Klonen

Beoordeling 7.2
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • 6e klas vwo | 1317 woorden
  • 5 april 2002
  • 55 keer beoordeeld
  • Cijfer 7.2
  • 55 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ADVERTENTIE
De Galaxy Chromebook maakt je (school)leven makkelijker!

Met de Galaxy Chromebook Go kun je de hele dag huiswerk maken, series bingen en online shoppen zonder dat 'ie leeg raakt. Ook kan deze laptop wel tegen een stootje. Dus geen paniek als jij je drinken omstoot, want deze laptop heeft een morsbestendig toetsenbord!

Ontdek de Chromebook!
2.1 Wat is klonen?

Met klonen wordt bedoeld dat twee organismen dezelfde erfelijke kenmerken hebben. Om iets meer van klonen te begrijpen moet eerst de betekenis van genen in cellen worden uitgelegd en de manier waarop DNA de erfelijke eigenschappen bepaalt. De erfelijke eigenschappen van een organisme zijn vastgelegd in zijn genen. Eigenschappen zijn in het algemeen bepaald door een combinatie van erfelijkheid en het milieu. De combinatie van DNA in een gen bepaalt de eigenschap van zo’n gen, terwijl alle genen samen de genetische eigenschappen van een organisme vastleggen. Door de DNA structuur in een bepaald gen te veranderen kan de eigenschap van dat gen worden veranderd. Dit wordt genetische manipulatie genoemd.
Toen Dolly ter wereld kwam, waren er reeds zo’n 2000 gekloonde kalveren. Daarbij is gebruik gemaakt van eenvoudige embryodeling. Bij runderen lukt het splitsten zelfs met een gewoon scheermesje. Maar het is nog wel een stuk ingewikkelder en dus ook duurder dan reageerbuisbevruchting. Splitsing van een embryo levert twee, hooguit drie klonen op. Wil je er meer dan moet je het embryo eerst tot meer cellen laten groeien. Probleem is dan alleen dat de cellen dan al gespecialiseerd zijn en hun erfelijke informatie voor een deel onleesbaar is geworden. Maar daar vonden de onderzoekers weer wat op.

Intussen zijn verschillende dieren succesvol gekloond: muizen, schapen, geiten, runderen, konijnen en apen. En nu wacht de wereld op de eerste gekloonde mens.

2.2 Geschiedenis van het klonen

Pionier op het gebied van klassiek kloneren was de Duitse embryoloog Hans Spemann, die aan het begin van deze eeuw proeven deed met embryo's van salamanders. Een pas bevruchte eicel bond hij af met behulp van een haar, op zo'n manier dat de celkern aan één kant zat en de beide helften slechts via een dun kanaal met elkaar in verbinding stonden. De helft met de kern begon zich spoedig te delen en ontwikkelde zich tot een embryo, de andere helft niet. Als hij de haar iets losser maakte, kon de gedeelde kern wel naar de andere helft en ontwikkelde zich daaruit een tweede embryo. Spemann ontdekte op deze manier dat de embryonale cellen, totdat het zestiencellig stadium bereikt is, in staat zijn zelfstandig uit te groeien tot een embryo. De onderzoeker ontving daarvoor in 1935 de Nobelprijs. Spemann suggereerde in 1938 al dat (modern) kloneren mogelijk moest zijn door de celkern van de ene naar de andere cel over te brengen, maar hij voerde het experiment zelf nooit uit.

2.3 Waarom zouden wij mensen klonen, wat zijn de voordelen en wat de nadelen?

Er zitten veel voor- en nadelen vast aan het klonen van dieren en mensen. In veel science-fiction boeken en films worden klonen afgeschetst als kwaadaardige mensen die de wereld over nemen. Er worden kopieën gemaakt van Hitler, Stalin, Mao en andere historische dictatoren. Altijd loopt het uit de hand in dat soort films en boeken. Waar niet zo vaak bij stilgestaan wordt is dat er ook veel voordelen gebonden zijn aan het klonen van dieren en mensen. In dit hoofdstuk bespreek ik de voor- en nadelen van het klonen van dieren en mensen.

Ten eerste de voordelen. Zo zou er nooit meer een tekort zijn aan donoren. Bij varkens bijvoorbeeld zou er eerst iets veranderd kunnen worden aan hun DNA. Hierdoor zouden de organen van dieren geaccepteerd worden door het menselijk lichaam, omdat het gewijzigde DNA RNA afsplitst dat dan menselijke proteïnen (eiwitten) afgeeft. Dieren zouden door middel van gewijzigd DNA ook medicijnen kunnen maken, zoals nu al gebeurd bij micro-organismen (insuline).

Als iemand leukemie krijgt, is de kans maar klein dat er een geschikte donor gevonden wordt voor een beenmergtransplantatie. De kans op afstoting door het lichaam is daarbij heel groot. Men zou dan ook een kloon kunnen maken van degene die leukemie heeft. Deze zou dan, al tijdens het embryonale stadium, cellen kunnen leveren voor het vervangen van beenmerg. Een kloon kan op die manier grof gezegd voor reserveonderdelen zorgen.
Ook zou weefsel hersteld kunnen worden of zelfs vervangen. Voor bijvoorbeeld mensen met de ziekte van Alzheimer zou er de mogelijkheid bestaan nieuwe hersencellen te kweken. Bij Alzheimer sterven hersencellen sneller af dan normaal en vooral op bepaalde plaatsen in de hersenen. Deze 'gaten' zouden opgevuld kunnen worden door het nieuwe gekloonde weefsel.
Er zou beter wetenschappelijk onderzoek mogelijk zijn naar onder andere erfelijke ziektes. Zo zou men dieren kunnen klonen waarvan het DNA gewijzigd is, waardoor het dier bijvoorbeeld eenzelfde genetisch defect krijgt als een mens. Op die manier kan er onderzoek gedaan worden naar die bepaalde erfelijke ziekte. Medicijnen zouden ook getest kunnen worden op die dieren.
Veel vormen van kanker zouden misschien bestreden kunnen worden doordat men beter kan onderzoeken hoe cellen zich delen in het embryonale stadium. Kankercellen delen zich ongeremd, net zo snel als de cellen van een embryo. Waarschijnlijk komt dat doordat er een bepaalde mutatie (een blijvende verandering in het DNA) in zo'n cel heeft plaatsgevonden, waardoor een bepaald gen kapot is gegaan en de cel niet meer reageert op een stof die de delingssnelheid in de cel regelt. Met behulp van embryonaal onderzoek zou onderzocht kunnen worden welke genen en stoffen de celdeling activeren en stoppen. Als die stoffen aan een kankercel toegevoegd zouden worden, zal deze stoppen met groeien.
Verder zouden in de wetenschap proeven beter uitgevoerd kunnen worden. Als bij onderzoeken twee klonen gebruikt worden, is de kans nihil dat deze op een bepaalde stof verschillend reageren. In plaats van proeven uitvoeren met honderd muizen, opdat de nauwkeurigheid dan groter is, zou men dan al volstaan met twee muizen.
Verder zijn er nog wat ethische voordelen. Echtparen waarvan de man of de vrouw onvruchtbaar is, zouden door middel van klonen een kind kunnen krijgen dat van hetzelfde bloed is als een van hen. Ook homoseksuele paren zouden zo kinderen kunnen krijgen.
Ook mensen met een verhoogde kans op het krijgen van een kind met een erfelijke ziekte, bijvoorbeeld het syndroom van Down, kunnen dat op deze manier omzeilen. Mensen met talenten zouden ook gekloond kunnen worden, een deel van een talent wordt bepaald door het erfelijke materiaal. Op die manier zou men 'perfecte' mensen kunnen klonen. 1, 4, 7, 10

Natuurlijk zitten er ook nadelen vast aan het klonen van dieren en mensen. Zo is het klonen nog in een experimentele fase. Alleen Dolly heeft bijvoorbeeld al meer dan 225 voorgangers gehad. Alleen Dolly is ook daadwerkelijk geboren.
Vrouwen ouder dan 35 jaar hebben vaak een verhoogd risico op een kind met het syndroom van down of andere ernstige aandoeningen. Dat komt omdat zij hun eicellen al heel hun leven bij zich dragen en er mutaties opgetreden kunnen zijn in de cellen. Als men een volwassen dier of mens kloont, wordt die kans natuurlijk ook groter. Hoe lang zal een gekloond dier of mens leven, als er al een oude celkern gebruikt is bij het klonen?
Verder zou de diversiteit (verscheidenheid) van de natuur beschadigd worden, zoals je nu al ziet bij bepaalde planten en dieren (maïs dat aangetast wordt door bepaalde ziektes). Als er dan een bepaalde ziekte uitbreekt, zou haast niemand meer resistent zijn voor zo'n ziekte, omdat het gen, dat er voor zorgt dat iemand die ziekte niet krijgt, is weggekloond.
Verder zijn er nog veel ethische nadelen te verzinnen. Zo zou van klonen verwacht worden dat ze precies hetzelfde zijn als degene waarvan de donorcel afkomstig is. Dat zou echter niet het geval zijn, ze zouden alleen hetzelfde uiterlijk hebben en bepaalde karaktereigenschappen. Maar een groot deel van je persoonlijkheid wordt gevormd door je omgeving en niet door je genen. Verder zullen waarschijnlijk alleen mensen gekloond worden die rijk zijn of zeer getalenteerd. Zo zou er een scheiding ontstaan in de maatschappij. Ook zou de wereld overbevolkt raken als iemand zomaar wat klonen van zichzelf zou kunnen maken 1, 4, 9, 11

Duidelijk is nu dat sommige vooroordelen niet waar zijn, en dat het klonen van dieren en mensen wel degelijk voordelen kan hebben. Sommige nadelen zullen echter niet verdwijnen.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

J.

J.

yo dope shit man :P

17 jaar geleden