Hypotheken

Beoordeling 6.3
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • Klas onbekend | 3605 woorden
  • 9 juli 2002
  • 79 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.3
  • 79 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Hoofdstuk 1 : Wat is een hypotheek ?

In theorie is een hypotheek een zekerheidsrecht. U geeft het recht van hypotheek aan de geldverstrekker als u geld leent voor een woning. Het recht van hypotheek geldt als zekerheid voor de terugbetaling van de lening.
In de praktijk bedoelt men met een hypotheek een geldlening waarbij een onroerende zaak, bijvoorbeeld een huis, als onderpand dient. Als u de geldlening niet terugbetaalt, heeft de geldverstrekker het recht de woning te verkopen. Uit de opbrengst daarvan kan de lening (geheel of gedeeltelijk) worden terugbetaald. Voor het afsluiten van een hypotheek is een notariële akte nodig, en een afschrift van deze akte moet worden ingeschreven in de openbare registers (het kadaster). Een bank maakt schriftelijk kenbaar welke leningsvoorwaarden in de hypotheekakte moeten staan.

Een hypotheek bestaat meestal uit drie onderdelen:

1 geldlening
2 aflossing of vermogensopbouw
3 verzekeringsdekkingen

Geldlening
Over het bedrag dat u leent betaalt u rente. De hoogte van de rente hangt onder andere af van de economische situatie in Nederland, de hoogte van de lening, de duur van de rentevaste periode en de hypotheekvorm.

Aflossing of vermogensopbouw
Het bedrag dat u leent moet u ook weer terugbetalen aan de geldverstrekker. Aflossen kan tijdens of aan het eind van de looptijd.
In het laatste geval bouwt u een vermogen op waarmee u de lening in een keer aflost. U kunt vermogen opbouwen door te sparen met een gegarandeerd rendement of door middel van beleggen.
In bepaalde gevallen hoeft u niet tussentijds af te lossen of vermogen op te bouwen. De lening lost u in dat geval ineens af zodra u de woning verkoopt of uit andere eigenmiddelen.


Verzekeringsdekkingen
U kunt allerlei risico’s beperken door een verzekering af te sluiten. U kunt verzekeringen afsluiten die uitkeren bij overlijden, arbeidsongeschiktheid en/of werkloosheid.

Hoofdstuk 2 : Huren of kopen ?

Ga u een woning kopen of huren ? Deze vraag stellen mensen zich vaak. Ze willen graag weten of ze goedkoper uit zijn door een woning te kopen of te huren. Om te kijken wat voordeliger is zijn verschillende manieren. Een zo manier is bv. Het gebruiken van een woontest, aan de hand van de antwoorden die u dan hebt gegeven kan u kijken of het beter is een woning te huren of te kopen. Hieronder een voorbeeld van een woontest.

1. Het kopen van een woning is een manier van vermogensvorming.
A. Dat spreekt mij wel aan.
B. Dat is voor mij niet belangrijk.
C. Dat spreekt mij aan, maar ik weet niet of dat voor mij is weggelegd.
2. Ik vind het belangrijk om invloed te kunnen uitoefenen op de woonlasten.
A. Nee, dat vind ik niet belangrijk.
B. Het zou mooi meegenomen zijn.
C. Ja, dat vind ik belangrijk.
3. Hoe groot is de kans dat u binnen vijf jaar opnieuw moet verhuizen?
A. Klein.
B. Groot.
C. Niet ondenkbaar.
4. Uw huidige huur per maand is?
A. Meer dan 450,-.
B. Tussen de 275,- en 450,-.
C. Minder dan 275,-.
5. Uw jaarlijks bruto gezinsinkomen is...
A. Minder dan 18.000,-.
B. Tussen de 18.000,- en 32.000,-.
C. Meer dan 32.000,-.
6. Ik vind het vervelend om zelf verantwoordelijk te zijn voor onderhoud en reparaties.
A. Mee oneens.
B. Dat maakt me niet zoveel uit.
C. Mee eens

7. Ik vind het belangrijk om mijn woning zo te verbouwen dat het aan mijn wensen voldoet.
A. Mee oneens.
B. Dat maakt me niet zoveel uit.
C. Mee eens.
8. Ik wil volledig vrij zijn om te kiezen waar ik wil wonen.
A. Dat is voor mij heel belangrijk.
B. Dat maakt mij niet uit.
C. Als ik maar een beetje de buurt kan bepalen.
9. Hoe groot is uw jaarlijkse huurstijging?
A. Meer dan 3%.
B. Tussen 2% en 3%.
C. Minder dan 2%.
10. Een eigen huis zie ik als een investering in de toekomst.
A. Dat spreekt me aan.
B. Dat vind ik onbelangrijk.
C. Dat spreekt me aan, maar ik zie niet direct de voordelen.

Wat u ook kunt doen om te kiezen tussen een huur_ of koopwoning is om de voor_ en nadelen naast elkaar te zetten. Dit zijn een paar voorbeelden van voor_ en nadelen tussen een huur_ en koopwoning :
Huurwoning
Voordelen
· U kunt elk moment de huur opzeggen.
· U hoeft onderhoud en reparaties niet zelf te betalen.
Nadelen
· Geen opbouw van een eigen vermogen via de eigen woning.
· De huren gaan jaarlijks omhoog.
· De keuze voor de locatie van het huis is beperkt.
· Elke verbouwing of verbetering die u uitvoert maakt het huis voor de verhuurder meer waard.
· Mogelijk moet u bij verhuizing het huis in oude staat terugbrengen.
Koopwoning

Voordelen
· U kunt voor lange tijd dezelfde vaste maandlasten hebben.
· De hypotheekrente is fiscaal aftrekbaar.
· Eenmaal afgelost is het huis helemaal uw eigendom.
· Uw eigen vermogen groeit.
· Een eigen woning is een waardevaste belegging.
· U heeft meer ruimte om te kiezen waar u gaat wonen.
· Alles wat u aan een huis doet, doet u voor uzelf.
Nadelen
· U moet een opstalverzekering afsluiten.
· Onzekerheid ten aanzien van de rentestand na de rentevaste periode.
· U betaalt meer onroerende zaak belasting en eigenwoningforfait.
· Reparaties en onderhoud moet u zelf regelen en betalen.
Niet alleen deze opgenoemde dingen spelen een grote rol bij het beslissen tussen een huur of koopwoning. Het hangt zeker ook af van de hypotheek die u kunt afsluiten. Misschien heb u een huis op het oog maar kun u er geen hypotheek voor afsluiten. Dan moet u de keuze maken of u een ander huis gaat zoeken of dat u dan misschien toch maar wel voor een huurwoning kiest. Dit zijn allemaal dingen waar u aan moet denken voordat u beslist wat u doet.

Hoofdstuk 3 : Wat voor soorten hypotheken zijn er ?

Dit zijn een aantal hypotheken :
Lineaire hypotheek
De allersimpelste vorm van hypotheek is de lineaire hypotheek. Bij deze vorm leent iemand een bedrag om een huis te financieren en betaalt daarover elke maand een bedrag aan rente, uiteraard afhankelijk van de rentestand. Verder wordt de lening over een van te voren afgesproken aantal gelijke termijnen terugbetaald, zodat elke maand ook nog een vast bedrag wordt afgelost. De maandelijkse last daalt dus, omdat na elke maand de schuld een stuk kleiner is en er telkens minder rente hoeft te worden betaald. De hypotheek heet lineair omdat de hoogte van de schuld een rechte dalende lijn te zien geeft.
Vooral voor jonge starters is deze hypotheekvorm onaantrekkelijk. In het begin van de looptijd moet het meest worden betaald en dat is juist de periode dat veel starters het financieel het zwaarst hebben. Fiscaal is deze hypotheek voor starters ook al niet zo aantrekkelijk, omdat ze minder belastingaftrek kunnen genereren. Hun salarissen zijn immers nog vaak laag en ze vallen dus in lagere belasting - tariefgroepen.
Deze hypotheekvorm is eigenlijk een beet uit de tijd en wordt vooral gebruikt door mensen die een hypotheek nodig hebben voor bijvoorbeeld een forse verbouwing en voor wie het interessant is aan het begin van de looptijd de grootste fiscale aftrekpost te hebben. Bijvoorbeeld als hun carrières zich al op een hoogtepunt bevinden, de eerdere hypotheek al afgelost is en de kinderen de deur uit zijn. Hun lasten worden dan later, als ze bijvoorbeeld gepensioneerd zijn, weer lager.
Annuïteiten hypotheek
Ook bij een annuïteiten hypotheek wordt een bedrag geleend, met een van te voren afgesproken looptijd waarin de lening geheel wordt afgelost. Alleen wordt bij deze vorm gedurende de gehele looptijd een zelfde bedrag betaald aan rente en aflossing. In het begin, als er nog een groot bedrag aan lening 'openstaat', zal dat vaste maandelijkse bedrag dan ook voor het grootste deel uit rentebetaling bestaan en een geringer deel uit aflossing. Maar naarmate de looptijd vordert en de schuld lager wordt, worden per keer steeds grotere bedragen voor aflossing van de lening gebruikt en een kleiner deel voor de rentebetalingen.
Deze vorm is aantrekkelijk voor mensen voor wie de aanvangslasten van een lineaire hypotheek te groot zijn. Er wordt in het begin immers slechts weinig afgelost en bijna alleen rente betaald. Daardoor zijn aanvankelijk de lasten lager dan bij bijvoorbeeld de lineaire hypotheek.
Fiscaal is deze vorm niet altijd even handig, omdat in het begin meer rente kan worden afgetrokken van het belastbaar inkomen dan later gedurende de looptijd. En juist dan gaan mensen meer verdienen en hebben ze fiscaal meer af te trekken. Daardoor stijgen gedurende de looptijd de netto woonlasten. Aan de andere kant weet een huizenkoper gedurende de gehele looptijd precies hoeveel hij bruto aan hypotheeklasten kwijt is.
De spaarhypotheek
Bij deze hypotheek wordt een bedrag geleend, waarover gedurende de hele looptijd niets wordt terugbetaald. Gedurende die hele periode moet dus rente worden betaald over het gehele geleende bedrag, met alle fiscale voordelen van dien. Daarnaast wordt elke maand een vast bedrag gespaard waarover door veel banken en verzekeraars dezelfde rentevergoeding wordt gegeven als de hypotheeknemer over de hypotheeklening moet betalen. Met het bedrag dat zo is opgespaard, kan aan het eind van de looptijd precies het geleende bedrag worden afgelost.
Door dit sparen en de mogelijkheden die de fiscus biedt om - met tegenwoordig een maximum eindbedrag - te sparen voor een oudedagsvoorziening die belastingvrij mag worden uitgekeerd, wordt gebruik gemaakt van de maximale aftrekbaarheid van het gehele rentebedrag. Bovendien wordt belastingvrij gespaard. Deze hypotheekvorm kent door zijn constructie vaak gedurende de hele looptijd redelijk lage netto lasten.
Levenhypotheek
Deze hypotheekvorm is een voorloper van de spaarhypotheek en lijkt er dan ook veel op. Het verschil zit hem erin dat geen vast bedrag per maand wordt gespaard, maar dat een levensverzekering wordt afgesloten. De uitkering van deze verzekering moet aan het eind van de looptijd de hypotheek aflossen. In plaats van te sparen moet een maandelijkse premie aan de verzekering worden betaald.
Omdat de hoogte van de uitkering van de levensverzekering vaak afhankelijk is van de beleggingsresultaten van de verzekeraar, kan de einduitkering afwijken van de hypotheekschuld. Ook zijn rente en premiebetaling niet aan elkaar gekoppeld, zodat de maandelijkse lasten sterk kunnen variëren. Deze tot recentelijk nog zeer populaire hypotheekvorm heeft door de komst van de spaarhypotheek veel terrein verloren.
Beleggingshypotheek
Ook deze vorm is weer gebaseerd op de levenhypotheek. Alleen wordt hier niet gespaard of premie betaald maar wordt geld belegd in aandelen. Met het eindresultaat van het vaak hogere rendement wat dat oplevert, moet uiteindelijk de lening worden afgelost.
Er zijn verschillende vormen van beleggingshypotheken. Bij sommige hypotheekverstrekkers moet de klant het hypotheekbedrag lenen en daar bovenop nog een bedrag dat in aandelen wordt belegd. Die moeten uiteindelijk het rendement opleveren waarvan die - extra hoge - schuld wordt afgelost.
Bij andere vormen moet de cliënt maandelijks een bedrag opzij leggen dat telkens in aandelen of aandelenfondsen wordt belegd. Daarbij kan zelfs worden gekozen voor zogenaamde clickfondsen, waarbij het eenmaal behaalde beleggingsrendement niet meer verloren kan gaan.
Grote voordelen zijn het mogelijk hoge rendement en de belastingvrij koerswinst gecombineerd met hoge belastingaftrekmogelijkheden. Nadelen zijn echter altijd de vrij hoge kosten voor aankoop en beheer van de aandelen en in het geval van clickfondsen de extra 'clickzekerheid'. Verder is beleggen met de hypotheek op een huis risicovol, want de beurskoersen kunnen ook dalen en dan is de dekking voor de aflossing van de lening opeens een stuk geringer.
Aflossingsvrij hypotheek
Aan de particulier wordt ook steeds vaker de mogelijkheid geboden een aflossingsvrij hypotheek te nemen. Hierbij wordt een bedrag geleend waarover maandelijks rente wordt betaald. Er wordt niets afgelost, gespaard of belegd. Aan het eind van de looptijd is er nog steeds even veel schuld.
Banken verstrekken deze hypotheken gemakkelijker omdat de huizen de afgelopen jaren zo veel in waarde zijn gestegen. Na jaren is het huis veel meer waard geworden dan het bedrag waarvoor destijds een aflossingsvrij hypotheek is afgesloten. Wel lenen de banken meestal hoogstens de zogenaamde waarde bij executie. Dat is de waarde die een huis bij gedwongen verkoop op de veiling minimaal kan opbrengen. Dat is meestal zo'n 65% a 75% van de aankoopwaarde.
Op de zakelijke markt is deze vorm van het verstrekken van aflossingsvrij leningen met onroerend goed als onderpand (een hypotheek) overigens al veel langer gebruikelijk. Maar dan werd vaak een zakelijk rendement gemaakt op het onroerend goed.
Krediethypotheek
Met deze hypotheekvorm, verruimt u uw inkomen en creëert u meer financiële ruimte. Via een rekening-courant kunt u tot een bepaald maximumbedrag opnemen en terugstorten met uw huis als zekerheid. U betaalt alleen rente over het opgenomen bedrag. Die variabele rente wordt aan de geldmarktrente aangepast. Zo kunt u, afhankelijk van uw persoonlijke situatie en de overwaarde van uw huis, uw maandelijkse lasten verlagen. Dat kan u behoorlijk wat voordeel opleveren! U kunt er in sommige gevallen zelfs uw inkomen mee verhogen!

Mengvormen
Bij deze hypotheek is er sprake van een combinatie van één of meerdere bovengenoemde hypotheekvormen. Het hangt van uw persoonlijke situatie af.

Hoofdstuk 4 : Spaarhypotheek.

Aflossing
Met een Spaarhypotheek lost u niets af. In plaats daarvan betaalt u premie voor een Spaarverzekering. De verzekering garandeert dat de gehele spaarhypotheek in één keer wordt afgelost aan het einde van de looptijd. Maar ook bij eerder overlijden.

Rente
U lost tussentijds niets af, en betaalt dus gedurende de hele looptijd rente over het hele hypotheekbedrag.
Belastingvoordeel
Wanneer u aan de voorwaarden van de fiscus voldoet, is de uitkering van de spaarverzekering belastingvrij. Bovendien houdt u gedurende de volledige looptijd het maximale fiscale voordeel, omdat u tussentijds niets aflost.
Interessant voor
Het voordeel van de spaarhypotheek boven een levenhypotheek is dat u ervan verzekerd bent dat op de einddatum, of bij eerder overlijden, de volledige spaarhypotheek wordt afgelost. Daarnaast zijn de maandlasten minder gevoelig voor rentewisselingen. Want als de rente stijgt daalt de spaarpremie, en als de rente daalt stijgt de spaarpremie.


Lage rente, hoge premie en andersom.

Is de hypotheekrente laag? Dan is ook de rente over het spaardeel laag. Om er zeker van te zijn dat het opgebouwde vermogen uiteindelijk even hoog is als de hypotheekschuld, moet u dan harder sparen. Is de rente over het spaardeel hoog, dan hoeft u dus minder te sparen. Oftewel: bij hoge rente, lage premie. En bij lage rente, hoge premie. Zo stijgen de maandlasten bij een eventuele rentestijging minder snel. Overigens wordt met de hypotheekinstelling vooraf een rentevaste periode afgesproken. In die periode blijven de rente en de premie - en daarmee dus ook de netto maandlasten - gelijk.

Risicodeel

Naast het spaardeel bestaat de premie uit een overlijdensrisicodeel. Dit risicodeel zorgt voor het uitbetalen van het gehele of gedeeltelijke hypotheekbedrag bij overlijden voor het einde van de looptijd. Bij de meeste hypotheekverstrekkers bent u bij een spaarhypotheek echter verplicht om een overlijdensrisicoverzekering af te sluiten voor het gehele hypotheekbedrag. Bij sommige kan dat lager zijn. Uw adviseur kan u precies aangeven welke hypotheekinstelling en risicodekking het beste bij u past.

Hoofdstuk 5 : Beleggingshypotheek.


Aflossing
Tijdens de looptijd van uw hypotheek betaalt u hypotheekrente over de lening. Daarnaast stort u geld op een aan de hypotheek verpande beleggingsrekening die gekoppeld is aan één of meerdere beleggingsfondsen. U kunt kiezen tussen een eenmalige storting, periodieke inleg of een combinatie van beide. Bij de beleggingshypotheek hoeft u tussentijds niets af te lossen. Op de einddatum van de hypotheek lost u de hypotheek ineens af in principe door middel van de opbrengsten van de beleggingen. Het bedrag dat op de einddatum van de hypotheek op de beleggingsrekening staat kan hoger zijn dan het hypotheekbedrag, maar ook lager.

Let op!
Wie geld belegt neemt een financieel risico. Ook bij deze hypotheekvorm loopt u een beleggingsrisico. Rendementen kunnen hoger, maar ook lager dan gemiddeld uitvallen en zullen meer schommelen naarmate de beleggingsvorm risicovoller is. Wij wijzen u erop, dat gehanteerde rendementen zijn gebaseerd op behaalde rendementen uit het verleden en daarom geen garantie bieden voor in de toekomst te behalen rendementen.
Rente
U lost tussentijds niets af en betaalt dus gedurende de gehele looptijd rente over het hele hypotheekbedrag.
Belastingvoordeel
Bij een aan de hypotheek verpande beleggingsrekening zijn de fiscale beperkingen zoals die er zijn bij een beleggingsverzekering niet van toepassing. Zodra de dividendvrijstelling wordt overschreden, worden de uitgekeerde dividenden -tot 1 januari 2001- belast met inkomstenbelasting. Na de invoering van de nieuwe Wet Inkomstenbelasting 2001 (vermoedelijke ingangsdatum 1 januari 2001) zullen uitgekeerde dividenden niet meer in aanmerking worden genomen bij de heffing van inkomstenbelasting. Vanaf dat moment zal vermogensrendementsheffing worden geheven over een fictief rendement van de beleggingsrekening. De vermogensrendementsheffing is op dit moment vastgesteld op 30%, het fictief rendement op 4%. Per saldo komt dit op neer op een belastingheffing van 1.2% over de waarde van de beleggingsrekening. Van het totale vermogen dat belast wordt met vermogensrendementsheffing zal een bedrag zijn vrijgesteld van deze belasting. Dit bedrag is op dit moment vastgesteld op 17.000,- per persoon.
Interessant voor
Deze aflossingsvorm is in de eerste plaats uiteraard interessant voor mensen die geïnteresseerd zijn in beleggen en de voordelen ervan.



De kenmerken
· Geen verplichte aflossing
· Aflossing niet binnen het verzekeringsproduct
· Eenmalig of periodiek beleggen in effecten
· Losse overlijdensrisicoverzekering meestal verplicht
· 30 jaar maximaal fiscaal voordeel
· (Mogelijke) vermogensrendementsheffing
· Kapitaalvrijstelling wordt niet benut
· Invloed op rendement door kopen en/of verkopen van effecten


Hoofdstuk 6 : Aflossingsvrije hypotheek.

Aflossing
Zoals de naam al aangeeft, lost u met de aflossingsvrije hypotheek tussentijds niets af. Aan het eind van de looptijd - of eerder als u de woning verkoopt - lost u boetevrij het gehele hypotheekbedrag ineens af.

Rente
Met een Aflossingsvrije Hypotheek betaalt u alleen rente. Uw lasten zijn dus jaarlijks gelijk.
Belastingvoordeel
De hypotheekrente kunt u aftrekken voor de inkomstenbelasting. Zo behaalt u het maximale belastingvoordeel.
Interessant voor
Vooral wanneer er voldoende overwaarde in uw woning aanwezig is, kan deze vorm heel aantrekkelijk zijn.
De kenmerken
· Geen aflossing: u betaalt uitsluitend hypotheekrente
· 30 jaar maximaal belastingvoordeel
· Kapitaalvrijstelling in box I wordt niet benut
· Leenbedrag is niet hoger dan een bepaald percentage van de executiewaarde
· Een overlijdensrisicoverzekering is soms verplicht


Geen aflossing

De naam zegt het al: bij deze hypotheekvorm wordt in beginsel niet afgelost, waardoor u een lagere maandlast kunt realiseren. U betaalt immers uitsluitend rente en geen premie om vermogen op te bouwen. Het nadeel is dat de hypotheek niet is afgedekt met aflossing en/of een verzekering. Dit hoeft ook niet altijd gewenst te zijn, bijvoorbeeld als de waarde van de woning toereikend is. Een (gedeeltelijk) aflossingsvrije hypotheek is vaak interessant als u op latere leeftijd een eigen huis wilt kopen.

Hoofdstuk 7 : Lineaire hypotheek.

Aflossing
Met de Lineaire Hypotheek betaalt u een vast aflossingsdeel.

Rente
Naarmate de looptijd vordert en u meer heeft afgelost, betaalt u minder rente. Die betaalt u namelijk over het uitstaande bedrag. Dat betekent dat na iedere betaling zowel uw bruto- als uw netto-maandlasten afnemen.
Belastingvoordeel
De hypotheekrente kunt u aftrekken voor de inkomstenbelasting. Omdat u steeds minder rente gaat betalen, kunt u steeds minder rente als aftrekpost voor de inkomstenbelasting opgeven.
Interessant voor
De lineaire hypotheek is nuttig voor mensen die hun woonlasten relatief snel willen verminderen. Zodat zij bijvoorbeeld in deeltijd kunnen gaan werken, of vervroegd uit kunnen treden. Het is ook interessant voor mensen die bijvoorbeeld een beroep hebben dat gepaard gaat met financiële risico's, en bang zijn dat het later door omstandigheden een stuk slechter zal gaan.
De kenmerken
· Vaste einddatum.
· Aflossing tijdens de looptijd.
· Zekerheid ten aanzien van de schuldvermindering.
· Fiscaal minder gunstig.
· Geen rendement op de aflossing.

Hoofdstuk 8 : Leven hypotheek.

Aflossing
Met de Levenhypotheek lost u niets af. In plaats daarvan betaalt u hypotheekrente en premie voor een levensverzekering. De levensverzekering wordt met een 'verpandingsakte' aan de hypotheek gekoppeld. Een gedeelte van de premie wordt belegd. Hiermee wordt het kapitaal opgebouwd voor de uiteindelijke aflossing van de hypotheek. Hoe groot dit kapitaal is, is mede afhankelijk van de beleggingsresultaten. Op de einddatum kan de waarde van de levensverzekering meer maar ook minder zijn dan het hypotheekbedrag.


Rente
U lost tussentijds niets af en betaalt dus gedurende de gehele looptijd rente over het hele hypotheekbedrag.

Belastingvoordeel
Wanneer u aan de voorwaarden van de fiscus voldoet, is de uitkering van de levensverzekering belastingvrij. Bovendien houdt u gedurende de volledige looptijd het maximale fiscale voordeel, omdat u tussentijds niets aflost.

Interessant voor
Omdat er gedurende de hele looptijd maximaal geprofiteerd wordt van de hypotheekrente-aftrek, kan deze hypotheekvorm met name interessant zijn voor mensen met een wat hoger inkomen.
De kenmerken
· Geen verplichte aflossing tijdens de looptijd
· Vaste maandelijkse lasten (= rente + premie)
· Maximaal benutten fiscale vrijstelling van box I
· De hypotheek wordt in principe aan het einde van de looptijd met de kapitaalverzekering afgelost
· Maximale renteaftrek gedurende maximaal 30 jaar
· De uitkering van de gespaarde of belegde premies is belastingvrij, mits er is voldaan aan bepaalde voorwaarden

Hoofdstuk 9 : Aflossingsvrije hypotheek.

Aflossing
Zoals de naam al aangeeft, lost u met de aflossingsvrije hypotheek tussentijds niets af. Aan het eind van de looptijd - of eerder als u de woning verkoopt - lost u boetevrij het gehele hypotheekbedrag ineens af.

Rente
Met een Aflossingsvrije Hypotheek betaalt u alleen rente. Uw lasten zijn dus jaarlijks gelijk.
Belastingvoordeel
De hypotheekrente kunt u aftrekken voor de inkomstenbelasting. Zo behaalt u het maximale belastingvoordeel.
Interessant voor
Vooral wanneer er voldoende overwaarde in uw woning aanwezig is, kan deze vorm heel aantrekkelijk zijn.
De kenmerken
· Geen aflossing: u betaalt uitsluitend hypotheekrente
· 30 jaar maximaal belastingvoordeel
· Kapitaalvrijstelling in box I wordt niet benut
· Leenbedrag is niet hoger dan een bepaald percentage van de executiewaarde
· Een overlijdensrisicoverzekering is soms verplicht

Geen aflossing

De naam zegt het al: bij deze hypotheekvorm wordt in beginsel niet afgelost, waardoor u een lagere maandlast kunt realiseren. U betaalt immers uitsluitend rente en geen premie om vermogen op te bouwen. Het nadeel is dat de hypotheek niet is afgedekt met aflossing en/of een verzekering. Dit hoeft ook niet altijd gewenst te zijn, bijvoorbeeld als de waarde van de woning toereikend is. Een (gedeeltelijk) aflossingsvrije hypotheek is vaak interessant als u op latere leeftijd een eigen huis wilt kopen.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.