ADVERTENTIE
Zie jij op tegen het lezen van al die boeken voor je leeslijst?

Probeer dan eens een luisterboek! Wij geven je acht tips van boeken die op je leeslijst staan en die je kunt terugvinden op Storytel. Check het blog en probeer Storytel nu 30 dagen gratis! 


Check het blog!

Anne’s familie



In 1942 werd Anne Frank 13 jaar.

Ze had een eigen mening. Ze wilde zich zelf zijn, dan was ze tevreden.

Ze was innerlijk sterk en had veel moed.



Margot Frank



Margot is Anne’s zus. Ze was 16 jaar & was erg lief.

Anne zou haar graag willen vertrouwen,

maar ze nam alles veel te ernstig.



Edith Frank



Edith was 42 jaar.

Anne kon niet goed met haar moeder opschieten,

haar moeder begreep haar niet.



Otto Frank



Otto was 53 jaar.






Anne dol was op haar vader,

ze kon met hem goed opschieten.

Hij was haar grote voorbeeld.



De ellende begon



Oktober 1940 lieten de nazi’s de joden niet meer met rust.Ze mochten ook geen bedrijven meer hebben.

In 1941 moesten alle joden zich in Nederland laten registreren,

zo wisten ze waar ze woonden.

Na de zomer 1941 moesten Margot & Anne Frank

naar een joods lyceum.Joodse kinderen mochten niet meer met

niet-joodse kinderen bij elkaar in de klas zitten.

1942 werden joden gedwongen om een gele ster met

het woord joods te dragen.












Op 12 juni 1942 viert Anne haar 13e verjaardag, op die dag krijgt ze van haar ouders een cadeau, dat ze altijd al wilden hebben:

Een Dagboek.



De joden wetten



In haar dagboek maakt Anne een lijstje van alle dingen die zij niet meer mocht. Joden moeten een jodenster dragen, joden moeten hun fietsen afgeven, joden mogen niet in de tram, joden mogen niet in een auto, ook niet in een particuliere, joden mogen alleen van 15.00 - 17.00 uur boodschappen doen, joden mogen alleen maar naar een joodse kapper, joden mogen vanaf 20.00 uur 's avonds tot 6.00 uur 's ochtends niet op straat, joden mogen zich niet in schouwburgen,



bioscopen en andere voor vermaak dienende plaatsen ophouden,joden mogen niet naar een zwembad, evenmin naar tennis, hockey of andere sportplaatsen,joden mogen niet roeien,joden mogen in het openbaar generlei sport doen,joden mogen na acht uur 's avonds niet meer in hun tuin zitten, evenmin bij hun kennissen, joden mogen niet bij christenen thuis komen,joden moeten naar joodse scholen gaan en nog veel meer.



De oproep

Om 15:00 uur werd er aan gebeld bij haar thuis.Het was de postbode met een aangetekende kaart voor Margot. Zij moet zich melden om in Duitsland in een werkkamp voor de nazi’s te gaan werken. De oproep kwam totaal niet onverwachts. Otto en Edith waren voorbereid.



Zij hadden een geheime schuilplaats al klaar gemaakt en waren al van plan om op 16 juli onder te duiken. Door de oproep werd dit een week vroeger.



De schuilplaats



De schuilplaats ligt in een leegstaand gedeelte van Otto’s bedrijf aan de Prinsengracht 263.Ze hebben ook rekening gehouden met Hermann en Auguste van Pels en hun zoon Peter.Zij zullen daar ook onderduiken. Het bedrijf in het voorhuis zal gewoon open blijven, terwijl de onderduikers in het achterhuis zich verborgen hielden.



Anne’s kamer



Vanaf maandagochtend 6 juli 1942 zat de familie Frank ondergedoken. De familie Van Pels kwam een week later. In november 1942 zal er nog een achtste onderduiker bij komen: Fritz Pfeffer. Acht mensen dicht op elkaar in een benauwd achterhuis... De spanning is ondragelijk: elke dag waren de onderduikers bang voor ontdekking.



De onderduikers



Hermann van Pels

Hermann van Pels werkte vanaf 1938 in het bedrijf van Otto.Grote forse man en was een heel gezellig iemand, die zich goed wist aan te passen.Anne omschrijft hem in haar dagboek een paar keer. Zo schreef zij op 9 augustus 1943 in haar dagboek: Hij had de goeie mening hij wist het meest van alles. Nou goed, hij had een knappe kop, maar hij was heel erg verwaand.



Auguste van Pels

Zijn vrouw Auguste was een vlot en wat charmant persoon.Anne schreef in haar dagboek overduidelijk: zij was de schuldige van alle discussies. Stoken dat is leuk werk. Stoken tegen Edith en Anne. Tegen Margot en Otto gaat dat niet zo gemakkelijk. Vlijtig, vrolijk, charmant soms een leuk snuitje.



Peter Van Pels

Miep Gies vond Peter was een knappe gedrongen jongen met dik donker haar, dromerige ogen en een zacht karakter. Tijdens de onderduik had ze bijna geen contact met hem: Nooit een gesprek mee gehad, alleen een keer, toen hij vroeg of ik bloemen voor Anne wilde verzorgen.Anne is in het begin helemaal niet tevreden met Peter.Een tamelijk saaie en verlegen slungel van nog geen zestien jaar, van wie gezelschap niet veel te verwachten was. Maar ander halfjaar later was zij verliefd geworden op Peter en kreeg zij van hem haar eerste zoen.



Fritz Pfeffer

Op 16 november 1942 dook Fritz Pfeffer onder in het achterhuis. Hij was een joodse kennis van de familie Frank en werkte als tandarts in Amsterdam. Miep Gies was een van zijn patiënten. Op een dag vroeg hij haar of zij geen schuilplaats voor hem wist. Miep legde deze vraag voor aan Otto. Na overleg met de andere onderduikers besloot hij dat er nog een achtste onderduiker bij kon.



Het achterhuis



De schuilplaats aan de Prinsengracht 263 was best groot. Er was ruimte voor 2 gezinnen.De meeste onderduikplekken zijn kleine ruimtes in muffe kelders of op stoffige zolders. Alleen onderduikers op het platteland kwamen naar buiten,als de kust veilig was.



Hulp



Kort daarna bespraken zij het plan met hun medewerkers Victor Kugler en Johannes Kleiman. Samen richten zij de schuilplaats in. Otto vroeg aan Miep Gies en Bep Voskuijl later om hun hulp. Zijn vier medewerkers waren bereid om te helpen, hoewel zij wisten dat hun leven daardoor gevaar liep.



De onderduiking



Vanaf 6 juli 1942 zit de familie Frank ondergedoken in het achterhuis. De schuilplaats was op dat moment nog niet helemaal klaar. Overal stonden nog spullen in dozen. De onderduikers maakten meteen gordijnen, want de buren mochten natuurlijk niks zien. Daarna begonnen ze met het uitpakken en inruimen van hun spullen.



De familie Van Pels kwam een week later in het achterhuis. Anne vond dat prettig, want er waren dan meer mensen om mee te praten. In november 1942 komt er nog een achtste onderduiker bij, Fritz Pfeffer, een kennis van de familie Frank. Deze acht mensen deelde de kamers van het achterhuis. Op de eerste verdieping waren 2 kamers, de ene voor Otto, Edith en Margot, de andere voor Anne en Fritz. Daar was ook de wasruimte en een toilet.



De familie Van Pels woonde op de tweede etage. De slaapkamer van de familie Van Pels was overdag een woon en eetkamer.



Daarnaast sliep Peter.Heel klein, heel donker, heel vochtig.Via Peters kamer konden de onderduikers op de zolder, waar de voedselvoorraad stond. Anne en Peter konden er vaak ongestoord praten.



In het achterhuis



Overdag moesten de onderduikers erg voorzichtig en stil zijn. De helpers in het kantoor mochten niks laten merken.

Als ze ruzie hadden mochten ze niet gaan schreeuwen,

anders hoorden het personeel dat.Als het personeel weg was kwamen de helpers op bezoek voor een hapje te komen eten.



De onderduikers wisten in juli 1942 nog niet dat zij meer dan twee jaar in de schuilplaats door moesten brengen. Al die tijd zouden zij niet naar buiten gaan en zouden zij het donkere, vochtige achterhuis moeten delen, en hopen dat ze niet ontdekt werden.



Victor Kugler nam kranten en tijdschriften mee voor de onderduikers. Speciaal voor Anne zorgde hij elke week voor een nummer van het tijdschrift Cinema & Theater. In haar dagboek schreef Anne daarover: Mijnheer Kugler maakt me elke maandag blij als hij de Cinema & Theater meebrengt.





Johannes Kleiman nam ook boeken mee en kwam soms in het weekend langs met zijn vrouw. In haar dagboek schreef Anne over Johannes Kleiman: Als mijnheer Kleiman binnen komt, gaat de zon op, zei moeder zo pas en daarmee had ze groot gelijk.Ook andere helpers bezochten de onderduikers op hun vrije dagen.



De dan van de arrestatie



Het was 4 augustus 1944. Op het hoofdkwartier van de Sicherheitsdienst (SD) in Amsterdam kwam 's morgens een telefonische tip binnen. De SD-er Julius Dettman die het telefoontje kreeg gaf de dienstdoende SS-Oberscharführer Karl Silberbauer opdracht om naar de Prinsengracht te gaan. Hij kreeg vier Nederlandse nazi's mee om hem te helpen. Silberbauer en enkele van zijn helpers gingen het bedrijfsgedeelte binnen op de begaande grond en spraken de magazijnbediende Willem van Maaren aan.Die wees zwijgend naar boven.

Het kantoorpersoneel was op de eerste verdieping aan het werk als opeens de deur openging. Miep vertelde later: Er kwam een kleine man binnen met een revolver in de hand, op mij gericht en die zei tegen mij: Zitten blijven en niet verroeren. Victor Kugler, die in het aangrenzende kantoor zat hoorde veel lawaai en ging kijken wat er aan de hand was. Victor Kugler: Ik zag vier politieagenten.Een van de politieagenten richtte zijn pistool op hem en beveelt hem voor te gaan. Ze lopen naar de draaikast en maakte die open. Met getrokken pistolen gaan de politiemannen het achterhuis binnen.De onderduikers waren volledig verrast. Al meer dan twee jaar leven ze met de voortdurende angst voor ontdekking. Nu was het zover. Otto vertelt na de oorlog: Het was ongeveer half elf. Ik was boven bij de Van Pelsen op Peters kamer en hielp hem met het schoolwerk. Plotseling kwam iemand de trap oprennen en toen ging de deur open en een man stond vlak voor ons met een pistool in zijn hand. Beneden waren ze allemaal verzameld. Mijn vrouw, de kinderen en de Van Pelsen stonden met hun handen ophoog. Vervolgens werd ook Fritz de kamer binnen gebracht.



Waardevolle spullen



De onderduikers moesten al hun waardevolle spullen inleveren. Silberbauer pakt Annes aktentas waar haar dagboekpapieren inzat en schudt die leeg om daar die spullen in te stoppen. Annes dagboekpapieren vallen op de houten vloer. Otto: Toen zei hij: klaarmaken. Over vijf minuten staat iedereen weer hier. Miep Gies vertelde: Ik hoorde hen de trap afgaan, heel langzaam. Samen met de beide mannelijke helpers, Victor Kugler en Johannes Kleiman, die ook gearresteerd waren, werden de onderduikers met de overvalwagen weg gebracht.



De acht onderduikers werden naar de SD-gevangenis aan de Euterpestraat gebracht. Samen met andere gearresteerden werden zij in een grote ruimte opgesloten. Daarna werden zij één voor een verhoord. De agenten probeerde erachter te komen of de helper en onderduikers nog andere adressen wisten, waar onderduikers zaten. Johannes en Victor zwegen. Otto antwoord op die vraag, dat zij door de 25 maanden in het achterhuis elk contact met vrienden en kennissen verloren hadden en dus niets wisten. Daarna werden de onderduikers en helpers gescheiden. Johannes en Victor werden naar de Strafgevangenis aan de Amstelveenseweg gebracht, de acht onderduikers naar het Huis van Bewaring aan de Weteringschans in Amsterdam.



Op het kamp



De mannen en vrouwen kregen een nummer in hun arm getatoeëerd, werden kaalgeschoren en kregen kampkleding. Ze mochten hun eigen kleren niet houden. De mannen belandden in het ene deel van het kamp, de vrouwen in het andere deel. Otto, Fritz, Hermann en Peter bleven bij elkaar. De gevangenen moesten zwaar werk doen, zij moesten sloten graven. Peter had geluk, hij krijgt een baantje in het postkantoor van het kamp. Bewakers en niet-joden mochten wel post ontvangen.

Zo kon Peter soms wat extra eten regelen.

Bijna elke dag een selectie

Elke dag waren er selecties: gevangenen die te ziek of te zwak zijn om te werken, werden direct naar de gaskamer gestuurd. Een paar weken na hun aankomst was Hermann niet in staat om te werken. Hij werd naar de gaskamer gestuurd. Otto en Peter waren getuige van dat moment.

Na de selectie bleven Edith, Margot en Anne bij elkaar in een schuur. Auguste kwam waarschijnlijk in een ander gedeelte van het kamp . Overdag moesten de gevangenen werken. Soms moesten zij ook uren in weer en wind buiten staan, zodat ze geteld werden.

In oktober 1944 werd Fritz naar Neuengamme gebracht.In Neuengamme sterven duizenden gevangenen door zwaar werk, weinig voedsel en slechte hygiënische omstandigheden. Fritz stierf op 20 december 1944 in de ziekenbarak. Hij is dan 55 jaar oud.



In de winter van 1944 kwam het Russische leger steeds dichterbij. De nazi’s wilden zoveel mogelijk gevangenen die nog konden werken naar Duitsland terugbrengen. Ze beoordelen alle vrouwelijke gevangenen. Edith mocht niet mee.Toen waren Margot en Anne aan de beurt. Rosa de Winter-Levy was getuige: Toe waren de beide meisjes aan de beurt. En daar stonden zij een ogenblik, naakt en kaal. Anne keek recht naar ons met haar onschuldig gezicht en toen verdwenen zij. Wat er achter de schijnwerper gebeurde konden wij niet meer zien. Edith riep uit: De kinderen! O God. Margot en Anne werden in een overvolle trein naar het concentratiekamp Bergen-Belsen gebracht. Edith bleef achter in Auschwitz. Zij werd ziek en stierf op 6 januari 1945.



Na een verschrikkelijke treinreis van drie dagen kwamen Margot en Anne aan in Bergen-Belsen. Steeds meer gevangenen waren vanuit andere concentratiekampen naar Bergen-Belsen gebracht. Het kamp was overvol als de gevangenen aankwamen. Ze werden in tenten ondergebracht. Als er een paar dagen later een flinke storm was, waaien alle tenten kapot. De gevangenen kwamen daarna in een van de overvolle barakken terecht.



Eind november 1944 kwam weer een trein met gevangenen uit Auschwitz in Bergen-Belsen aan. Onder deze gevangenen was Auguste. Zo ziet zij Margot en Anne weer terug. Maar na een paar maanden moest zij weer weg uit Bergen-Belsen. Auguste werd naar Raguhn gebracht, onderdeel van het concentratiekamp Buchenwald. Van Raguhn was zij naar Theresienstadt gebracht. Auguste van Pels stierf ergens in Duitsland, tussen 9 april en 8 mei 1945.

In de winter van 1944-1945 verslechteren de omstandigheden in Bergen-Belsen nog meer. Er was weinig voedsel en de hygiënische omstandigheden werden veel te slecht. Veel gevangenen werden ziek. Margot en Anne kregen tyfus. Enkele weken voor de bevrijding van het kamp stierven zij. Janny Brilleslijper waas getuige: Eerst was Margot uit het bed gevallen op de stenen vloer, ze was niet meer in staat om overeind te komen. Anne stierf een dag later.



Peter moest kort daarvoor Auschwitz verlaten. Alle gevangenen die nog konden lopen moesten mee. Na een barre tocht belandde hij in het kamp Mauthausen in Oostenrijk. Daar moest hij zwaar werk doen in een steengroeve. Uitgeput en ziek stierf Peter op 5 mei 1945.

Gered en gezond

In de weken naar de bevrijding herstelde Otto langzaam van zijn schaden.17 februari 1945 noteerde hij in een klein zakboekje: Eerste wandeling buiten. Een paar dagen later schreef hij in een eerste brief aan zijn moeder in Zwitserland: Ik hoop je te bereiken met deze regels die jou en al onze dierbaren het bericht brengen dat ik gered ben door de Russen, gezond ben en vol goede moed en in elk opzicht goed verzorgd. Waar Edith en de kinderen zich bevinden, weet ik niet, we zijn sinds 5 september.44 gescheiden. Ik hoorde alleen dat ze naar Duitsland verplaats waren.



Terug in Amterdam



Op dat moment werd er in grote delen van Europa nog gevochten. Pas op 31 maart 1945 konden Otto en andere gevangenen aan hun terugreis naar Nederland beginnen. Een lange terugreis via Odessa, per schip naar Marseille en het laatste stuk per trein en auto. Tijdens die terugreis hoorde Otto dat zijn vrouw in Auschwitz gestorven was. Op 3 juni 1945 kwam Otto aan in Amsterdam. Hij ging meteen naar Miep en Jan Gies. Zij waren dolblij hem weer te zien. Van hen hoorde hij dat alle helpers de oorlog hebben overleefd. Over Anne en Margot hebben zij geen nieuws gevonden.



Wie verraadde de onderduikers?



Niemand wist wie de onderduikers had verraadde. Het bleef nog steeds een mysterie!



Wie had ’s morgens vroeg naar de politie gebeld en gezegd dat er nog joden in de prinsjesgracht zaten? Otto wilde het niet weten wie het had gedaan.


REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

I.

I.

hallo,
ik vind deze pagina heel erg goed.
er zit geen een fout in,
teminste niet in wat ik nodig heb.
Mijn complimenten

groetjes

13 jaar geleden

F.

F.

U schreeft : "Na de selectie bleven Edith, Margot en Anne bij elkaar in een schuur."
In een schuur ? Waar hebt U dat gezien, aUb ? Dank U wel.

16 jaar geleden

M.

M.

mooi erk stuk hoors :D:D:D:D

16 jaar geleden

M.

M.

Hooooooooi,
mooi werkstuk... szielig hea..
ciao ciao

16 jaar geleden