Doe mee met Markteffect's studiekeuze-onderzoek
Maakt niet uit of je je studie al gekozen hebt. Win één van de 200 (!) cadeaubonnen van €25

Meedoen

Blok 1 Gedichten

Beoordeling 9.9
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 2e klas havo/vwo | 622 woorden
  • 18 januari 2015
  • 7 keer beoordeeld
Cijfer 9.9
7 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Methode
ADVERTENTIE
Check check, dubbelcheck!

Heb jij tweestapsverificatie al ingesteld op je accounts? Tweestapsverificatie is jouw tweede slot op de deur 🔐. Met tweestapsverificatie heb je 99,9 procent minder kans dat je account gehackt wordt. Check hoe jij je accounts beter kunt beveiligen!

Meer informatie

Samenvatting Gedicht blok 1 

 

Eindrijm: Woorden die op het eind van een versregel rijmen.

 

Gedichten die helemaal geen rijmende woorden bevatten, noemen we rijmloos.

 

We onderscheiden drie soorten eindrijm:

 

Wat voor soort

Definitie

Voorbeeld

Mannelijk of staand rijm

Na de rijmende lettergreep volgt geen andere lettergreep meer

rok – stok, verdergaan – overslaan, lief – dief

Vrouwelijk of slepend rijm

Na de lettergreep met de klemtoon volgt nog een lettergreep zonder klemtoon

zeuren – kleuren, boeren – loeren

Glijdend rijm

Na de lettergreep met de klemtoon volgen nog twee lettergrepen zonder klemtoon

kinderen – hinderen, huwelijk - afschuwelijk

 

Beginrijm of alliteratie: Het rijmt niet echt zoals de anderen, alleen de eerste letters zijn gelijk.

 

Voorbeelden: Hele, hoge, hakken – heerlijk, helder, Heineken – wie weet waar Willem Wever woont

 

Rijmschema: De manier waarop de rijmwoorden aan het eind van de versregels geordend zijn.

  • Gepaard rijm: Bij dit rijmschema staan de rijmwoorden in paren:

 

Op een dag vroeg in de morgen                               a

Maakte oom Wilfried zich grote zorgen                   a

Zijn vrouw probeerde hem te sussen                       b

Door hem zachtjes op zijn hoofd te kussen             b

 

  • Gekruist rijm: Hierbij wisselen de rijmwoorden elkaar om en om af:

 

Zijn buurman vond de ganzenjacht                          a

zo’n prachtig mooie sport                                          b

Dus Piet moest mee, hoewel hij dacht                      a

Doe mij maar een ganzenbord                                 b

 

  • Omarmend rijm: De eerste en vierde en de tweede op de derde versregel rijmen op elkaar

 

 

Mijn boer kreeg nieuwe buren                                a

Nieuwsgierig volk, zo bleek                                      b

Want als hij naar binnen keek                                 b

Zag hij ze steeds weer naar buiten gluren              a

 

Strofe: Een alinea in een gedicht

 

 

 

 

 

 

 

 

            

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.