Welke rol had de slavernij in verband met de burgeroorlog?

Beoordeling 5.7
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • 4e klas vwo | 9865 woorden
  • 14 mei 2002
  • 77 keer beoordeeld
  • Cijfer 5.7
  • 77 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ADVERTENTIE
De Galaxy Chromebook maakt je (school)leven makkelijker!

Met de Galaxy Chromebook Go kun je de hele dag huiswerk maken, series bingen en online shoppen zonder dat 'ie leeg raakt. Ook kan deze laptop wel tegen een stootje. Dus geen paniek als jij je drinken omstoot, want deze laptop heeft een morsbestendig toetsenbord!

Ontdek de Chromebook!
Inleiding

Wij hebben voor het vak geschiedenis een werkstuk gemaakt over de Verenigde Staten.
Daarbij hebben we vooral gekeken naar de slavernij en de burgeroorlog.
Onze hoofdvraag is:
- Welke rol had de slavernij in verband met de burgeroorlog?

Onze deelvragen zijn:
- Wat is slavernij in de Verenigde Staten?
- Welke problemen waren er bij de slavernij?
- Welke rol had Abraham Lincoln in de burgeroorlog met betrekking tot de slavernij?

Het ontstaan van de Verenigde Staten van Amerika.

De geschiedenis van Amerika begint rond het jaar 30.000 voor Christus; er kwamen mensen aan op het land dat later Amerika werd genoemd. Deze mensen kwamen uit Azië en waren via Siberië (over het ijs) in Amerika terechtgekomen. Ze verspreidden zich over heel het land, van oost naar west en van noord naar zuid. Van het bestaan van deze mensen en van het land waar zij op woonden hadden de Europeanen toen nog geen weet.

Dit veranderde in 1492, toen de Europeaan Christopher Columbus vanuit Palos naar Azië vertrok. Alleen in Azië kwam hij nooit aan. Hij kwam namelijk bij een ander werelddeel terecht en omdat hij dit niet wist noemde hij de bewoners van het werelddeel ‘indianen’, aangezien hij dacht dat het land waar hij zich bevond India moest zijn.
Toen later bleek dat het niet India was waar hij zich bevond werd het nieuwe werelddeel Amerika genoemd of Nieuwe Wereld.

Toen het nieuwe werelddeel bekend werd besloten meerdere Europeanen zich te gaan vestigen om er te zoeken naar goud en andere kostbaarheden. Deze koloniën worden exploitatiekoloniën genoemd.
Als eerste kwamen de Spanjaarden, die in 1565 St. Augustine oprichtten (Florida). Na Spanje kwam in 1607 John Smith die uit naam van Groot-Brittannië de kolonie Jamestown stichtte (Virginia). Ook de Italianen, Fransen en Nederlanders gingen koloniën stichten in de Nieuwe Wereld. Engeland kwam in 1620 met een tweede kolonie, genaamd Masechuttas. De Pilgrim Fathers, die deze kolonie stichtten, kregen toen te maken met de Indianen. Deze kwamen in opstand, maar uiteindelijk moesten de Indianen het vergelden en verloren zij het van de Pilgrim Fathers en de andere nieuwe bewoners waar tegen zij in opstand kwamen. De indianen werden steeds verder verdreven.
Inmiddels ging het de Europeanen al niet meer alleen maar om het zoeken van kostbaarheden als goud en tabak. Het werden, nadat er rond 1619 ook vrouwen en zwarten kwamen, ook vestigingskoloniën.
Ook Nederland wist een kolonie te stichten, dit gebeurde in 1625 en werd Nieuw Amsterdam genoemd. (New York). Helaas raakte Nederland deze kolonie ook weer kwijt toen zij een van de oorlogen met Engeland verloor en gedwongen werd om Nieuw Amsterdam te ruilen voor Suriname. Zo kreeg Engeland heel de kustlijn in handen.
De rest van de koloniën waren bijna allemaal Spaans of Frans.


Niet alleen met Nederland voerde Engeland oorlog om koloniën in te pikken. Ook de andere koloniën moesten het ontgelden. Hierbij won Engeland onder andere nog enkele Franse koloniën. Na al deze oorlogen kwam Engeland in geldnood. Het besloot om daarom maar extra belasting op de producten te gaan vragen aan de Engelse kolonisten Ook kwam er een verbod; er mochten geen koloniën worden gesticht ten westen van de Appalachen. De Engelse kolonisten pikten dit niet, zij wilden meer handelsvrijheid. De Engelsen reageerden alsmaar op de eisen van de Amerikanen door nog strengere regels te maken. De Amerikanen weigerden alsmaar en gingen protesteren. Uiteindelijk ontstond er zo de onafhankelijkheidsoorlog.
Het zag er naar uit dat de Engelsen zouden winnen, maar door een slimme advocaat en de goede leider van het Amerikaanse leger, George Washington, waren het uiteindelijk de koloniën die het wonnen.
In 1776 verklaarden de dertien Engelse koloniën zich dan ook onafhankelijk.
Toch was het nog niet afgelopen allemaal. Er bleef ruzie van 1776 tot 1783 tussen Engeland en Amerika, maar uiteindelijk, weer met behulp van George Washington, won Amerika het alsnog.

De grondwet en de principes van vrijheid en volkssoevereiniteit

Na de onafhankelijkheidsverklaring van de koloniën werden alle vertegenwoordigers van de verschillende koloniën bij elkaar geroepen in Philadelphia. Er werd op 17 september 1787 een grondwet gemaakt die voor alle koloniën moest gelden, dus zowel de noordelijke als de zuidelijke. Maar bij het maken van deze grondwet was men een belangrijk gegeven vergeten; er waren grote verschillen tussen de noordelijke en zuidelijke koloniën ontstaan. Vooral in de slavenhandel was er een groot verschil dat niet zomaar weg gewerkt kon worden. Het Zuiden van Amerika handelde namelijk volop in slaven. Zij vonden het normaal, en ook al was het wettelijk verboden, in de maatschappij was het niets dan normaal. Er kwamen via de zogenaamde driehoekshandel slaven uit Afrika die door Europeanen opgehaald werden en in Amerika geruild werden voor grondstoffen.
In het Noorden was dit helemaal niet het geval. Slavernij kwam er weinig voor en was zowel door de wet als door de maatschappij verboden.
Dit leidde dus tot een conflict toen de grondwet werd opgesteld aangezien beide partijen niet wilden afstappen van hun gewoontes en principes.
Daarom werd er in 1789 een nieuwe grondwet gemaakt. In deze grondwet was niets te lezen over slaven dus de partijen mochten zelf weten hoe ze daar mee om zouden gaan.

Maar er stond meer in de grondwet van de Verenigde Staten. Zo was er veel te lezen over ideeën die men had in de verlichting. Zo stond er in over de Trias politica (leer van de machtenscheiding) van Montesquieu, de gedachte van federalisme (het behouden van onafhankelijkheid voor elke staat) waar men al ervaring mee had voordat de grondwet werd opgezet en het idee van government by law (bestuur door het recht) van Locke.

Ook stond er nog het idee van Rousseau in over de volkssoevereiniteit. Dit houdt in dat de uiteindelijke macht bij het volk ligt. Het volk heeft dus de beslissing over wie hen gaat vertegenwoordigen, dit kan en gebeurt bijna altijd via stemmen. Met verkiezingen kiest de Amerikaanse burger dan ook de nieuwe president.

Al deze stukken uit de Amerikaanse grondwet zijn gericht op de vrijheidsgedachte. Bij de vrijheidsgedachte horen ook nog de eerste tien van de 26 amendementen.
Deze amendementen zijn kleine veranderingen (maar geen grote wijzigingen) die nog toch de originele Constitutie worden gerekend. De 26 amendementen kwamen van 1791 tot 1992 bij de originele grondwet. In deze amendementen staan onder andere:
Vrijheid van godsdienst en pers
Verbod van onredelijke onderzoeking en beslagneming wat betreft het huis en de persoon
Garanties voor een eerlijke berechting in strafzaken, inclusief het recht niet tegen zichzelf te getuigen
Verbod van wrede en ongebruikelijke straffen

Later kwam er ook een verbod op slavernij en kwam er het beginsel van gelijkheid voor de wet.
De grondwet is gemaakt ‘to form a more perfect union’. De letterlijke vertaling luidt ‘om aldus een volmaakter eenheid te vormen’ en houdt in dat naast de vrijheid in de grondwet ook de eenheidsgedachte centraal staat.

Algemene informatie over de Verenigde Staten

De betekenis van de vlag

De grondvorm van de vlag is sinds 1977 niet meer gewijzigd. Alleen zijn er in het blauwe vlak een aantal sterren toegevoegd. De eerste variant van deze vlag is gemaakt door Betsy Ross.

De 13 banen, rood en wit, staan voor de 13 Britse koloniën die zich in 1775 verenigden om hun vrijheid te verdedigen. In 1960 is de laatste ster aan de vlag toegevoegd.

De 50 witte sterren symboliseren de huidige 50 staten van Amerika.
Als er een nieuwe bij de Verenigde Staten van Amerika kwam, dan kwam er ook een nieuwe ster op de vlag bij. Op de 1e 4 juli nadat de staat officieel een staat is geworden wordt er een ster aan de vlag toegevoegd. In 1960 is de laatste ster aan de vlag toegevoegd.

De vlag van de Verenigde Staten van Amerika:

Het volkslied

Het volkslied van de Verenigde Staten geldt al sinds 1916. De tekst is geschreven door Francis Scott Key en de muziek is gemaakt door John Stafford Smith.

De tekst van het volkslied:

The Defense of Fort McHenry

Oh, say can you see, by the dawn's early light,
What so proudly we hailed at the twilight's last gleaming?
Whose broad stripes and bright stars, through the perilous fight,
O'er the ramparts we watched, were so gallantly streaming?
And the rockets' red glare, the bombs bursting in air,
Gave proof through the night that our flag was still there.
O say, does that star-spangled banner yet wave
O'er the land of the free and the home of the brave?

On the shore, dimly seen through the mists of the deep,
Where the foe's haughty host in dread silence reposes,
What is that which the breeze, o'er the towering steep,
As it fitfully blows, now conceals, now discloses?
Now it catches the gleam of the morning's first beam,
In full glory reflected now shines on the stream:
'Tis the star-spangled banner! O long may it wave
O'er the land of the free and the home of the brave.

And where is that band who so vauntingly swore
That the havoc of war and the battle's confusion
A home and a country should leave us no more?
Their blood has wiped out their foul footstep's pollution.
No refuge could save the hireling and slave
From the terror of flight, or the gloom of the grave:
And the star-spangled banner in triumph doth wave
O'er the land of the free and the home of the brave.

Oh! thus be it ever, when freemen shall stand
Between their loved homes and the war's desolation!
Blest with victory and peace, may the heaven-rescued land
Praise the Power that hath made and preserved us a nation.
Then conquer we must, for our cause it is just,
And this be our motto: "In God is our trust."
And the star-spangled banner forever shall wave
O'er the land of the free and the home of the brave!

Het aantal staten

De Verenigde Staten van Amerika kent 50 staten en het District of Columbia (DC) met de hoofdstad Washington. De staten hebben elk een grondwet en een parlement bestaande uit twee kamers en een gekozen gouverneur. Daarenboven zijn er 2 US - Commonwealth Territories, buiten- en pachtgebieden. Van de 50 deelstaten, zijn er 49 op het vaste land van Noord – Amerika en 1 (Hawaii) ligt in de Grote Oceaan.

De staten van de Verenigde Staten van Amerika zijn:

Alabama
Alaska
Arizona
Arkansas
Californië
Colorado
Connecticut
Delaware
Florida
Georgia
Hawaii
Idaho
Illinois
Indiana
Iowa
Kansas
Kentucky
Louisiana
Maine
Maryland
Massachusetts
Michigan
Minnesota
Mississippi
Missouri
Montana
Nebraska
Nevada
New Hampshire
New Jersey
New Mexico
New York
North Carolina
North Dakota
Ohio
Oklahoma
Oregon
Pennsylvania
Rhode Island
South Carolina
South Dakota
Tennessee
Texas
Utah
Vermont
Virginia
Washington
Washington DC
West Virginia
Wisconsin
Wyoming

De belangrijkste staten daarvan zijn:

Californie
Florida
Hawaii
Kentucky
Montana
New York
Rhode Island
Texas
Utah
Wyoming

Het aantal inwoners

De Verenigde Staten van Amerika heeft een oppervlakte van 9.809 miljoen km2. Er wonen ongeveer 278 miljoen mensen op dat gebied.

De bevolkingsspreiding is uiterst ongelijk. Alaska en de droge gebieden in het westen hebben een bevolkingsdichtheid van minder dan 10 inwoners per km2, terwijl het oosten, de gebieden om de Grote Meren en delen van Texas en Californië een zeer hoge bevolkingsdichtheid hebben.
Ca. 76% van de bevolking woont in een stedelijk. Californië en sommige noordoostelijke staten hebben de grootste verstedelijking. Het minst verstedelijkt zijn de zuidelijke staten.
De gemiddelde jaarlijkse bevolkingsgroei bedroeg over de periode 1985–1995 0, 9%. Het geboortecijfer bedroeg in 1995 15‰; het sterftecijfer 9‰. De levensverwachting bedroeg in 1995 73 jaar voor blanke mannen, 67,5 jaar voor zwarte en gekleurde mannen, 79 jaar voor blanke vrouwen en 75 jaar voor zwarte en gekleurde vrouwen.

Percentages van minderheden

De etnische groepen in de Verenigde Staten van Amerika:

- Blanken: 82.8 %

- Zwarten en Mulatten: 12.7 %

- Indianen: 0.9 %

- Aziaten: 3.6 %

Wat informatie over de etnische groepen in de Verenigde Staten van Amerika:

- De Indianen:

De oorspronkelijke bewoners van de Amerika zijn de Indianen. Zijn maken slechts een klein deel van de bevolking uit. Maar 0.9 % Hun aantal is echter in de 20ste eeuw toegenomen door een hoog geboortecijfer; in 1960 bedroeg hun aantal 547.000, in 1995 was dat gestegen tot ca. 2,2 miljoen. Een deel van hen woont in door de overheid gestichte reservaten, vooral in de westelijke staten. In 1924 kregen de Indianen het volledige Amerikaanse staatsburgerschap.

- De zwarten en Mulatten:

Een immigrantengroep, die niet uit eigen vrije wil kwam, vormden de vanaf de 17de tot in de 19de eeuw het land binnengevoerde negerslaven, afkomstig uit Afrika, die in het zuidoosten op plantages te werk gesteld werden. Zij bleven ook na de afschaffing van de slavernij in 1863 een in vele opzichten achtergestelde groepering. Als gevolg van de mechanisatie van de landbouw moesten velen naar een andere bron van inkomsten uitzien en miljoenen (naar schatting vier miljoen) trokken vooral na de Tweede Wereldoorlog naar het noorden, waar zij in de grote steden, veelal in afzonderlijke woonwijken, onder vaak zeer slechte economische en sociale omstandigheden verblijven. In 1995 woonden ca. 33 miljoen zwarten in het land (13% van de bevolking).
- Aziaten:
Een andere immigrantengroep zijn de Aziaten. In 1995 9, 2 miljoen (4% van de bevolking) vormden de Amerikanen van Aziatische afkomst, vnl. Japanners, Chinezen, Filippinos, Vietnamezen en Koreanen.

Als je kijkt naar de godsdienst zijn er vier verschillende hoofdgroepen:
- Protestanten 33.1 %
- Katholieken 22.1 %
- Joden 2.4 %
- Orthodoxen 1.7 %

De bestuursorganen

In Amerika is er net als in Nederland een scheiding tussen rechterlijke, wetgevende en uitvoerende macht. Dat wil zeggen dat ze onafhankelijk van elkaar opereren en elkaar kunnen controleren. Ik zal de verschillende machten apart bespreken.

Wetgevende macht
Deze macht is in handen van de US Congress, het Amerikaanse Congres dat staat in Washington DC. Het Congres bestaat uit de US Senate, de Senaat, vergelijkbaar met onze Eerste Kamer, en de US House of Representatives, het Huis van Afgevaardigden, vergelijkbaar met onze Tweede Kamer. Deze kamers worden allebei door de verschillende staten zelf gekozen. Bij de vorming van de Senaat, bestaande uit 100 leden, mag elke staat twee mensen afvaardigen, die dan zes jaar in de Senaat zitten. Het Huis van Afgevaardigden heeft 438 zetels en daar is de ambtstermijn maar twee jaar. Leden kunnen wel elke keer opnieuw voor twee jaar gekozen worden. Hoeveel leden er uit een bepaalde staat in het Huis van Afgevaardigden terechtkomen, hangt af van het aantal inwoners in die staat. Hoe de Senaat en het Huis van Afgevaardigden precies gekozen wordt, vertel ik in het volgende hoofdstuk.
De hoofdtaak van de Senaat en het Huis van Afgevaardigden is het indienen van wetsvoorstellen. Het Huis van Afgevaardigden houdt zich vooral bezig met de wetten met betrekking tot financiën en belasting. Als er een wetsvoorstel is gekomen moet het eerst door het Huis van Afgevaardigden en de Senaat worden goedgekeurd. Dan krijgt de president het pas te zien. Als hij zijn handtekening eronder zet is het een wet geworden. De president heeft wel een vetorecht, maar als tweederde van de Senaat en het Huis van Afgevaardigden toch voor is, gaat het door. Er zijn ook andere dingen die het Congres, en dan vooral het Huis van Afgevaardigden, moet regelen, zoals wie er president wordt als geen enkele kandidaat de meerderheid heeft gekregen en het ontzetten van de president of een andere hoge functionaris (impeachment). De Senaat moet verdragen en benoemingen van bepaalde functionarissen goedkeuren voordat ze uitgevoerd kunnen worden. Als laatste doet het Congres ook nog onderzoek naar bepaalde situaties, wat uitgevoerd wordt door allerlei commissies.

Uitvoerende macht
De president is het hoofd van de uitvoerende macht. Hij heeft daardoor een hele hoop taken. Hij is staatshoofd, regeringsleider, opperbevelhebber van het Amerikaanse leger en hij moet ook plannen indienen voor nieuwe wetten. Als laatste is hij ook nog leider van de politieke partij die hem gekozen heeft. Als staatshoofd kondigt hij onder andere wetten af en heeft hij het zogenaamde gratierecht. Hij is als staatshoofd ook woordvoerder van de natie en heeft als weinig anderen toegang tot de massamedia. Als regeringsleider moet hij zorgen dat de aangenomen wetten juist uitgevoerd worden, hij is hoofd van het federale bestuursapparaat en hij kan functionarissen benoemen en ontslaan. Omdat hij ook opperbevelhebber is van het Amerikaanse leger beslist hij over het inzetten van troepen in eigen land en in het buitenland. De president wordt gekozen voor vier jaar en kan maar één keer herkozen worden.

Rechterlijke macht
In de Verenigde Staten zijn er verschillende rechtbanken, regionale en federale, die allemaal verschillende zaken behandelen. De regionale rechtbanken heten US Districts Courts, zij behandelen alle zaken waar de federale rechtbanken niet over gaan, zoals misdrijven die in die bepaalde staat gepleegd zijn of misdrijven die alleen daar strafbaar zijn. De federale rechtbanken heten US Circuit Courts. Zij behandelen misdrijven zoals kidnapping, fraude, smokkel en andere zaken die strafbaar zijn in heel Amerika. Veroordeelden moeten hun straf ook uitzitten in een federale gevangenis.
Ook heb je een soort rechtbank voor het hoger beroep, het zogenaamde US Courts of Appeal oftewel het Federaal Hof van Appèl, en de Hoge Raad van de Verenigde Staten, de US Supreme Court. De rechters van de Hoge Raad worden door de president voor het leven benoemd, omdat dit het hoogste orgaan is van de rechterlijke macht. De Hoge Raad heeft toetsingsrecht waardoor de rechters alle wetten en bestuurszaken mogen toetsen aan de grondwet en als ze in strijd zijn met die grondwet nietig mogen verklaren. Ook behandelen ze zaken die van groot Amerikaans belang zijn.
Tot slot mag de (grond)wet van staten op zichzelf niet in strijd zijn met de federale grondwet en wetten en die moeten op hun beurt ook weer kloppen met de Amerikaanse grondwet. De federale wetten zijn op iedereen in Amerika van toepassing, zowel op de inwoners als op de bezoekers.

Ook is er in de Verenigde Staten nog een zogenaamde vierde macht die eigenlijk een combinatie is van wetgevende, uitvoerende en rechtgevende macht. Hiertoe behoren de onafhankelijke, regelgevende instellingen bijvoorbeeld met betrekking tot handel, communicatie, burgerluchtvaart en arbeidsverhoudingen. De oudste instelling is de Interstate Commerce Commision uit 1887 die de handel tussen de staten regelt en controleert. Deze commissie bestaat uit zeven mensen die na toestemming van de Senaat door de president benoemd worden, maar die voor de rest wel onafhankelijk werken.

De kiesstelsels voor de wetgevende en de uitvoerende macht

In dit hoofdstuk bespreek ik hoe het Congres, bestaande uit de Senaat en het Huis van Afgevaardigden, en de president in de Verenigde Staten gekozen worden.

De Senaat
Zoals u in het vorige hoofdstuk hebt kunnen lezen, worden de senatoren voor een termijn van zes jaar gekozen. De Senaat bestaat uit 100 leden wat betekent dat er twee senatoren zijn per staat, hoe groot of hoe klein die staat ook is. Ze worden met meerderheid van stemmen door de eigen staat gekozen.

Het Huis van Afgevaardigden
Het Huis van Afgevaardigden heeft 438 leden afkomstig uit alle 50 staten. Hoeveel afgevaardigden er zijn per staat hangt af van het aantal inwoners in die bepaalde staat. Elke staat wordt namelijk verdeeld in een aantal districten waaruit ook per district één afgevaardigde gekozen wordt. Als je je in dat district verkiesbaar wilt stellen, moet je ook echt in dat district wonen. Als er dan gestemd wordt en je meer stemmen behaalt dan je tegenstanders mag je voor de komende twee jaar plaats nemen in het Huis van Afgevaardigden.

De president
Er zijn elke vier jaar presidentsverkiezingen. De president en de vice-president worden niet zoals het congres rechtstreeks gekozen, maar door een zogenaamd college van kiesmannen, het Electoral College. Er zijn in totaal 538 kiesmannen, gelijk aan de 100 leden van de Senaat en de 438 leden van het Huis van Afgevaardigden. Het aantal kiesmannen per staat is gelijk aan het aantal senatoren, altijd twee, en het aantal leden van het Huis van Afgevaardigden dat de staat heeft. De kiezers in elke staat kiezen, op een manier die door de staat zelf bepaald wordt, een lijst van kiesmannen. De partij die met hun kiesmannenlijst de meeste stemmen behaalt, wint de staat en dus ook het aantal kiesmannen van die staat. De kiesmannen stemmen dan op de presidentskandidaat van hun partij, Democraten of Republikeinen. Als je president wilt worden, dan moeten er minstens 270 kiesmannen op je stemmen. Als geen van de kandidaten die meerderheid behaalt, dan beslist het Huis van Afgevaardigden wie er president wordt.

Paragraaf 2 Naar het beeld van de vrijheid

1
a juist
b juist
c juist
d onjuist
e onjuist

2 Een natie in vrijheid geboren en toegewijd aan de overtuiging dat alle mensen als elkaars gelijken zijn geboren.
Bestuur door het volk, door het volk en voor het volk.

3 Een droevig gevoel

4 Bron 4: D-E
Bron 5: C
Bron 6: C
Bron 7: A-C

5
- Na de Amerikaanse Burgeroorlog was er een heel groot tekort aan arbeidskrachten, er waren 700.000 mensen gesneuveld.
- Amerika werd beter bereikbaar, door de stoomboten.

6 Hij schept een westernbeeld en er zijn weinig moderne voertuigen uit die tijd te zien.

7 Ze laten de werkelijkheid zien, mensen kunnen zich erbij inleven.

8 Hoe meer inwoners een deelstaat telde, hoe meer afgevaardigden naar het Congres mochten en hoe meer inwoners hoe meer belastinginkomsten voor een deelstaat.

9 Ze hebben zich in 27 jaar verdubbeld, rond 1800 was het merendeel blank en daarna kwamen er veel uit Zuid en Oost-Europa.

10 Nee, ze willen niet zoveel mensen van een nationaliteit, omdat die dan hun eigen cultuur houden (eigen wijken). Ze willen niet integreren.

11 Op bron 8 gaan ze in kleine groepjes te paard en op bron 11 gaan ze met veel mensen (een grote massa) tegelijk op een (stoom)boot.

12 We hebben gekozen voor stelling 2, omdat ze daar heel erg gekeurd werden op ziektes en als dat niet goed was werden ze teruggestuurd.

13 Ze zouden in Europa kunnen worden gediscrimineerd en ook tijdens de Tweede Wereldoorlog zouden ze het moeilijk hebben.

14 In Amerika konden ze onderwijs krijgen en zich omhoog werken.

15 Ze konden het meest, mooiste, intellectuele en machtigste ras ter wereld voortbrengen.

16 Die vrouwen representateren niet het Amerikaanse volk en het schilderij staat niet op de voorgrond.

17 Zie de hele bron 17

18 Ze laten hun gedachtes zien, maar of het in de werkelijkheid zo is? En ze willen ook niet een bewijs, als het wel zo is.

19 Eerst mocht iedereen binnenkomen en waren ze er blij mee, daarna waren ze zelf rijk en hadden ze ze niet meer nodig.

20 De immigranten die zich begaven naar Amerika deden dit met verschillende achtergronden. De eerste immigranten kwamen naar Amerika omdat er veel vrijheid en gelijkheid beloofd werd. Er was veel land beschikbaar voor de mensen die een nieuw leven op wilde bouwen. Er waren niet alleen mensen die naar Amerika vertrokken omdat ze opnieuw wilde beginnen en omdat Amerika ze deze mogelijkheid bood, maar er waren ook vluchtelingen. Er waren immigranten die in hun eigen land geen godsdienstvrijheid hadden en die wel vonden in Amerika. Deze immigranten hadden hun eigen mogelijkheden tot wederopbouw van hun leven en werden heel openlijk ontvangen door de kolonialen die met name uit Engeland kwamen. Alleen de Ieren werden al vanaf het begin erg gediscrimineerd.
De tweede groep immigranten kwam vooral naar Amerika omdat er veel werkgelegenheid was en omdat Amerika een goede economie had opgebouwd vonden ze dit wel de moeite waard. Ze werden ook aangetrokken door de betere mogelijkheden van vervoer die het mogelijk maakte om sneller en wellicht goedkoper naar Amerika te immigreren. Ook deze stroom kon Amerika makkelijk binnenkomen. Er was wel sprake van discriminatie onder de bevolking, maar er werd niet gecontroleerd op de binnenkomst van de immigranten omdat men ze goed kon gebruiken.
De laatste immigranten hadden hun persoonlijke redenen. Een van deze algemene redenen is wederom de werkgelegenheid. Er was in Amerika nog steeds een grote vraag naar werknemers en door het massale aanstroom van immigranten was dit voor de economie van Amerika alleen maar voordelig omdat er gebruik werd gemaakt van de goedkope immigranten. In veel gevallen werden deze immigranten niet meer geaccepteerd. Dit is het geval omdat de Amerikaanse bevolking zich tegen de immigranten verzette. Ze vonden dat er te veel immigranten waren en dat dit niet langer kon. Er werd nu zelfs gecontroleerd bij de binnenkomst van de immigranten om te kijken of de mensen geen besmettelijke ziekten met zich mee namen het vaste land op. Er was veel sprake van Nativisme en er werd zelf een verbod opgesteld voor de immigratie vanaf China en alle andere Oosterse Landen. Men vond de Europeanen aan het begin minder erg dan de mensen met een andere huidkleur. Toen de eerste Wereldoorlog uitbrak werden ook de Europeanen verdacht gevonden en werd er een limiet gesteld aan de hoeveelheid immigranten. Het aantal immigranten werd in die tijd dus vors teruggedrongen door de Amerikaanse overheid.

Paragraaf 3 Roodhuiden en zwarte Amerikanen

1
a juist
b onjuist
c onjuist
d juist
e onjuist
f juist
g juist

2 Ze zien het land als gemeenschappelijk bezit en ze vinden ook dat je je land niet mag verkopen.

3 De Cherokees werden gedwongen om naar andere gebieden te gaan. Bron 2 beschrijft welke voordelen volgens de blanken er voor de indianen zijn. Bron 3 beschrijft dat de indianen helemaal niet naar het westen wilde, omdat ze zich alleen maar met het land van hun voorvaderen verbonden voelden. Maar ze konden niet tegenstribbelen wat ze wilde, maar de tocht naar het westen kwam er toch. Je kon het Amerikaanse politieke systeem niet vertrouwen.

4 Het was de voornaamste voedselbron voor de indianen en ze gebruikten waarschijnlijk het leer voor kleren.

5 Ja, want hij heeft zich helemaal losgemaakt van de Indiaanse cultuur en heeft zich helemaal aangepast aan de Amerikaanse cultuur.

6 Het zijn allebei boodschappen van indianen aan de overheid dat de indianen en hun land met rust moeten worden gelaten

7 Hij wilde laten zien dat de indianen net zo groot en machtig waren/ zijn als de Amerikanen. Dat ze in principe even belangrijk zijn.

8 “Historisch gezien………van de Verenigde Staten”. De indianen willen wel dat ze als gelijke worden behandeld maar tegelijkertijd scheiden ze zich van de Amerikaanse bevolking.



9 Ik zou gaan kijken want misschien heb ik als zuidelijke katoenboer nog wel een slaaf nodig voor op mijn plantages. Ik zou als zuiderling de verkoop heel normaal vinden, want het is toegestaan.

10 Dat door de uitvinding van de cotton-gin veel slaven naar Amerika werden gehaald om goedkoop katoen te produceren. Hoe meer balen katoen er werden geproduceerd, hoe meer slaven er waren. Deze konden dan met de cotton- gin snel katoen ontdoen van het zaadje.

11 Vraag 1: aan de hand van deze bron kan je niet precies het antwoord op vraag geven. Je kan namelijk aan de hand van de bron niet achterhalen of die dominees nou racistisch zijn of niet, want daar staat niets over in.

12 De blanken en de donkere groeiden helemaal uit elkaar. Ze deden alles los van elkaar, maar ze hadden wel dezelfde rechten. Er ontstonden eigenlijk 2 bevolkingen, die niet aan elkaar gewend raakten doordat ze gescheiden leefden en omdat de overheid daar verder niets aan deed. De overheid heeft er niets aan gedaan om de twee groepen naar elkaar toe te laten groeien.

13 De persoon in bron 15 zegt dat het aan de negers zelf ligt dat ze gediscrimineerd worden. Volgens die persoon word je niet gediscrimineerd als je hard werkt en de ander geen reden geeft om te discrimineren. De persoon in bron 16 geeft de Amerikaanse bevolking de schuld. Zij mogen niet discrimineren, omdat ze de negers zelf naar Amerika gehaald hebben om voor hen te werken. De een is dus tegen de blanken en de andere niet.

14 a = b
b = a
c = c

15 Nee, niet echt. Hij blijft heel negatief doen over negers en doet net of ze minder zijn. Als Kings bedoelingen indruk op hem gemaakt zouden hebben, dan zou hij wel wat toleranter staan tegenover negers.

16 De waarden die bedoeld worden zijn denk ik dat iedereen gelijk is en dat men ook het recht heeft van vrije meningsuiting. Ook wil men dat iedereen een vrij burger kan zijn.

17 Hij vindt het een goed plan, want hij is voor de gelijkheid, maar hij vindt ook dat de macht nog te veel bij de hoge heren ligt en dat blijkt ook uit deze prent. Het volk is nu dan misschien wel gelijk, maar die heren staan nog steeds hoog en groot boven de rest van het volk.

18 De man in bron 21 wil met strijd zijn gelijk krijgen en de man in bron 19 wil door middel van geweldloze acties zijn gelijk krijgen.

19 Toen de Amerikanen verder naar het westen trokken moesten de indianen weg. In 1830 werd er een wet aangenomen die zorgde dat tegenstribbelende indianen naar een plek ter westen van de Mississippi gebracht konden worden. De Amerikaanse regering wilde dat de indianen tot burgers van Amerika veranderde. Ze stopte de Indianen dus in reservaten waar ze omgetoverd werden tot Amerikanen. In 1887 werden Indianen gedwongen om apart als boeren te gaan werken en leven. Zo konden ze het staatsburgerschap van Amerika verdienen. Er waren dus genoeg mogelijkheden voor Indianen om Amerikaan te worden, alleen mochten ze niet zelf kiezen voor het staatsburgerschap, ze werden er gewoon toe gedwongen.
De Amerikanen hadden eeuwen lang de neger als slaven gebruikt, totdat president Lincoln de slavernij afschafte in 1862. Hij gaf de negers gewone burgerrechten en ook stemrecht. Ze konden ook als volksvertegenwoordigers gekozen worden. Toch werd er in 1896 een wet ingevoerd die zei dat zwarten en blanken gescheiden naast elkaar mochten leven, zolang ze dezelfde burgerrechten hadden. In 1954 werd dit voorstel echter verworpen. Theoretisch was toen iedereen gelijk, maar in de praktijk bleek dat niet zo te zijn. Vaak werden negers toch nog gediscrimineerd en bevooroordeeld en dat is geleidelijk aan beter aan het worden, maar tot op de dag van vandaag wordt nog steeds niet iedereen gelijk behandeld.

Wat hield slavernij in in de Verenigde Staten?

Als men het heeft over de Amerikaanse Burgeroorlog wordt ook altijd de slavernij genoemd. De slavernij is namelijk volgens velen dé oorzaak voor de Amerikaanse Burgeroorlog. Daarom volgt hieronder een inleiding over wat slavernij precies inhoudt, waar het in Amerika voorkwam, enzovoort.

Slavernij bestaat al heel lang, al is de manier waarop de slaven verkocht werden wel veranderd. Slavernij houdt in dat een mens eigendom is van iemand anders en dat diegene de slaaf overal voor mag gebruiken. Slavernij is overal op de wereld voorgekomen en komt nu nog wel eens voor, maar ik zal het in dit hoofdstuk alleen hebben over de slavernij in Amerika.

De komst van de slaven in Amerika
Vanaf de 15e eeuw gingen de Europeanen naar Afrika om slaven te halen. Omdat ze de mensen natuurlijk niet zomaar meekregen, gaven ze wapens, alcohol en allerlei metalen in ruil voor slaven. Die slaven werden dan in een fort of een gevangenis gezet en moesten daar blijven tot er een schip zou komen die hen naar Amerika zou brengen. In het fort en op de schepen werden de slaven verschrikkelijk behandeld. In Amerika werden ze verkocht en van dat geld kochten de handelaren in Amerika katoen, suiker, koffie en cacao. Die goederen brachten ze dan naar West-Europa om ze daar te verkopen en dan begon alles weer helemaal opnieuw. Deze handel heette de driehoekshandel, omdat als je de weg die deze handelaren gingen tekent, je een soort driehoek krijgt.

De eerste slaven kwamen pas in 1619 in Amerika aan. Slavernij was tot 1669 eigenlijk niet toegestaan, maar toen kwam er een wet die het mogelijk maakte en die ervoor zorgde dat de internationale slavenhandel steeds meer toenam. Deze handel bracht ook steeds meer geld op doordat ze gebruik maakten van de driehoekshandel, de slaven gingen inenten tegen allerlei ziektes en door het imperialisme. Door de driehoekshandel zorgden ze ervoor dat de schepen onderweg nooit leeg waren en dus niet voor niets voeren. Het sterftecijfer van de slaven op schepen lag zeer hoog, omdat ze heel slecht behandeld werden en er daarom heel veel ziektes waren met de dood als gevolg. Doordat ze gingen inenten, bereikten meer slaven Amerika en was er ook een grotere winst. De laatste reden waarom de slavenhandel zo groeide, was omdat de Britse koloniën snel groeiden en er niet genoeg mensen uit Europa waren om daar te gaan werken. Goedkope slaven waren er daarentegen genoeg.

Het leven van een slaaf in Amerika
Zodra de slaven aangekomen waren in Amerika, kwamen ze vooral in het zuiden van het land te werken op plantages en boerderijen. In het noorden waren namelijk niet zulke grote landbouwbedrijven waar ze veel slaven nodig zouden hebben. Eerst werden ze voorbereid op het zware veldwerk door kleine klusjes te doen onder de naam gewenning. Op de boerderijen gold daarna een zogenaamd takensysteem, wat inhield dat de slaven elke dag een taak kregen die ze moesten afronden voor ze mochten stoppen. Alles werd in de gaten gehouden door de slavendrijvers van de meester. De meeste slaven kwamen echter terecht op een suiker-, rijst- of tabaksplantage. Daar werden alle slaven naar leeftijd en conditie in ploegen verdeeld die allemaal zwaarder of lichter werk deden, het zogenaamde ploegensysteem. Hier moesten de vrouwen vaak ook gewoon meewerken en anders werkten ze als dienstbode.
Op de plantages waren heel veel regels, zoals dat ze alles moesten doen wat hun meester hen opdroeg, dat ze niet betaald werden en geen bezittingen mochten hebben, dat ze niet tegen blanke mensen mochten getuigen en dat ze niet voor de wet mochten trouwen. Maar de meeste slavenhouders vonden trouwen op zich al niets. Op het overtreden van al deze regels stonden zware straffen, zoals zweepslagen en zware mishandelingen.
De slaven hadden meestal niet veel vrijheden, want alles stond in het teken van de eisen van de meester en zijn familie. Veel slaven wilden trouwen en een gezin stichten, maar dat vonden de eigenaren vaak niet goed. Ten eerste zouden de slaven dan al hun vrije tijd bij hun gezin doorbrengen, kinderen konden ze niet gebruiken op de plantages en vaak stierven de kinderen al binnen een paar weken door ziekte of honger. Maar aan het eind van de 18e eeuw toen de slavenhouders bang waren dat de slavenhandel ten einde liep werden de slaven juist gestimuleerd om te trouwen en kinderen te krijgen al hielden ze niet veel rekening met het gezin. Het gezin werd namelijk soms zomaar uit elkaar gehaald als dat zo uitkwam

Onenigheid over slavernij
Hierboven vertelde ik al dat de meeste slaven in het zuiden van Amerika terechtkwamen. Dat kwam omdat er in het noorden niet zo’n grote vraag naar arbeidskrachten was, omdat er niet veel grote landbouwbedrijven waren. De industriële revolutie was daar ook eerder op gang gekomen en daardoor werkten bijna alle mensen nu in fabrieken. Ook waren er in het noorden veel blanke emigranten die dat ‘slavenwerk’ ook wilden doen. Omdat het noorden dus zelf bijna geen gebruik maakte van slavernij, keurden ze het af en wilden ze het afschaffen.
In het zuiden kwam er aan het eind van de 18e eeuw zo langzamerhand ook een einde aan de slavernij, omdat het niet meer zo winstgevend was als eerst. Veel slaven werkten namelijk op tabaksplantages, maar toen de prijs van tabak sterk daalde, konden de plantagehouders al die slaven niet meer te eten geven.
Maar na 1793 bloeide de slavernij weer helemaal op. Toen vond Eli Whitney namelijk de Cotton Gin uit. Dit is een soort gemechaniseerde kam waardoor je heel snel het katoen van de struiken kan plukken. Door deze uitvinding was de slavernij opeens weer winstgevend, omdat een slaaf zo veel sneller katoen kon plukken. Hierna groeide de productie van katoen enorm, omdat de vraag ontzettend was toegenomen door andere uitvindingen die het verwerken van katoen eenvoudiger maakten. Een andere reden was dat vele boeren door die groeiende vraag naar katoen overstapten op het verbouwen ervan. Hierdoor kwam de slavernij weer helemaal terug en nam het meningsverschil over de slavernij tussen noord en zuid toe.

Welke problemen waren er bij de slavernij?

Zoals gezegd in de inleiding, werd er in 1789 een grondwet gemaakt waarin slaven niet werden vermeld. Zo werd voorkomen dat er nog meer ruzie kwam tussen Noord- en Zuid Amerika over de slavernij. Maar door deze verzwijging was het probleem slavernij nog lang niet opgelost en de haat woedde voort in de mensen.
Het Noorden had de handel in slaven al in vele staten afgeschaft terwijl het Zuiden hier pas in 1790 mee leek te starten. Maar dit ging niet eens door, want voor katoen bleef het handelen in slaven gewoon nog geoorloofd. Het enige wat er wél veranderde was dat er alvast werd vastgesteld dat in 1808 de slavenhandel officieel zou worden verboden. Zo konden beiden partijen aan het idee wennen en hun maatregelen nemen.
Maar zo veel veranderde er niet, de slavenhandelaren in het Zuiden bleven toch gewoon door gaan met handelen, ook ná 1808. Het verschil werd dus steeds groter, want in het Noorden was het handelen van slaven inmiddels al bijna overal verboden en werd het door de bevolking niet geaccepteerd.
De Noordelijke staten werden dus steeds meer tegen slavenhandel. Ze vonden het maar niks hoe het er aan toe ging in het Zuiden en ze wilden gelijkheid. Daarnaast ‘hoorde’ het ook niet in Amerika, het was niet netjes en ze wilden absoluut niet in de buurt van slavenhouders wonen.
De Zuidelijke staten dachten alleen maar aan de opbrengsten. En eigenlijk was er ook geen probleem ontstaan na 1808 voor de slavenhandelaren want inmiddels waren er al zoveel slavenfamilies, dat men alleen aan hen al genoeg had. Zij plantten zich namelijk voort en zorgden toch wel voor een nieuwe slavengeneratie. Er kon dus gewoon door worden gegaan met de slavernij.
Het Zuiden wist eigenlijk ook niet wat ze anders met al die mensen moesten doen wanneer deze niet meer als slaven zouden dienen en dus was er voor hen dus ook geen reden om, door slavernij te verbieden, een ‘probleem te creëren’.

Maar dat probleem kwam er toch wel, want hoe langer het duurde, hoe meer de Noordelingen tegen de slavernij werden. Tot 1820 was er een gelijk aantal vrije staten als aantal slavenstaten, namelijk 11. Dit zorgde altijd voor een stemmenevenwicht in de Senaat. Maar toen Missouri zich ook als staat wilde laten toelaten tot de VS ontstond het probleem. Eén zesde van de inwoners was namelijk slaaf en dus zou Missouri zo als slavenstaat toegelaten worden. Maar New York stak daar een stokje voor, ze wilde de slavernij in Missouri geleidelijk aan afschaffen.
De Zuidelijke partijen vonden dat weer helemaal niks. Uiteindelijk kwam ‘The great Compromiser’ Henry Clay en deze stelde voor om het noordelijke Maine tegelijk met Missouri toe te laten. Zo kwam er een nieuwe vrije staat (Maine) bij en een nieuwe slavenstaat (Missouri). Natuurlijk zou in de toekomst dit probleem weer kunnen komen en daarom stelde Henry Clay ook voor om boven een bepaalde lengtegraad slavernij te verbieden. Noord en Zuid waren het hier mee eens en de ‘Missouri Compromise’ werd gesloten.
Maar nog steeds was het probleem nog niet opgelost, dit was slechts een tussenoplossing.

Want juist ná die tijd begon het pas: tussen 1820 en 1830 vond een
‘Great Awakening’ plaats in bijna alle Verenigde Staten. Het was
een tijd waarin een soort nieuwe stroming, het Abolitionisme, ontstond.
Zij stonden voor de afschaffing van de slavernij en zochten het in religieuze kringen. Door de slaven, de slavenhouders en de mensen zonder openlijke mening voor zich te winnen probeerden zij de afschaffing van de slavernij zover te krijgen. Overal ontstonden plotseling anti-slavernij organisaties, zowel in het noorden als in het Zuiden. Tot 1831, want toen gebeurde er iets wat alles wat het Abolitionisme had bereikt, terug deed draaien: Nat Turner’s Rebellion.
In 1831 stond er in Virginia namelijk een blanke abolitionist op, genaamd Nat Turner. Hij dacht dat als hij 57 slaven uit Virginia wapens gaf, dat deze voor zichzelf op zouden kunnen komen en dat dit zou kunnen leiden tot een slavenrevolutie. Het pakte alleen anders uit, want in plaats van dode slavenhouders eindigde het verhaal met dode slaven. Vanaf toen was het Zuiden er helemaal van overtuigd: niks geen afschaffing van de slavernij, ze zouden dit niet zomaar langs hun heen laten gaan. Slavernij moest van hen blijven. En dat, terwijl het abolitionisme juist in de laatste jaren de Zuiderlingen zo ver had gekregen om de slavernij langzaam los te laten gaan.
Veel anti-slavernij organisaties verdwenen dan ook vrij snel en het waren voornamelijk Noordelijke abolitionisten die overbleven. Zij gingen steeds openlijker protesteren en bleven maar doorgaan bij het Congres over het afschaffen van de slavernij. Maar ook het Congres wist geen oplossing en besloot in 1836 dat slavernij niet meer als gespreksonderwerp in aanmerking mocht komen tijdens hun vergaderingen, oftewel de Gag Rule. Tot en met 1844 hield men deze regel vol, maar vanaf dat moment besloten de abolitionisten over te gaan op andere tactieken. Ze zochten het onder andere bij de pers. Ex-slaven lieten ze daar hun levensverhaal vertellen om maar aan iedereen te laten zien hoe verschrikkelijk hun leven was ten tijde van hun slaventijd. Er kwam ook een abolitionistische krant, The Liberator, die hetzelfde doel had. En het werkte, want steeds meer Noordelingen werden tegen slavernij en men wilde dat slavernij in ieder geval in de nieuwe Westelijke Staten zou worden verboden. De Zuiderlingen voelden zich steeds meer bedreigd en besloot om maatregelen te verzinnen voor de nieuwe staten, die vergemakkelijkden dat slavernij zou worden toegelaten.

En wéér werd het probleem slechts uitgesteld en ook wéér kwam het te voorschijn. Dit maal in 1850 toen the Great Compromiser Henry Clay alsnog probeerde beide partijen tevreden te stellen. Er kwamen een aantal regels bij:
Californië zou tot de Verenigde Staten toetreden als vrije staat. Dit zorgde ervoor dat er een ongelijk aantal vrije staten en slavenstaten kwamen in de Senaat, wat dus voordelig was voor het Noorden.
In Washington DC werd de slavenhandel afgeschaft. Ook dit was natuurlijk goed voor het Noorden.
De Utah en New Mexico Territories - dit waren geen staten – kregen territoriale regeringen. Deze mochten zelf bepalen wat zij goed en niet goed vonden. Dit kon dus zowel voordelig uitpakken voor het Noorden als voor het Zuiden.
De Fugitive Slave Law kwam er in alle Verenigde Staten. Het was een wet die ervoor zorgden dat mensen achter weggelopen slaven aan mochten jagen en hen mochten volgen door heel de VS. Dit was duidelijk een voordelig punt voor het Zuiden.
De nieuwe manier van regeren voor de territoriën bleek niet zo goed te werken en dus besloot men in 1854 in de Kansas-Nebraska Act vast te leggen dat de wil van het volk zou bepalen of slavernij wel of niet moest worden toegestaan. Elk van de territoriën zou hierbij apart bekeken worden door middel van zo’n referendum.
Om te zorgen voor een meerderheid van stemmen stuurden zowel Noord als Zuid zoveel mogelijk mensen naar het referendum en dus werd het eigenlijk een oneerlijke strijd waarbij alleen naar belangen en niet naar gevolgen werd gekeken.
Dit leidde in 1856 bij de Bleeding Kansas dan ook tot ruzie waarbij zo’n 200 doden vielen.

Dred Scott en John Brown
Er stonden nog 2 belangrijke gebeurtenissen te wachten, namelijk de rechtzaak van Dred Scott en de mini-revolutie van John Brown.

In de rechtzaak van Dred Scott (in het jaar 1856 en 1857) ging het om de uitspraak van de rechter Roger Taney. Hij moest vertellen of de voormalige slaaf Dred Scott al dan niet vrij man was. Dred Scott had namelijk vier jaar als slaaf geleefd in een gebied waar dit wettelijk verboden was. Volgens hem had zijn verblijf op deze vrije grond hem dan ook vrij man gemaakt. In eerste instantie kreeg hij daarin gelijk, na een tweede rechtzaak ongelijk en de derde (en hoogste) rechtbank moest hem uiteindelijk vertellen wat de uitspraak was.
Het werd een bijzondere uitspraak; de rechter gaf Dred Scott geen gelijk. Hij deed dat op nogal vreemde punten:
Zwarten waren volgens Roger Taney geen staatsburger van de Verenigde Staten en konden dus ook geen rechtszaak aangaan.
De rechter verklaarde de Missouri Compromise en de Kansas-Nebraska Act onwettig, wat inhield dat slavernij ineens overal mocht worden toegestaan, dus ook in het noorden.
Alle wetten die met de slavernij in de territoriën te maken hadden werden voor ongrondwettelijk aangezien en het 5e Amendement werd naar voren gehaald waarin stond dat geen enkele burger zijn bezit afhandig gemaakt kan worden zonder wettige rechtsgang. En aangezien zwarte slaven als bezit werden aangezien zou Dred Scott niet vrij zijn in gebieden waar slavernij verboden was.
Door deze uitspraken werden er steeds meer Noordelingen tegen de slavernij. Ze vonden de rechtszaak onaanvaardbaar, maar ze hadden de pech dat er net een nieuwe president was. Deze president, James Buchanan, stond achter de uitspraak aangezien hij voor slavernij was.
Het was dan ook niet toevallig dat de uitspraak van de rechtszaak was gerekt tot ná de presidentsverkiezingen waarbij Buchanan werd aangesteld, aangezien er anders een hele andere stemming was geweest.

Net na de rechtszaak gebeurde er nog iets belangrijks, namelijk een mini-revolutie met als aanstichter John Brown. Het was 1859 en de Bleeding Kansas was net geweest. Ook daar was John Brown de aanstichter van. Hij had besloten om met nog vier vrienden een pro-slavernij dorpje in Kansas binnen te vallen en daar vijf mensen te vermoorden, wat uiteindelijk had geleid tot een bloedbad met meer dan 200 doden. Na de Bleeding Kansas was John Brown voor een deel van de Noorderlingen een held geworden door zijn acties. Hij kreeg veel morele steun, maar wilde meer. Hij wilde een soort guerilla-oorlog beginnen samen met een groep blanke en zwarte volgelingen, tegen het Zuiden.
In oktober 1859 viel hij daarvoor met 20 mensen een wapenarsenaal van de Verenigde Staten binnen vlakbij het plaatsje Harper’s Ferry. Twee dagen later reageerde het Amerikaanse leger daarop met terug veroveren van het wapenarsenaal. Dit gebeurde volop met geweld onder leiding van kolonel Robert E. Lee. Tien mannen van John Brown overleden hierbij en Brown werd gevangen genomen en opgehangen. Toch had deze actie grote gevolgen, want ook burgers die er niet vooruit waren gekomen dat zij anti-slavernij waren, vonden de moed van Brown erg goed en prezen zijn idealen, alhoewel zij de manier waarop hij alles probeerde te bereiken niet goed vonden. Door al deze reacties kwamen veel Zuidelijke bewoners van de VS tot de conclusie dat voor hun levensstijl vol met slaven, geen plaats was in de Verenigde Staten.
Men raakte er vanovertuigd dat compromissen geen zin meer hadden, er moest een definitieve oplossing komen.

Welke rol had Abraham Lincoln in de burgeroorlog met betrekking tot de slavernij?

Abraham Lincoln werd geboren op 12 februari 1809 in het plaatsje Kentucky. Hij groeide hier op, maar verhuisde naar Illinios waar hij woonde tot 1830. Daarna heeft hij van 1832 tot en met 1837 in Salem gewoond. Hij besloot in 1836 rechten te gaan studeren en hij werd een advocaat. In 1837 is hij de politiek in gegaan, maar dat viel hem toch tegen en hij werd weer gewoon advocaat. In 1854 kon hij het toch niet weerstaan, en Abraham Lincoln ging weer in de politiek. Hij besloot zich in 1856 bij de Republikeinse Partij aan te sluiten en in 1860 werd hij kandidaat voor het presidentschap.

In 1858 gebruikte Abraham Lincoln de Dred Scott zaak om de Noordelijke meerderheid voor zich te winnen en een zetel in het Congres te krijgen. In 1860 verscheen zijn naam tijdens de presidentsverkiezingen niet op de Zuidelijke stembiljetten. Het dichtbevolkte Noorden stemde wel met voldoende aantallen op hem en het Zuiden verdeelde hun stemmen over de overige kandidaten. Uiteindelijk won Abraham Lincoln de verkiezingen met 40% van de stemmen. Hij werd de zestiende president van de Verenigde Staten.

De overwinning van Lincoln zorgde ervoor dat op 20 december 1860 (de zuidelijke staat) South Carolina uit de Unie trad en een tijdje later volgde ook (de zuidelijke staten) Mississippi, Florida, Alabama, Georgia, Louisiana en Texas. Zij waren namelijk voor slavernij en Abraham Lincoln was, wat zij dachten, tegen slavernij. Van de 34 staten waren er nu nog maar 27 over. In Alabama werd Jefferson Davis president van de uit de Unie getreden staten: de Confederate States of America (CSA). Deze Geconfedereerde Staten kregen een nieuwe grondwet die slavernij voor eeuwig garandeerde.
Toch legde Lincoln zich daar niet bij neer. Hij vertelde dat het lidmaatschap van de Unie grondwettelijk niet kon worden gebroken en dat hij ervoor zou zorgen dat de wetten ook juist zouden worden uitgevoerd. Wel kwam hij de staten enigszins tegemoet door hen te vertellen dat hij ‘niet van plan was direct of indirect in de weg te staan aan het instituut slavernij, daar waar het bestaat’.

Toch waren nog steeds zowel de noordelijke staten als de zuidelijke staten er van overtuigd dat ze zonder elkaar verder konden gaan en dat ze elkaar niet nodig hadden. Lincoln wilde er alles aan doen om de staten bij elkaar te houden en te voorkomen dat er een burgeroorlog zou ontstaan. Volgens hem konden de staten niet zonder elkaar. Tijdens de senaatscampagne van 1858 had hij dan ook gezegd: ‘Ik geloof niet dat dit land kan overleven als het permanent half slaaf en half vrij is. Ik verwacht niet dat de Unie wordt opgeheven - ik verwacht niet dat het huis zal instorten - maar ik verwacht wel dat het zal ophouden verdeeld te zijn. Het zal helemaal het één worden, of helemaal het ander.’
Hij stelde de Zuidelijke Staten tijdens zijn presidentsschap dan ook voor de keuze. Zij mochten beslissen of er wel of geen burgeroorlog zou komen. Hij zei dit: ‘In Uw handen, niet in die van mij, ligt de uiterst gewichtige beslissing voor een burgeroorlog. Ik ben van mening, dat de Unie van deze Staten eeuwigdurend is. Overeenkomstig met de Wet kan geen enkele staat op eigen initiatief uit de Unie treden’.
De Zuidelijke Staten kozen voor een burgeroorlog. Lincoln was daar niet op voorbereid en hij had ook weinig militairen, maar uiteindelijk vond hij een generaal: Ulysses S. Grant, die later tot opperbevelhebber werd benoemd. De Zuidelijke Staten hadden wel een goed leger.

Het begin van de burgeroorlog
Het echte begin van de burgeroorlog was de aanval van de zuiderlingen op fort Sumter voor de haven van Charleston in South Carolina. Ze veroverden dit en de burgeroorlog was een feit geworden.

Nog vier staten sloten zich aan bij het zuiden: Arkansas, North Carolina, Tennessee en Virginia. De hoofdstad van het zuiden werd Richmond. Zo stonden in de burgeroorlog 23 staten met 22 miljoen inwoners tegenover 11 staten met 9 miljoen inwoners, bijna 4 miljoen daarvan waren slaven.

De burgeroorlog is begonnen en Abraham Lincoln doet hard zijn best om de Unie bij elkaar te houden. Voor hem zou het uiteenvallen van de Unie het bewijs zijn dat democratie niet werkte en daar geloofde hij niet in. Maar hij begint langzaam aan in te zien dat het niet om wel of geen democratie gaat, maar dat slavernij de kernkwestie van alles is. Hij was eigenlijk van mening dat slavernij moest worden beperkt maar niet afgeschaft. Er mochten van hem geen nieuwe slaven komen in de nieuwe staten, maar overál de slavernij afschaffen was volgens hem niet mogelijk. Toch vindt hij het idee om de inwoners van de nieuwe staten zélf te laten kiezen of ze voor of tegen slavernij zijn geen goed idee en uiteindelijk schaft hij in 1863 de slavernij toch af. Maar dit was slechts een militaire maatregel. In 1965 werd deze maatregel gevolgd door een amendement op de grondwet. Daardoor verdween de slavernij voorgoed.

Tijdens de burgeroorlog ondervindt Abraham Lincoln veel tegenslagen. Zo verliest hij, vooral in het begin, veel leiders en ook op persoonlijk vlak wordt het een ramp voor Lincoln. Zijn zoontje overlijdt aan tyfus en zijn vrouw draait psychisch door en krijgt hallucinaties en hysterische aanvallen.
Het zag er niet naar uit dat Abraham Lincoln nog ergens, op welk vlak dan ook, zou winnen. Maar toch blijkt het anders uit te pakken, want vanaf september 1862 ging het de goede kant op. Lincoln kondigde de emancipatieverklaring van de slaven alvast aan, deze zou vanaf 1 januari 1863 worden ingevoerd in alle staten die toen tot de Verenigde Staten behoorden. Dit hield in dat er nog steeds een aantal staten waren, waarbij de slaven ondanks deze regel niet vrij werden. Dat kwam doordat deze staten nog in de CSA zaten. Toch waren er inmiddels zo veel staten die de slaven wel als vrij personen aanzagen, dat de Zuidelijke staten uit de Unie als negatief werden beschouwd door de Europeanen. Het was net alsof de Noordelingen de ‘goeden’ waren en de Zuiderlingen de ‘slechten’. Op deze manier was het voor Lincoln niet nodig om de Zuiderlingen tegen zich in het harnas te jagen – iets wat hij op dat moment ook beter niet kon hebben – want ze werden vanzelf wel zover gedreven dat het alsmaar slechter ging met de zuiderlingen.

Uiteindelijk wint Abraham Lincoln op 9 april 1865 de burgeroorlog. De zuiderlingen gaven zich toen in Appomattox, Viginia, over.
De oorlog heeft de noordelingen 360.000 man gekost en de zuiderlingen 258.000. Grote gedeelten van het zuiden waren verwoest en een diepe scheur van haat was door het land getrokken.

Abraham Lincoln spreekt de mensen toe in zijn toespraak op 11 april 1865 als een volk. Hij laat nog een keer blijken dat hij de Verenigde Staten als een geheel ziet.
Jammer genoeg heeft Abraham Lincoln de eenwording van de Staten niet meer mee kunnen maken. De man die er alles voor over had om de Staten weer als een geheel bij elkaar te krijgen, werd vermoord op 14 april 1865, 5 dagen na de overwinning van het noorden, tijdens een theatervoorstelling in het Ford theater. Hij werd neergeschoten door John Wilkes Booth die zo het Zuiden wilde wreken. Abraham Lincoln is niet meteen dood, maar hij overlijdt wel de volgende dag op 15 april 1865 aan zijn verwondingen.

Abraham Lincoln wordt in Amerika nog steeds geëerd voor zijn daden. Hij is een groot man uit de geschiedenis en dat zal hij ook altijd blijven. Hij wordt gezien al een held, er zijn over de hele wereld heen boeken over hem te vinden. Er zijn in talloze plaatsen door heel de Verenigde Staten monumenten van Lincoln te vinden. En zijn geboortedag, 12 februari is een nationale feestdag geworden.

Filmverslag

Titel van de film (met eventuele subtitel): Ride with the devil
Land van herkomst: De Verenigde Staten van Amerika
Regisseur: Ang Lee
Jaar: 1999
Genre: Speelfilm

Inhoud van de film (in 15 regels):


De Amerikaanse burgeroorlog is bezig en de bendes de Bushwackers (Zuiderlingen) en de Jayhawkers (Noorderlingen) strijden volop tegen elkaar. Omdat de vader van Jack Bull wordt vermoord door een Jayhawker besluiten Jack en zijn vriend Jake Roedel bij de Bushwackers te gaan. Jake Roedel is eigenlijk Duits en wordt overal Dutchie genoemd (men denkt dat die in Duitsland wonen).
Bij de Bushwackers sluiten Jack en Jake vriendschap met George Clyde en Daniel Holt, deze laatste is een neger.
Als George en Jack uiteindelijk dood gaan tijdens een gevecht moeten Daniel en Jake samen verder. Als Duitser en als Neger vechten ze tégen de afschaffing van de slavernij wat nogal eens wordt gewantrouwd.
Tijdens een winter wordt Jake ook nog eens verliefd op Sue Lee, een jonge weduwe, maar Jake en Daniel besluiten toch om de strijd af te maken, voor hun vrienden Jack en George…

Hoe is de historische realiteit uitgebeeld:


Hoofdpersonen: Aan de instelling van de hoofdpersonen is wel te merken dat zij midden in een burgeroorlog leven en dus de normen en waarden allemaal wat zijn vervaagd. Ze denken erg raar, zo zijn ze er trots op dat ze geen vrouwen doden, maar tegelijkertijd wel een hele stad uitmoorden.
Bijfiguren: Ook de bijfiguren denken op de manier als hierboven beschreven. Ook de manier waarop Noord en Zuid over elkaar denkt maakt wel veel duidelijk. Er is grote haat tussen voor- en tegenstanders van de slavernij. Dit duidt allemaal wel op de geschiedenis van Amerika, de Amerikaanse burgeroorlog.
Gebeurtenissen: De twee bendes die waren ontstaan gaven goed de geschiedenis weer. Er was net zoveel haat aanwezig jegens de tegenstanders als tijdens de Burgeroorlog. De moorden waren ook toen volop van de partij en dus liet deze film de werkelijkheid goed zien.
Plaatsen van handeling: Alles vindt plaats in Missouri en in een dorpje iets verder op, waar Jake Sue Lee ontmoet.

Geef hieronder een recensie van de film waarin je ingaat op
1. Het betrouwbaarheidsgehalte met betrekking tot het onderwerp.
2. De relatie met het door jou bestudeerde thema.
3. Je waardering voor de film als film
(Ongeveer 300 woorden)

Ride with the devil

Ride with the devil is een ingrijpende film waarin de trieste situatie van Amerika tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog naar voren komt. Twee jongens raken zowel hun vrienden als hun thuis kwijt en moeten het met z’n tweeën en de overige bendeleden van de Zuidelijke Bushwackers opnemen tegen de Noordelijke bende Jayhawkers. Het mooie van de film, die op het boek Woe to live on, door Daniel Woodrell is gebaseerd, is dat op een bijzondere manier wordt laten zien hoe dubbel de burgeroorlog eigenlijk was. Zo ziet men een ‘Duitse Amerikaan’ en een neger, samen vechten tégen een verbod op slavernij, terwijl zij zelf van alle kanten worden gewantrouwd, omdat ze geen ‘echte’ Amerikaan zijn. Ook is men er trots op dat men geen vrouwen doodt, terwijl een hele stad uitmoorden geen probleem voor de jongens is en zij strijden voor slavernij. Blijkbaar ging het er zo aan toe in de Amerikaanse Burgeroorlog, want ondanks dat alles enigszins raar klinkt, leek de film toch erg betrouwbaar en was er geen reden om de betrouwbaarheid van de film te betwijfelen.
Naast de problemen van de jongens in die tijd, toont de film duidelijke overeenkomsten met de burgeroorlog. De haat die er tussen de beide bendes bestond en de meningen van beide partijen komen duidelijk naar voren, evenals de vele moorden die er destijds op een tamelijk makkelijke wijze gepleegd werden. Hierdoor werd de film soms ook wel enigszins schokkend.
De film was een mooie, ingrijpende en soms ook schokkende film dat, ondanks een rustig en soms saai begin, ons vrijwel constant heeft weten te boeien. Het cijfer wat wij aan de film toekennen is dan ook een 7,5

Conclusie

We zijn door dit werkstuk ontzettend veel te weten gekomen over de slavernij in de burgeroorlog.
Onze hoofdvraag was:
Welke rol had de slavernij in verband met de burgeroorlog?

Slavernij bleek de grootste oorzaak van de burgeroorlog te zijn. We hebben gekeken naar andere oorzaken van de burgeroorlog, maar die waren er niet veel. Abraham Lincoln heeft wel een grote rol gespeeld, maar meer positief dan negatief.
Hij heeft wel een aantal uitspraken gedaan die het Zuiden nog kwader maakten, dat kan men zien als een kleine oorzaak, maar niet dé oorzaak.
Dat is toch de slavernij.
Door slavernij ontstond er namelijk een discussie tussen Noord en Zuid die grote gevolgen had met betrekking tot de burgeroorlog. Het Noorden was tegen slavernij en het Zuiden voor. Dit leidde tot alle acties die er voor de burgeroorlog zijn geweest en, mede door de uitspraken van Abraham Lincoln, tot de burgeroorlog zelf.

De samenwerking is goed verlopen. We hebben alles eerlijk verdeeld. Iedereen had een paar deelvragen van de inleiding en iedereen had een deelvraag van het onderzoek zelf. Afhankelijk van de lengte bepaalden we wie hoeveel kreeg van de inleiding, zodat het allemaal eerlijk zou gaan.
Het filmverslag hebben we met z’n drieën gemaakt en ook de inleiding, de vragen en conclusie hebben we samen gemaakt.

Bronnenlijst:

http://kleioscoop.digischool.nl/tekst/19de%20eeuw_vs_afr.htm
http://www.allesamerika.com
http://users.skynet.be/historia/locke.html
http://vormen.org/KomNUop/midden/6omidden.html
http://www.letmus.nl/bcb.html
http://www.theunitedstatesofamerica.myweb.nl/
http://www.verenigdestatenvanamerika.com/lincoln.html
http://www.amerika.nl/politiek/html/presidenten/presarchief/16lincoln.htm
http://www.nos.nl
http://www.scholieren.com
http://www.huiswerkservice.nl

Encarta Encyclopedie

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.