toch is niet ieder detail tot klaarheid gekomen. Op het psychologische vlak blijven er genoeg raadsels om van een min of meer open einde te kunnen spreken.

Boekindeling
Het boek is opgebouwd uit 5 hoofdstukken over 212 bladzijden, die steeds op een nieuwe bladzijde begint.

Thema
Dit kan je als volgt formuleren: ieder mens is voor de ander een raadsel, niemand kent iemand anders echt, ook niet de dichtstbijzijnde.

Personen
Leonie is de werkelijke hoofdpersoon van het boek. Zij gaat op onderzoek uit, zij is detective in het verhaal.
Thomas en leonie zijn twaalf jaar getrouwd. Leonie heeft Frans gestudeerd. Ze slaagde cumlaude, maar in plaats van een goed betaalde baan te zoeken werd ze liever huisvrouw, omdat ze dan beter en vaker naar Schumann kon luisteren. Ze wordt beschreven als burgerlijk en truttig. Thomas zegt van haar dat ze een 'degelijke, milde en in de grond blijmoedige ziel' is, in tegenstelling tot Jenny, die grillig en prikkelbaar is (blz.20). Leonie vindt het vreselijk dat ze onvruchtbaar is. Ze wil niets liever dan moeder worden, maar toen ze het schilderij van Chardin zag, wist ze eigenlijk al dat nooit zou gebeuren. Ze brengt haar wens om moeder te orden in verband met abortus en postnatale depressie, waar ze het in het vrouwenhuis over hebben. Ze ziet deze dingen als een luxe.
Leonie begint haar zoektocht naar de ware dader niet alleen om Thomas' onschuld te bewijzen, maar vooral omdat ze jaloers is. Ze wil weten wat Jenny heeft dat zij niet heeft. Aanvankelijk haat ze Jenny, later als ze denkt dat zij dood is, denkt ze wat milder over haar.
Zowel Lambert als Arianne vertellen haar dat ze in de verte lijkt op Jenny; zij is alleen veel burgerlijker. Het is niet voor niets dat zowel Thomas als Arianne als lambert verliefde gevoelens voor Leonie hebben: ze zijn ook alle drie verliefd geweest op Jenny. Maar hoewel Leonie Arianne en Lambert ook wel aardig vindt, blijft ze Thomas trouw. Haar wraak op Thomas stelt niet veel voor: ze gaat een roeien met een collega van Thomas en ze laat zich kussen door Arianne.
Leonie gaat naarmate de problemen zich opstapelen steun zoeken in het geloof. Zij is daarmee opgegroeid, Thomas niet. Ze gaat naar de kerk, zingt psalmen, en het boek eindigt met haar smeekbede: 'genadig God, laat hoop mijn lege en kille geest weer vruchtbaar maken.'

Thomas is een beetje een schroetel: hij is erg onhandig, en hij struikelt over drempels. Thomas is een liefhebber van literatuur en van klassieke muziek. Net zo als de feministen in het vrouwenhuis denkt hij dat het vrouwen wordt aangepraat dat ze graag moeder willen worden (blz.18). Hij wil niet zo vreselijk graag een kind als Leonie. In gedachten zegt hij tegen zijn zoon: "Wees maar blij dat je niet geboren bent" (blz.45.). Toch droomt hij over een zoon, denkt hij over adoptie en knipt hij het bericht over de reageerbuisbaby uit de krant. Zijn kinderloze huwelijk is er eigenlijk de oorzaak van dat hij de relatie met Jenny begint. Hij wil graag met Jenny naar bed, maar dat komt er niet van.

Ondanks het feit dat hij onschuldig is, blijft Thomas zwijgen, waardoor hij wel bijna vier maanden in het gevang zit. Thomas noemt zelf verschillende redenen voor zijn gedrag: hij wil best een tijdje gevangen zitten om tot rust te komen, en hij hoopt dat leonie dan eindelijk zal aanvaarden dat er geen kinderen komen, hij wil Jenny niet verraden (misschien om haat later te chanteren?) En hij vindt het enorm vernederend dat Jenny hem alleen maar heeft gebruikt. Toch is het allemaal niet erg overtuigend: wil iemand om die redenen zolang gevangen zitten? Uiteindelijk komt Thomas zelf met het krantenbericht over de reageerbuisbaby, weet hij dat Jenny niet meer terug zal omen en kan ij wel nagaan dat het toch een keer uit zal omen hoe Jenny over hem dacht. Thomas' zwijgen is wel onontbeerlijk voor de constructie van het boek.

Jenny Fortuyn is een aan drugs verslaafde feministe. Met haar 'zwarte vogelklauwen' (blz.19) krijgt ze Thomas in haar ban.

Politieman Lambert is afwisselend goedwillend en kwaadaardig. Leonie wordt zelfs een beetje verliefd op hem. Zijn hulpje Krijn Meuldijk is erg dom.

Verteller & perspectief
Het eerste hoofdstuk van De kroongetuige wordt verteld door Thomas Kuyper, de verdachte. Hij deelt mee wat hem in de nacht van het misdrijf is overkomen, maar houdt ook bepaalde informatie achter, waardoor het onmogelijk te beoordelen is, of de beschuldigingen aan zijn adres juist zij. Die opzet is in strijd met de "eisen" van het genre. Via een korte briefwisseling schakelt de roman over op een ander perspectief: Leonie, de vrouw van Thomas, is nu de vertelster. In het derde hoofdstuk onderzoekt zij de haar beschikbare gegevens om te proberen Thomas' onschuld te bewijzen. Dit gedeelte van de roman lijkt nog het meest op de traditionele detective- story. Aan het eind meent zij de gebeurtenissen te hebben achterhaald; Haar constructie berust echter meer op een toevallige ontdekking dan op redeneerkunst.

Tijd
De intrige wordt chronologisch verteld. De gebeurtenissen beginnen op 31 juli en eindigen vlak voor Kerstmis. De voorgeschiedenis van Thomas en Jenny onthult Thomas in een brief, die hij aan Leonie schrijft. Er zijn ook wel kleine flash- backs en herinneringen, bijvoorbeeld de gedachten van Leonie aan het dia- avondje met de hoogleraar en zijn vrouw, en haar herinneringen aan de zwarte vogels. De briefwisseling en het dagboek zijn uiteraard vision par derrière: ze zijn later opgeschreven. In de rest van het boek wordt met het verhaal meeverteld. (vision avec). De totale vertelde tijd is ongeveer een half jaar. Thomas zit ca. 3 ½ maand gevangen: van begin september tot vlak voor Kerstmis. In de beschrijvingen van de gesprekken die Leonie met allerlei mensen heeft verschilt de verteltijd niet veel van de vertelde tijd. Ook het proces is vrij uitvoerig verteld. De verteltijd is 212 bladzijden.

Ruimte
Het boek speelt zich af in Leiden, maar allerlei straten, cafés en gebouwen, die in het boek worden beschreven, blijken in het echt niet of niet meer te bestaan.

Stijl
De meeste recensenten vinden de stijl van Maarten 't Hart niet geweldig. Toch is het boek goed leesbaar, alhoewel je soms rare dingen tegenkomt, zoals de zin ' Die daarginds, was ik dat wat zo heette' op blz. 7. De gesprekken die worden gevoerd zijn niet echt natuurlijk. Maarten 't Hart streeft naar een taal die erg dicht bij de spreektaal ligt; hij wil zo natuurlijk en verstaanbaar mogelijk schrijven. Literaire opsiering is hem vreemd. Thomas' neiging tot verfraaiing staat haaks op het ideaal van de auteur. Een korte uitspraak kan dat illustreren. Thomas noemt het leven: " Een tijdelijk oponthoud van een zonnestraal onderweg naar het heelal" (p.7), het vrome buurvrouwtje van Robert zegt:"(...) het leven is maar een malle omweg naar de dood."(p.198) De laatste zin, die vanzelfsprekend in de eerste plaats het vrouwtje moet typeren, is niettemin kenmerkend voor de stijl van 't Hart: De schijnbare eenvoud ervan is in wezen veel kunstiger dan de gecompliceerdheid van de 'verliteratuurde' taal. Uiteraard zijn ook hier ontsporingen mogelijk: de 'schijnbare eenvoud' vervlakt dan tot een al te dagelijks niveau. Aan dit gevaar ontkomt 't Hart niet altijd.


Waardering
Dit verhaal van Maarten 't Hart is een goed boek om te lezen zeker een aanrader. Er zitten ook wel een paar fouten in zoals: Thomas is volledig van de buitenwereld afgesloten als hij in het Huis van Bewaring zit. Hij mag geen bezoek ontvangen en geen kranten lezen. In Nederland bestaan dergelijke regels niet. Leonie ontpopt zich als een wat te diepzinnige speurneus, Vooral het "theeblaren kijken" is onwaarschijnlijk. Zoals in de meeste detectives blijft de lezer ook in dit boek voor wat betreft het misdaadgedeelte met een aantal vragen zitten die hij zelf mag oplossen. Voorbeelden: Waarom blijft Thomas zwijgen? Wanneer heeft Jenny het filmpje gezien? Waar zijn de drugs gebleven? Waarom gingen Robert en Jenny niet gelijk door naar Schiphol, maar moesten ze zonodig nog even naar het huis van Robert waar ze toevallig door de oude vrouw werden gezien? Hoe is het mogelijk dat Thomas in de gevangenis een bericht uit de krant knipt, terwijl hij geen kranten mocht lezen? (blz 70). Is Thomas toch op de een of andere manier schuldig? En passant snijdt de auteur enkele maatschappelijke onderwerpen aan. Zo wordt de rare manier waarop de universitaire instituten aan hun budget komen door Thomas uit de doeken gedaan. Politieagenten en feministen komen er in het boek niet zo best van af. Maar ondanks deze foutjes is en blijft het een goed boek.
De schrijver heeft het volgens mij uitstekend gedaan. Ondanks dat ik een antipatie heb tegen boeken die maar uit een paar hoofdstukken bestaan dit boek is toch wel weer een beetje zo' n boek, dat is na de foutjes het tweede minpunt. De schrijver krijgt van mij een 7½. Dat is voor mij best een aardig cijfer.

Bronvermelding
Er is gebruik gemaakt van:
Prisma uittrekselboek 1
Lexicon de Literaire Werken

Log in op Scholieren.com

Maak een profiel aan of log in om te stemmen.

Geef dit een cijfer

Omdat je geen profiel hebt kan je stem niet aangepast worden.
Maak hier een profiel aan.

Hoge waardering

Mary Kearney 5e klas vwo8.3
Patricia 5e klas havo8.2
Freek 7.6
Bart n 5e klas vwo8.1
Yorin 6e klas vwo7.6
Meer verslagen ›

Let op

De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.

Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.

voeg reactie toe

Sneller en makkelijker reageren?
Login of maak een profiel aan

3899
 

reacties

 
he frank, wist niet dat je uitreksel op internet stond!!! hij is heel goed..... Ik heb nu de ruiter voor nederlands.... Cu karin van de BRA
door karin berkvens (reageren) op 14 maart 2001 om 17:38
goedde samenvatting
door 1 (reageren) op 6 maart 2012 om 8:41