Hoe uit te rekenen…



Lineaire lening:


1. Bereken de interest en de aflossing voor jaar 1

Bedrag : looptijd = aflossing per jaar

Bedrag x rentepercentage = interest voor jaar 1

Interest + aflossing = te betalen bedrag jaar 1



2. Bereken de interest en de aflossing voor jaar Y

Bedrag – ( {Y-1} x aflossing per jaar) = restbedrag

Restbedrag x rentepercentage =interest voor jaar Y

Interest + aflossing = te betalen berdrag jaar Y



Annuïteiten lening :


3. Bereken de interest en aflossing voor jaar 1



Bedrag x rentepercentage = rente jaar 1

Annuïteit – rente jaar 1 = aflossing jaar 1



4. Bereken de interest en aflossing voor jaar 3

Bedrag – aflossing jaar 1 = restbedrag

Restbedrag x rentepercentage = rente jaar 2

Annuïteit – rente jaar 2 = aflossing jaar 2

Bedrag – aflossing jaar 1 – aflossing jaar 2 = restbedrag

Restbedrag x rentepercentage = rente jaar 3

Annuïteit – rente jaar 3 = aflossing jaar 3



Spaarhypotheek :


5. Bereken de totale interestvergoeding

Bedrag – ( looptijd x spaarpremie )



6. Bereken het interest bedrag dat uiteindelijk moet worden betaald

Bedrag x rentepercentage x looptijd x belastingpercentage in spiegelbeeld



7. Bereken de netto maandlasten

(Bedrag x rentepercentage x belastingpercentage in spiegelbeeld + spaarpremies) / 12



8. Bereken de inkoopprijs van een product, je weet de verkoopprijs en een percentage.

Percentage van de inkoopprijs dan inkoopprijs op 100 % stellen

Percentage van de verkoopprijs dan verkoopprijs op 100 % stellen

Verder is goed lezen.



Enkelvoudige interest


9. Bereken het interest van een kapitaal van die Y jaar tegen rente% heeft uitgestaan per maand.

K x P x T

100 x C

K is Kapitaal (bedrag dus), P is rentepercentage en 2% als 2 intoetsen in rekenmachine, T is looptijd, C is de looptijd omgebouwd naar een jaar. Bijvoorbeeld als er een rentepercentage per maand is dat 8 jaar uitstaat dan 8 x 12 = 96 bij T en dan is C 12, het aantal maanden in een jaar.



10. Bereken de interest als een jaar op 360 dagen wordt uitgezet.

Tellen van de dagen. En dan de eerste dag wel meetellen en de laatste niet. Dan invullen in : ( zie vraag 9)

K x P x T

100 x C

Met voor C dan 360 ingevuld en T het aantal dagen.



11. Bereken de interest als een jaar op 365 (of 366 in schrikkeljaar) dagen wordt uitgezet

Tellen van de dagen. En dan de eerste dag wel meetellen en de laatste niet. Dan invullen in : ( zie vraag 9)

K x P x T

100 x C

Met voor C dan 365 of 366 ingevuld en T het aantal dagen.



Samengesteld interest


12. Bereken het bedrag waarover men kan beschikken op een bepaalde datum.

K x ( 1 + I )^N K is kapitaal, I is interestpercentage als 2% is 0.02, N is aantal jaar/maand/dagen/halfjaren er interest moet worden berekend.



13. Bereken het bedrag die iemand op een datum uit het verleden moest hebben geplaatst.

1

K x ( 1 + I)^N Voor uitleg zie opdracht 12



14. Bereken de gekweekte interest over een bepaalde periode.

(K x ( 1 + I )^N) - (K x ( 1 + I )^N)

Einde periode Begin periode



15. Bereken het bedrag dat men over een bepaalde periode aan omzetbelasting moet afdragen of ontvangen.

Uitrekenen van BTW al inclusief : Bedrag / 1,BTW%

Uitrekenen van BTW exclusief: Bedrag x 0,BTW%

Bij verkoop afdragen aan de belastingdienst, bij inkoop terugvorderen van de belastingdienst.

Dus van elkaar aftrekken.



Brutowinst opslagmethode


16. Bereken de verkoopprijs inclusief omzetbelasting.

Inkoopprijs + brutowinstpercentage + omzetbelasting.

En in die volgorde altijd.



Nettowinst opslagmethode


17. Bereken de verkoopprijs inclusief BTW.

Inkoopprijs

Opslaginkoop +

VVP

Opslag overhead +

Kostprijs

Opslag winst +

Verkoopprijs exclusief

BTW +

Verkoopprijs inclusief



18. Bereken gerealiseerd verkoopresultaat, resultaat op inkopen, resultaat op inkoopkosten en resultaat op overheadkosten.

Gerealiseerd verkoopresultaat = afzet x (verkoopprijs excl. – kostprijs)

Resultaat op inkopen = aantal ingekochte producten x ( werkelijke inkoopprijs – geschatte inkoopprijs)

Resultaat op inkoopkosten = (aantal ingekochte producten x opslag inkoop per product) – werkelijke inkoopkosten

Resultaat op overhead = (aantal ingekochte producten x opslag overhead per product) – werkelijke overheadkosten. Overhead is: algemene kosten, en verkoopkosten bijv.



Nettowinst = dit bij elkaar opgeteld/afgetrokken als verlies is.



19. Welke balansposten zullen veranderen als er aandelen geplaatst worden:

Nominaal bedrag van alle aandelen die zijn geplaatst : nominaal per aandeel = aantal aandelen

Verandering BANK = Aantal aandelen x emissiekoers

Verandering GEPLAATST AANDELENKAPITAAL = Aantal aandelen x nominaal per aandeel

Verandering AGIORESERVE = Aantal aandelen x (emissiekoers - nominaal per aandeel )



20. Bereken de intresieke waarde van een aandeel:

Intrensieke waarde van de onderneming : aantal geplaatste aandelen

Interensieke waarde van een onderneming = geplaatst aandelenkapitaal + alle reserves + het winstsaldo



21. Bereken maandelijkse onderhouds kosten en het nieuwe saldo van de voorzieningen

Geschat jaarlijks onderhoud : 12 = maandelijkse onderhoud

Bedrag aan begin van de periode + ( aantal maanden x maandelijks onderhoud) – de Nota (‘s)



Een liquiditeitsbegroting


22. Maak een liquiditeitsbegroting

Debiteuren: eerst contant en op rekening uitrekenen

Daarna eerst kwartaal delen door 3 x de maanden dat er later ontvangen kan worden.

Dan volgende kwartaal door 3 delen x de aantal maanden dat van de vorige niet is ontvangen. Die bij elkaar optellen. Zo ook met de andere kwartalen.

Crediteuren: Zelfde als bij debiteuren



Volgorde:

Inkomsten Debiteuren:

Contant:

Totaal:

Uitgave Crediteuren

Brutolonen

Sociale lasten

Vakantiegeld

Investeringen

Vennootschapbelasting

Aflossing

Diverse kosten

Totaal



Rest Ontvangsten – uitgaven

Beginsaldo liquide middelen

Eindsaldo liquide middelen

Eindsaldo liquide middelen is beginsaldo +/- (ontvangsten – uitgaven)



23. Bereken break even omzet en afzet.

TCK : P – V = breakevenafzet

TCK = totale constante kosten

P = verkoopprijs of bij percentage 100 %

V = variabele kosten per product of bij procenten = (100 % -Brutowinst) – variabele kosten



Breakevenafzet x verkoopprijs is break even omzet.


REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.