Frankrijk

Beoordeling 5.8
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • 2e klas vwo | 2871 woorden
  • 27 maart 2002
  • 267 keer beoordeeld
  • Cijfer 5.8
  • 267 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
De geschiedenis van Frankrijk.

Napoleon Bonaparte(1769-1821), de zoon van een arme, kleine landeigenaar op Corsica, kwam in het Franse leger als onderofficier. In 1796(hij was 27 jaar) kreeg hij het bevel over het Franse Leger van Italië, en tijdens een schitterende veldtocht van achttien maanden versloeg hij de Oostenrijkers en bracht Italië onder Frans bestuur. Gesteund door zijn leerlingen greep Napoleon de macht over Frankrijk(9-10 november 1799). Hij liet zien dat hij een goede bestuurder en een goede soldaat kon zijn. Er werd een nieuwe wettelijke code ingevoerd(de Code Napoléon), er kwam een regering en er werden nieuwe wegen aangelegd. Na zijn kroning van bestuurder in 1804 begon Napoleon aan een paar succesvolle militaire veldtochten die echt lieten zien dat hij de meester van Europa was. In 1812 kwam zijn eerste grote verloren strijd toen hij Rusland binnenviel, en uiteindelijk werd hij verslagen door een Engels-Pruisisch leger in de slag bij Waterloo in 1815. De rest van zijn leven bracht hij door op het kleine eiland St. Helena in het zuidelijk deel van de Atlantische Oceaan.

De Franse Revolutie. Het is 14 juli. Op deze dag van het jaar wordt in heel Frankrijk feest gevierd. In veel Franse steden worden op deze dag militaire parades en fakkeloptochten gehouden. s’Avonds laat wordt er vuurwerk afgestoken. De Fransen herdenken op 14 juli de bestorming van Bastille, een zwaar bewaakte gevangenis in Parijs. De bestorming vond plaats op 14 juli 1789 en was het begin van de Franse Revolutie. In die tijd ging het heel slecht met Frankrijk. Er was veel armoede. Het grootste deel van het volk leed honger. Koning Lodewijk de zestiende had nergens last van. Hij gaf veel geld uit aan dure feesten en oorlogen. Lodewijk deed de mensen die tegen hem waren de gevangenis in, in Bastille. Het volk pikte het niet langer en bestormde deze gevangenis. Ze schreeuwden ‘vrijheid, gelijkheid en broederschap.’ Alle gevangenen werden bevrijd. De koning werd gevangen genomen en later onder de guillotine(apparaat waarmee mensen werden onthoofd)vermoord. Ook veel aanhangers van de koning werden onthoofd. Frankrijk werd een republiek en de ‘Marseillaise’ het volkslied. Dit lied was tijdens de revolutie geschreven door een soldaat.


Een aantal bekende mensen waren: Charles de Gaulle, Jean Jacques Rousseau, Lodewijk XIV, Jeanne d’Arc, Napoleon Bonaparte, Maximilien Robespierre en Karel de Grote.
Charles de Gaulle(1890-1970): Hij was tijdens de tweede wereldoorlog leider van de ‘vrije Fransen’. In 1958 werd hij president van Frankrijk en regeerde hij het land in de moeilijke jaren waarin Algerije voor zijn zelfstandigheid vocht. Charles de Gaulle was tot 1969 president van Frankrijk.
Jean Jacques Rousseau(1712-1778): Deze wijze man en schrijver had in de 18e eeuw grote invloed op het denken in Frankrijk. Hij vond dat de maatschappij een slechte invloed had op het volk. Zijn ideeën gaven aanleiding tot de ontwikkeling van de Franse Revolutie in 1789.
Lodewijk XIV: De bijnaam van hem was ‘De Zonnekoning’. Hij werd beschouwd als ‘de zon die Frankrijk verlicht’. Hij regeerde van 1643 tot 1715. Van Frankrijk maakte hij het machtigste land van Europa. Lodewijk verhuisde daarna naar Versailles, in de buurt van Parijs. Hij had er een schitterend paleis laten bouwen.
Jeanne d’Arc: Hij werd geboren in 1412. Als jong meisje hoorde ze de stem van God. Die zei dat ze tegen de Engelsen moest vechten en dat ze de Franse koning op de kroon terug moest krijgen. In 1429 stond Jeanne
aan het hoofd van het Franse leger. Ze haalde dat jaar de overwinning bij Orleans. Maar in 1430 werd ze gevangen genomen door de Engelsen. Ze werd als heks op de bandstapel gegooid. Jeanne d’Arc werd in 1920 heilig verklaard.

In de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) leed Frankrijk zware verliezen tegen Duitsland. Meer dan miljoen Fransen werden gedood. Er waren 2 miljoen gewonden. De Duitsers probeerden heel Frankrijk te veroveren. Meer dan drie jaar vochten de legers langs de grens tussen België en Frankrijk tegen elkaar. België was al door de Duitsers veroverd. Uiteindelijk werden de Duitsers verslagen met hulp van andere landen.

In 1939 begon er weer een oorlog. De 2e wereldoorlog. De Duitsers vielen ongeveer in1940 Frankrijk binnen. Ze trokken door België om de tanks en soldaten te ontwijken. Ze bezeten ongeveer twee derde van Frankrijk. In Zuid Frankrijk werd de vichy-regering ingesteld onder bevel van Duitsland. In 1942 bezetten de Duitsers ook dit gebied. In 1944 vielen de legers van de bevrijders Frankrijk binnen om men te bevrijden. (met Britse, Amerikaanse, Canadese en Poolse soldaten) Normandië binnen om Frankrijk te bevrijden.

Belangrijke plaatsen

Monaco. In Monaco wonen bijna 30.000 mensen. Dat is erg veel voor zo`n kleine oppervlakte. Al eeuwen lang heeft Monaco te maken met Frankrijk. Frans is dan ook de taal waarin de gesprekken worden gevoerd in Monaco. En ook het onderwijs is helemaal aangepast op Frankrijk. Er zijn vier openbare basisscholen in Monaco. De kinderen leren daar precies hetzelfde als de andere kinderen in Frankrijk. Monaco heeft een oppervlakte van 195 hectaren. Er zijn in Monaco bijna 60 bankkantoren. Voor toeristen valt er veel te zien en te beleven. “Monaco- Ville”- het oudste gedeelte van Monaco – vinden we het “paleis” van prins Rainier, dat hoog boven rotsen is gebouwd.

Parijs. Parijs is de hoofdstad van Frankrijk zoals je weet. Er staan eeuwenoude woonhuizen aan de oevers van de Seine, de rivier die dwars door Parijs loop(stroomt). Dat is het oudste deel van Parijs. Hij verdeelt de stad in de linker oever en de rechter oever. Je kunt er prachtige tocht op de rivier maken met een rondvaartboot. Frankrijk heeft meer dan 58 miljoen inwoners, waarvan er meer dan elf miljoen in en om Parijs wonen. Parijs is een van de mooiste steden van Europa: brede straten met rijen bomen aan de weerskant en beroemde monumenten en musea. Het Parijs van nu werd in 19e eeuw voor een groot deel herbouwd. Heel bekent voor Frankrijk de Eiffeltoren en Disneyland Parijs. Midden in de stad licht de Notre Damekathedraal. Maar de Eiffeltoren is nog steeds het beroemdste gebouw van Frankrijk. Al vanaf de 14e eeuw was Parijs ook al belangrijk voor de mode.
De mode uit Parijs heeft ook indruk voor de hele wereld. Franse kleding wordt overal over de wereld nagemaakt.

Corsica. Corsica is het grootste eiland van Frankrijk. Napoleon is er gestorven. Er zijn maar twee grote steden in Corsica, dat zijn Adjacio, Bastia. Corsica ligt in de Middellandse Zee.
Er zitten ook veel bergen op Corsica. Onder Corsica ligt Sardinië van Italië. Het ligt 170 km ten zuiden van Frankrijk.

Mont Blanc. De Mont Blanc is 4807m hoog en is de hoogste berg van Europa. De Mont Blanc ligt in de Alpen.

Pyreneeën. De Pyreneeën liggen op de grens tussen Frankrijk en Spanje.
De bergen lopen tot de Golf van Biskaje naar de Middellandse Zee, over een afstand van 435 km. In de Pyreneeën vind je bergpassen met haarspeldbochten en diepe ravijnen. In de Pyreneeën liggen oude dorpjes. Het klimaat in de Pyreneeën is mild en vochtig. In bergen kan je goed vissen, tochten maken en skiën. Er zijn ook heel geneeskrachtige bronnen. Tussen de Pyreneeën en de Alpen ligt op 2000 meter hoogte het Centraal massief.

Disneyland Parijs. Op 30 km van Parijs ligt het pretpark Disneyland.
Heel veel mensen beleven er een hele leuke dag. Ze ontmoeten bijna alle beroemde helden uit de stripverhalen en tekenfilms van Walt Disney. Je ziet bijvoorbeeld Mickey, Goofy, Pluto, oom Dagobert, oom Donald en de neefjes, Sneeuwwitje en de zeven dwergen. Schitterend is het kasteel van Doornroosje met al die torens. Geheimzinnig is het piratenschip van kapitein Haak. Je beleeft er spannende dingen. Je kan er in een trein van een berg af racen en in een doolhof van Alice in Wonderland spelen. Ook kan je er een reis door de nagemaakte ruimte maken. En als je het naar je plezier hebt, is de dag zo om.


Alpen. De Alpen liggen in Zwitserland, Duitsland, Oostenrijk, Italië en natuurlijk Frankrijk. De Alpen zijn de hoogste bergen van West-Europa. De Mont Moro-pas is een doorgang tussen twee bergtoppen op 2879 meter hoogte. Deze pas verbindt Zwitserland met Italië. Overal waar je kijkt zie je bergen met witte toppen. Heel anders dan in Nederland! De Alpen is zo’n groot berggebied het is van de Middellandse Zee in Zuid-Frankrijk tot aan Wenen in Oostenrijk. De hoogste toppen van de Alpen zijn altijd bedekt met sneeuw. We noemen dat eeuwige sneeuw. Deze toppen zijn namelijk hoger dan de sneeuwgrens(denkbeeldige lijn op 3200 meter hoogte). Daarboven smelt de sneeuw nooit. Als je een berg opgaat, veranderen er drie dingen: temperatuur wordt lager, vochtigheidsgraad hoger en het zonlicht feller. In de bergen heb je dus dieren die in deze omstandigheden kunnen leven. In de Alpen heb je wegen, haarspeldbochten, bergpassen en tunnels. De Alpen worden beschermd, vanwege de luchtvervuiling en de vernietiging van het bos. De luchtvervuiling ontstaat doordat er steeds meer wegen worden aangelegd en er dus steeds meer auto’s rijden. De vernietiging van het bos kan als gevolg hebben dat er aardverschuivingen ontstaan en modderstromen, doordat de wortels van de bomen eruit zijn en de grond niet meer wordt vastgehouden. Hierdoor schuurt de bovenste vruchtbare laag eraf en wordt het een kaal onvruchtbaar gebied.

Het landschap.


Weer en klimaat. In Frankrijk heb je twee verschillende soorten weergebieden, het noorden en het zuiden. In het noorden is minder zon en meer regen en hoe verder je van de zee afkomt hoe droger het wordt. Het zuiden heeft hete zomers en de winter is er minder koud dan in het noorden. In het gebied langs de Middellandse Zee is het ‘s zomers droger dan in de Aquitaine in het zuidwesten waar het vochtiger is. In het zuidoosten, aan de Middellandse Zee, zijn de winters zacht en de zomers heet en droog. Daardoor ontstaan daar vaak bosbranden. In Bretange en Normandië zorgt de Atlantische Oceaan voor veel wind en regen. In dit deel van Frankrijk liggen maar een paar hoge bergen, dus wind en regen komen in dit gebied vaak voor. Het weer in het oostenvan het land wordt sterk beïnvloed door het centraal en oostelijk Europa. De winters er koud, het is vaak helder weer; in de zomer is het er heet en zijn stormen gewoon.

Gebruik van het land. Het grote platteland en de enorme berggebieden tussen de grote steden kunnen er heel verschilend uitzien. In het noorden ligt het laagland uit grote open velden waar graan en suikerbieten worden verbouwd. In het westen zijn velden minder groot en bedrijft men meer veeteelt dan landbouw. In sommige delen van Centraal Massief liggen stenen muurtjes tussen de weilanden. Er grazen veel schapen. In het gebied langs de Middellandse Zee zijn veel fruit- en olijfboomgaarden.

Steden. Sommige delen van Frankrijk zijn helemaal volgebouwd. Parijs ligt midden in het stroomgebied de Seine. Ook in de buurt van Lille in het noorden liggen stedelijke gebieden met veel industrie en mijnbouw, net als in het mijnbouwgebied in het noorden van Lotharingen. Waar de Rhône en de Saône samenkomen ligt Lyon, een grote handels en industrie stad. Marseille is Frankrijks grootste haven stad. Aan de Garonne ligt Toulouse dat zich ontwikkeld heeft tot de belangrijkste stad van de landbouwgebieden er omheen. Bordeaux, Nantes en le Havre zijn steden die zich aan de monding van de drie grootste rivieren van Frankrijk tot belangrijke handelscentra hebben ontwikkeld.

Rivieren. Drie grote rivieren gaan dwars door het laagland in het noorden en westen. De Seine stroomt door Parijs en komt uit Le Havre in de zee. Schepen vervoeren goederen van en naar de hoofdstad. De Loire is met zijn 1020 kilometer de langste rivier van Frankrijk. Hij stroomt van het Centraal Massief naar de Atlantische Oceaan waar bij Nantes uitkomt in de zee. Bij de Garonne, die in de Pyreneeën ontstaan is, voegt zich onderweg aan bij de Dordonge die ontstaan is in het Centraal Massief. De rivier komt bij Bordeaux uit in de Atlantische Oceaan. De vierde rivier van Frankrijk is de Rhône die in Zwitserland in de buurt van de Mont Blanc ontstaan is

Het dagelijks leven.

Het huis. Een kwart van de Franse bevolking woont op het platteland. De rest woont in de steden. Op het platteland is dan ook veel ruimte voor weinig mensen. Hier en daar zie je een boerderij, hier en daar een dorpje. De meeste mensen op het platteland leven van de landbouw. De dorpen zijn vaak erg oud. In het midden van het dorp zie je vaak een plein. Daar omheen staat een kerk, het gemeentehuis, winkels en cafés. Hier ontmoeten de mensen elkaar voor een praatje of jeu de boules. Fransen besteden veel geld dat ze verdienen aan hun woning. Die is meestal niet zo groot en heeft maar drie kamers. Dat komt doordat de meeste mensen in de steden in een appartement wonen. Eengezinswoningen met tuinen zie je vooral aan de rand van de stad te vinden. De meeste huizen zijn gemaakt van vierkante rotsblokken. Dit houd de warmte tegen, omdat het heel warm kan zijn in Frankrijk. Hele rijke mensen hebben een zwembad.

Het voedsel. Binnen Frankrijk zijn grote klimaatsverschillen en er wordt dan ook voedsel verbouwd wat geschikt is voor het klimaat. De Fransen besteden veel aandacht aan het eten en de Franse keuken is de beste die er is. Bij iedere maaltijd wordt brood gegeten. Omdat de Fransen van vers brood houden, gaan ze vaak twee keer naar de bakker. Ze eten het liefst de harde lange baguette(stokbrood) en het grote ronde pain de campagne. Je kan er ook lekkere croissants krijgen. Iedere streek heeft zijn eigen specialiteiten. Langs de kust kun je natuurlijk overal vis kopen en eten. In het westen kun je heerlijk kreeft en oesters eten. Langs de kust van de Middellandse Zee kun je heerlijke vissoep krijgen. Bretagne staat bekent om zijn crêpes, een soort pannenkoeken. In Normandië kun je heerlijke brandewijn van appelwijn en allerlei vruchtentaarten krijgen. In het oosten bereiden ze, een hartige taart, en allerlei soorten p-âtè, zoals de beroemde – of beruchte – Pâtè de foie gras.

Het onderwijs. In Frankrijk zijn alle kinderen tot hun zestiende leerplichtig. Ze krijgen les in bekende vakken als wiskunde en aardrijkskunde, maar ook in naaien en metaalbewerking. Ze leren lezen, ze schrijven en zorgvuldig spreken. Als ze zestien zijn gaan ze niet meer naar school. Ze kunnen ook een 2-jarige opleiding doen. Of ze kunnen naar een technische school voor een opleiding tot elektricien, loodgieter of monteur. Aan het eind van de dag gaan de leraren en leerlingen naar huis. Er zijn scholen die hun eigen toneelclub of orkest hebben.

Het hoger onderwijs. Het hoger onderwijs word gedaan door de universiteiten en door de grandes ecoles. Iedereen die zijn diploma haalt mag naar de universiteit, maar daar is het niet altijd even goed geregeld. Er zijn vaak te veel studenten. Veel studenten houden het najaar voor gezien. Anderen blijven twee jaar hangen tot ze het eerste deel van een studie gehaald hebben en vertrekken dan alsnog. Slechts 5 procent van de studenten lijkt het om op een van deze scholen toegelaten te worden. Studenten werken in kleine groepjes, en als ze hun studie af hebben gerond is het voor hen niet moeilijk om een baan te vinden.
De taal. Veel Nederlanders vinden Frans een lastige taal. Ik kan al wat Franse woordjes.
‘Oui ’ dit betekent ja en ‘non ’ betekent nee. ‘ Madame ’ is mevrouw en ‘ monsieur ’ is meneer. Als ze iemand begroeten zeggen ze ‘bonjour’. Dat betekent goedendag. Bij het afscheid zeggen ze ‘au revoir’ of wel tot ziens. Als ze een krant kopen, vragen ze om een ‘journal ’. Op het postkantoor kopen ze ‘timbres ’ (zeg: tembrus), dat zijn postzegels. Ze betaalden met franse francs, maar nu met euro’s, net als wij.

Sport. Voetbal, wielrenen, tennis, paardrijden en rugby zijn sporten die in Frankrijk veel beoefend worden. De mensen in Frankrijk hebben ongeveer vijf weken vakantie per jaar. In de winter wordt er in de bergen veel geskied. ’ s Zomers gaan de mensen naar de kust om te zeilen, te zwemmen of te surfen. Ze bezoeken ook graag cafès, restaurants, bioscopen en schouwburgen. De Tour de France is de wielerwedstrijd van het jaar. Hij duurt 26 dagen meer dan 600 wielrenners doen er mee. De renners leggen ongeveer 4800 kilometer af in Frankrijk. De wedstrijd eindigt in Parijs. Hij is wel eens in Nederland begonnen. Het is lang niet altijd dat er een Franse wielrenner wint.

Feesten. Veel Franse feesten en vrije dagen hebben te maken met het geloof, bijvoorbeeld heiligedagen, Kerstmis en Pasen. Er zijn ook kleinere dorpsfeesten. Meestal zijn die voor de oogst of een bepaald product, zoals wijnfeesten, lavendelfeesten, kaasfeesten en oesterfeesten. Op 14 juli viert heel Frankrijk de bestorming van de Bastille, het begin van de Franse Revolutie. Er zijn fakkel optochten, optochten van het leger en de mensen steken vuurwerk af. De huizen worden met vlaggen versierd en er wordt tot midden in de nacht feest gevierd.
Op 6 december vieren de mensen uit het noorden en het oosten het feest van Sinterklaas, de patroonheilige van de kinderen.
Op 6 januari vieren de fransen het Driekoningenfeest. Er wordt een speciale taart ge bakken waar een boon in zit. Wie die boon krijgt, is een dag koning of koningin.
Met kerstmis skiën de mensen met brandende fakkels langs berghellingen naar beneden.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

W.

W.

Hallo ik vind het een goed werkstuk en ik hoop dat je een 10 hebt gehaalt!!!!!

17 jaar geleden