Epilepsie

Beoordeling 6.8
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • 4e klas vmbo | 3179 woorden
  • 18 april 2001
  • 198 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.8
  • 198 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ADVERTENTIE
De Galaxy Chromebook maakt je (school)leven makkelijker!

Met de Galaxy Chromebook Go kun je de hele dag huiswerk maken, series bingen en online shoppen zonder dat 'ie leeg raakt. Ook kan deze laptop wel tegen een stootje. Dus geen paniek als jij je drinken omstoot, want deze laptop heeft een morsbestendig toetsenbord!

Ontdek de Chromebook!
Inleiding.
Dit werkstuk gaat over epilepsie. Epilepsie is een ziekte. Ik heb dit onderwerp gekozen omdat het me wel interessant leek en ook omdat ik wel dacht daar is vast van alles over te vertellen.
Epilepsie komt ongeveer bij 1 op de 150 mensen voor en toch is er weinig over deze ziekte bekend daarom heb ik ook best wel moeten zoeken op internet om wat te vinden en natuurlijk kan ik een kant-en-klaar werkstuk van internet halen maar dat is ook niet alles daarom ben ik gewoon zelf gaan zoeken.
Epilepsie wordt ook wel de vallende ziekte genoemd, maar je kunt het niet altijd vallende ziekte noemen want bij sommige aanvallen blijf je gewoon bij bewust zijn. In dit werkstuk vertel ik veel informatie over epilepsie aan de hand van zelfgemaakte deelvragen.


Wat is epilepsie.
Het is Epilepsie is een verzamelnaam voor de symptomen die duiden op een functiestoornis van de hersenen geen ziekte, maar een ziekteverschijnsel zoals koorts. Epilepsie is een afwijking in je hersenen. Ieder mens wordt door zijn hersenen gestuurd in al zijn denken en doen. Zonder die sturing kun je niks doen zelfs geen ademhaling. Je kunt al die dingen doen doordat je hersenen signalen geven aan de spieren, als deze werking verstoord wordt krijg je een soort ‘kortsluiting’. Die kortsluiting is dan een aanval van epilepsie. Epilepsie uit zich in aanvallen. Voor al deze aanvallen geldt dat ze plotseling komen dus je weet niet van te voren nu ga ik er een krijgen.

Wat kan de oorzaak zijn van Epilepsie?
Het is niet altijd duidelijk waardoor iemand epilepsie heeft gekregen, maar er zijn wel een aantal verschillende oorzaken aan te wijzen voor het ontstaan ervan. Die oorzaak kan liggen in een hersenletsel. Zo’n hersenletsel kun je op verschillende manieren krijgen:

- Al voor de geboorte kan een kind als gevolg van infecties problemen oplopen, die later tot epilepsie kunnen leiden. Ook door zuurstofgebrek bij een moeilijke geboorte kunnen kleine beschadigingen in de hersenen optreden. Deze kun je meestal niet zien, maar soms betekend zo’n beschadiging toch een overgevoeligheid voor aanvallen, waardoor vaak pas later epilepsie kan optreden.

- Veel duidelijker hersenletsel wordt opgelopen na een zware hersenschudding of een hersenbeschadiging na een ongeval of na een hersenvliesontsteking, deze beschadigingen kunnen ook epilepsie veroorzaken.

- Bij oudere mensen kunnen door een herseninfarct of bloedingen problemen ontstaan, die tot epilepsie leiden. Een hersentumor kan eveneens epilepsie veroorzaken.


- Daarnaast is er, zoals gezegd een groep mensen bij wie de oorzaak van hun epilepsie niet goed vast te stellen is, maar bij wie toch op grond van de aanvalsbeschrijving de diagnose epilepsie gesteld kan worden.
Maar het is niet zo dat iedereen die een keer zijn hoofd is gevallen of een hersentumor heeft gehad ook epilepsie krijgt. Maar een arts zal dus altijd wel onderzoeken of er een duidelijke reden voor epilepsie is. Epilepsie komt veel voor bij jonge kinderen en in meer dan de helft van de gevallen begint de epilepsie voor het twintigste jaar.

Is epilepsie erfelijk?
Heel vaak krijgt iemand dus epilepsie zonder dat hiervoor een duidelijke oorzaak is. Dan kan erfelijke aan leg een rol kan spelen. Dat kan zeggen dat sommige mensen gewoon een grotere aanleg hebben om epilepsie te krijgen dan anderen. Die aanleg tor het krijgen van epilepsie kan dan erfelijk zijn. Toch hoeft epilepsie geen reden te zijn om niet te trouwen en kinderen te krijgen. De kans dat kinderen epilepsie van iemand met epilepsie overnemen is nauwelijks groter dan de kans die iedereen geeft om epilepsie te krijgen. Als beide ouders epilepsie hebben is die kans echter wel groter.

Hoe wordt vast gesteld of iemand epilepsie heeft?
Het eerste wat ze doen is het vermoeden dat iemand epilepsie heeft daarna gaan ze onderzoeken doen. Dat vermoeden komt er doordat iemand een aanval heeft gehad nou ze vermoeden dat het een aanval was. Want er zijn ook aanvallen die op epilepsie lijken maar dat is niet zo dit zijn van die aanvallen: flauwvallen, hyperventilatie of een hartaanval. Een goede manier om er achter te komen of het wel een echte aanval was moet het persoon vertellen wat hem allemaal onderging tijdens de aanval. En vaak daarna doen ze een EEG. De letters EEG staan voor Electro Encefalo Gram en dat betekend: registratie van de elektrische activiteit in de hersenen. Door een EEG wordt dus de hersenen activiteit gemeten. Om een EEG te doen bij iemand plak je allemaal schijfjes op het hoofd en daar zitten draden aan en die zitten vast in het EEG -apparaat . Die schijfjes meten de hersenen en geeft het hersenen activiteit weer op papier in de vorm van lijnen. Pieken op die tekening betekend dat de hersenen actief zijn. Tijdens zo’n aanval zie je alleen maar pieken. Als er geen aanval komt of niet zo vaak heb en je zit aan zo’n apparaat dan worden ook vaak aanvallen op gewekt. Na zo’n EEG wordt vaak ook nog een scan gemaakt. Hiermee krijgt de neuroloog inzicht in de anatomie van de hersenen.

Wachten op een aanval.

Wat voor soorten aanvallen zijn er.
Er zijn verschillende aanvallen. Deze aanvallen zijn in verschillende groepen te verdelen. Er zijn 2 grote groepen en die worden weer in kleiner groepen verdeeld.
De 1ste grote groep is partiële aanvallen en de 2de grote groep is generaliseerde aanvallen.
Partiële aanvallen zijn aanvallen die gedeeltelijk plaatsvinden. Dit wil zeggen dat alleen een bepaald deel van de hersenen betrokken zijn. Partiële aanvallen is onderverdeeld in twee groepen.
- eenvoudige partiële aanvallen
- complexe partiële aanvallen.
Generaliseerde aanvallen is een aanval waar meerdere delen bij betrokken zijn en de mensen zijn vaak ook buitenbewustzijn.
Generaliseerde aanvallen zijn ook in twee groepen onderverdeeld.
- absences
- tonisch-clonische aanvallen, ook wel de grote aanval genoemd.

We gaan het eerst over de partiële aanvallen hebben.

Eenvoudige partiële aanvallen.
Bij deze aanval is maar een klein deel van de hersenen betrokken. De verschijnselen zijn meestal maar van korte duur en erg licht. De persoon die de aanval krijgt blijft bij bewust zijn. Mensen in de omgeving hebben vaak nog niet eens door dat de persoon een aanval krijgt. Deze aanval kan op verschillende manieren voorkomen.

- Motorische verschijnselen: plotseling een onverwachte beweging met de arm of been.

- Sensorische verschijnselen: de gene die een aanval krijgt ruikt iets heeft een vreemde smaak in zijn mond en voelt ergens een tinteling of een prikkel.

- Auditieve of visuele verschijnselen: de gene die de aanval krijgt ziet of hoort dingen die een andere in zijn omgeving niet zien of horen. Soms duurt dit maar enkele seconden en blijft dit beperkt. Dit verschijnsel kan ook het begin van een Tonische-clonische aanval wezen.

Complexe partiële aanvallen.
Bij deze aanval zijn meerdere hersenen betrokken. Ook bij deze aanval zijn mensen vaak buiten bewustzijn. De persoon die de aanval krijgt voelt vaak krampen in de buik en voor de rest komen de verschijnselen overheen met de verschijnselen van de eenvoudige partiële aanvallen. Als het persoon weer wakker wordt weten ze vaak niet meer waar ze zijn en weten niks meer van de aanval te herinneren. Deze aanval duurt vaak enkele minuten.

Nu gaan we het hebben over de generaliseerde aanvallen.

Absences
Absence is eigenlijk een afwezigheid. Iemand is heel even weg het kan zijn dat iemand alleen even met zij ogen rolt of knippert. Soms treden er ook kleine schokjes op in de handen of het hoofd. Vaak weten de buiten wereld nog niet eens dat ze een aanval hebben. En het persoon zelf merkt het pas daarna als ze even niet meer weten waar het over gaat ofzo. Bij kinderen kan dat leerproblemen geven omdat ze dan een stukje van de les missen. Deze aanval duurt vaak maar 30 seconde.
Grote aanval (tonische-clonische aanval)
Bij de tonische-clonische aanval zijn in 3 fasen te verdelen.
1ste fase is de tonische fase.
Deze eerste fase duurt ongeveer een halve minuut. Het hele lichaam verstijft en omdat er lucht uit de longen word geperst kan er een soort schreeuw ontstaan. En slikken kan niet meer dus er vormt zich veel speeksel. En door aanspannen van de kaakspieren bijten ze vaak nog op de tong ook waardoor er bloed ontstaat. Dit lijkt meestal erger dan het is.
2de fase is de clonische fase. Deze fase duurt ongeveer ander halve minuut. Bij deze fase verslappen de spieren weer en meteen weer gespannen door deze reactie krijg je een schokkende beweging. In deze fase komt de ademhaling weer hortend op gang. Het opgehoopte speeksel met klein beetje bloed komt er uit als schuim.
3de fase is de verslappingfase. Deze fase duurt ongeveer 2 tot 5 minuten. Bij deze fase neemt het schokken af en de hele lichaam ontspant zich waardoor de huid bleek wordt. De ademhaling is rochelend en diep. Als ze bijkomen zijn de mensen vaak suf en klaagt over hoofdpijn . het herstellen is bij ieder persoon verschillend de ene is met 5 minuten al weer helemaal in orde en bij de ander duurt het soms een dag voor dat ze helemaal in orde zijn.
Als deze ene aanval langer dan 10 minuten duurt spreken we van status dit komt niet vaak voor.

Eerste hulp bij grote aanvallen.
Eerste hulp bij andere aanvallen is niet zo nodig als je maar in de buurt blijft en oppast dat ze zich niet bezeren. Maar bij een grote aanval kunt u wel wat doen.
- blijf bij de betrokkene en kijk wat er gebeurt en neem de tijd op.
- Bescherm het hoofd met iets zachts.
- Maak de omgeving zo veel mogelijk vrij.
- Maak knellende kleren los en verwijder een bril als dat persoon die heeft.
- Draai de betrokkene als hij verslapt op de zij.
- Draai het hoofd naar achteren en maak de lucht vrij.
- Stel de betrokkene gerust na een aanval
- Waarschuw zo nodig een arts.
Er zijn ook dingen die je absolute niet mag doen als iemand een grote aanval heeft.
- probeer nooit iets tussen de tanden te steken. Dat het persoon tongbijt is toch niet te verhelpen.
- Probeer de aanval niet tegen te houden door het heftige bewegen van armen of benen te stoppen. De bewegingen zijn krachtig u kunt zo botbreuken of spierscheuren veroorzaken.
- Geef geen eten of drinken aan het persoon terwijl de aanval bezig is
- Sprenkel geen water in het gezicht heeft toch geen enkele effect
- Geef geen medicijnen, ook niet na afloop van de aanval. Raadpleeg altijd eerst een arts.
- Bel niet direct een dokter of een ambulance, dit is namelijk zelden nodig alleen bij ernstige verwondingen. De meeste aanvallen gaan van zelf over.

Een uitzondering bel wel een ambulance als de aanval langer dan 10 minuten duurt . Hoe wordt epilepsie behandeld.

Epilepsie wordt behandeld met medicijnen. Toch is er nog steeds niet het goede medicijn gevonden om epilepsie te genezen. Maar wel is er anti-epileptica waarmee je de aanvallen kan onderdrukken en verminderen. Deze medicijnen wordt vooral gebruikt in de vorm van pillen en siroop is ook mogelijk en in noodsituaties kan het ook met een injectie en zetpillen worden gebruikt.Deze medicijnen moeten de mensen lang blijven slikken of wat dan ook, sommige zelfs hun hele leven. Door deze medicijnen worden vaak de aanvallen minder en kunnen de mensen vaak weer een beter leven lijden. De meeste mensen kunnen door de medicijnen op den duur aanvalsvrij worden. Als iemand jaren lang geen aanvallen meer heeft gehad dan kan je in overleg met de dokter de medicijnen af bouwen. Als je dan weer aanvallen krijgt moet je ze natuurlijk weer slikken. Bij ongeveer de helft van alle mensen met epilepsie blijken de aanvallen niet meer terug te komen,nadat ze uit eindelijk helemaal met de medicijnen zijn gestopt. Daar staat tegenover dat toch nog wel zo’n kwart van de mensen met epilepsie hun hele leven last blijven hebben. Ook wordt er nog steeds heel veel onderzoeken gedaan naar goede medicijnen voor epilepsie al hebben ze die toch al een beetje wel.

Hier een dokter die opzoek is naar nieuwe medicijnen en hij is van alles aan het uit proberen om goede medicijnen te vinden.
Hieronder zie je een grafiek die laat zien hoeveel mensen epilepsie hebben en wat hoeveel er aanvalsvrij zijn en hoeveel niet. En welke regelmatig aanvallen krijgen van de 120 000 mensen. Want zoveel zijn er met epilepsie in Nederland.

Epilepsie kan ook operatief behandeld worden dat gebeurt nog niet vaak want daar zitten nog veel risico’s aan maar het gebeurt al meer dan vroeger voor dat ze gaan operen moet alles wel duidelijk zijn waar de storing in zit of wat het veroorzaakt.

De gevolgen van epilepsie voor kinderen.
Als een kind epilepsie heeft kan het niet alles doen wat een normaal kind kan doen of moeten doen. Dit heeft te maken met dat een kind ieder moment een aanval kan krijgen en wat voor inspanningen hij doet. Met sport kan ieder kind gewoon mee doen want de inspanningen lijden niet tot een aanval. Maar de leraar moet wel ingelicht zijn want stel je voor dat ze wel een aanval krijgt. Het spelen in water of bij water is een risico want als het kind een aanval krijgt terwijl het in water is kan het verdrinken en als het bij het water speelt kan erin vallen en dat heb je nog het zelfde effect. Als een kind schoolzwemmen heb kan wel als er begeleiding bij is en als er voorzorgmaatregel is gemaakt vb. kurken omdoen of zwembandjes.
Op school hebben de meeste kinderen geen problemen toch moeten ze wel in de gaten worden gehouden. Leren gaat bij iedereen meestal goed en als ze een aanval krijgen is het vaak wel weer in te halen de stof die ze gemist hebben. Bij enkele kinderen hebben wel problemen dat komt dan dat door hun epilepsie de hersenen niet goed functioneren zoals ik net zei dat valt bij de meeste gevallen wel mee.

Als dat wel zo is, is dat vaak zo bij rekenen.
In het algemeen zijn er 3 soorten stoornissen
· geheugenstoornissen
· aandachtsstoornissen
· tempostoornissen
Deze stoornissen kunnen ook bijwerkingen zijn van de medicijnen. Het is dan ook moeilijk te bepalen waardoor het echt komt die stoornis. De dokter moet kijken wat daar aan kan gedaan worden.

De invloed van epilepsie op het dagelijks leven.
Wanneer iemand epilepsie heeft zal dit een uitwerking hebben op zijn dagelijks leven. Er moet rekening worden gehouden met elke keuze die je maakt zoals welke sport ga ik doen welk beroep er moet zelfs rekening worden gehouden met gezinsplanning. Ook als je gaat auto gaat rijden zijn er bepaalde voorwaarden waar je aan moet voldoen. Zo zijn er nog wel meer activiteiten waar je meer rekening moet houden.

Sport
Sport is niet is te aanraden. Maar het is wel zo dat met inspanning minder kans heb op aanvallen dan met ontspanning. De meeste kans op aanvallen is van ontspanning na de inspanning. Op deze regel is wel wat aan te merken want bij bergbeklimmen, deltavliegen, parachutespringen, ,maar ook zwemmen zeker duiken zijn gevaarlijke activiteiten voor iemand die aanvallen heeft. Heel veel andere sporten en er blijven er genoeg over zijn ongevaarlijk vaak ook wanneer er een aanval optreedt. Maar voor deelnemen aan een sport zitten nog wel een aantal dingen waar je op moet letten vb. of de gene die aanvallen krijgt niet veel risico loopt en hoe groot de kans is op een aanval. Je moet wel in de gaten houden dat je enkele aanvallen per jaar krijgt sommige enkele per dag nou is het wel zo wat voor soort aanvallen je krijgt natuurlijk. Als je al twee jaar aanval vrij bent dan hoef je voor zwemmen geen voorzorg maat regels te treffen want dan is de kans klein dat je nog een aanval krijgt. Als de gene wil weten wat voor sport die kan doen kan die dat altijd aan zijn dokter vragen.

Beroepskeuze
De beroepskeuze hangt natuurlijk af van wat het persoon zelf wil doen maar toch kan hij niet alle beroepen doen. Hij kan natuurlijk geen piloot worden of iets waar hij ladders of steigers mee moet beklimmen. Het hangt natuurlijk ook af hoe vaak je een aanval krijgt. Ook zijn er een aantal regels voor bepaalde banen dat verbiedt dat met epilepsie of andere stoornis dat beroep kunnen worden vb. autorijden, een trein besturen en functies in de scheep- of luchtvaart en natuurlijk piloot zoals ik net al zei. Maar er zijn genoeg banen die er nog over zijn bijvoorbeeld een baan op kantoor is perfect voor iemand die epilepsie heeft. Natuurlijk kan de rest ook nog maar vaak moet je dan eerst met arbeidsdeskundigen praten.

Solliciteren
Als je gaat solliciteren kan het vaak voor komen dat vanwege je ziekte niet aangenomen worden. Want een baas heeft natuurlijk liever iemand zonder kwalen. Maar als je op sollicitatie gesprek hebt en de baas naar je gezondheid vraagt hoeft de sollicitant geen antwoord te geven en verwijzen naar de aanstellingskeuring. Tegen de keuringarts moet je wel vertellen van je ziekte maar hij heeft een beroeps geheim en hij mag dat niet vertellen totdat je aangenomen bent maar dan hoeft de baas het nog niet te weten. Maar slim is als je aangenomen bent dat moeten ze het wel tegen hun collega’s vertellen want als je een aanval krijgt dan moeten ze weten wat ze moeten doen.

Gezinsplanning
Zoals gewoonlijk willen vaak jongeren meisjes nog niet zwanger worden en dan is de meest gangbare methode om zwangerschap te verkomen de pil gebruiken. Helaas heeft de anti-eleptica vaak een negatieve invloed op de pil waardoor een grotere kans op zwangerschap ontstaat. De pil heeft geen negatieve invloed op de zwaarte van een aanval het heeft zelfs een gunstig effect op de zwaarte van de aanval hij wordt dus minder zwaar.
Wanneer iemand die epilepsie kinderen wil krijgen kan dat persoon op een aantal vragen komen. Natuurlijk of het erfelijk is en zoals u al weet van eerder uit dit werkstuk weet u dat daar meer kans op is. En natuurlijk of het gevaarlijk is als je een aanval krijgt terwijl je zwanger bent. Ja tijdens de zwangerschap kan een grote aanval gevaar op leveren voor het ongeboren kind en natuurlijk voor de moeder ook. Behalve het gevaar van een ongelukkige val, kan ook het ongeboren kind ook een tekort aan zuurstof krijgen tijdens een aanval van de moeder. Daarom is het vaak niet mogelijk om te stoppen met de anti-eleptica. Intussen is er ook al bekend dat er tijdens de zwangerschap het gebruik van anti-eleptica de kans vergroot op een aangeboren afwijking bij het kind.
Het is dan ook zeker aan te raden voor vrouwen die epilepsie hebben zeker eerst goed vragen te stellen en weten waar ze aan beginnen, en natuurlijk over de zwangerschap en de situatie die kan voor doen.

Bronvermelding:
Ik heb veel informatie van internet en hier zijn sites ik weet ze niet allemaal meer maar hier volgen ze.
www.ziekenhuis.nl
www.epilepsie.nl
en ik heb ook nog folders uit de apotheek gehaald.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

J.

J.

ik ben julia en hou mijn werkstuk over epilepsie waar heb je al die info vandaan mail me snel terug moet het namelijk over 3 wedken inleveren

Doei
julia

21 jaar geleden

J.

J.

wat heb jij voor dat werkstuk gehaald......sommige zinnen zijn niet helemaal nederlands namelijk.
kuz

21 jaar geleden

H.

H.

ik heb geen commentaar hoor !!
maar i kmoet wel zeggen is een goeie werkstuk als je het niet erg vindt ik hou mijn spreekbeurt over epilepsi en dan komt joustukje werkstuk in mijn spreekbeurt

groeten : b.n lili in groep 8

18 jaar geleden

M.

M.

goeie info!!!!! k' ga het voor me spreekbeurt gebruiken

11 jaar geleden

Z.

Z.

ik hou mijn werkstuk ook over epilepsie stuur me a.u.b een mail met site waar je je ifo van dan heb a.u.b !!!

8 jaar geleden