Gender Selection

Beoordeling 6.2
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • Klas onbekend | 2390 woorden
  • 19 oktober 2002
  • 25 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.2
  • 25 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
1 Inleiding
Noot vooraf: Wetenschappelijke termen worden aangeduid met een cijfer en verklaard in het lexicon, pag. 12

1.1 Aanleiding tot het groepswerk
Toen de Britse krant, The Observer, voor het eerst hoorde over de praktijken van de Gentse androloog Frank Comhaire, stuurde ze de Britse journaliste Jo Revill naar Gent om meer te weten te komen over zijn methode. Professor Comhaire behandelt in zijn privé-praktijk ouders uit heel Europa die er veel geld voor over hebben om zelf het geslacht van hun kind te kunnen bepalen. ‘Ik ben 39 jaar, gehuwd en heb al een dochtertje, maar ik zou dolgraag ook een zoontje hebben.’ Met deze smoes kreeg Revill de arts aan het praten. Hij kon de journaliste nog behandelen, maar dan mocht ze niet lang meer wachten. Ze was immers bijna 40 en hij wilde alleen vrouwen die jonger zijn dan deze risicoleeftijd behandelen. In haar artikels heeft Jo Revill het over haar gesprekken met Comhaire. In de bijlage, zit de tekst die vorige maand voor veel opschudding heeft gezorgd in de hele wereld.

1.2 Professor Comhaire
Professor Frank Comhaire studeerde eerst voor arts en specialiseerde zich daarna in interne geneeskunde. Interne of inwendige geneeskunde is een historisch gegroeid begrip, dat zich niet scherp laat definiëren. De interne geneeskunde houdt zich niet enkel bezig met de ziekten van de inwendige organen, maar ook met o.a. infectieziekten, reumatische aandoeningen, allergische ziekten, bloedziekten, endocriene ziekten, stoornissen in de stofwisseling en vergiftigingen. Deze geneeskunde wordt beoefend door internisten. Bovendien wordt het terrein verdeeld in allerlei deelspecialisaties, zoals die van maag-darmartsen, hartspecialisten, longartsen, reumatologen, bloedspecialisten, endocrinologen … Comhaire specialiseerde zich in endocrinologie1 en andrologie2. Hij heeft daarbij ook in het buitenland gestudeerd. Zo studeerde hij in 1968 in Amsterdam.

Hij woont in Gent en werkt er in het Universitair Ziekenhuis op de afdeling endocrinologie. Bij zijn praktijken in verband met ‘gender selection’, werkt hij nauw samen met een Amerikaanse bedrijf, MicroSort in Fairfax (zie verder).

2 Gender Selection

2.1 Definitie
Onder ‘gender selection’ verstaan we ‘de mogelijkheid om het geslacht van je baby te bepalen’. Dit kan omwille van medische of niet-medische redenen, maar de oorspronkelijke aanleiding van het onderzoek, was om geslachtsgebonden ziekten of sex-linked diseases te voorkomen. Een medische reden dus.

2.2 Geschiedenis
Al sinds de Oudheid doen volkswijsheden in verband met de geslachtsbepaling van toekomstige kinderen de ronde. Het oudste en hardnekkigste fabeltje komt van de filosoof, Aristoteles. Volgens hem zat het sperma dat garant staat voor het ‘fabriceren’ van een jongen rechts; het sperma waarmee je een meisje maakt, zat aan de andere kant. Deze filosofische wijsheid heeft tot veel pijnlijke experimenten geleid. Al meer dan 2000 jaar bestaan er mannen die tijdens de zaadlozing hun linkerzaadleider dichtknijpen om een jongensbaby te maken. En al meer dan 2000 jaar heeft dit niets uitgehaald.
Het eenvoudigste devies luidt: “Leg het voorbeeld bovenop.” Als je een jongen wilt, ligt de man bovenaan; voor een meisje is het omgekeerd.


2.3 Methode
Sinds het begin van de jaren 80 zoeken wetenschappers ook naar methoden om de keuze van het geslacht van toekomstige mensen te maken. Daarbij komt het erop aan ‘vrouwelijke’ (X) en ‘mannelijke’ (Y) spermacellen te onderscheiden. Bij de mens wordt het geslacht bepaald door 2 van 46 of tweemaal 23 chromosomen. Een moederlijke X-chromosoom en een vaderlijke Y-chromosoom, levert het mannelijk geslacht op. Tweemaal het X-chromosoom geeft een meisje. Maar het geslachtschromosoom vormt slechts een kleine fractie van de massa van een spermacel. Om het ‘mannelijk’ en ‘vrouwelijk’ zaad van mekaar te onderscheiden zijn zeer verfijnde technieken nodig. Onderzoekers proberen die te ontwikkelen, vaak onder de naam van preventie van genetisch bepaalde aandoeningen. Maar steeds vaker valt het woord ‘family-balancing’ en zoekt men onder dit voorwendsel verder naar aanvaardbare technieken.
De Belgische androloog Frank Comhaire werkt samen met het bedrijf MicroSort. MicroSort maakt deel uit van de fertiliteitskliniek Gender & IVF Institute. Comhaire stuurt het sperma dat moet geselecteerd worden naar het Amerikaanse Fairfax, waar het bedrijf gevestigd is.
Het spermaselectiesysteem van MicroSort evalueert het spermastaal op het aantal cellen, het volume ervan, de beweeglijkheid, de vooruitgang en de levensvatbaarheid. De cellen die moeten gesorteerd worden, worden uitgerokken, gecentrifugeerd3, opnieuw gesuspendeerd4 en gefilterd door glaswol om de onzuiverheden en de niet-beweeglijke spermacellen te verwijderen. Met een fluorescerende kleurstof merkt MicroSort daarna de chromosomen met het erfelijk materiaal in de spermacellen. De gekleurde zaadcellen worden door een flowcytometer5 gestuurd die via een laserstraal het verschil kan zien tussen zaadcellen met een X-chromosoom en zaadcellen met een Y-chromosoom. Omdat het X-chromosoom groter is dan het Y-chromosoom, bevatten ze ongeveer 2,8% meer DNA dan spermacellen die een Y-chromosoom hebben. De flowcytometer kan op basis van kleurintensiteit het verschil merken. De fluorescerende kleur die X-chromosomen uitzenden is rood/roze, bij Y-chromosomen is dit groen.
Het MicroSort-systeem is geen uitvinding van het Gender & IVF Institute. De techniek is eigenlijk ontwikkeld door de Amerikaanse regering. Aan het eind van de jaren tachtig ontwikkelde het departement landbouw deze vorm van spermaselectie om greep te krijgen op de veestapel. Maar het Gender & IVF Institute, dat in privé-handen is, heeft in 1992 een exclusieve licentie verworven om MicroSort toe te passen op mensen.
Wanneer een koppel bij Comhaire een baby van een bepaald geslacht aanvraagt, stuurt hij het spermastaal naar het Amerikaanse Fairfax. Daar ondergaat het de vermelde selectie. Het aantal zaadcellen dat terugkomt is laag, tien tot dertigduizend. Dit is veel te weinig om een intra-uterine6 inseminatie7 toe te passen. De enige mannier om met dit aantal een redelijke kans op succes te hebben, is in vitro fertilisatie.
Dit verklaart o.a. ook de enorme kostprijs van de gehele behandeling. Aan de Universiteit Gent wordt aan iedere patiënt uit het buitenland die om gelijk welke reden hier voor IVF wil behandeld worden, € 3500 aangerekend. Voor patiënten uit België wordt het allergrootste gedeelte gedragen door de gemeenschap als het gaat om behandeling van infertiliteit8. De patiënten zelf betalen dan € 1000. Comhaire benadrukt wel dat hij voor de in vitro fertilisatie niet samenwerkt met Gent. Voor de consultaties vraagt Comhaire € 100. En het kost ongeveer 2800 € om het spermastaal op te sturen naar Amerika en het daar te laten onderzoeken.
En als je helemaal zeker wil zijn van het geslacht van je baby, kan je het embryo voor € 6000 laten testen op zijn/haar geslacht.
We weten nog niet welke gevolgen de spermaselectie heeft op de kwaliteit van de cellen. Op de huidige geboortes werden er 2 % aangeboren afwijkingen geteld. Over die afwijkingen is er geen informatie beschikbaar, maar we kunnen hieruit toch besluiten dat de techniek nog niet op punt staat.
Sperma bevat ongeveer 50% X- en 50% Y-chromosomen. Als de verhouding tussen de X- en Y-chromosomen toeneemt, zou de kans op een kind van het gewenste geslacht evenredig moeten toenemen. Door de MicroSort-technologie kan men het aantal X-chromosomen laten toenemen tot een gemiddeld van 88%, bij Y-chromosomen is dit 73%. Hierdoor is de kans op een meisje groter op een jongen. De huidige technologie garandeert nog niet de volledige scheiding van de X- en Y-chromosomen. Dit verklaart waarom de techniek slechts 80% zekerheid biedt.

3 In Vitro Fertilisatie (IVF)
Iedereen kent wel het begrip “reageerbuisbevruchting”, met een moeilijk woord “in vitro fertilisatie” genoemd. Weinig mensen weten wat IVF of een reageerbuisbevruchting eigenlijk is en hoe dit bevruchtingsproces precies in z’n werk gaat. “Fertilisatie” betekent “bevruchting” en “in vitro”, letterlijk “in glas”, betekent “buiten het lichaam”. Dit houdt in dat men een eitje met een groot aantal zaadcellen buiten het lichaam - in een glazen schaaltje - samenvoegt om zo een bevruchting tot stand te brengen. Het bevruchte eitje wordt dan later in het lichaam van de vrouw teruggeplaatst, waarna een normale zwangerschap kan volgen.

In vitro fertilisatie kent 5 fasen:
1. Het stimuleren van het rijpingsproces van de eitjes
Bij een gewone menstruatiecyclus rijpt er per keer maar één eitje. Voor een in vitro fertilisatiebehandeling zijn meer eitjes nodig om de kans van slagen zo groot mogelijk te maken. Een combinatie van medicijnen stimuleert de ontwikkeling van meerdere eitjes.
2. Wegname van de eitjes
Als het moment daar is, haalt de arts de rijpe eitjes uit het lichaam om deze buiten het lichaam te bevruchten. Dit noemen we de ‘pick-up’, waarbij eitjes uit de eierstokken worden weggezogen.
3. Bevruchting
Enkele uren nadat de eitjes uit het lichaam zijn opgezogen vindt het samenbrengen met de zaadcellen van de man plaats. Het eitje kan nu bevrucht worden.
4. Terugplaatsing in de baarmoeder
Als de bevruchting is geslaagd, worden de bevruchte eitjes (we spreken dan al over embryo’s) in de baarmoeder teruggeplaatst.
5. Controle en de uitslag
Hierna volgt een spannende tijd: wel of niet zwanger? In die periode blijft de vrouw onder controle staan van haar arts. Na zo’n 3 tot 4 weken is er meestal een bespreking met de behandelende arts over het resultaat.

4 Ethiek
Sommige mensen vinden dat gender selection slechts in twee omstandigheden zou moeten goedgekeurd worden, nl. om geslachtsgebonden ziekten te vermijden en om family-balancing te realiseren.

4.1 Het vermijden van genetisch bepaalde aandoeningen.
De techniek om zaadcellen met een X-chromosoom te scheiden van zaadcellen met een Y-chromosoom opent nieuwe vooruitzichten voor koppels die de drager zijn van erfelijke afwijkingen die enkel op jongens of meisjes overgedragen kunnen.
Afwijkingen in een of meer van de erfelijke eigenschappen (genen), kunnen een groot aantal erfelijke ziekten en aandoeningen veroorzaken. Er zijn ca. 4 000 van deze afwijkingen bekend. Enkele van de bekendste erfelijke afwijkingen zijn bloederziekte of hemofilie9 en kleurenblindheid10. Deze ziekten voornamelijk bij mannen voor omdat de genen voor bloedstolling en kleuren zien alleen voorkomen op het vrouwelijke geslachtschromosoom of X-chromosoom. Het mannelijke geslachtschromosoom of Y-chromosoom heeft deze genen niet. Als er nu bij een vrouw in één van haar twee X-chromosomen een stoornis in deze genen optreedt, dan zal bij 50% van haar mannelijk nageslacht bloederziekte of kleurenblindheid optreden, namelijk bij de zonen die het Y-chromosoom van de vader en het belaste X-chromosoom van de moeder hebben. Bij haar vrouwelijk nageslacht zal 50% gezond zijn, als zij een normaal X-chromosoom van de vader en een gezond X-chromosoom van de moeder bezitten, terwijl 50% drager zal zijn voor kleurenblindheid of bloederziekte, nl. wanneer zij een normaal X-chromosoom van de vader en een belast X-chromosoom van de moeder bezitten.
Andere erfelijke ziekten zijn de ziekte van Duchenne (de meest voorkomende en gevaarlijkste vorm van spierdystrofie11), het Lesch-Nyhan-syndroom (zelfverminking) en mentale achterstand bij nakomelingen (de meest voorkomende vorm van erfelijke mentale achterstand).
Deze ziekten kunnen vermeden worden als men het geslacht van het kind op voorhand bepaalt. De MicroSort technologie van professor Comhaire verhoogt de kans op een natuurlijke zwangerschap en een gezonde baby.

4.2 Family-balancing
Het concept van family-balancing is een voorbeeld waarin niet het medische aspect maar het meer morele aspect van de geslachtskeuze naar voren komt. Door de MicroSort technologie kunnen koppels nu naar keuze een jongen of een meisje ‘bestellen’.
Geslachtsselectie om niet-medische redenen kan duidelijk op meer tegenstand rekenen dan geslachtsselectie om medische redenen.Volgens velen zou een niet-medische geslachtsselectie bij sommige culturen en bevolkingsgroepen kunnen leiden tot discriminatie van de vrouw.
Maar met het oog op family-balancing zou dit uitgesloten worden. Dit fenomeen zou het evenwicht in een gezin tussen het type kinderen kunnen herstellen.
Zodra er één kind is, komt een gezin in aanmerking voor ‘family-balancing’, ook als het gezin twee kinderen van hetzelfde geslacht heeft. Maar als men een jongen en meisje heeft, weer niet. Als je twee zonen en een dochter hebt, kan je enkel een meisje vragen … Zo zou vermeden worden dat een sekse gediscrimineerd wordt.
Door het fenomeen van family-balancing, kan de koningswens12 slechts gedeeltelijk (als het eerste kind een jongen is) of helemaal niet (family-balancing is slechts toegelaten vanaf één kind) vervuld worden.
Onze maatschappij staat alweer voor een moeilijke vraag. Is het ethisch aanvaardbaar dat ouders, om andere dan medische redenen, het geslacht van hun kind tevoren laten vastleggen?
Tegenwoordig kiezen mensen hoeveel kinderen ze willen. De keuze van het geslacht is volgens bepaalde inzichten gewoon een andere dimensie van de gezinssamenstelling. Als je dit toelaat als vorm van ‘family-balancing’ dan ontneem je de critici hun meest evidente tegenargument. Je kiest dus niet voor één specifiek geslacht maar voor beide. Er is dus geen sprake van seksisme. Juist dan alleen mag geslachtskeuze toegestaan worden. Maar hoe je het nu draait of keert, geslachtsbepaling begint toch sterk te neigen naar ‘het kind op maat’ en de ‘designer embryo’s’.
Anderzijds moeten we ook stilstaan bij de slaagkansen van de ingreep: 88% bij meisjes en 75% bij jongens. Dit wil zeggen dat als men opteert voor een jongen, 1 op 4 embryo’s het niet haalt, niet als jongen wordt geboren of afwijkingen vertoont. Dit kan men beschouwen als een vorm van moord: door ingrepen van mensen sterven levende organismen af. Een nuchtere wetenschapper zegt dan dat dit de prijs is die men betaalt voor de vooruitgang van de wetenschap. Zullen de ouders met deze uitleg kunnen leven en getroost worden? Er bestaat wel een manier waarbij men absolute zekerheid heeft van het geslacht. Pre-implantatie: men plant een embryo met het juiste geslacht rechtstreeks in. Dit stuit echter op veel verzet omdat de overlevingskansen nog kleiner zijn en het embryo in de tussenperiode wordt ingevroren.
De vraag naar geslachtsbepaling van baby’s in Vlaanderen is miniem. Is deze techniek dan wel de moeite om aan de maatschappij aan te bieden? In elk geval is de discussie over het al dan niet goedkeuren van geslachtsbepaling met het oog op family-balancing in België al achterhaald door de feiten. Een ander aspect is de kostprijs: € 6 300, ongeveer 255 000 BEF. Welke gemiddeld koppel kan dit betalen? En wat als het embryo het verkeerde geslacht heeft? Het is duidelijk dat het hier om een luxeartikel gaat. Zou een koppel al niet tevreden moeten zijn, dat ze kinderen kunnen krijgen? Het geslacht van je baby is toch geen ziekte?!
De conclusie is dat deze MicroSort-methode nog te duur, te gevaarlijk is en dus nog te vroeg is om voor dit luxeprobleem de keuze te laten bij de maatschappij. De onderzoekers moeten eerst proberen de methode op punt te stellen vooraleer men deze materie in de maatschappij integreert.

Tot slot.
Toen het nieuws van de geslachtskeuze verspreid raakte waren alle vruchtbaarheidsspecialisten met verstomming geslagen. De meeste specialisten waren het erover eens dat de techniek nog niet op punt staat en dat professor Comhaire een one man show opvoerde om zijn praktijk te promoten. Maar volgens de Gentse androloog zou gender selection al toegepast worden op embryo’s (d.m.v. abortus). Volgens hem is dit een hoofdargument waarom gender selection met het oog op family-balancing, zou moeten goedgekeurd worden.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.