D-Day

Beoordeling 6.1
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • 4e klas vwo | 1705 woorden
  • 20 februari 2002
  • 63 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.1
  • 63 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Wat was de Atlantikwall?

Met deze deelvraag ga ik bespreken wat er met de Atlantikwall gebeurde in de periode van 1942 tot D-Day.

In 1941 wisten de Duitsers al dat de kust van West-Europa verdedigd moest worden tegen een invasie van de geallieerden. Toen de meeste Duitsers aan het Oostfornt vochten moest ook de West-Europese kust verdedigd worden. Die kust liep van het noorden van Noorwegen, via Denemarken, Nederland en België naar de grens tussen Spanje en Frankrijk. In totaal was deze kuststrook 4800 kilometer lang. Op 23 maart 1942 had Hitler in een Bevel de defensieve stategie vastgelegd die de geallieerde invasie moest tegenhouden. Er moesten verdedigingswerken aan worden gelegd, die vanaf Nederland, via de kust van het Kanaal tot aan de kust van de Middellandse Zee in Zuid-Frankrijk liepen. Ook moesten er reservetroepen komen die klaar zouden staan voor een tegenaanval. En In het Bevel stond dat de vijandelijke troepen onmiddellijk vernietigd moesten worden of door een tegenaanval in zee teruggedrongen worden. Hitler had opdracht gegeven tot de bouw van 15000 verdedigingswerken, die bemand zouden worden door een leger van 300000 soldaten. Hij ontwierp veel van deze verdedigingswerken zelf.

Met de bouw van de Atlantikwall werk in 1942 officieel begonnen. Er waren 250000 arbeiders, waarvan het grootste deel dwangarbeiders, twee jaar lang dag en nacht bezig. Om de Duitse arbeidskrachten te vervangen, die in de oorlogsindustrie en het leger werkten, werden krijgsgevangen en burgers samengebracht in de Organisation Todt, om aan de kustverdediging te werken. Op het hoogtepunt van de bouw bestond 90% van de Organisation Todt uit werkkrachten uit andere landen. Ze moesten 7 dagen per week, 12 uur per dag werken en kregen maar 10-30 minuten pauze voor het middageten. Een keer per maand kregen ze een halve zondag vrij. Het eten was niet genoeg voor het werk en ook kregen de arbeiders geen werkkleding. Wie het werk niet meer aankon werd vervangen. De meeste arbeiders werden ingezet voor de onderkomens van de onderzeeers. De Atlantikwall werd gebouwd van meer dan een miljoen ton staal en er was meer dan 20 miljoen kubieke meter beton nodig.


De man die de leiding over de Atlantikwall had was Veldmaarschalk Karl Rudolf Gerd von Rundsted. Hij hoefde alleen maar aan Hitler verantwoording af te leggen. Toen hij net de leiding had overgenomen werd er gelijk al een aanval gepleegd op de marinebasis St. Nazaire. Hierdoor en door een aanval op Dieppe, werd bevestigd dat de kusten zwaar moesten worden verdedigd. Von Rundsted was het hier niet mee eens en geloofde meer in de strategie dat een massale aanval moest worden tegengehouden en daarna een tegenaanval moest worden gepleegd om het vijandelijke bruggenhoofd te vernietigen. Von Rundsted had een ouderwetse startegie, hij had een grote overwinnig geboekt op Frankrijk, waardoor veel officieren achter hem stonden. Hij was niet erg geliefd bij Hitler, omdat hij kritiek had gehad op Hitlers strategie aan het Oost-Front. Door zijn populariteit bij de officieren kon hij wel goed onderhandelen met Hitler. Von Rundsted had de onmogelijke taak om een kustgebied van 4800 kilometer de verdedigen met 60 oncomplete divisies, waarvan zelfs sommige compleet uitgehold waren. Hij wilde graag alleen het belangrijkste verdedigen, alleen Hitler wilde hem hiervoor niet zijn gang laten gaan, omdat Hitler overal een aanval verwachtte.

Officier Erwin Rommel had op tactisch niveau de leiding over de verdediging van Het Kanaal. Hij moest verantwoording afleggen bij Von Rundsted. Dat was jammer voor hem, want hij dacht in tegenstelling tot Von Rundsted dat de oorlog op de stranden uitgevochten zou worden. Rommel was een erg goede officier, alleen zijn nadeel was dat hij geen aristocratische achtergrond had. Wel had hij veel successen behaald in de Eerste Wereldoorlog. Hij had altijd met veel succes overwinningen behaald, door vakmanschap, moed, kracht en slagvaardigheid. Rommels ervaringen waren niet alleen beperkt tot de loopgravenoorlog, hij geloofde niet in een beperkte opmars na kort spervuur, maar in zijn veldslagen wist hij snel en diep in vijandig gebied door te dringen. Ook had ervaring met tanks opgedaan in de oorlog in Noord-Afrika. Eerst had Rommel geen verantwoordelijkheid, waardoor hij zich nutteloos voelde, hij beklaagde zich daarover en kreeg het bevel over Legergroep B onder Von Rundsted. De bevelvoering werd hierdoor wel helderder, alleen er kwamen grote verschillen aan het ligt tussen de twee veldmaarschalken.

Met de leiding over leger B had Rommel de verantwoordelijkheid over het belangrijkste deel van de invasiekust. In het begin van 1944 begon Rommel zijn plannen uit te werken. Hij liet slimme dingen aanleggen, zoals mijnen die afgingen wanneer schepen tegen een draad aanvoeren. Andere onderwater opstakels waren gekartelde stalen liggers, splinterbommen, mijngranaten, notekrakermijnen en draketanden. Hitler vond dat de troepen nooit gebrek aan voorraden moesten krijgen, en daarom werden grote voorraadbunkers aangelegd. De bunkers waren ingewikkelde ruimten met alles erop en eraan. Centraal stond de batterij, maar veel bunkers hadden ook nog allemaal voorzieningen voor de soldaten. Een belangrijk deel van de bunkers was ook de camouflage. Ze werden aangepast aan het uiterlijk van de plaatselijke gebouwen en betonnen wanden werden als rotsformaties geschilderd.

Von Rundsted geloofde in een mobiele tankreserve, die zouden oprukken tegen de vijand waar die ook zou landen. Rommel was het hier niet mee eens, in tegenstelling tot zijn ervaringen in de woestijn in Afrika. Alleen hij besefte met zijn tactische kennis dat een mobiele tankeenheid onmogelijk was. Die zou dan immobiel zou worden gemaakt door de geallieerde luchtmacht, omdat die superieur waren in de lucht. Daardoor zouden de tanks zich niet meer snel genoeg kunnen verplaatsen en zouden de geallieerden een bruggenhoofd kunnen bouwen. Rommel geloofde meer in het plan om de tanks verspreid over de linie neer te zetten, zodat ze de landing van de geallieerden op de stranden konden tegenhouden. Rommel en Von Rundsted werden het nooit met elkaar eens. Van Rundsted bleef voor de mobiele tankdivisies, terwijl Rommel de verdedigingswerken ging inspecteren en zijn mannen oppepte. Achteraf weet men dat Rommels plan tactischer was dan die van Von Rundsted.

In de periode dat Von Rundsted de leiding over de Atlantikwall had, leed het Duitse leger grote verliezen, waardoor Hitler troepen bij Von Rundsted weg moest halen, totdat die erg verzwakt waren. Maar Von Runsted hield nog wel een erg sterk leger over.

Hoe lag de de Atlantikwall erbij op D-Day?

Bij deze deelvraag ga ik bespreken hoe de stranden die door de geallieerden aangevallen zouden worden erbij lagen toen de schepen van de geallieerden aan land gingen.

Omaha Beach

Omaha Beach was een strand van ongeveer 10 kilometer lang en 30 kilometer breed, en was het grootse strand dat tijdens D-Day ingenomen zou worden. De stranden lagen tussen Vire en Port en Bessin. De Amerikanen dachten dat dit het makkelijkste strand was dat ingenomen zou moeten worden, maar in tegenstelling tot wat ze dachten was dit het strengbewaakste strand.

Het strand had maar 5 uitvalswegen, omdat er steile 30 meter hoge rotswanden aan het eind van het strand lagen. Deze werden verdedigd w door verdedigingswerken die beschermd van de zee lagen, omdat de stranden werden overschaduwd door deze steile rotswanden. Omdat de verdedigingswerken niet beschadigd waren door de bommenwerpers en niet goed geraakt waren door het marine-bombardement, waren ze nog vrijwel intact. De verdedigingswerken op Omaha Beach bestonden uit acht grote kannonen in betonnen bunkers, 35 anti-tankkannonen in kleine bunkers, en vijfentachtig machinegeweren, die bemand werden door 352ste Infanteriedivisie. Op het strand waren drie rijen obstakels, die onder het hoogwaterpeil opgesteld stonden. De uitgangen van het strand waren en het kiezelstrand waren voorzien van mijnen en prikkeldraad. Op anderhalve kilometer afstand van het strand lagen versterkingen in de dorpen Coleville sur Mer, St. Laurent sur Mer en Vierville sur Mer. Daaracher lag weer de overstroomde vallei van de rivier de Aure.

Utah Beach

De Utah-stranden lagen aan de oostkust van het schiereiland Contentin. Het was een ideaal landingsterrein, omdat het strand breed was en de duinen laag waren. Het enige nadeel was dat er een ondoordringbaar stuk moeras lag. Maar daardoor waren ze veel slechter bewaakt omdat de Duitsers in de buurt van de drassige terreinen rondom Utah geen invasie verwachtten. Het land achter de zandduinen van Utah lag in tegenstelling tot Omaha maar een meter boven de zeespiegel en daardoor waren de verdedigingswerken die er wel stonden gemakkelijk te bombarderen door de bommenwerpers van de geallieerden. Utah Beach werd verdedigd door de 709de divisie.

Pointe du Hoc

Pointe du Hoc was een groot stuk land dat uitstak in het kanaal. Dit stuk lag 5 kilometer ten westen van Omaha Beach en 10 kilometer ten oosten van Utah Beach. Pointe du Hoc was een 30 meter hoge wand. He was een doelwit van de geallieerden, omdat ze dachten dat er kanonnen bovenop stonden. Alleen die kanonnen stonden gecamoufleerd 100 meter verderop landinwaarts.

Gold Beach

Gold Beach was acht kilometer lang en lag 24 kilometer ten oosten van Omaha. Het strand bestond ten oosten van Arromanches uit een hellend strand met duinen en ten westen van Arromanches werd het strand beschermt door rotsen. Langs de rotsen verdedigden de Duitsers van de 352e divisie het gebied en langs het strand werd het gebied verdedigd door de 716e divisie. Het strand werd redelijk streng bewaakt door mitrailleurvuur, bunkers en kanonnen. Ook lagen er veel strandobstakels en mijnen. Achter Gold Beach lag Le Hamel, een zwaar versterkt dorp.

Juno Beach

Juno Beach was ongeveer tien kilometer lang en het was het minst streng bewaakte strand van de invasie. Dat kwam omdat Juno Beach eigenlijk geen strand was. Het strand was rotsachtig en de rotsen liepen door in de zee. De Duitsers hadden wel mijnen in zee gelegd om de geallieerden te stoppen. Bij Juno Beach lagen de bewaakte dorpen Courselles en Bernieres. De laatste was heel moeilijk in te nemen omdat achter een hoge zeedijk veel tot fort omgebouwde huizen lagen. Achter Juno Beach lag een van de zwaarst bewaakte dorpen van Normandie: Caen.

Sword Beach

Sword Beach was acht kilometer lang en had een kuststrook van maar anderhalve kilometer. Het lag vijf kilometer ten oosten van Juno en was een dichtbevolkt gebied. Het strand werd zwaar bewaakt door een groot aantal kanonnen. Ook lag er op het strand prikkeldraad, dat als het in beweging kwam mijnen af liet gaan. Sword Beach was door al deze factoren moeilijk in te nemen. Ook een goede verdediging was dat de Duitse reservetanks eerst bij Sword Beach en het daarachter liggende dorp Caen konden komen.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.