Zoetwaterbiotoop

Beoordeling 4
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • Klas onbekend | 1397 woorden
  • 4 mei 2001
  • 73 keer beoordeeld
  • Cijfer 4
  • 73 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Studie van een zoetwaterbiotoop:
Molsbroek

Inhoudstabel:
1. Situering van het biotoop.
a) Datum.
b) Jaargetijde.
c) Plaats.
d) Historiek Molsbroek.
e) Beschrijving oever en bedding.
f) Belichting en temperatuur van de omgeving.
g) Zichtbare verontreiniging?
h) Andere opmerkingen verstrekt door de gids.

2. Eigenschappen van het water.
a) Type water.
b) Beweging, kleur, geur en doorzichtigheid
c) Chemische kenmerken: - Ph, hardheid, fosfaten, nitraten en gehalte opgelost zuurstofgas.
d) Zichtbare verontreiniging

e) Andere opmerkingen verstrekt door de gids.

3. Waargenomen planten en dieren.
a) Planten: - Enkele planten langs en in het water.
- Enkele bomen langs en in het water.
b) Dieren: - Zelf gevangen zoetwaterorganismen.
- Dieren in en rond het water.
c) Opmerkingen verstrekt door de gids.

4. Plaatselijke problemen.
a) Luchtvervuiling.
b) Waterverontreiniging.
c) Geluidsoverlast.
d) Andere problemen.

1.Situering van het biotoop

a) Datum : 26 september 2000

b) Jaargetijde : begin herfst

c) Plaats : Molsbroek te Lokeren in de provincie Oost-Vlaanderen
( zie bijgeleverde kaart )

d ) Historiek :

Een streekeigen overzicht in het verre verleden is te bekomen aan de hand van wat in de bodem is achtergelaten in de omgeving van het Molsbroek. Het nabijgelegen zandwinningsgebied te Waasmunster heeft talrijke fossiele en archeologische vondsten opgeleverd. De oudste gaan terug tot periode toen de zee regelmatig grote van West-Europa overspoelde: het Eoceen tot en met het Plioceen. Uit deze periode van 58 miljoen tot 1 miljoen jaar geleden werden haaientanden, schelpen en walviswervels aangetroffen.

Tijdens het daarop volgende Pleistoceen ( 1 miljoen tot 12.000 jaar geleden) wisselden ijstijden en warmere perioden elkaar af. Mammoet en wolharige neushoorn waren toen opvallende bewoners van onze streken. Bij het einde van het Pleistoceen ontdooide de ondergrond definitief. De Durme baande zich een weg doorheen de zandige vallei. Het gaf aanleiding tot zandverstuivingen. Zo ontstonden rivierduinen “ Molsbergen “ werden genoemd. Later veroorzaakte de voortdurende stijging van het grondwaterpeil afzettingen van klei op het grootste gedeelte van wat Molsbroek zou worden.

In de periode 12.000 tot 5.000 jaar geleden ontstond een loofbos reeën, edelherten en bevers als opvallende dieren.
Daarna treffen we op de rivierduinen de eerste sporen van de mens aan: silexstenen bewerkt tot verschillende gebruiksvoorwerpen. Het is precies in die omgeving dat ook tal van Romeinse voorwerpen werden opgegraven. Uit de beginperiode van onze jaartelling dateren onder andere dakpannen, brandgraven en 2 houten waterputten.

In de Middeleeuwen of misschien reeds vroeger werd het gebied als hooiland met nabeweiding in gebruik genomen. Ook zijn er in het verleden sporen te vinden van wijmenaanplanting en turfwinning.

De oudste vermelding vindt men in oorkonde van de abdij van Boudeloo ( november 1281). Daarna treft men in de archieven regelmatig het “Hof te Mosbrouc”. Enkele andere middeleeuwse namen zijn Musghenbroeck, Moesbrouc, Musschebrouc en Mossebrouc.

De noodzaak om dijken te bouwen langsheen de riviergeul als verdediging tegen overstromingen is waarschijnlijk te situeren in de Middeleeuwen. Via sluizen zal men eeuwenlang de invloed van de getijden pogen te beheersen.
Op de ferrariskaart ( ca.1775) staat ook de Molsbergenmolen vermeld.

Voordat bij ons sprake was van natuurbescherming waren de Molsbergen en de meersen (= Molsbroek) al geliefd bij heel wat Lokeraars voor een zomers uitstapje. De Lokerse sprookjesschrijfster Yvonne Waegemans liet haar lievelingskabouter Patjoepelke hier zijn avonturen beleven. Op de rivierduinen naast Molsbroek ging in 1928-1929 een stroper midden zijn “werkterrein” wonen in … “een huis vol graszoden”. De “Watering Molsbergen, Mos- en Meirebroeken” met als doel onderhoud en afwatering van het huidige Molsbroek te verzekeren, werd ingesteld bij koninklijk besluit van 3.9.1858. Zij zou opgegeven worden op 30.10.1963. Het Ministerie van Openbare Werken, Dienst der Zeeschelde, had immers definitief besloten om daar een potpolder in te richten. Het bestuur van de watering had trouwens zelfde onteigening van die gronden voorgesteld, daar de hooiopbrengst door herhaalde wateroverlast in het gedrang kwam.

In 1964-1965 werd de huidige geasfalteerde ringdijk rond het Molsbroek aangelegd. De nodige grond hiervoor werd uitgegraven naast de dijk zelf. Zo ontstond de huidige randsloot. Tijdens de twee daarop volgende winters braken de Durmedijken door en liep de potpolder vol water. Door de Molsbroekdijken werd Lokeren van grote overstromingen gespaard.

De potpolder werd echter nooit dagelijks als spuikom gebruikt. Wel is de Durmedijk erlangs lager aangelegd dan de aanpalende dijken, zodat bij uitzonderlijk hoge getijden Molsbroek nog als bufferkom kan functioneren.

a) Beschrijving oever en bedding
Het domein van 80 ha is het grootste beschermde gebied van de Durmestreek. Het werd als eerste reservaat erkend door het Vlaamse gewest en als landschap gerangschikt. De bodem bestaat uit klei en het water is meestal 70 à 80 cm diep.

b) Belichting en temperatuur van de omgeving
Het water van Molsbroek is voldoende belicht.De temperatuur van de omgeving schommelde rond de 18°.

c) Zichtbaar verontreiniging?
Er is geen zichtbare verontreiniging in het Molsbroek, behalve het afval langs de wegen viel op. Sommige mensen kunnen het niet laten hun afval daar te laten rondslingeren.

d) andere opmerkingen verstrekt door de gids
Potpolder à teveel water in Durme à via sluis opgevangen in grote kom = Geschiedenis Molsbroek.
1. Eigenschappen van het water:
a) Type water.
Het water van Molsbroek is een plas van moeras, het is zoetwater.

b) Beweging, kleur, geur en doorzichtigheid.
Het water van Molsbroek is meestal rustig (= stilstaand water). Het heeft een donker groene kleur en is weinig doorzichtig. Het water ruikt naar verdorde planten en bladeren die erin zijn gevallen.

c) Chemische kenmerken:
Het onderzoeken van het staalwater dat rond 9 uur uit het Molsbroek is gehaald.
Zelf uitgevoerde proeven:
Proef 1: hoeveelheid nitraten in het water:
Waarneming: 25 mg/l.
Uitleg: Nitraten worden in het Molsbroek gevormd door meststoffen van vogels

Proef 2: hoeveelheid chloride (zouten) in het water:
Waarneming: 50 mg/l cl.
Uitleg: Uit opgravingen zijn er walvisskeletten en haaientanden gevonden. Daaruit blijkt dat er vroeger een zee aanwezig was. De zee is reeds verdwenen maar het zout is nog in mindere mate aanwezig.

Tabel i.v.m. chloride:

Mg / l Cl. Kwaliteit
50150300600 Zeer GoedAanvaardbaarLicht verontreinigtVerontreinigd

Proeven uitgevoerd door andere leerlingen:
Proef 3: pH – waarde (zuurtegraad water):
Waarneming: 7,5 (licht basisch)

7
0--------------½7,5-----------14
zuur basisch

Uitleg: Gezond voor het water

Proef 4: hoeveelheid zuurstofgas in het water:
3.Waargenomen planten en dieren

.
a) Planten :

Enkele planten langs en in het water :

- Korstmossen
- Brandnetels
- Gele lis
- Braambessen
- Hoppe
- Steekgal
- Varens: komen voor op plaatsen waar weinig licht aanwezig is.
- Schapenzuur
- Sporendoosjes
- Gele plomp (grote, gele bloem)
- Scherpe zegge (grassoort)
- Ereprijs
- Waterzuring

Enkele bomen langs en in het water :

- Zwarte els: er bestaan mannelijke en vrouwelijke katjes. Het stuifmeel van het mannelijke katje komt door de wind in contact met het vrouwelijke katje.
- Wilgen: een boom die veel water opneemt.
- Lijsterbes
- Sparren
- Eik
- Esdoorn

b) Dieren :

Zoetwaterorganismen ( zelf gevangen )

Indicatoren: Als deze dieren aanwezig zijn in het water kun je zeggen dat de kwaliteit van het water in orde is.

Zelf gevange
- Kikkervis
- Groene kikkers
- Duikwants
- Kever
- Waterschorpioen
- Dikkop

Dieren in en rond het water:

Amfibieën:
- Groene kikker
- Kikkervisjes: eerst kieuwen dan longen vanaf ze hun eerste voorpoten krijgen
- Salamander (larven zijn aangetroffen)

Ongewervelden:

- Staafwants: er bevindt zich achteraan het lichaam van de staafwants, een langwerpige snorkel waarmee hij ademt
- Waterschorpioen: hij heeft ook een snorkel achteraan. De dekschilden zijn gekruist.
- Ruggezwemmer
- Zwemwants
- Schaatsenrijder: roofinsect: hij voelt trillingen als er vijanden zijn
- Larve van libel: hij leeft 1 – 3 jaar in het water. Hij leeft maar enkele maanden als volwassene.
- Kokerjuffertje
- Schietmot
- Longslakken:
- posthoornslak
- moerasslak: enige slak waarvan er een mannetje en een vrouwtje bestaat
- poelslak
- Kieuwslakken: Ze hebben een deurtje of plaatje aan hun schelp

Andere dieren:
- Herfstspin
- Konijn
- Hangbuikzwijn
- Schildpadden
- Katten
- Vossen
- Mieren
- Mollen
- Vuurvlindertje
- Fazanten
- Groene specht

4.Plaatselijke milieu problemen

a) Luchtvervuiling :

- Vroeger was er een verbrandingsoven aanwezig maar die is nu verdwenen.
-Er bestaan Ligenen, een plant, hoe meer soorten er zijn hoe beter de luchtkwaliteit.

b) Waterverontreiniging:
- Het water wordt te voedselrijk (eutrofiëring) door meststoffen van kokmeeuwen.
- Er is een reusachtige pomp geïnstalleerd om zeer vuile plekken te voorzien van zuiver water.

c) Geluidsoverlast:

- Er is geluidsoverlast door de E17 die vlakbij het Molsbroek ligt, door de trein die voorbijrijdt en door straaljagers die overvliegen.
- Vroeger vlogen er luchtballonnen die de vogels lieten schrikken. Nu is er een wet opgesteld die verbiedt om over het Molsbroek te vliegen.

d) Andere problemen:
Soms worden er dode katten in plastic zakken gevonden. Ook worden er schildpadden afgezet te Molsbroek.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.