Hoofdstuk 1

Beoordeling 0
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 5e klas vwo | 441 woorden
  • 19 juli 2015
  • nog niet beoordeeld
  • Cijfer
  • nog niet beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Methode
ADVERTENTIE
De Galaxy Chromebook maakt je (school)leven makkelijker!

Met de Galaxy Chromebook Go kun je de hele dag huiswerk maken, series bingen en online shoppen zonder dat 'ie leeg raakt. Ook kan deze laptop wel tegen een stootje. Dus geen paniek als jij je drinken omstoot, want deze laptop heeft een morsbestendig toetsenbord!

Ontdek de Chromebook!

§1



Er wordt gesproken van een maatschappelijk probleem als het:




  • Gevolgen heeft voor een grote groep, meestal grensoverschrijdend (sociaal probleem)

  • Door maatschappelijke ontwikkeling is veroorzaakt

  • Te maken heeft met tegengestelde belangen (door politieke visies, geloof, etc)

  • Gemeenschappelijk opgelost moet worden (in de handen van politici)





Waarden: uitgangspunten of principes die mensen belangrijk en nastrevenswaardig vinden, zoals veiligheid, eerlijkheid of onafhankelijkheid.



Normen: regels over het gedrag van de mens die voorstroomt uit de waarde.



Ideaal: waarden die op een concreet niveau liggen en die je heel graag wilt verwezenlijken.



Belang: het voor- of nadeel dat iemand ergens bij heeft.



Macht: het vermogen om het gedrag van anderen te beïnvloeden.



            Formele macht: gezag, iets wat in de regels in vastgelegd.



            Informele macht: zonder regels, binnen een groep.



Machtsbronnen: middelen om het gedrag van anderen te beïnvloeden, zoals geld, functie/aanzien, kennis, overtuigingskracht, aantal of geweld.





Door dynammiek van de samenleving veranderen de normen, waarden en belangen. De dominantie van de normen, waarden en belangen worden bepaald door de plaats, tijd en groep. Het is belangrijk dat iedereen hier rekening mee houdt want dan is er sprake van een samenleving.



Sociale cohesie: als mensen in een land het gevoel hebben bij elkaar te horen.





§2



Betrouwbaarheid:




  • Goede bronnen. Dit kun je herkennen aan cijfers en bronvermelding

  • Onderscheid tussen feiten en meningen.

  • Hoor en wederhoor. Een verhaal van verschillende kanten.





Beïnvloeding door de media:




  • De injectienaaldtheorie




  • Manipulatie



Het opzettelijk wegglaten of verdraaien van feiten




  • Propaganda



Opzettelijk eenzijdige informatie geven om mensen te beïnvloeden




  • Indoctrinatie



Het langdurig, systematisch en dwingend opdringen van eenzijdige opvattingen en meningen




  • De multiple-step-flowtheorie



Een indirecte invloed van de massamedia door middel van opinieleiders (mensen met informeel gezag). Hun mening zal worden overgenomen.




  • De cultivatietheorie



Televisie(soaps) hebben een dominante rol. De werkelijkheid wordt verwisseld met een televisiewerkelijkheid.




  • Selectieve perceptie



Elke informatie wordt zodanig gevormd dat deze zo veel mogelijk past in ons referentiekader. Je referentiekader is het geheel van persoonlijke waarden, normen, kennis en ervaring. Daardoor zou de mediagebruiker nooit objectief kunnen waarnemen, zonder dat je je er van bewust bent.




  • De agendatheorie



De media bepaalt niet hoe wij denken, maar waarover wij denken en praten.




  • De framingtheorie



De media beïnvloedt ons door iets vanuit een bepaalde invalshoek te presenteren.





Stereotypering: een vaststaand beeld hebben over een bepaalde groep mensen.



Vooroordeel: mening over iets/iemand zonder kennis van zaken.



Dit leiden tot intolerantie en discriminatie (wat gebeurt op basis van ras, huidskleur,etc). 


REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.