Kaspar Hauser

Beoordeling 5.5
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • 4e klas vwo | 2729 woorden
  • 21 mei 2001
  • 14 keer beoordeeld
  • Cijfer 5.5
  • 14 keer beoordeeld

Persoon
Taal
Nederlands
Vak
ANW
De kerker
Kaspar zit in een kerker. Geen minuut, geen uur, maar dagen lang. Maar hij vindt het niet erg. Hij is het wel gewend, in werkelijkheid weet hij niet beter of hij woont daar. Hij brengt de dag door met twee rossen (zijn houten speelgoedpaarden) en de twee gekleurde linten.

"Ook al deed zijn bewaker een verdovend middel in het water, toch zag de jongen er niet ziek uit. Hij had een witte, tere huid. Zijn ronde gezicht was wel wat opgeblazen. Hij had een grote, rechte neus met brede neusvleugels en een opvallend kleine mond. Zijn van achteren fijn krullende, blonde haar werd af en toe geknipt als hij sliep. Meestal viel het over zijn oren en over de kraag van zijn overhemd dat hij dag en nacht droeg."

De dagen zijn hetzelfde, totdat…


Op 12 mei 1828 ging de kerker open. Zijn bewaker droeg een grote zwarte mantel en verborg zijn gezicht achter een zwarte wollen sjaal. Hij moest leren schrijven. Het lukt best aardig en met een nieuw ros in het vooruitzicht doet hij zijn best. Na een paar dagen is het schrijven van zijn eigen naam geen probleem meer en wordt 'Weesgegroet Maria' en het 'Onze Vader' aangeleerd. Ook leerde hij een zin: 'Ruiter wezen zoals mijn vader is geweest'.

"Op vrijdagavond 24 mei van het jaar 1828 werd de jongen wakkergeschud. De man kleedde hem aan. De korte broek was van grijze lakenstof en had ooit aan een rijknecht of jager toebehoord. Over een hemd met een verbleekt vest van rood gespikkeld linnen kreeg hij een wambuis. Om de hals van de jongen strikte de man een zwarte zijden halsdoek. Een grote ronde vilten hoed, met gele zijde gevoerd en met rood leer bezet, zette hij op zijn hoofd. De gescheurde laarzen pasten de jongen niet. De tenen van zijn blote voeten staken er doorheen. Het was voor het eerst sinds jaren dat hij iets aan zijn voeten droeg."

Kaspar ging samen met de man naar Neurenberg. Na enkele dagen lopen kwamen ze daar aan waar Kaspar een nieuw woord leerde: Nieuwpoortstraat. Dit was de straat waar hij naar toe moest. Ritmeester Von Wessenig ving hem op. Welke vraag hem ook gesteld werd, hij gaf als antwoord 'Ruiter wezen zoals mijn vader is geweest'.

Niemand begreep iets van zijn verschijning, totdat ritmeester twee brieven vond, de eerste:

"Het kind is al gedoopt.
Een roepnaam moet u hem zelf geven.
Wees zo goed hem op te voeden.
Zijn vader is een Schwolische.
Als hij 17 jaar is.
Stuur hem dan naar het 6e regiment
Waar zijn vader ook geweest is.
Hij is geboren op 30 april.
In het jaar 1812. Ik ben een arm meisje.
En ik kan het kind niet onderhouden.
Zijn vader is gestorven."


En de tweede:

"Hoogwelgeboren heer ritmeester,

Deze knaap is bij mij te vondeling gelegd op 7 oktober 1812. Ik ben een arme dagloner, ik heb zelf tien kinderen. Ik heb hem christelijk opgevoed, leren schrijven en lezen, en sinds 1812 heeft hij geen stap buiten de deur gedaan. Hij weet niet hoe mijn huis heet en waar hij is grootgebracht en hij wil ruiter worden zoals zijn vader. Beste heer ritmeester, u hoeft hem niet onder handen te nemen, want hij weet de plaats niet waar ik ben. Hij heeft geen stuiver geld bij zich en als U hem niet wilt behouden, dan slacht u hem maar af of hang hem op in de schoorsteen."


Von Wessenig dacht dat hij voor de gek werd gehouden maar zijn dochter Isolde wist hem ervan te overtuigen de jongen iets op te laten schrijven. Hij schreef:


KASPAR HAUSER


De Vestner toren
Misdadigers en landlopers werden in de Vestner toren opgesloten. Zo ook Kaspar, dit tegen de zin van Isolde in, maar haar vader was onverbiddelijk. De ritmeester wilde niets met de vondeling te maken hebben en liet de jongen nog dezelfde nacht door twee agenten jammerend wegslepen naar de toren. Toen de gevangenisbewaarder de volgende ochtend hoorde dat die nacht een arrestant binnen gebracht was, ging hij meteen kijken…

De gevangenisbewaarder Hiltel verzorgde Kaspar goed en gaf hem voldoende eten. Regelmatig kwam Isolde hem opzoeken en bracht dan speelgoed voor hem mee.

Kaspar moest alles leren. Isolde hielp hem daarbij. Zij wees allerlei voorwerpen aan die Kaspar moest benoemen.

Het spreken ging steeds beter. Hij kon met enkele woorden duidelijk maken wat hij wilde. En vooral wat hij niet wilde. Nog steeds nam Kaspar alleen maar water en droog brood. Het angstzweet brak hem uit toen Hiltel eens een druppeltje koffie in zijn water had gedaan. Kaspar kreeg van de geur hoofdpijn en moest bijna overgeven.

'Dit kan zo niet langer', zei Isolde tegen Hiltel. 'We moeten een dokter laten komen.'

Dokter Preu onderzocht de jongen en kwam tot de ontdekking dat Kaspar geen eelt onder zijn voeten had (hij had dus nog maar weinig gelopen) en op vroege leeftijd ingeënt was tegen waterpokken (vroeger konden alleen rijke mensen deze inenting betalen, dit wees er dus op dat hij uit een rijk nest kwam).

Isolde maakte veel wandelingen met hem om hem nog meer te leren. Op een van die wandelingen kwam ze er achter dat Kaspar heel erg goed kon zien in het donker.

Op een avond had Isolde zich vergist in de tijd. Ze waren nog ver verwijderd van de Vestner toren toen de schemering viel.

'Zesentwintig, ' herhaalde hij. Kaspar wees naar een spinneweb op honderdtachtig passen afstand. 'Mug, mug.' Dichterbij gekomen zag Isolde inderdaad wat zij van die afstand niet had kunnen ontdekken. Hij zag 's avonds beter dan overdag.

Een kwartier later telde Isolde inderdaad zesentwintig sterren die zij in de schemering niet had waargenomen."

De burgemeester besloot dat Kaspar naar een geheime schuilplaats moest.


Dromen
Het huis lag in een afgelegen wijk van Neurenberg aan een groot plein. Hier zou niemand Kaspar Hauser kunnen vinden. Om vier uur in de nacht werd hij via een achteruitgang van de Vestner toren in een dichte koets gedragen.

De familie Daumer was erg aardig tegen Kaspar en liet hem zo veel mogelijk met rust. Ze leerden hem langzaam de dagelijkse kost te eten.

Op een middag, toen Kaspar een ritje op een paard aan het maken was door het bos, kwam hij ritmeester Von Wessenig tegen. Ze reden een stukje met elkaar op…

Ze reden stapvoets naast elkaar. Kaspar rook een alcohollucht.

'Hausertje, ik moet je iets vertellen,' zei de ritmeester jolig. 'Weet je dat ik een brief van je moeder heb ontvangen? Ze schreef me dat ze over twee jaar tevoorschijn komt.'

'Echt waar?' Kaspar geloofde de ritmeester onmiddellijk.

Maar de ritmeester was dronken geweest en dit bij wijze van grapje verteld. Professor Daumer nam dit hem niet in dank af en gaf hem een flinke uitbrander.

Op een middag, toen Kaspar ziek thuis was en professor Daumer een wandelingetje aan het maken was, belde er iemand aan. Aangezien hij op het toilet zat vroeg hij of iemand de deur even open kon maken. Maar er was niemand anders thuis…

Kaspar ging zelf de deur open doen. Toen deze op een kier open was, zag hij een donker gedaante met een gemaskerd gezicht. De deur ging verder open. Net toen hij bukte, kreeg hij een klap op zijn hoofd. Langzaam zakt Kaspar in elkaar.

Toen hij weer bijkwam liep er iets warms over zijn hoofd en toen hij begreep dat het bloed was, raakte Kaspar in paniek. Trillend zocht hij de kelder op waar hij zijn bewustzijn verloor.

Bij thuiskomst zag de moeder van professor Daumer het bloed. De sporen volgend vond zij Kaspar in de kelder. In eerste instantie was de familie Daumer in de veronderstelling dat hij al dood was, maar later bleek dat het slachtoffer nog leefde.


Ruzie
De moordaanslag stond in alle kranten. Zelfs de koning hoorde ervan. Ridder Von Feuerbach (rechter) werd aangesteld om het sporenonderzoek te leiden. Hij kwam er achter dat Kaspar Hauser ten zuidoosten van Neurenberg in de kelder had gezeten en dat de man waarschijnlijk een amateur was geweest.

Kaspar herstelde langzaam. Na vele weken kwam hij pas weer op de been en hij herstelde langzaam. Intussen bleef Von Feuerbach zonder onderbreking doorzoeken.

Er waren aanwijzingen dat Kaspar een Hongaarse kroonprins zou zijn en toen bleek dat hij zelfs een paar woordjes Hongaars kende, werd dit nog iets sterker bevestigd.

Toen Isolde eens naar de toekomst vroeg, wist Kasper niet wat te zeggen. Daar had hij eigenlijk nog niet over na gedacht. Ondanks dat hij geen zin had om te gaan werken had Isolde hem samen met Von Tucher (zijn nieuwe adoptievader) opgegeven voor een opleiding tot boekbinder.


De komst van de graaf
Er had zich een Engelse graaf gemeld. Tijdens de moordaanslag van vorig jaar was de graaf in Neurenberg geweest en nu wilde hij het slachtoffer graag eens ontmoeten. De Engelsman bood Von Feuerbach aan te helpen bij het onderzoek aangezien hij door Europa reisde.

Op goedkeuring van de rechter bezocht de graaf Kaspar. Na afloop verzekerde de graaf hem dat hij Kaspar genoeg geld zou sturen om van te leven, zodat hij geen boekbinder meer hoefde te worden.

In de weken nadat de graaf was geweest, was Kaspar heel erg vrolijk. Elke dag schreef hij een brief aan en kreeg er ook regelmatig een terug, meestal vergezeld met cadeau. Maar de adoratie voor de graaf was zo sterk dat Von Tucher Kaspar niet meer uit kon staan, daarom trok hij bij Von Feuerbach in.


Het geheim van de rechter
"Kaspar maakte geen huiswerk. Maar vervelen deed hij zich niet. Hij schreef brieven. Iedere dag weer schreef hij lange brieven naar de graaf en één keer naar Isolde. Daarin vertelde hij hoe gelukkig hij was nu hij naar Engeland mocht."

Het wachten was op de graaf. Er gingen maanden voorbij. Hij had een nieuwe pleegvader gevonden; Johann Georg Meyer, onderwijzer en organist in de kerk. Kaspar werd er vriendelijk ontvangen.

De graaf was er eindelijk. De rechter vertelde hem wat hij ontdekt had:

"Op 29 september 1812 kreeg groothertogin Stephanie een zoon. De geboorte verliep moeizaam, maar het kind bleek gezond te zijn. Iedereen vierde feest, dat herinner ik me nog wel. Want met de geboorte van deze erfprins zou het geslacht Zahringen in stand blijven. Het vorstendom Baden zou behouden blijven.

Na twee weken lag er plotseling een doodzieke baby in de wieg. Ik had de voedster over de baby gesproken. Ze had toevallig twee uurtjes vrij op die dag, de befaamde 16e oktober 1812. Artsen werden bij de wieg geroepen, maar zagen niet wat de baby mankeerde. Nog diezelfde avond stierf de baby.

"Er is inderdaad in die wieg een baby gestorven. Groothertog Karel zag inderdaad een doodzieke baby. Maar dat was niet de zoon van hem en zijn vrouw Stephanie. Er lag een andere baby in de wieg. Maar door omstandigheden zag Karel dat niet. Waarschijnlijk was hij weer, zoals altijd, aangeschoten of volledig dronken. Iemand heeft de baby's verwisseld."

Na een kort bezoek vertrok de graaf weer.


Een nieuwe gevangenis
Kaspar bleef enthousiaste brieven schrijven. Hij kreeg alleen steeds minder antwoord. Meneer Meyer vertelde hem dat de graaf het heel erg druk had. Meyer kwam met het idee om een dagboek bij te houden en dit elke keer als het vol was op te sturen. Ook rechter Von Feuerbach voelde zich in de steek gelaten. Hij kreeg het idee dat de graaf een oplichter was.

Het verhaal over Kaspar bereikte zelfs groothertogin Stephanie en zij besloot de rechter uit te nodigen om met hem te praten. Helaas zakte de rechter halverwege de reis in elkaar en overleed hij terplekke. Wel had hij nog net de tijd gehad om een kort briefje te schrijven; ‘Ze hebben me iets gegeven’. Kaspar was er kapot van.

Groothertogin Stephanie reisde af naar Ansbach met haar dochters waar ze verbleef in een hotel. Op een dag had Stephanie zich verstopt in een tuin waar Kaspar een wandeling zou maken. Bij de aanblik van de jongen viel ze flauw. Hij leek precies op haar dochters…


De hoftuin
Op 13 december 1833 kwam er in de hoftuin een vreemde man naar hem toe. Hij vroeg hem om naar de fontein te komen, hij had nieuws voor hem. Eerst wilde Kaspar niet gaan, maar toen de man zei dat hij nieuws van zijn moeder had, werd hij zenuwachtig. Hij besloot te gaan…

Na een gesprek waarin de man vertelde dat zijn moeder zou komen overhandigde hij een klein cadeautje van haar. Een lila zakje dat dichtgesnoerd was met een dubbel snoertje. Op het moment dat Kaspar het cadeautje in zijn jas wilde stoppen, zag hij iets flitsen en voelde een verschrikkelijke pijn in zijn linkerborst. Hij viel voor de voeten van de belager en verloor zijn bewustzijn…

Hij bereikte zijn woonhuis waar hij uitlegde wat er gebeurd was. Toen de dokter hem onderzocht had bleek dat hij stervende was. Meneer Meyer vond het cadeautje en opende het. Er zat niets anders in dan een briefje. Er stond een heel raar 'gekras' op. Gelukkig kon de dokter zien dat het spiegelschrift was en ontcijferde het.

"Kaspar Hauser zal u nauwkeurig kunnen beschrijven hoe ik er uit zie en waar ik vandaan kom. Om hem de moeite te besparen, zal ik het u zelf zeggen. Ik kom van Kempten aan de Beierse grens. Ik zal u zelfs mijn naam zeggen: M.L.O"

Toen het einde van Kaspar Hauser's leven nabij was waren zijn beste vrienden in de buurt waaronder Isolde en dominee Fuhrmann die voor ging in gebed. Een paar uur later overleed Kaspar maar niet voordat Isolde hem had beloofd dat de waarheid over zijn afkomst ooit aan het licht zou komen. Enkele dagen later, op 20 december was de begrafenis van de jongen. Het was heel erg druk en er waren overal witte bloemen. Kaspar kreeg een gedenksteen:

Hier Rust

Kaspar Hauser

Het Raadsel

Van Zijn Tijd

Onbekend Zijn Geboorte

Donker Zijn Dood



Het onderzoek
In de maanden die volgden zochten Isolde, Binder en de dominee naar de herkomst van de jongen. Dit leverde een paar bijzonderheden op. In een van de kerkregisters die ze erop nakeken bleek dat Ernest Blochmann verdacht veel overeenkomsten te hebben met het leven van Kaspar. De geboortedatum was hetzelfde en er bleek gesjoemeld te zijn met de datum van zijn dood; zijn werkelijke sterfdatum moest in 1812 zijn geweest maar in de kerkregisters stond 1833…


Het koninklijk verhoor
Toen er genoeg bewijsmateriaal verzameld was bleek er maar één manier te zijn om de dader(s) te pakken. Een koninklijk verhoor… Dit houdt in dat alle burgers die opgeroepen zijn verplicht worden mee te werken en vragen te beantwoorden.

Nadat een handschriftdeskundige de briefjes vergeleken had met een paar zinnen geschreven door de graaf, was het definitief; hij had zijn spelletje verloren…


Een maand later
De groothertogin lag ziek op bed. Ze kon de boodschap dat er een samenzwering was geweest om haar zoon te doden niet meer aan. De dag erna zou iedereen van de hele geschiedenis kennisnemen, het rapport geschreven door Isolde Von Wessenig, burgemeester Binder en dominee Fuhrmann werd gepubliceerd in heel Europa. Het belangrijkste deel dat er in stond:

"Tot zijn derde jaar woonde Kaspar op een kasteel in Bueggen in de buurt van Lauffenberg. Daar leefde hij onder de hoede van een Hongaarse kinderjuffrouw. Daarna werd hij overgebracht naar de eenzame kerker in Pilsach, in zuidoost-Neurenberg. Het landhuis werd niet bewoond. De jachtopziener bracht 's nachts brood en water bij een slapende Kaspar. Dan verwisselde de man met de zwarte mantel ook de ijzeren pot in de vloer waarin Kaspar zijn behoefte deed. Volgens de verklaring van graaf Stanhope tijdens het koninklijk verhoor hadden de samenzweerders één fout gemaakt. Ze hadden Kaspar nooit naar Neurenberg mogen brengen. Niemand kon voorzien dat Kaspar uit zou groeien tot voorpagina nieuws. De graaf vreesde dat Kaspar zich steeds meer zou gaan herinneren van zijn jeugdjaren in Bueggen. De samenzwering moest geheim blijven. Daarom moest zowel rechter Von Feuerbach als Kaspar uit de weg worden geruimd."

Kaspar kwam dus wel degelijk uit een bijzondere familie. Hij was erfgenaam van het groothertogdom van Zahringen. Als hij nog geleefd had zou hij groothertog zijn geweest. Maar de rijksgravin van Hochberg had daar een stokje voor gestoken. Zij verlangde naar een groot rijk in plaats van een paar kleinere. Daarom had zij een complot gesmeed. Kaspar moest uit de weg geruimd worden om Hochberg groter te kunnen maken…

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.