ADVERTENTIE
Maak nu een gratis account aan op Mijn Examenbundel!

Nog 17 weken tot de eindexamens beginnen. Wil jij je zo goed mogelijk voorbereiden? Check Mijn Examenbundel voor een gepersonaliseerd dashboard en rooster, examenstof per vak, gratis oefenexamens en meer!

Naar mijn.examenbundel.nl
Het Philips elftal

Het was op 12 december 1910 dat het Philips Elftal werd opgericht. Dit Philips elftal kan als de voorloper van PSV worden beschouwd. Het Philips elftal speelde op 18 januari 1912 zijn eerste wedstrijd tegen Hollandia 2, de club uit het toen nog zelfstandige Woensel. De wedstrijd werd met 2-0 gewonnen. Het Philips elftal werd op 22 oktober 1913 ontbonden en alle bezittingen werden overgedragen aan de Philips Sport vereniging(PSV).

Het begin

Op 31 augustus 1913 werd PSV opgericht door JW Hofkes, GE Bouwmeester, JC Ketel, W Schouten en H Huiskens. In de eerste twee jaren deed PSV niet mee aan de competitie dit had ook te maken met de mobilisatie (1e wereldoorlog). Wel was de voetbalclub aangesloten bij de Brabantse Voetbalbond. De eerste competitie waaraan PSV mee deed was die van 1915-1916, de club eindigde voorlaatste. Maar met het oog op de competitie indeling van volgend seizoen moest PSV in de grensplaats Budel een beslissings wedstrijd spelen. Deze werd met 5-2 gewonnen en daarom kwamen de rood-witten het volgende seizoen in de 3e klasse uit. De club gaat steeds hoger spelen, vanaf seizoen 1920 – 1921 zelfs in de Eerste Klasse Zuid, het op dat moment hoogste niveau in Nederland. Ook daar blijft PSV zich verbeteren, met als bewijs het Landskampioenschap in 1929, de club eindigt boven gerenommeerde clubs als Sparta en Feyenoord.


PSV 1930-1945

Het bleef maar goed gaan met PSV, in 1931, 1932, 1933, 1935, 1937,1938 en 1941 pakte PSV de afdelingskampioenschappen. Ook pakte de Eindhovense voetbalclub in 1935 voor de tweede keer de landstitel. In de oorlog werd het veld vaak gebruikt door Duitse militairen voor allerlei oefeningen enzovoort. In 1945 wordt Eindhoven bevrijd door de Geallieerde strijdkrachten. In het jaar 1944-1945 komt er van de compititie door begrijpelijke problemen niets terecht. Ook PSV kwam niet ongeschonden uit de oorlog, er werden heel wat spelers verloren door onder andere de bombardementen van de Gealieerden op de fabrieken van Philips ( deze waren in de tweede wereldoorlog ingenomen door de Duitsers).

Tot 1970

De club wordt tot de jaren ’70 nog maar driemaal landskampioen in de jaren 1935, 1951 en 1963, ook is de club maar eenmaal succesvol in het bekertoernooi, in 1950 wordt de KNVB – beker voor de eerste maal in historie gewonnen. Zelfs legende Coen Dillen bezorgt zijn club in zijn tijd bij PSV geen titels, tot zijn vertrek in 1961 scoort hij 187 maal in 195 wedstrijden, maar wint geen enkele prijs. Zijn meeste bekendheid dank Coen Dillen aan zijn 43 doelpunten in seizoen 1956 – 1957, een absoluut record.

De gouden generatie

In de jaren ’70 staat er bij PSV een eerste Gouden Generatie, vanaf 1974 zorgen spelers als Willy en René van de Kerkhof, Willy van der Kuylen, Jan van Beveren, Jan Poortvliet, Huub Stevens, Gerrie Deijkers en Harry Lubse voor vele prijzen. PSV wordt landskampioen in 1975, 1976 en 1978, wint de KNVB – beker in 1974 en 1976 en als afsluiter én absoluut hoogtepunt wordt in 1978 de eerste Europese hoofdprijs in de geschiedenis gewonnen. Door in de finale het Franse Bastia te verslaan, wordt de UEFA Cup binnengehaald.

Vanaf dat moment wordt er in Nederland gesproken over een Top 3, dit wordt door de grote successen in de jaren ’80 alleen nog maar bevestigd. Zo wint PSV van 1986 tot 1992 maar liefst vijfmaal het landskampioenschap, alleen Ajax weet in 1990 deze serie te doorbreken. Ook wordt de KNVB – beker in 1988, 1989 en 1990 driemaal op rij gewonnen. Maar het absolute hoogtepunt van deze Gouden Generatie is het winnen van de Europa Cup I in 1988, na onder andere het Spaanse Real Madrid te hebben uitgeschakeld, wacht in de finale het Portugese Benfica, waar na strafschoppen van wordt gewonnen. Belangrijke spelers uit deze periode zijn Søren Lerby, Frank Arnesen, Hans van Breukelen, Wim Kieft, Ruud Gullit, Gerald Vanenburg, Ronald Koeman en Erik Gerets.


Topspitsen bij PSV

Na het superjaar 1988, waarin de “treble” wordt gewonnen, breekt er een tijd aan van topspitsen bij PSV. De eerste, Romário da Souza Faria, wordt als uitblinker van de Olympische Spelen van 1988 in Seoul binnengehaald. Ondanks zijn onhandelbare gedrag, groeit hij uit tot één van de beste spelers in historie van de club, in 1993 vertrekt hij naar het Spaanse FC Barcelona. In 1994, na wereldkampioen te zijn geworden met Brazilië, arriveert de volgende superspits, Ronaldo Luis Nazario de Lima is zijn naam. Ook hij blijkt een wereldspits te zijn, maar is niet te behouden voor PSV, ook hij vertrekt in 1996 naar FC Barcelona. De volgende superspits in dit rijtje is de Nederlander Ruud van Nistelrooij, hij komt in 1998 van sc Heerenveen. Bij PSV groeit hij uit tot een fenomeen, een zware knieblessure zorgt ervoor dat hij in seizoen 1999 – 2000 het onaantastbaar lijkend record van Coen Dillen niet breekt, in 23 wedstrijden komt hij al tot 29 doelpunten. In 2001 vertrekt hij voor een recordbedrag van bijna 31 miljoen Euro naar het Engelse Manchester United.

De laatste jaren

De laatste jaren is PSV een onbetwiste topper in Nederland, in de laatste zeven seizoenen wordt de club viermaal landskampioen. Maar buiten de landsgrenzen weet de club maar niet te overtuigen, vanaf het begin van de Champions League in seizoen 1992 – 1993 is PSV negenmaal deelnemer, maar de club weet niet éénmaal door de groepsfase heen te komen. Jaar op jaar faalt de club in Europa, waardoor de tweede ronde van het Champions Leaguetoernooi een utopie lijkt voor PSV.

Bronnen

Boek: 80 jaar PSV door Wim Wich
www.voetbalzone.nl
www.PSV.nl

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.