Feitelijke gegevens
- 10e druk, 2004
- 259 pagina's
- Uitgeverij: Uitgeverij De Arbeiderspers
Flaptekst
In een Zuid-Hollandse gemeente verschijnt een vrouw die naar het lijkt betrekkelijk willekeurige dorpelingen fotografeert. Het is de bedoeling een fotoboek te maken. Een bejaarde dorpeling raakt volledig van slag door de fotografe. Hij beeldt zich in dat zijn kinderen uit zijn eerste en tweede huwelijk niet van hem zijn.
Terwijl zijn waan steeds tragischer proporties aanneemt en uiteindelijk resulteert in zijn dood, verschijnt het fotoboek. Aanvankelijk zijn de gefotografeerde dorpelingen daar heel gelukkig mee, maar vrij spoedig na het verschijnen van het boek overlijdt de een na de ander. Betekent een plaatsje in het boek een doodvonnis of is dat een waanbeeld? Ook de ik-figuur begint, mede omdat hij zelf bij een paar akelige ongelukken betrokken raakt, langzaam te geloven dat hij ten dode opgeschreven is nu zijn foto in het boek staat.
Door alle tragikomische verwikkelingen heen is er ook, omdat dood en liefde zijden van hetzelfde geldstuk zijn, sprake van halve en hele verliefdheden. En op de achtergrond voltrekken zich de rampzalige gevolgen van een waanbeeld op overheidsniveau: er breken veeziektes uit waarbij miljoenen dieren geruimd worden.
Eerste zin
‘Kleed je maar uit.’Samenvatting
In het Zuid-Hollandse Monward woont de ik-persoon van het verhaal. De ik-persoon is bioloog van beroep en heeft een boek uitgegeven over de verschillen tussen seksuele voortplanting en klonen. Doordat dit boek bekend is geworden, is hij bekend in het dorp. Iedereen weet wie hij is.
In het dorp woont ook een kunstenares. Deze kunstenares, Molly, maakt schilderijen van naakte modellen. Als de ik-persoon een keer model is, ontmoet hij Lotte Weeda. Al snel raken ze met elkaar aan de praat. Lotte vertelt dat ze fotografe is en dat ze is gevraagd om foto’s in het dorp te maken. Ze wil zoveel mogelijk foto’s van bewoners hebben, zodat ze in een fotoboek weer kan geven hoe het leven in Monward eraan toe gaat. Omdat de ik-persoon al eerder een boek geschreven heeft, vraagt Lotte Weeda hem om het voorwoord te schrijven.
Al snel raken Lotte en de ik-persoon bevriend met elkaar. De ik-persoon leidt Lotte door het hele dorp. Hij laat alle boeiende plekjes en mensen aan haar zien, waarna Lotte deze mensen op de foto zet.
Ondertussen wordt er in het dorp beroep gedaan op de biologische kennis van de ik-persoon. Een bewoner uit het dorp, Abel, heeft een slang van zijn kleinzoon waar hij op moet passen. Abel vraagt zich af of deze slang gevaarlijk is, omdat zijn vrouw Leonora het er niet mee eens is dat ze die slang houden. De ik-persoon is van mening dat het dier geen slang, maar een scheltopoesik (een hagedis) is. Vrijwel niemand gelooft de ik-persoon. Als de scheltopoesik vervolgens ook nog weet te ontsnappen, breekt er onrust uit in het dorp.
Toch is dat niet het enige waar onrust over ontstaat. Lotte Weeda is inmiddels klaar met fotograferen en heeft een fotoboek over het dorp uitgegeven. Na de uitgave van het fotoboek overlijden er echter steeds meer mensen in het dorp. Al deze overleden mensen hebben één ding gemeen: ze staan in het fotoboek. Al snel wordt tot groot verdriet van de ik-persoon Lotte Weeda de schuld gegeven. Inmiddels is de ik-persoon verliefd op Lotte Weeda geworden, waardoor hij het vervelend vindt dat de bewoners zo over haar praten.
De ik-persoon probeert Lotte te verdedigen. Hij vertelt de bewoners dat het niet zo gek is dat al deze mensen overlijden: veel bewoners uit het boek zijn al erg oud en/of ziek. Volgens hem had je er dus op kunnen wachten totdat mensen overlijden.
Als er vervolgens ook nog eens een (jong) gezin van vier personen omkomt bij een ongeluk, gaat de ik-persoon nadenken. Hij besluit naar een ander dorp te gaan dat ook gefotografeerd is. Hij komt er daar vervolgens achter dat ook veel mensen uit dat dorp na de uitgave van het fotoboek overleden zijn. Als de ik-persoon echter contact met Lotte Weeda probeert te zoeken lukt dit niet: het is via de mail onmogelijk om contact met haar te krijgen. Een telefoonnummer heeft hij niet van haar, waardoor hij niet meer weet hoe hij haar kan bereiken.
Ondertussen praat de eigenaar van een beauty salon, Sirena, regelmatig met de ik-persoon. Ze staat ook in het fotoboek en is bang dat zij één van de volgende is die overlijdt. De ik-persoon probeert haar gerust te stellen. Vervolgens groeit hun contact uit tot een seksuele verhouding. Sirena heeft een vriend, die niks van de verhouding tussen haar en de ik-persoon afweet. Als de vriend er vervolgens achter komt wordt hij woedend. Hij kan de ik-persoon wel wat aan doen.
Op een gegeven moment krijgt de ik-persoon een folder van Lotte Weeda in de brievenbus. Ze verzoekt mensen om geld te storten voor de slachtoffers van Atjeh, een plaats in Indonesië. Naast de ik-persoon hebben de bewoners van het dorp ook deze folder gehad. Iedereen adviseert elkaar om zoveel mogelijk geld naar Lotte over te storten, zodat de vloek in het dorp dan misschien ophoudt. Iedereen hoopt dat er na het storten van geld geen mensen meer overlijden.
Uiteindelijk staat Lotte Weeda even later op de stoep bij de ik-persoon. De ik-persoon is daarvoor toevallig door een wesp gestoken. Hij is allergisch voor wespensteken en het verbaast hem dan ook dat hij na de wespensteek niet overleden is. Hij is dan ook van mening dat de vloek op het dorp is opgeheven, waardoor hij Lotte Weeda tijdelijk in huis neemt. Hij denkt namelijk dat dat geen kwaad meer kan.
Personages
Ik-persoon
De 55-jarige ik-persoon is de hoofdpersoon van het boek. Zijn naam is niet bekend. De ik-persoon is een sociale man en bioloog van beroep. Hij doet er alles aan om het anderen naar hun zin te maken. Toch houdt hij niet zo heel erg van sociaal contact: hij is het allerliefste alleen thuis, zonder al teveel mensen om zich heen. Daarnaast heeft hij veel bewondering voor de natuur.
Lotte Weeda
Lotte Weeda is de fotografe. Ze heeft als opdracht gekregen om foto’s van bewoners van het dorp te maken. Met deze foto’s wil ze een fotoboek uitbrengen waarmee ze een verhaal over het dorp wil vertellen. Lotte heeft er oog voor wie ze op de foto wil hebben: ze weet precies wat mensen interesseren.
Lotte Weeda is een hele aardige en lieve vrouw. Ze heeft het beste voor met de medemens.
Sirena
Sirena is een transseksueel met enorm lange nagels. De ik-persoon in het verhaal benadrukt regelmatig hoe lang haar nagels zijn. Sirena komt uit Somalië. Ze is eigenaresse van een beauty salon.
Abel
Abel is de man van Leonora. Hij is degene die op de slang van zijn kleinzoon past. Vlak nadat het fotoboek van Lotte Weeda is uitgegeven, komt Abel door ziekte te overlijden.
Leonora
Leonora is de vrouw van Abel. Ze weet precies wat ze wil en is erg direct. Dit levert af en toe ruzies en discussies met Abel op.
Quotes
"Ik denk niet dat je nog veel last van hem zult hebben. Niemand praat meer over het boek. Een paar jaar terug stierven er opeens achter elkaar een aantal oudjes in het bejaardenzorgcentrum Klein Lourdes. Toen werd er ook geroepen, dat kan geen toeval zijn, wie in Klein Lourdes woont, is ten dode opgeschreven. Alle bewoners waren doodsbang. " Bladzijde 143
"Een poosje geleden praatte iedereen over ’t boek, maar iedereen is op vakantie geweest en nu hoor er bijna niemand meer over. We kunnen die consistorie gaan zitten. Daar passen we makkelijk allemaal rondom de grote ronde tafel. Dat staat ook veel prettiger dan in de kerk." Bladzijde 152
" ‘Ja, ’t fotoboek van Lotte Weeda. Die heeft een jaar of wat geleden tweehonderd Monwarders gefotografeerd. Daar is toen een mooi fotoboek van gemaakt. Staat Sirena ook in. Heb ik ’t voorwoord voor geschreven.’
Uiterst achterdochtig zat Geert mij aan te staren.
" Bladzijde 218
Thematiek
Fantasie en werkelijkheidFantasie & werkelijkheid is het thema van het verhaal. In het dorp wonen veel oude en zieke mensen, waardoor het logisch is dat er veel mensen overlijden. Veel bewoners van de dorp denken echter dat de fotografe Lotte Weeda achter de dood van de bewoners zit. Ze vinden het namelijk erg toevallig dat alleen de mensen die gefotografeerd zijn, overlijden na de uitgave van het fotoboek. Ze geven Lotte Weeda de schuld en leven allemaal in een waan dat Lotte Weeda de schuldige is. De realiteit is echter dat de bewoners oud en ziek zijn, waardoor het logisch is dat ze op een moment overlijden.
Motieven
Angst voor de dood
Omdat de bewoners van het dorp er zeker van zijn dat Lotte Weeda achter de dood van de vele bewoners zit, zijn veel bewoners die in het fotoboek staan bang dat ze ook overlijden. Sirena is bijvoorbeeld erg bang om te overlijden. Ze gaat hierdoor vaak naar de ik-persoon om te praten. Daarnaast zoekt ze genegenheid bij hem, omdat ze het fijn vindt om aandacht van mannen te krijgen.
Kunstwereld
Kunstwereld is een belangrijk motief in het verhaal. In het verhaal worden verschillende vormen van kunst gebruikt.
Het verhaal begint met de schilderes Molly. Ze maakt naaktportretten van mensen. Als de ik-persoon naaktmodel is, ontmoet hij Lotte Weeda. Zij is fotografe van beroep. Ze maakt foto’s van mensen en probeert met deze foto’s een verhaal te vertellen.
Rouw (verwerking)
Omdat er veel mensen in het dorp overlijden, zijn veel mensen in het dorp bezig met rouwen. Iedereen kent elkaar in het dorp, waardoor de dood van een bewoner hard aankomt. Daarnaast overlijden er heel veel mensen achter elkaar, waardoor mensen continu bezig zijn met rouwen.
Motto
Enkel de waan is aan allen gegeven
Xenophanes
Het motto slaat op de bewoners van het dorpje Monward. Nadat de fotografe Lotte Weeda een fotoboek over het dorp heeft uitgegeven, overlijden allerlei mensen die in het boek staan. De bewoners van het dorp leven in de waan dat Lotte Weeda wat met de dood te maken heeft. Niemand gelooft namelijk dat er ineens zoveel mensen kunnen overlijden. Omdat alle mensen in het boek staan, komen de bewoners er snel achter dat ze één overeenkomst hebben: alle tot dan toe overledenen staan in het boek.
Erg veel bewoners van het dorpje leven dus in de waan dat Lotte Weeda achter de dood van de bewoners zitten. Ze kunnen niet meer realistisch nadenken, want als ze dat wel doen zouden ze erachter komen dat de overleden bewoners ziek en oud waren. Het was dus logisch dat er veel mensen uit het dorp overleden.
Trivia
De schrijver van dit boek, Maarten 't Hart, gebruikt elementen in dit verhaal uit zijn eigen leven. Zo is Maarten 't Hart bioloog en komt hij uit een gereformeerde omgeving. Dit komt overeen met de hoofdpersoon van dit verhaal: de hoofdpersoon is ook bioloog en woont ook in een gereformeerde omgeving.
Titelverklaring
De titel ‘Lotte Weeda’ is eenvoudig te verklaren. Het verhaal draait om Lotte Weeda. Lotte Weeda is een fotografe die foto’s van bewoners in het dorp maakt. Met behulp van deze foto’s maakt ze een fotoboek dat ze later uitgeeft. Lotte Weeda probeert een verhaal met het fotoboek te vertellen.
Vlak na de uitgave van het boek, overlijden steeds meer bewoners die in het boek staan. Bewoners van het dorp vermoeden dat Lotte Weeda hiermee te maken heeft. Veel mensen zijn op zoek naar haar en willen weten of zij wat met de overleden personen te maken heet.
Daarnaast wordt de ik-persoon van het verhaal verliefd op Lotte Weeda. In het verhaal wordt uitvoerig verteld hoe de liefde tussen de twee langzaam ontstaat.
Structuur & perspectief
Het verhaal wordt verteld vanuit het ik-perspectief. Wie deze persoon is is niet bekend, omdat er geen namen genoemd worden. De ik-persoon heeft echter wel veel overeenkomsten met de schrijver van het boek. De schrijver van het boek, Maarten ’t Hart, is bijvoorbeeld ook bioloog en komt uit een Christelijk gezin.
Onderstaand een quote van het gebruikte perspectief:
‘Vergezocht, wilde ik zeggen, maar ik hield me in, dacht: wat is ze toch leuk, en dat ze me hierover opbelt, zou dat zijn omdat ze wil napraten? Ik hoorde haar zachte ademhaling aan de telefoon en zei: ‘Ik zoek me suf naar dat toegenegen oor.’’ – bladzijde 168
Het verhaal is opgedeeld in 39 hoofdstukken. Deze hoofdstukken hebben allemaal een titel.
Decor
Het verhaal speelt zich af in het dorpje Monward. Monward ligt in Zuid-Holland.
Het verhaal speelt zich in ongeveer drie jaar af. Wanneer het verhaal zich precies afspeelt is niet bekend. Er wordt gebruik gemaakt van email en telefonie, dus het verhaal zal zich in de huidige tijd afspelen.
Stijl
Het boek is erg eenvoudig opgebouwd. Er wordt geen gebruik gemaakt van moeilijke zinnen en/of zinsstructuren. Daarnaast wordt er gebruik gemaakt van korte zinnen. Om de zinnen vorm te geven wordt er veel gebruik gemaakt van bijvoeglijke naamwoorden en details.
In het verhaal wordt geen gebruik gemaakt van flashbacks, waardoor het verhaal op een chronologische manier is opgebouwd.
Wat wel opvalt aan de schrijfstijl, is dat de schrijver Maarten ’t Hart, regelmatig humor gebruikt. Hierdoor is het verhaal voor de lezer luchtiger en eenvoudiger om te lezen.
Onderstaand een quote van de gebruikte schrijfstijl:
‘Ze pakt de doos. Hij was nog geseald. Ze probeert het plastic eraf te trekken. Dat lukte haar niet. Ze nam een stanleymes, haalde daarmee fel uit. Het plastic knetterde en reflecteerde zonlicht zodat ik even verblind werd. Ze trok het cellofaan eraf, deed een greep in de doos en liep met een cd naar een speler.’ – bladzijde 7
Slotzin
In mijn boomgaard graasden vredig de waakzame ganzen.Beoordeling
Van tevoren wist ik niet zo goed wat ik van dit verhaal moest verwachten. Veel boeken van Maarten ’t Hart vind ik leuk, dus ik hoopte dat ik dit boek ook weer leuk zou vinden. Uiteindelijk heb ik genoten van het verhaal! Ik vond het zelfs zo leuk, dat ik het verhaal niet weg kon leggen.
Maarten ’t Hart gebruikt in dit verhaal erg veel humor. Ik heb af en toe grijzend het verhaal zitten lezen. Deze humor is typerend voor het verhaal en zorgt ervoor dat het verhaal leuk blijft.
Al met al vond ik het een leuk boek om te lezen! Ik weet dat dit boek op de literatuurlijst voor Nederlands staat en ik zou scholieren dan ook zeker aanraden om dit boek voor Nederlands te lezen. Het verhaal is op een luchtige en eenvoudige manier geschreven, waardoor het leuk en eenvoudig om te lezen is. Ik vind dit verhaal echt een aanrader voor iedereen!
Recensies
"Alle verhaallijnen, anekdotes, gebeurtenissen en personages die stuk voor stuk verschijningsvormen van de waan zijn, maken Lotte Weeda tot een onderhoudend en vaak ook geestig boek, maar dankzij het uitbeelden van de allergrootste waan waaraan de mensheid lijdt, die van onsterfelijkheid, stijgt Lotte Weeda uit boven een doorsnee roman. " http://nrcboeken.vorige.n...en-noodlot
"Dat nadrukkelijke opvoeren van de eigen preoccupaties maakt al gauw dat een lezer de roman als min of meer biografisch gaat lezen. In 'Lotte Weeda' is de naamloze hoofdfiguur zozeer in alle opzichten Maarten 't Hart, dat we hem voor ons zien en horen praten. Toch is er wel het een en ander verschoven: het dorp Warmond heet hier Monward, en de straten van dit overwegend katholieke dorp zijn consequent gekatholiseerd. " http://www.trouw.nl/tr/nl...guur.dhtml
REACTIES
1 seconde geleden