Het Zwemmen

Beoordeling 6.6
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • 2e klas mbo | 2231 woorden
  • 29 juli 2008
  • 66 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.6
  • 66 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
LO
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!
Inleiding
In opdracht van mijn Lichamelijke Opvoeding (L.O.) docent de heer E. Belfor, moest ik een werkstuk in elkaar zetten met als onderwerp: “Het nut van Zwemmen”. Ik heb informatie gehaald van het Internet en digitale literatuur. Enkele aspecten waarover ik het in mijn werkstuk zal hebben
Hoofdstuk 1. Gaat over het nut van Zwemmen
Hoofdstuk 2. Gaat over Zwemmen als Sport
Hoofdstuk 3. Gaat over Zwemslagen
Hoofdstuk 4. Gaat over het reinigen van zwembad water

In het dagelijkse leven doen we verscheidene dingen. We baden, we eten, we werken of gaan naar school en als er tijd over is een beetje gezelligheid. Het menselijk lichaam kan je vergelijken moet een goed geolied machine. Zoals we weten moet elke machine regelmatig gesurviced worden zo ook het menselijk lichaam. Vandaar dat we ons lichaam ook moeten bewegen. Sporten kun je om verschillende redenen doen. De meeste mensen sporten in hun vrije tijd omdat het leuk vinden om iets met andere mensen te doen. Sport is ook een populaire manier om aan lichaamsbeweging te doen. Lichaamsbeweging is nodig om gezond te blijven.
Zwemmen, zeilen, waterpolo, het zijn allemaal watersporten. Je hebt er immers water voor nodig. Het maakt niet uit of het een zwembad, de zee, een meer, kreek of rivier is. Voordat je een watersport gaat beoefenen, moet je kunnen zwemmen. Dat zou ooit je leven kunnen redden. Als je een watersport op zee beoefent, of op een snelstromende rivier, is het verstandig een zwemvest te dragen. Zelfs heel goede zwemmers doen dat.
Het zwemmen, dat oudtijds zowel bij de Egyptenaren, de Grieken, de Romeinen als bij de Germanen een zekere verbreiding kende, is later ernstig in verval geraakt. Na de middeleeuwen trad langzaam verbetering op. In 1767 werd de Nederlandse Maatschappij tot Redding van Drenkelingen opgericht en in 1796 in Uppsala (Zweden) de eerste zwemvereniging ter wereld. Engeland was het eerste land waar men over een overdekt zwembad beschikte; het werd in 1843 in Liverpool geopend. In Paramaribo kennen wij Zwembad PARIMA, (Verenigde Officiers Sociëteit) VOS, OASE en Wi Kontren.
De overkoepelende internationale organisatie is de Fédération Internationale de Natation Amateur (FINA), opgericht in 1908. Zwemmen werd al in 1896 een Olympische tak van sport. In 1912 werd op de Olympische Spelen het dames zwemmen geïntroduceerd.

Hoofdstuk 1 Het Nut van Zwemmen
Zwemmen is uit een oogpunt van volksgezondheid en volksveiligheid een van de belangrijkste lichaamsbewegingen Zwemmen is de voortbeweging van mensen of dieren in het water, waarbij de benodigde krachten ontstaan uit een samenwerking van spierkracht en weerstand van het water.
Behalve voor je eigen plezier, kun je ook zwemmen als sport, het is heel goed om te doen als je gehandicapt bent of als je tijdelijk een blessure hebt, zoals een verzwikte enkel of een pijnlijke pols. Het water helpt je eigenlijk te bewegen en je lichaam te buigen. Daarnaast oefen jij je hart en je longen.
Zwemmen kun je overal leren waar er veel water is. Als jij je zwemdiploma wilt halen, moet je op zwemles. Dan krijg je les in het zwembad. Als je eenmaal kunt zwemmen, kun je meedoen aan allerlei soorten zwemwedstrijden. Meestal word je dan ingedeeld bij je eigen leeftijd.

Hoofdstuk 2. Zwemmen als Sport
Er zijn heel veel sporten. Je kunt ze op verschillende manieren indelen. Zo zijn er teamsporten en individuele sporten. Sommige sporten zijn binnen in een sporthal en andere doe je op een sportveld of op de openbare weg. Verder zijn er balsporten, vechtsporten, paardensporten en watersporten. Zwemmen behoort tot de watersporten.
Buiten de FINA bestaat op beperkte schaal professionalisme in de zwemsport. Daarbij gaat het doorgaans om langeafstandsraces (10–50 km). Organisatorisch worden tot de zwemsport gerekend:
Waterpolo
Waterpolo is een teamsport die in een zwembad wordt gespeeld. Sinds 1900 is het een Olympische sport. Een waterpoloteam heeft iedere keer dat het aanvalt 35 seconden om te scoren. Een goal wordt gemaakt door de bal voorbij de drijvende doelpalen van de tegenstander te gooien of te duwen.
Schoonspringen
Schoonspringen beoogt het maken van sierlijke bewegingen, die worden uitgevoerd tussen afzet en het moment waarop men het water kaarsrecht bereikt. Daarbij moet men, hun lichaam heel goed onder controle hebben. We onderscheiden; kunstspringen van 1 m- en 3m- plank en torenspringen van 5 m- en 10m- toren.
Kunstzwemmen
Een vorm van beweging in het water die in 1940 in Amerika voor het eerst werd beoefend onder de naam ‘synchronized swimming’. Op de maat van de muziek worden boven en onder water bewegingen uitgevoerd. Kunstzwemmen wordt alleen (solo), met z’n tweeën (duet) of in een team (van acht zwemmers)gedaan. De zwemmers worden beoordeeld op techniek. Ze moeten de figuren goed en helemaal gelijk uitvoeren.

Geheel zelfstandig heeft zich het sportduiken ontwikkeld.
De beste Surinaamse zwemmer aller tijden is ongetwijfeld Anthony Nesty, die in Los Angeles zijn Olympisch debuut op de 100 m vlinderslag maakte. Hij bereikte een vijfde plaats op de WK van 1986. Op de Pan-Amerikaanse Spelen werd hij eerste bij de 100 m vlinderslag. Op de Olympische Spelen in 1988 versloeg hij de grote favoriet Matt Biondi, die zich de laatste meters liet uitdrijven, met éénhonderdste verschil (53,00 sec, een Olympisch record). Nesty was de eerste Surinaamse medaillewinnaar uit de geschiedenis en de eerste zwarte die een zwemplak behaalde.
Hij kreeg een bonus van 200 000 gulden (90 756 euro) en werd geridderd tot Ambassadeur in de Orde van de Gele Ster.
Hoofdstuk 2 Zwemslagen

In de zwemsport worden vier technieken, grondvormen van voortbeweging, erkend:
Schoolslag
De schoolslag is de meest traditionele en de rustigste slag. Het komt voor uit de kikkerbeenslag en is een redelijk natuurlijke slag voor recreatieve zwemmers. Wedstrijdorganisatoren hanteren strikte regels voor de schoolslag, waarbij strenge eisen worden gesteld aan de uitvoering van de beweging tijdens een wedstrijd. De schoolslag is de minst snelle wedstrijdslag.
De in de elleboog licht gebogen armen worden gelijktijdig in zij-onderwaartse richting bewogen, waarna de ellebogen naar de romp gaan en de handen de stuwbeweging nog met een roterende beweging in de pols voortzetten. Daarna worden de armen gestrekt naar voren gebracht, wat ook onder het wateroppervlak mag geschieden. De benen, op lichaamsbreedte gestrekt, worden zonder noemenswaardige spreiding licht gebogen in de knieën, waarna de onderbenen, ondersteunt door de bovenbenen, een korte, felle omcirkelende beweging maken. Hierbij is de ‘zweep’-beweging belangrijker dan de sluitbeweging; vaak worden de benen zelfs niet volledig gesloten. De inademing geschiedt aan het eind van de stuwbeweging van de armen.
Borstcrawl
De borstcrawl is de snelste slag en deze wordt dan ook meestal bedoeld als men spreekt over vrije slag. Er wordt zijdelings ademgehaald en het complete ritme is belangrijk. Reddingszwemmers gebruiken een aangepaste crawlslag, waarbij het hoofd boven water blijft zodat zij beter kunnen zien
De armen worden een voor een doorgetrokken en over water naar voren gebracht. De ‘stuw’-arm wordt in het verlengde van de schouder ingezet, waarbij de elleboog hoger wordt gehouden dan de hand, die het eerst het water raakt. Op het moment dat de stuwarm aan de doorhaal is begonnen, wordt de andere arm uit het water gehaald en ontspannen naar voren gebracht. De armbewegingen volgen elkaar ononderbroken en gelijkmatig op. De benen bewegen zich licht gebogen onafhankelijk van elkaar in een op en neer gaande beweging. Het uitademen geschiedt onder water. De techniek werd in 1906 geïntroduceerd door C. Healy.
Rugslag
De rugslag of rugcrawl is als het ware een borstslag op de rug. De armen worden afwisselend over het water heen gebracht en door het water getrokken; de benen worden onder de waterspiegel snel op en neer bewogen. Deze techniek werd in 1934 vervolmaakt door A. Kiefer.
Vlinderslag
De vlinderslag is ontstaan uit de schoolslag, waarbij de armslag werd verlengd en de armen over het water naar voren werden gebracht. De benen worden gelijktijdig op en neer bewogen. De beenstuwing geschiedt door een felle neerslag van de onderbenen ondersteund door de bovenbenen. Het toepassen van de beenslag zoals bij de schoolslag is eveneens toegestaan. Het inademen geschiedt aan het eind van de doorhaal van de armen. De vlinderslag werd in 1953 erkend als afzonderlijke techniek.
Bij de vlinderslag zowel als bij de schoolslag moet het keerpunt met twee handen gelijktijdig worden aangetikt, waarna snel wordt ingehurkt, gedraaid en afgezet. Bij het keerpunt van de rug- en vrije slag is aanraking met enig lichaamsdeel voldoende. Bij het eindpunt behoeft slechts met één hand te worden aangetikt, waarbij bij de rugslag de rugligging niet mag worden verlaten.

Hoofdstuk 3 Reinigen van zwembaden
Een goed verzorgd en kristalhelder water, dat is de droom van iedere zwembad eigenaar. Want het plezier van een zwembad wordt letterlijk vertroebeld indien het zwembad en het water niet op de juiste manier verzorgd worden. Zwembaden vormen een broedplaats voor bacteriën: microben of microscopische eencellige organismen die zich snel vermenigvuldigen en rotting en gisting kunnen veroorzaken. Chloor is een populair antibacterieel reinigingsmiddel dat je in diverse vormen kan aanwenden; de ene vorm is daarbij gebruiksvriendelijker dan de andere.
Wat zijn de oorzaken van bacteriënvorming in zwembadwater?
Zwemmers via zweet, huidschilfers, speeksel, urine...
Regenwater
Afval zoals snoeisel, gras, bladeren, insecten...
De vorming van bacteriën kan je met andere woorden niet voorkomen in zwembadwater, je kan de microben wel bestrijden. Vanuit hygiënisch oogpunt is dat ook noodzakelijk want bacteriën kunnen ziektes veroorzaken gaande van relatief onschuldige neus-, keel- en oorinfecties tot ernstige ziektes zoals meningitis.
Chloor als antibacterieel reinigingsmiddel voor zwembadwater. De meest gebruikelijke manier om zwembadwater te beschermen tegen bacteriën is chloor. Chloor doodt de aanwezige microben via oxidatie waarbij oxideren in wezen een soort verbranden is. Het chemische element bindt zich met het zwembadwater, waarop het gebonden chloor wordt en het water ontsmet.
In zwembadwater moet een niveau van vrije chloor handhaven om nieuwe bacteriën te doden. Zwembadgebruikers die zich goed douchen voor ze in het zwembad duiken, houden het chloorgehalte quasi stabiel. Wordt het zwembad echter betreed door bezwete badgasten die zich niet of amper douchen, dan wordt het chloorgehalte automatisch sterk verhoogd om de nieuwe bacteriën te neutraliseren.
Een nevenproduct van de oxiderende reactie van chloor is chloramine, een chloor-stikstofverbinding die verantwoordelijk is voor de chloorgeur die erg typisch is voor zwembaden en het prikkende gevoel in de ogen veroorzaakt. Het is vooral deze chloramine die schadelijk is en niet zozeer de chloor an sich. Om chloramine te reduceren of te voorkomen kan je een grote dosis chloor aan het water toevoegen, drie of vier keer de dagelijks benodigde hoeveelheid. Dit doe je best ’s avonds. Dat is dan meteen ook de reden waarom men in veel zwembaden in vakantieoorden geen nachtelijke duik mag nemen.
Soorten chloor
Er zijn vier manieren waarop je chloor kan toevoegen aan het zwembadwater: in korrelvorm, als tabletten, vloeibaar of via een toestel, een chlorinator genaamd. Met elke methode bekom je hetzelfde resultaat. Het enige wat je moet doen, is een manier kiezen die past bij jouw budget en levensstijl.
- Chloorgranulaat, De goedkoopste manier om chloor aan zwembadwater toe te voegen is in korrelvorm.
- Chloortabletten, lossen op in water

- Vloeibare chloor is volledig oplosbaar en kan h automatisch toedienen aan het zwembadwater via een elektronisch systeem of een zoutchlorinator.
- Zoutchlorinatoren, meest populaire manier om chloor automatisch toe te dienen aan het water filteren en chloreren.
Als regel kan men stellen dat de filters minstens één keer per week teruggespoeld moeten worden om de vuildeeltjes te verwijderen die zich in het filterbed opgehoopt hebben. Als het water een bepaald niveau van carbonaathardheid heeft, is het mogelijk dat er verkalking ontstaat in de zandfilter, ondanks regelmatige terugspoelingen. In extreme gevallen kan deze kalkafzetting de filter zelfs volledig verstoppen. In de resterende ongeblokkeerde kanalen worden de vuildeeltjes dan niet langer tegengehouden door het toegenomen waterdebiet.
Het is dus best om de filter 3 tot 4 keer per jaar preventief te ontkalken en te reinigen.
Toevoegen van vers water
Ook al wordt het zwembadwater zeer doeltreffend behandeld, toch kan men niet volledig uitsluiten dat er zich opgeloste stoffen in het water ophopen, vooral zouten die gevormd worden door chloorreacties, zoals chloriden en nitraten. In een hoge concentratie hebben chloriden een corrosief effect op alle metaaldelen, vooral op aluminium en ook op roestvrij staal. Een overdreven concentratie zout kan enkel vermeden worden door regelmatig een deel van het water te verversen. Bij zwembaden met een hoge watertemperatuur resulteert de verdamping van het water in een hogere concentratie van zout en het is dan ook noodzakelijk om het zwembad bij te vullen met vers water.
Zwembadafdekkingen houden de verdamping van het water in aanzienlijke mate tegen en zorgen er dus ook voor dat er minder vers water toegevoegd moet worden.
Stabilisering van de waterhardheid. Bij water met een zekere hardheid kan er kalkneerslag en afzetting ontstaan, zelfs als de ideale pH-waarde aangehouden wordt. Dit leidt tot ruwe badranden, verstopte filters. Door toevoeging van de gepaste hoeveelheid antikalk -die afhankelijk is van de waterhardheid en het badvolume -wordt de hardheid van het water gestabiliseerd, deels door de vorming van stabiele calcium- en magnesiumcomplexen en deels door vertraging van de kristalvorming.
De temperatuur van het zwemwater dient hoger dan 26°C te zijn om te voorkomen dat de zwemmer afkoelt. Beneden deze watertemperatuur geldt dat de lichaamstemperatuur van magere mensen aanzienlijk sneller daalt (bij een watertemperatuur van 21 °C en een verblijfsduur van 20 minuten kan de kerntemperatuur 1 tot 2° gedaald zijn) dan die van mensen met een dikke onderhuidse vetlaag.
Slot
Ik vond het goed dat ik dit werkstuk heb gemaakt en zo meer over zwemmen te weten te komen. Het is belangrijk dat je weet te zwemmen zodat jij je zelf kunt redden.
Bronvermelding
- LITERATUUR Encarta & Winkler Prins Jeugdencyclopedie 2007 Microsoft/Het Spectrum
- INTERNET - http://www.infotalia.com/nl/, http://www.ddbenelux.be/

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

C.

C.

het is kij gaaf werkatuk en supper leuk

gr chabelli van lierop

groep 7

11 jaar geleden