Alleen vmbo'ers gezocht! Waar denk jij aan bij duurzaamheid? Vul de vragenlijst in en maak kans op een Bol.com bon van 15 euro

Meedoen

Seneca

Beoordeling 5.9
Foto van een scholier
  • Vertaling door een scholier
  • Klas onbekend | 1197 woorden
  • 5 april 2002
  • 29 keer beoordeeld
  • Cijfer 5.9
  • 29 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
1. Ik herken Lucilius als de mijne. Hij begint de gestalte aan te nemen als diegene die hij beloofd had te worden. Volg die goede aandrang van je geest waardoor je op weg was naar juist de beste dingen, na de dingen die de massa goed vindt vertrapt te hebben: ik verlang niet van je dat je groter en beter wordt dan je van plan was. Jouw fundamenten hebben veel plaats ingenomen: voer nou ook zoveel uit als je opzet was, en houd nou ook die dingen vast, die je van plan bent geweest.

2. Kortom jij zult wijs zijn als je je oren gesloten zult hebben, en het is niet voldoende daar was in te stoppen: er is een stevigere prop nodig dan naar men verteld Ulixes gebruikt heeft bij zijn kameraden. Die beroemde stem die gevreesd werd was misleidend, maar niet algemeen. Deze stem echter, die gevreesd zou moeten worden, klinkt niet vanaf één rots, maar van overal ter wereld om ons heen. Vaar dus niet voorbij één plaats die verdacht is vanwege verleidelijk genoegen, maar aan alle plaatsen, vooral aan de steden. Betoon je doof voor diegenen, die het meest van je houden: met een goede bedoeling bidden zij om slechte dingen. En als je werkelijk gelukkig wil zijn, bid dan tot de goden dat niets jou overkomt van deze dingen die gewenst worden.


3. Goed zijn niet die dingen die dat soort mensen op jou willen stapelen: één ding slechts is echt goed, wat nl. een goed leven veroorzaakt en de basis er van is, nl. te vertrouwen op eigen krachten. Dit echter kan niet ten deel vallen tenzij inspanning geminacht is [erboven staan] en beschouwd is als te behoren tot die dingen, die goed noch slecht zijn; Het kan immers niet gebeuren dat één en dezelfde zaak nu eens slecht is, dan weer goed, nu eens licht en gemakkelijk te dragen is, dan weer beangstigend.

4. Inspanning is niet iets goeds: Wat is dat goede dan wel? Geringschatting voor het werk. Daarom zal ik voor mij mensen, die zich richten op iets dat niet zinvol is , bekritiseren: van de andere kant zal ik diegenen, die hun inspanning richten op eervolle dingen, goedkeuren, naar de mate waarin zij zich meer zullen hebben ingespannen en zij zich minder zullen hebben laten overwinnen en kleinkrijgen en ik zal ieder toeroepen: "Goed zo: zet je schrap, haal diep adem en overwin die helling in één adem als je het kunt." Voor edele zielen is arbeid voedsel.

5. Daarom is er geen reden voor jou om uit de vroegere wensen van jouw ouders te kiezen wat je zou willen dat jouw ten deel valt, wat je zou wensen dat jouw ten deel valt; kortom, voor een man, die de belangrijkste punten al achter zich heeft is het een schande om zelfs nu nog de goden te vermoeien. Waarom is bidden nog nodig? Maak jezelf gelukkig; welnu dit zul je doen als je begrepen zult hebben dat die dingen goed zijn waarmee deugd vermengd is, die dingen slecht zijn, waarmee ondeugd verbonden is; zoals zonder dat er licht mee vermengd is niets schitterend is, niets zwart is tenzij het schaduw in zich heeft of iets van duisternis naar zich toe heeft getrokken, zoals zonder hulp van vuur niets warm is, zonder lucht niets koud, zo bewerkt verbondenheid met deugd en ondeugd dat dingen eervol zijn en schandelijk.

6. Welnu wat is dat goede? Kennis van zaken. Wat is dat slechte? Gebrek aan kennis van zaken. De beroemde wijze en tevens kunstenaar zal in verhouding tot de tijd alle dingen verwerpen en uitkiezen; maar het is niet zo dat hij de dingen, die hij verwerpt, vreest en het is niet zo dat hij die dingen, die hij uitkiest, bewondert, indien hij tenminste een geest heeft, die groot is en die zich niet klein laat krijgen. Ik verbied je dat je je laat onderwerpen en dat je je laat onderdrukken. Werk niet weigeren is niet voldoende: eis het op!

7. "Wat nu?" hoor ik je al zeggen. "Is inspanning, die oppervlakkig en overbodig is en die opgeroepen is door laag bij de grondse dingen, dan niet slecht?" Evenmin is die slecht als die, die aan mooie zaken worden besteed, daar het immers juist een bewijs van geestkracht zelf is, dat zichzelf tot moeilijke dingen en vervelende dingen aanspoort en zegt: "Wat treuzel je? Het is niet de taak van een man om bang te zijn voor zweet."

8. Hierbij dient ook nog het volgende te komen, om te bereiken dat de deugd volmaakt is, nl. evenwichtigheid en geregeld verloop van leven in alle situaties, in harmonie met zichzelf, iets dat niet kan bestaan, tenzij kennis van zaken ten deel valt en de wijsbegeerte, die zodanig is, dat daardoor menselijke en goddelijke zaken werkelijk worden gekend.. Dat is het grootste goed; Wanneer je dit nu bezit, begin je een kameraad van de goden te zijn, en geen smekeling.


9. "Hoe wordt dat bereikt?" zul je zeggen. Niet via de Poeninische Alpen of de Grajische Alpen en niet door de onherbergzame gebieden van Candavia; Je hoeft niet eens naar de Syrten te gaan, niet naar Scylla of Charibdis, welke je toch alle bent overgestoken voor het bereiken van het armzalige baantje als procurator: en de weg, waartoe de natuur jou heeft uitgerust, is veilig en aangenaam. Zij heeft jou die dingen gegeven, en als je deze niet ongebruikt zult laten, zul je groeien tot het niveau van de godheid.

10. Gelijk aan een godheid echter zal geld je niet maken: een godheid heeft niets. Ook de senatorentoga zal je niet gelijk maken aan een godheid: de god is naakt. Ook je faam doet dat niet en het pronken met jezelf niet, nadat je bekendheid van naam had verworven onder de volkeren niemand kent de godheid, velen hebben een slechte mening over hem, en dat ongestraft. Niet de menigte van slaven, die jou draagstoel draagt over de wegen van stad en land, zal dat doen: de betreffende godheid, de grootste en de machtigste, brengt alles zelf in beweging. Zelfs uiterlijke schoonheid en lichaamskrachten kunnen jou niet gelukkig maken: niets van deze dingen is bestand tegen het ouder worden.

11. Hij moet vragen opdat hij niet in de meeste dagen doet, wat hem niet kan hinderen. Er moet gezocht worden naar iets, dat zodanig is dat het niet slechter wordt met de dagen, dat zodanig is dat het niet gehinderd kan worden. Wat is dat dan? De geest, deze is immers deugdzaam, goed, groot. Hoe anders zou je een godheid, die vertoeft in het menselijke lichaam, noemen? Deze geest nu kan net zo goed terecht komen in een Romeins ridder als bij een vrijgelatene als bij een slaaf. Wat is immers de Romeinse adel of vrijgelatene of slaaf? Het zijn namen geboren uit eerzucht of onrechtvaardigheid. Het is mogelijk om vanuit een hoekje op te springen naar de hemel: je hoeft alleen maar op te staan en maak ook jezelf waardig aan de godheid. Echter dat zul je niet doen door middel van goud of zilver: van dit materiaal kan geen beeld worden gemaakt dat gelijk is aan een godheid; bedenk dat zij van leem zijn geweest toen zij ons nog gunstig gezind waren.
Gegroet.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

A.

A.

tof verslag!!!

19 jaar geleden