ADVERTENTIE
Maak nu een gratis account aan op Mijn Examenbundel!

Nog 17 weken tot de eindexamens beginnen. Wil jij je zo goed mogelijk voorbereiden? Check Mijn Examenbundel voor een gepersonaliseerd dashboard en rooster, examenstof per vak, gratis oefenexamens en meer!

Naar mijn.examenbundel.nl
Mensen met een mentale handicap en seksualiteit
Inleiding
In dit werk gaan we het voornamelijk hebben over ‘seksualiteit bij mensen met een mentale handicap’. Hierbij is het de bedoeling dat we de taboe rond dit thema doorbreken en deze ethische kwestie verder uitdiepen.
Sommigen onder ons, met name Hanne en Katrijn, hebben al enige ervaring met mensen met beperkingen. Door anekdotes en algemeen aangenomen waarheden zoals: ‘De liefde die je aan mensen met een handicap geeft, krijg je in het tweevoud terug.’ en ‘Ze geven je echt het gevoel dat je iets waard bent, omdat je voor hen van alles betekent.’ waren we allemaal snel overtuigd om dit onderwerp te kiezen.
Onze eigen ervaringen of kennis beperken zich tot het menselijke aspect van personen met een handicap en niet het functioneren van deze mensen in onze samenleving vol wetten en plichten. In dit werkje bespreken we enkel het aspect ‘seksualiteit’.

We trachten een antwoord op de volgende vragen, gezien vanuit verschillende standpunten te vinden:
- ‘Kan en mag sterilisatie?’
- ‘Is het verantwoord dat je deze mensen in contact brengt met seksassistenten of
prostituees?’
- ‘Mogen gehandicapten als koppel in een instelling samen slapen?’
- …
Uitdieping van de ethische kwestie
In de volgende pagina’s zullen we de ethische kwestie over mensen met een mentale handicap en seksualiteit wat verder uitdiepen. Mensen met een mentale handicap en seksualiteit klinkt voor de meesten nogal absurd. ‘ Hoe kan iemand die niets snapt, nu verstand van liefde hebben, laat staan van seks!’ Dat was een veelvoorkomende zin op de verschillende sites in onze zoektocht naar informatie over deze kwestie.
Het zou ook geen ethische kwestie zijn als je voor beide kanten geen begrip kunt opbrengen.

Aan de ene kant heb je de redenen die aantonen dat gehandicapten ook recht op seks hebben. Deze zijn:
- ieder mens heeft recht op liefhebben
- mensen met een handicap zijn ook mensen en worden dus ook verliefd
- ieder mens heeft recht en nood aan seksualiteit
Aan de andere kant heb je dan ook de redenen van mensen die tegen seksualiteit voor gehandicapten zijn.
Deze zijn:
- zwangerschap mogelijk. (Kan ouderschap? Is de opvoeding haalbaar?)
- er kan een overdracht van ziektes en erfelijkheid plaatsvinden
- ouders willen hun kind beschermen (xenofobie van de ouders)
Deze laatst genoemde is dikwijls de reden waarom dat liefde bij mensen met een handicap als niet echt of onmogelijk wordt gezien. De ouders laten het niet toe, net zoals in het boek ‘ Eens kind altijd kind’ (zie bijlage 1). Daar mogen Roza & Wout niet meer met elkaar omgaan nadat ze seks hebben gehad. In het boek hoorde het meisje met de mentale handicap pas over seksualiteit toen haar moeder op reis was en haar zus Wies het haar persoonlijk toevertrouwde. Sommige ouders hebben het liefst dat hun kind zo weinig mogelijk over seksualiteit weet. Als ze onwetend zijn, dan worden ze zo van eventuele problemen bespaard.
Een mogelijke oplossing om problemen te voorkomen is sterilisatie. Door middel van sterlilisatie kan men geen onverwachte zwangerschappen meer hebben en kunnen erfelijke ziektes dus zo niet doorgegeven worden. Wanneer beide ouders van een kind een mentale handicap hebben, dan bestaat de kans dat het kind geen goede opvoeding kan krijgen en dat de grootouders bijna volledig voor de opvoeding van het kind moeten opdraaien. Daarom staan de ouders van de persoon met een handicap niet te springen dat zoon of dochter een relatie heeft, met een kind als mogelijk gevolg. Zelfs als het kind van de ouders met een handicap in een pleeggezin wordt opgenomen, wordt dat niet onmiddellijk als de ideale oplossing gezien, want het is pijnlijk om je te kind te moeten afstaan wegens om het even welke reden.
Natuurlijk heb je ook hier terug een ethische kwestie. Mag de persoon zelf beslissen voor sterilisatie of is hij hiertoe niet in staat? Vanaf welke graad kan hij hier wel voor beslissen?
Men vertrekt vanuit het standpunt dat de persoon met een handicap de norm is. Hiermee wil men zeggen dat zijn of haar mening of beslissing gerespecteerd moet worden. Het zijn ook mensen en ze hebben ook recht op een eigen mening. Daarentegen kan het gerecht een persoon met een handicap verlengd minderjarig verklaren. Dat komt erop neer dat deze persoon geen of weinig beslissingsrecht heeft. In dit geval kunnen ouders zonder toestemming van de persoon in kwestie sterilisatie toelaten.
Niet alleen op vlak van sterilisatie wordt de persoon met handicap als norm gezien. Steeds opnieuw moet de begeleider zijn waarden en normen opzij zetten om de waarden van de persoon met een handicap centraal te zetten. Wat daarom wel niet wil zeggen dat deze persoon steeds gelijk krijgt! Op seksueel vlak zijn deze waarden vaak cultureel- en tijdsbepaald. Zo zie je in het boek ‘Seksualiteit en relatievorming van mensen met een verstandelijke handicap’ (zie bijlage 2) een voorbeeld waarbij Marian, de begeleider, de waarden, die zij meekreeg van thuis, opzij zette, zodat de mensen voor wie ze zorgde daar niet onder zouden lijden.
Want het is toch onaanvaardbaar dat een persoon met een handicap het recht om zich seksueel te kunnen ontplooien zou verliezen, omdat het een taboe is daarover te praten volgens de waarden van de opvoeder.
De belangrijkste waarden en normen die in conflict staan, zijn enerzijds de schaamte en angst van de omgeving en anderzijds de openheid van de persoon met de handicap. Hierbij bedoelen wij dat de persoon met de handicap dikwijls veel opener zijn gevoelens toont en probeert te verwoorden door bijvoorbeeld in het openbaar te masturberen,… Daarentegen hebben we onze waarden en normen die zeggen dat meeste seksuele activiteiten in privacy moeten gebeuren, bijvoorbeeld masturberen op eigen kamer of onder de douche. Op deze punten in verband met privacy geven wij onze waarden over op de mensen met de handicap. Maar op vlak van openheid, van gevoelens verwoorden of spreken over seksualiteit, moeten wij onze eigen waarden zoals schaamte en angst opzij zetten om de mensen met een handicap verder te helpen. Want stel je voor: Een persoon met een handicap komt je vertellen dat hij het met zijn vriendin ‘op zijn hondjes’ doet. Eigenlijk vinden ze dit niet zo fijn, maar ze zijn zich gewoon van niets anders bewust. Dan heb je twee mogelijkheden: je leert ze dat het ook op andere manieren kan door middel van videomateriaal of je durft er niet op reageren en zo zullen zij nooit van beter weten. In dit laatste geval zorg jij er dus voor dat deze personen nooit beter weten en er dus eigenlijk niet echt plezier aan beleven.
Zo is dit ook bij voorlichting. Wanneer mensen met een mentale handicap er nood aan hebben, en dit merk je wel (zie bijlage 3), moet er concrete voorlichting gegeven kunnen worden. Hierbij moet de begeleider terug alle schaamte opzijzetten, want als het niet concreet genoeg uitgelegd wordt, kunnen de gevolgen niet in te schatten zijn. Zoals bijvoorbeeld zwangerschap door verkeerde interpretatie van de voorlichting (condoom op borstelstok zetten, omdat het zo voorgetoond werd ).
Een korte conclusie is dat je de persoon met handicap op de eerste plaats als mens zelf en als norm moet zien. Je moet dikwijls je eigen waarden opzij zetten om het beste voor de persoon te beslissen.
Wanneer er seksuele voorlichting aan te pas moet komen, moet dit aan het niveau aangepast worden en dus duidelijk en concreet gebeuren, dus best aan de hand van videomateriaal.
Achterliggende visies
Neutrale en wetenschappelijke visie
Aan de ethische kwestie betreffende seksualiteit bij personen met een verstandelijke handicap zijn verschillende problemen gebonden. Velen denken dat mensen met een handicap geen behoefte hebben aan seks, omdat zij zich verstandelijk toch nog dikwijls in de peuterfase bevinden. Dit is echter niet waar, want mensen met beperkingen zijn ook mensen met hun eigen gevoelens en behoeftes.
Vaak ontstaan de problemen uit angst van de ouders en de omgeving. De persoon met een handicap ontdekt heel dikwijls niks over seksualiteit omdat de omgeving dit liever verborgen houdt. Seksuele onderwerpen zijn heel vaak nog verzwegen onderwerp. Personen met een handicap zitten ermee en weten niet hoe seksualiteit precies in elkaar zit. Voor hen is seksualiteit vaak iets zeer onduidelijks (zie bijlage 4). De angst waardoor de omgeving het verzwijgt, is er omdat seksualiteit kan leiden tot zwangerschap. Wetenschappelijk gezien (zie bijlage 5) zijn mensen met een mentale handicap niet in staat kinderen op te voeden. Prof. Joke Denekens (Universiteit Antwerpen) vertelt concreet wanneer het kan en wanneer niet.
Mensen met een mentale handicap met een IQ van minder van 50 zijn zeker niet in staat kinderen op te voeden en is dan ook sterk af te raden. Wanneer de personen in kwestie een IQ hebben van hoger dan 70, kan het eventueel wel, maar er zijn enkele risico’s aan verbonden voor het kind.
Ten eerste wordt het voor het kind moeilijker om een identiteit op te bouwen en gaat het kind zich veel vragen stellen zoals:“ Papa is anders dan Lies’ papa. Is dat wel normaal?”, “Ben ik wel normaal?”.
Ook zal het kind qua emoties vrij labiel zijn, omdat het de ouders als rolmodellen zal zien. Als de ouders van het ene moment op het andere omslaan van euforie in verbittering, wordt het voor het kind moeilijk om de stabiliteit te bewaren.
Wanneer ouders met een mentale handicap in een bepaalde situatie terechtkomen worden ze snel kwaad of blijven ze extreem rustig. Als ze snel kwaad zijn loopt het kind het gevaar gekwetst te worden, bij extreme kalmte denkt het kind alles te mogen.
Op vlak van spreekvaardigheid hebben deze mensen ook een bepaalde achterstand. Wanneer het kind moet leren spreken, gaan ze dit vooral van de ouders imiteren, wat dus opnieuw voor problemen kan zorgen.
Ook de erfelijkheidsfactor speelt een rol bij het al dan niet krijgen van kinderen. Men moet in gedachten houden dat het kind hetzelfde gen kan overkrijgen.
Volgens Denekens stijgen de risico’s naarmate het aantal kinderen toeneemt. Het ligt moeilijker om twee kinderen op te voeden dan maar één.
Christelijke visie (zie bijlage 6)
Bij conservatieve Christenen geldt nog altijd het principe “ Geen seks voor het huwelijk”. Dit wordt vanuit het Pauselijk verbod bepaald. Ook het gebruik van anticonceptiva is verboden. Daaruit volgt (onrechtstreeks) dat ouderschap (na het huwelijk) kan. Bij mensen met een mentale handicap ligt deze kwestie gevoeliger, maar blijven de principes gelden.
“Seksualiteit en een verstandelijke handicap is een blinde vlek in de waarneming van de kerk.”. Dit betekent concreet dat we te maken hebben met onwetendheid en men dus niet goed weet hoe ermee om te gaan. In het Kerkelijk wetboek staat dat het sacrament van het huwelijk alleen tot stand mag komen als bruid en bruidegom volledig in staat zijn de consequenties van de rechten en plichten van het huwelijksverbond te overzien.
Volgens prof. Dr. J. P. Wils, hoogleraar moraaltheologie aan de Katholieke Universiteit Nijmegen (Nederland): “Mijn eigen standpunt wat seksualiteit bij verstandelijk gehandicapten betreft is het volgende: Als men seks tussen verstandelijk gehandicapten niet wil onderdrukken en de soms hevige behoefte aan seks (een grote bron van troost en vreugde, ook bij verstandelijk gehandicapten) bij deze mensen serieus neemt, zal men anticonceptiva moeten accepteren, ja propageren. Dat kan natuurlijk niet zonder instemming van de persoon in kwestie. Maar er zijn veel gevallen waarin een dergelijke ‘rationele’ instemming nauwelijks haalbaar is. Als een instemming niet mogelijk is, de behoefte (en de praktijk) zeer hevig zijn en er geen zinvol alternatief bestaat, is in uitzonderlijke gevallen sterilisatie mogelijk.”
Dus seks kan, volgens prof. Dr. J. P., (met of zonder anticonceptie) bij mensen met een mentale handicap. Wat ouderschap betreft speelt het ethisch gehalte van seks bij verstandelijk gehandicapten een rol. “Omdat vanuit katholiek perspectief seks aan het huwelijk gekoppeld is, mogen verstandelijk gehandicapten zolang ze niet getrouwd zijn in feite geen seks hebben. Wanneer verstandelijk gehandicapten gehuwd zijn, is volgens de Rooms Katholieke – leer – anticonceptie natuurlijk verboden en seks toegestaan. Dan kunnen er mogelijk kinderen komen.” Volgens Wils is een christelijk huwelijk tussen verstandelijk gehandicapten slechts mogelijk als de echtelieden in staat zijn tot verantwoordelijk ouderschap. Maar op langere termijn is ouderschap in de praktijk moeilijk haalbaar want “ Wij kunnen onze ogen niet sluiten voor het lot van de kinderen.”.
Tegenovergestelde visie
Het is een ethische kwestie dus zijn er sowieso voor- en tegenstanders, elk afhankelijk van een eigen visie erop. Zo kan je elk standpunt begrijpen als je je maar inleeft in hun denken. Dit heb je op verschillende vlakken:
- seksualiteit
- prostituees/ seksassistenten
- samen slapen in instellingen
Op vlak van seksualiteit bij mensen met een handicap heb je aan de ene kant de voorstanders. Zij vinden dat je de persoon echt als mens moet bekijken en dus ook hun eigen driften en lusten. Het is niet omdat zij een mentale achterstand hebben dat zij ook een fysische achterstand hebben.
Aan de andere kant heb je de tegenstanders. Zij vinden dat het onverantwoord is dat mensen die zelf begeleiding nodig hebben eventueel een kind zouden verwekken dat ze zelf moeten begeleiden en opvoeden. Volgens hen is dit zeker niet haalbaar, voor zowel de ouders als het kind.
In Denemarken en Nederland is het zo dat de regering mensen met een handicap een geldbijdrage geeft via het ziekenfonds om hun seksbehoefte te bevredigen met een prostitué (zie bijlage 7).
De voorstanders steunen op de volgende punten:
De behoeften van mensen met een handicap moeten ook bevredigd kunnen worden. Je kan niet ontkennen dat deze er zijn. Bij de stichting Alternatieve Relatiebemiddeling is het zo dat hulpverleners, als het ware prostituees, meer geven dan alleen maar seks. De cliënt vindt er ook geborgenheid. Zo krijgen ze ook de mogelijkheid zich uit te drukken, en hebben ze iemand die hun behoefte vervult.
Tegenstanders vinden dan weer dat ook mensen met een handicap gewoon liefde kunnen geven en krijgen met eventuele seks daarbij van eigen partner. Soms is ook de behoefte er niet om seks te hebben. Enerzijds heb je ook het feit dat de regering prostituees betaalt om uit de prostitutie te stappen. Anderzijds betaalt men dan mensen met een handicap om naar een prostitué te gaan. Dit is enorm tegenstrijdig.
Het is ook net of men ervan uitgaat dat ze geen liefde kunnen krijgen, dus geven ze hen maar de seks.
Een anders discussiepunt is het al dan niet samen slapen van een koppel in een instelling.
In de meeste gevallen mag dit niet, of toch niet iedere nacht. Al hebben ze in de Fakkel in Wervik wel kamers met dubbele bedden. (zie bijlage 8)
Voorstanders, zoals dus De Fakkel, vinden dat dit in samenspraak met ouders en personen zelf geregeld kan worden en dat zoals eerder vernoemd het ook mensen zijn, die dus ook recht hebben op een relatie zoals wij. Het is echter ook niet altijd zo dat wanneer een koppel samen slaapt in een instelling, ze seks hebben.
De tegenstanders steunen net op dezelfde punten als de tegenstanders van seksualiteit voor mensen met een mentale handicap.
Zoals Rik Verhaest ook zei in het interview (zie bijlage 9), is de bezorgdheid van de ouders er sowieso. Zelfs bij meisjes van onze leeftijd bijvoorbeeld in internaten, is het ook niet mogelijk een bed te delen met hun vriend. Natuurlijk zijn deze jongeren dan wel jonger. Later kan het voor ons natuurlijk wel. Maar zij beseffen ook veel minder de risico’s en de gevolgen van een eventuele zwangerschap. Ja, er zijn mensen met een handicap die het wel beseffen, maar deze blijven dan ook niet in een instelling, maar gaan op latere tijd dankzij Begeleid Zelfstandig Wonen zelf in een eigen huis wonen. Waar men natuurlijk wel kan en mag samen slapen als koppel!
Zo zie je maar, verschillende discussieonderwerpen, met verschillende visies erop. Maar je moet zelf kiezen welke visie je volgt. Hier kon je gewoon beide kanten zien.
Goedgevoel artikel
Het grootste probleem betreffende seksualiteit bij mensen met een mentale handicap was lange tijd dat men niet geloofde dat ook zij behoefte aan seks hebben. De voorbije tien jaar is dit besef wel gegroeid, maar de invulling ervan varieert van instelling tot instelling. Al zijn er nog velen die ongelovig blijven.
Om dit probleem op te lossen moet je deze ongelovige mensen doen beseffen dat mensen met een mentale handicap ook mensen zijn met hun eigen gevoelens en behoeftes.
Een ander groot probleem voor de mensen met een handicap is dat ze zelf niet weten wat seks inhoudt. Begeleiders, ouders, … informeren hen niet, met als gevolg dat zij onwetend blijven en zelf de vrijheid niet hebben om er meer over te weten. Begeleiders, zelfs de ouders, laten koppels met een mentale handicap zelden een mogelijkheid om eventjes alleen te zijn. ‘Vaak kan seks alleen in de toiletten of moeten bewoners hun relatie noodgedwongen platonisch houden.’ Begeleiders, ouders,… beperken de vrijheid omdat ze bang zijn dat de persoon met een beperking seks zal hebben. Het probleem ligt niet in het feit dat ze seks hebben, maar het heeft meer te maken met de kans dat er kinderen van komen, de angst of ze wel in staat zijn een kind op te voeden. Dikwijls beseffen mensen met een mentale handicap ook niet dat zij daar veelal niet toe in staat zijn.
Wanneer mensen met een handicap de mogelijkheid niet hebben een relatie te beginnen en wel een behoefte hebben aan seks, dan is een oplossing voor hen de Stichting Alternatieve Relatiebemiddeling. Ook de prostitutie is hier een mogelijke oplossing voor dit probleem.
Om het besef te geven aan personen met een handicap dat een kind opvoeden een moeilijke taak is, kan men dit bijvoorbeeld goed aantonen wanneer de persoon in kwestie de gelegenheid krijgt om voor een pasgeboren neefje of nichtje te zorgen. Wanneer ze dan zien dat een kind opvoeden wel een grote taak is, komt vaak ook het besef dat dit voor hen waarschijnlijk niet haalbaar is.
Besluit
Uit dit onderzoek wat mensen met een handicap en seksualiteit betreft, hebben wij vooral geleerd dat deze ethische kwestie afhankelijk is van situatie tot situatie. Er is niet echt een duidelijk antwoord wanneer seksualiteit wel mag bij mensen met een verstandelijke beperking en wanneer dan weer niet. Eveneens bij ouderschap en sterilisatie kan men de kwestie niet beoordelen met een vast antwoord. Mensen met een lichtere mentale handicap zijn beter in staat om een kind op te voeden dan mensen met een zwaardere mentale handicap.

Voor we aan het werk begonnen, hadden we toch een heel andere kijk op seksualiteit bij mensen met een handicap. Zij zien seksualiteit meer als knuffelen, elkaars handje vasthouden, een zoen geven en noem maar op, terwijl wij echter wel meer dachten aan seks hebben met elkaar. Voor hen is dit vaak iets waar zij nog nooit van gehoord hebben.
Naast de angst van de ouders op het gebied van seksualiteit, is er ook nog de angst van de persoon zelf. Ook voor hen is er een grote onbekendheid. Deze treedt vaak op omdat zij onwetend zijn over deze onderwerpen. Ouders, begeleiders, kortom de hele omgeving schaamt zich dikwijls om de persoon in kwestie er meer over te vertellen.
Ons groepswerk verliep redelijk vlot en dat hebben we te danken aan het feit dat de hele groep zeer gemotiveerd was. We vonden het allen een interessant onderwerp en wilden ook wel weten hoe dat nu eigenlijk in elkaar zat. De motivatie werd bij sommigen gestimuleerd door een heel bord snoepjes en een zelfgebakken taart in het midden van de tafel. Bij anderen was de motivatie er al door ervaring met mensen met een handicap. Hoe de motivatie ook gestimuleerd werd, we zijn allen tevreden dat we dit onderwerp hebben besproken en we er nu ook iets meer van af weten.
Seksualiteit of ouderschap bij mensen met een verstandelijke handicap is vaak iets waar velen niet aan denken of dat ze over het hoofd zien, terwijl dit bij sommigen echter wel voor veel problemen kan zorgen en vragen kan oproepen. We zijn tevreden dat we bij dit onderwerp toch eventjes konden stilstaan en hopen dat we in de opdracht van het werk geslaagd zijn.
Gebruikte bronnen:
• roman: Diane Broeckhoven, Eens kind altijd kind, The House of Books, 2004
• Boek: P.Nijs & m. Christiaans Seksualiteit bij gehandicapten: (on)gewoon? Acco, Leuven,1981 p 40
• Boek: Omtrent seks en andere handicaps, mentaal gehandicapten in instellingen, verslagboek,vibeg 1986
• Boek: Seks en Handicap, een gids voor gehandicapten en hun omgeving, VIBEG, 1985
• Videofragment: Telefacts, Mirakelmama’s (6 februari 2006 – VTM)
• Film: I am Sam
• Artikel: Knack, nr. 8, Verstandelijke gehandicapten en seks, 22 februari 2006
• Bijlagen

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.