het land van maas en waal

Beoordeling 5.5
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • 4e klas vmbo | 1959 woorden
  • 17 maart 2002
  • 36 keer beoordeeld
  • Cijfer 5.5
  • 36 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ADVERTENTIE
De Galaxy Chromebook maakt je (school)leven makkelijker!

Met de Galaxy Chromebook Go kun je de hele dag huiswerk maken, series bingen en online shoppen zonder dat 'ie leeg raakt. Ook kan deze laptop wel tegen een stootje. Dus geen paniek als jij je drinken omstoot, want deze laptop heeft een morsbestendig toetsenbord!

Ontdek de Chromebook!

Een stukje over maas en waal historisch-geografische landschapseenheid in Nederland, prov. Gelderland, in het oosten begrensd door het Rijk van Nijmegen, in het westen door het kanaal van Sint-Andries bij Heerewaarden, ruim 182 km2. De grotere dorpen liggen voornamelijk. In een smalle strook tussen de Waal en de Heemstraweg (via de Prins Willem Alexanderbrug verbonden met de Betuwe). Ten zuiden van deze strook is de bebouwing meer landelijk, met kleine dorpjes en verspreide boerderijen. De industriële activiteiten zijn voornamelijk. Langs de Waal geconcentreerd; in het oostelijk deel treedt de baksteenindustrie op de voorgrond, in het westelijk deel de meubelindustrie, die zich ontwikkeld heeft uit de hoepel- en mandenmakerij, welke laatste hier mogelijk was door de grote oppervlakte griendhout. Het gebied langs de Maas is van belang als recreatiegebied (watersport).
Rivier overstromingen zijn al zo oud als de rivier zelf .

Maar pas toen de mens bij de rivier ging wonen werd dit een probleem.
Rivier vloeden waren vroeger vaak zo ernstig dat de gedupeerde belasting vrij stelling kregen.
Ook toen voelde de overheid zich verandwoordelijk.
Tegen woordig nu nederlandse water bouwers wereld wijd met machtige machienes rivieren en zeeën bedwingen, kijken wij raar op als we voor water moeten vluchten.
Daarom hebben wij dezen vragen gesteld:

Hoofdvraag : Hoe heeft men door de eeuwen heen , het water buiten maas & waal gehouden ?

Þ Hoe heeft men het water buiten gehouden voor 1900 ?
Þ Hoe houd men het water buiten van 1900 tot nu ?
Þ Waarom houden ze gezamenlijk het water buiten ?
Þ Wanneer is het mislukt om het water buiten de dijken te houden ?
Þ Welke rol heeft de techniek gespeeld om het water buiten te houden ?

De middel eeuwen (ca. 500 - ca. 1500):


Hoe heeft men het water buiten gehouden voor 1900

Bescherming tegen rivier vloeden bleven in de middel eeuwen te lang een zaak van particulier initiatief. Waardoor het dikwijls voor kwam dat dijken doorbraken door slecht onderhoud
In het rivierengebied behoorden rivieroverstromingen tot het leven, maar ze werden in de 18e eeuw ernstiger van aard. Alleen al in de eeuw rond 1800 deden zich in het land van maas en waal en de Bommelerwaard 36 dijkbreuken voor; 1784 was een top jaar met negen breuken. In de jaren 1784, 1799, 1809 en 1820 liep het gehele rivierengebied grotendeels onder.

Ook de graven en hertogen hebben reeks getracht dit gevaar te keren, door bijzondere aandacht te schenken aan het onderhoud van dijken en door waterlossingen aan te leggen of te verbeteren. Op 12 januari 1321 stelde graaf Reinald orde op het graven van twee grote weteringen in oost-west richting door Maas en Waal. De eerste wetering begon te Beuningen en heeft nog steets haar loop dwars door Maas en Waal naar Dreumel.
De meer zuidelijk gelegen wetering nam later, volgens een overeenkomst van 1487 het water van boven de Teersdijk, tussen Nijmegen en Grave op, om bij Appeltern in de maas te stromen, evenals ook eerstgenoemde wetering haar water in de maas afvoerde. In elke wetering waren drie schutsluizen, vroeger 'sijtwinden' en later schutlakens genaamd. Door deze inrichtingen ontstonden er afzonderlijke kommen, waarin het water geborgen was, maar de afwatering was daarmede nog weinig ideaal; immers de hoger gelegen gronden moesten wachten, totdat de rivier zoveel gedaald was dat de lager gelegen gedeelten hun water konden lozen. Deze toestand gaf meermalen aanleiding tot twisten tussen de boven- en benedendorpen, welke eeuwenlang geduurd hebben.
Rond 300 v. Chr, dus nog voor de komst van de romeinen, moesten terpen of woerden worden opgeworpen. Ook werden natuurlijke hoogten in het terein als woon plaats gekozen. Rivier slip mocht regelmatig de akkers bevruchten, maar huis en haart moest droog blijven.
Hoe houd men het water buiten van 1900 tot nu ?
Welke rol heeft de techniek gespeeld om het water buiten te houden ?

De technologie is na 1900 verder gevorderd dan voor 1900 en dit wordt ook gebruikt om de mensen te beschermen tegen het gevaar van het water.
Doormiddel van gemalen werd het mogelijk om water naar de rivieren te pompen ook als de rivieren hoog waren. In den begin tijd werden gemalen nog niet veel toegepast in het land van maas en waal omdat het vermogen te klein was. Pas toen stoom machines hun intrede maakten kwam er verbetering in de situatie.
Op 17 mei 1846 werd het stoomgemaal te Dreumel in werking gesteld.
Later volgden de gemalen van Alphen en Wamel gebouwd in 1875, maasbommel in 1867,en de stoomgemalen: Leeuwense sluis, De Rijkse sluis en blauwe sluis omstreeks 1913
Het stoomgemaal (de tuut) aan de appelternse sluis gebouwd in 1918 volgden. Als laatsten der stoom gemalen.
Met het in bedrijf stellen van dieselgemaal "Bloemers" te Appeltern en het Electrische gemaal "Quarles van Ufford" te Alphen zijn de stoomgemalen in het Land van maas en waal uit bedrijf genomen en gesloopt. Alleen het stoom gemaal te appeltern is behouden gebleven. En draait nog als museum.
Rechter foto : werkend stoom gemaal foto gemaakt in 1961
Linker foto:Stoom gemaal de tuut appeltern 2001 (Stoom machine uit 1917)

Tegenwoordig wordt Het Land van maas en waal door dijken beschermd tegen het hoge water van de rivieren Maas en Waal. Het gebied kent een overschot aan water, vooral in de natte jaargetijden. Ook kwelt er bij hoge waterstanden van de rivier veel rivierwater door de dijken. Het overtollige water wordt via weteringen afgevoerd naar de Maas. Waar de weteringen in de rivier uitmond zijn sluizen in de bandijken geplaatst. Bij normale waterstanden van de rivieren zijn deze uitwateringssluizen geopend en stroomt het te veel aan water vanzelf in de rivier. Wanneer tengevolge van te hoge waterstanden van de rivier niet meer op natuurlijke wijze geloosd kan worden, worden de uitwateringssluizen gesloten en komen de gemalen in werking. De gemalen pompen het overtollige water uit de weteringen in de rivieren en houden zo het waterpeil in binnendijks gelegen gebied op peil. In het Land van Maas en Waal bevinden de sluizen en gemalen zich uitsluitend langs de Maas en niet langs de Waal, omdat de waterstand van de maas lager is dan die van de waal. Er kan dus op de maas langer op natuurlijke wijze geloosd worden. Daarbij komt nog dat het gebied van noord-oost naar zuid-west afloopt, waardoor het water vanzelf naar de maas stroomt. De waterstand van de maas is dan ook bepalend voor het al of niet in werking zijn van de gemalen.

Wanneer is het mislukt om het water buiten de dijken te houden ?

Natuurlijk begrijpen wij dat de dijken al vele malen zijn doorgebroken of overspoelt omdat de dijken niet hoog genoeg waren, maar wij zouden hier graag een overzicht van willen maken.

Zoals gezegd: overstromingen en watersnood lopen als een rode draad door de geschiedenis van maas en waal. Het klinkt wat onwerkelijk in deze tijd, maar daarom te meer zal bijvoorbeeld het sobere watersnood - monument aan de dijk te beneden leeuwen (linker foto) een sprekende getuigenis blijven vormen uit de tijd, toen het met de beteugeling van het water in deze streek nog niet zo ver was het monument dat in trouw gezelschap van enige lindebomen, op de plaats staat waar de dijk in 1861 bezweek geeft enkele trieste bijzonderheden over de ramp, die maas en waal als gevolg van deze doorbraak teisterde. De vloed eiste 37 offers zo lezen wij.
Een meisje van 8 jaren dobberde zes dagen op de golven rond en bleef gespaard.
-1 februari 1861-. Aan de voor zijde draagt het monument als opschrift.
Aan koning willem de derde en hoogstdeszelfs broeder prins hendrik het dankbare leeuwen. -12 mei 1874-. op deze vorstelijke deelneming bij de waternood ramp betoond, duid ook het volgende rijm, aan de rechter zijde van het gedenk teken aangebracht:

Een traan in het manlijk oog,
Een troost woord in den mond,
Stond neerlands vorst ons bij
In dezen bangen stond.

Het was in de laatste dagen van januari 1861, dat de waal die sinds enige tijd met een hechte ijs massa overdekt dicht gevroren zat, bij Nijmegen meermalen in beweging kwam. In de nacht van 31 januari op 1februari zag deze kilometers lange ijs klomp kas zich ook verder beneden waarts los te breken, maar spoedig bleek, dat de afvoer van het zware ijs schotsen niet naar wens ging.
Ter hoogte van Druten bevond zich midden in de rivier een hoge zand plaat, waardoor de stroom over een lengte van ongeveer 5 minuten gaans, in 2 gedeelten werd gescheiden.
In dezer armen, benordelijke, gewoonlijk de 'geul' genoemd, was niet in beweging gekomen, evenmin als de rivier beneden de zand plaat, waar zij in volle breedte onbewegelijk vast zat. Het water, verbolgen over de tegenstand, die het hier ontmoeten, waande zich een uitweg over de Drutense uiterwaarden en viel met zware ijsgevaarten overdekt, met geweldige kracht tegen de dijken.
Aan het beneden-einde van de uiterwaarden kon het water echter niet door vloeien. Het muurvaste ijs aan de ene kant en de dijk aan de andere kant vormde zodoende een trechter, de steeds smaller en nauwer werd.
Het kon niet anders of het water, daarin op gevangen, moest tot een schikbarende hoogte worden op gestuwd onder aanhoudende aanwas steeg het spoedig boven nood peil. De overloop werd gedurig sterker en liet zich steeds dreigender aanzien. Met hevig geruis stortte het water zich over de dijk, grote ijsstukken mee voerend, om het vernielingswerk nog te bespoedigen.
Helaas, dat werk werd plotseling voltooid. Een stuk der kaden aan de dijk te leeuwen - even boven de afweg naar wamel - werd eensklaps weg gestoken en geen menselijke krachtenspanning was in staat de verdere aandrang verder te keren. Het was 1 februari om 6 uur in de morgen. Een allerverschrikkelijkste verwoesting was het werk van een ogenblik. Ongeveer 12 huizen werden terstond in de woeste stroom meegesleurd en meerdere personen zag men onder hart verscheurende angst kreten, de het lawaai van de kolkende stort vloed nog overstemde, door de golven wegvoeren.
Met bijna ongelofelijke snelheid verspreide het water, dat door de 300 ellen weide doorbraak, als het ware met geweld naar binnen werd gevoerd, zich door de streek man maas en waal. Even als in de bommelerwaard waar de dijk ook bezwijken was, bereikte het water een hoogte, waarop men het tevoren nimmer had gekend. In alle dorpen was het een benarde toestand. Te Dreumel waren, een enkele woning uitgezonderd, alleen nog de daken der huizen te onderscheiden, zelfs het vrij hoog gelegen school gebouw liep onder.
In Wamel was het niet veel anders.
Bij alphen stroomde water en ijs op sommige plaatsen ter hoogte van een el over de dijk in de maas Bij de minsten wind dreigden de ijsschollen de huizen te doen ineenstorten. Versuft en radenloos stonden de mensen op de dijk in het water, terwijl andere met schuiten overstaken naar het overzijden gelegen Lith gelijktijdig verkeerde men in Maasbommel, Appeltern en Altforst in toenemend gevaar, ook daar verdronk veel vee en de mensen waren ternauwernood instaat het gevaar te ontlopen zelfs in Horssen, Winssen, Bergharen en Batenburg, dorpen die merendeels beduidend hoger gelegen zijn dan de reeks genoemde plaatsen, was de toestand kritiek, zelfs de meest oostwaarts gelegen dorpen over-en neder- asselt overstroomde nog geheel.

De gedenksteen (rechter foto) die herinnert aan de watersnood van 1861 en het droeve lot van de familie van Beek die alleen dochter Johanna van Beek overleefden. Na herbouw van de woning aan de zandstraat te Beneden Leeuwen is de steen lang ingemetseld geweest. Het huis in zijn oude vorm is ondertussen verdwenen.
Boven staande foto geeft duidelijk weer wat een polder is, met het water aan een kant van de dijk hoger dan het land aan de andere kant van de dijk.

Onderstaande foto geeft de dijkdoorbraak bij Nederasselt weer in de winter van 1925 op 1926 de overstroming was zo groot dat het land van maas en waal bijna geheel onderliep, helaas is het niet gelukt om hier meer informatie bij te verzamelen.

Zand zakken ter versteviging van de dijk. Bij het aanleggen van een zandzakken versteviging helpt vaak het hele dorp soms komen er ook militairen helpen.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

D.

D.

hallo, ik heb een vraagje waar hebben jullie deze info vandaan welke bron hebben jullie gebruikt want ik heb die bron hard nodig.
alvast bedankt

11 jaar geleden