Lesuitval, een mondkapjesplicht, onzekerheid over de eindexamens... Wij zijn benieuwd hoe jij met de coronacrisis omgaat en wat jij vindt van de maatregelen. Doe mee met ons corona-onderzoek! 😷🦠🏫 We zoeken nog extra jongens!

Doe mee


ADVERTENTIE
1500 euro winnen met je pws of sectorwerkstuk?

Check de online masterclasses van het Rijksmuseum waarin experts hun kennis en tips delen, zodat jij tot een goed onderwerp komt. En wist je dat je mee kunt doen aan de Rijksmuseum Junior Fellowship wedstrijd? Je maakt dan met jouw pws of sectorwerkstuk kans op 1500 euro en een traineeship!

Samenvatting

onderwerp = goed naar de kernzinnen kijken, titel, inleiding en slot



betoogschema

inleiding - vraagstelling of stelling

middenstuk:

- argumenten

- tegen argumenten

- tegenwerping

slot - conclusie of samenvatting



termen waarmee een mening aangeduid wordt

* standpunten

* stellingen

* beweringen

* opvattingen



manier waarop meningen verkondigd worden:

mondeling * debat ( doel: elkaar overhalen)

* discussie ( doel: tot en overeenkomst komen)



schriftelijk * beschouwing

( mening van de schrijver komt niet naar voren)

* betoog ( doel: lezer overhalen)



redenering= keten van meningen en argumenten



argumenten 1 objectieve argumenten

- feiten ( bewijs)

- argumenten op basis van ervaring

- argumenten op basis van een autoriteit



2 subjectieve argumenten

- argumenten op basis van geloof

- argumenten op basis van intuïtie



soorten argumenten

* voorbeeld

*feit

*empirisch argument ( ervaringsfeit, objectief)

* gezagsargument ( beroeps autoriteit, objectief)

* vergelijking ( bijv. hier niet, dus daar ook niet)

* moreel argument ( persoonlijke overtuiging, subjectief)



* emotioneel argument (op basis van intuïtie)



opbouw zuivere redenering

* algemene bewering

* concreet voorbeeld als waarneming

* conclusie



redeneringsfouten

* stelling klopt niet > conclusie klopt dus ook niet

* conclusie te snel getrokken

* stelling in nite exclusief genoeg (te algemeen)



twee hoofdtypen redeneringen

1 stelling - WANT- argumenten

redengevend verban of oorzakelijk verband

2 argumenten - DUS- conclusie ( = stelling)

concluderend verband

(3) mengvorm= Stellin - WANT- argumenten- Dus - conclusie, dit komt alleen voor in lange redeneringen



* bij korte redenatie geen conclusie nodig



enkelvoudige argumentatie = 1 argument, 1 stelling

meervoudige argumentatie = meer argumenten, 1 stelling



nevengeschikte argumenten = gelijkwaardig, verbonden door opsommend verband

ondergeschikte argumenten= argument dat de bovengenoemde ondersteunt



5 functies van de inleiding

* belangstelling wekken

* onderwerp introduceren/ hoofdgedachte

* aankondingen hoe de tekst is opgebouwd

* aanleiding voor het schrijven

* lezer welwillend stemmen



"pakkende inleiding schrijven"

1 begin met èèn of meerdere directe vragen

2 begin met en uitspraak in de vorm van en stelling, gevolgd door een vraag

3 begin met een retorische vraag

4 schokkende openingzin

5 korte anekdote

6 stel het probleem aan de kaak

7 aanleiding tot schrijven



Meervoud zelfstandige naamwoorden

- sommige woorden komen allen in enkel of meervoud voor:

* hardhout, drinkwater, financiën, cosmetica, media en jeans



- woorden op A, E, I, O, U of Y + `S

- als verkeerd lezen onmogelijk is +S

- afkortingen met `S

- klemtoon valt niet op de laatste lettergreep + n en " op de laatste e ( bijv. bacteriën)

- klemton valt wel op de laatste lettergreep + ËN

- woorden op -ee + ën

- f blijft f in meervoud: fotograaf, antroposoof, elf, kans, wens ( s blijft s)



verkleinwoorden

- klinkerverdubbelen bij -a, -é, -o, -u, (-i wordt -ie)

- woorden op -y, afkortingen en letters een ' ( apostrof)



Amerikaanse briefindeling

1 naam+ adres vd afzender

2 plaats+ datum

3 Naam+ adres geadresseerde

4referte regel ( betreft)

5 aanhef

6 a inleiding

b middenstuk

c slot

d slotformule

7a handtekening

b naam van de ondertekenaar

8 bijlage



bijvoeglijke naamwoorden

- als voltooiddeelwoord eindigt op -en, dat ook hier toepassen;

* gezouten vis, gemalen koffie

-stoffelijke bijvoeglijke naamwoorden + (e) n

* stoffen, houten, leren

- eindigt op - loos, dan zonder N

* eindeloos

- andere lastige:

* beruchtste

* dichtstbijzijnde

* ervarenste

* vervelendste

* welvarendste

* achterlijk

* burgerlijk

* mogelijk

* erfelijk

* ergerlijk

* verradelijk

* degelijk

* eigenlijk

* gezamenlijk

* hopelijk

* wezenlijk

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.