NEDERLANDS LITERATUUR H5 18e EEUW
34 Historische achtergrond 1700-1800
In de 17e eeuw waren er in europa absolute monarchieën (alle macht bij de vorst).
Ook in de 18e eeuw absolutisme. Belangrijke absolute monarchieën: Frankrijk, Rusland, Engeland (bezat delen van Noord-Amerika, India en Afrika) en de belangrijkste Oostenrijk (bezat Hongarije, Tsjechië, Slowakije, grote delen van Italië, Roemenië en België).
In de 18e eeuw ontwikkelde de burgerij zich tot de sterkste klasse in eco. opzicht. Tegen het eind van de eeuw kregen zij ook steeds meer politieke macht ten koste van de monarchen.
Nederland
In de Republiek der verenigde Nederlanden was in de 17e eeuw geen vorst het hoofd maar de statenbond met de Staten-Generaal. In feite gingen alle gewesten hun eigen gang, bijeengehouden door gezamenlijke vijand Spanje.
In de 2e helft van de 18e eeuw ontstonden er 2 politieke stromingen:
- de patriotten (waren voor meer democratie)
- de prinsgezinde (aanhangers van de stadshouders uit het huis van Oranje).
Franse revolutie 1789 verzet tegen de koning.
In 1793 vielen de Fransen Nederland binnen om de stadhouder af te zetten maar Willem V vluchtte naar Engeland. In 1795 werd de Bataafse republiek uitgeroepen.
In 1798 werd de grondwet opgesteld (o.a. scheiding van kerk en staat en kiesrecht stonden er in vastgelegd).
De culturele stroming in de 18e eeuw is de Verlichting. Deze bloeide vooral in Frankrijk en Engeland en was niet echt doorgedrongen in Nederland. Ook wel ‘pruikentijd’ genoemd doelend op de deftigheid en arrogantie die heerste.
35 De Verlichting
De overheersende stroming in de 16e en 17e eeuw was de Renaissance, in de 18e eeuw was dat de Verlichting. Het gevoel ontstond dat de wereld langzaam maar zeker duidelijk, helder, ‘verlicht’ aan het worden was. Men had in de Renaissance inzichten opgedaan die in de Verlichting ontwikkeld konden worden.
Wetenschap en geloof
Er was een snelle ontwikkeling in de wetenschap doordat men niet meer gebonden was aan kerk of overheid, men ging zelf onderzoeken (empirisme). De opvatting in de 18e eeuw was: het menselijk verstand kan alles oplossen; het rationalisme.
Veel aanhangers van Deïsme: de opvatting dat er wel een Opperwezen bestaat, maar dat de verering daarvan in de vorm van godsdienst zinloos was. De Franse schrijver Voltaire verdedigde het idee dat er gelijkheid van godsdiensten moest zijn en tolerantie (verdraagzaamheid).
Politiek en economie
Monesquieu (1689-1755) bepleitte de ‘trias politica’; uitvoerende (regering),wetgevende (parlement) en rechtelijke macht gescheiden. Regering gecontroleerd door volksvertegenwoordigers en rechters kunnen onafhankelijk oordelen adhv wetten. Het liberalisme: het streven naar economische vrijheid (de overheid moet zich zo min mogelijk met de eco. bemoeien, maar moet het overlaten aan het marktmechanisme, het spel van vraag en aanbod). De grondlegger van het liberalisme is Adam Smith.
Optimisme
Door hun grote vertrouwen in de menselijke rede waren de meeste denkers van de 18e eeuw optimistisch gestemd. Men ging er vanuit dat de mens goed was en verkeerd gedrag kwam door gebrek aan kennis. Er was groot belang van opvoeding en onderwijs in de Verlichting, omdat men goed gaat handelen als men het goede heeft geleerd. Een literair gevolg waren moralistische geschriften. Op wetenschappelijk gebied zouden de problemen worden opgelost en maatschappelijk werd de samenleving ‘maakbaar’.
Invloed
De Verlichting heeft veel invloed op onze hedendaagse westerse maatschappij. Zaken als scheiding der machten, scheiding kerk en staat, wetten enz.
37 Liratuur
De Verlichte denkwijze vinden we terug in de prozateksten. In de poëzie is het neoclassicisme terug te vinden, dit was tevens meer aan regels gebonden.
De encyclopedie
De literatuur was bestemd om mensen nieuwe rationele ideeën en opvattingen te bieden. Dit leidt tot de bloei van het essay en aforisme. Essay: korte prozatekst, aforisme: een korte, krachtig zin waarin een levensles wordt verkondigd.
Denis Diderot had de leiding had bij het maken van de encyclopedie.
De encyclopedie verscheen van 1751 tot 1780 en telde tenslotte 35 delen. Het doel was om de lezer informatie te verschaffen en hem de juiste rationele weg te tonen.
Voor ong. 1751 waren er wel degelijke boeken, maar die waren of beknopt of beperkt tot 1 vakgebied; lexicons.
Tijdschriften
Tijdschriften waren niet zuiver informatief (didactisch moralistisch). In artikelen stonden onderwerpen zoals: wetenschap, beeldende kunst, literatuur, opvoedkunde, omgangsvormen enz. Veel artikelen waren in verhalende vorm: dialogen, brieven, fabels, reisverhalen. De stijl ervan was eenvoudig, de nog weinig ontwikkelde burgerij moest opgevoed worden. Alle tijdschriften worden na 1711 spectatoriale geschriften genoemd.
Het imaginaire reisverhaal
Imaginair reisverhaal: een tekst waarin een reis beschreven wordt die nooit heeft plaatsgevonden, maar waarin de schijn wordt gehouden dat het om een echt verhaal gaat. De schrijver kon hierin goed kwijt wat wel en niet goed was.
Er kunnen allerlei episch-didactische genres in voorkomen bijv. satires.
Utopische roman of utopie: een imaginair reisverhaal waar de hoofdpersoon terecht komt in een ideale wereld wat als voorbeeld dient voor onze wereld.
Robinsonade: een roman over een of meerdere personen die door omstandigheden afgezonderd zijn van de rest van de wereld. Idee hierachter: de mens kan zich staande houden in de moeilijkste situaties als het verstand maar gebruikt wordt.
De roman
De belangrijkste literaire verandering in de 18e eeuw is de roman. Hierin gaat het om de personen en de gebeurtenissen in het verhaal zijn een middel om de personen te beschrijven. Psychologische roman: auteur probeert karakters te beschrijven. Ontwikkelingsroman: auteur probeert te laten zien hoe personen in hun leven veranderen. Subgenres: sociale roman en historische roman. Romans zijn veel realistischer dan episch-didactische genres. In een roman is een precies omschreven tijdstip en ruimte.
38 Justus van Effen
Hij schreef in het Frans en Nederlands en vertaalde werk van Swift en Defoe. In 1731 richtte hij De Hollandse spectator op en verscheen tot 1735 door hem bijna volgeschreven. Hij propageerde het gebruik van de moedertaal ipv het Frans (nl beschouwd als een soort bediendentaal).
39 J.A. Schasz
J.A schasz is de schrijver van Reize door het apenland (1788). Een van de beste imaginaire reisverhalen uit de Nederlandse literatuur. Het is een satire op het Nederlandse politieke bestuur eind 18e eeuw. Omdat de huidige lezer daar nu niet meer van weet is dat deel van de satire verloren. De aanval op algemene zaken blijft wel zoals het blindelings volgen van wat (politieke) leiders zeggen.
40 Hieronymus van Alphen
In de verlichting kwamen er nieuwe ideeën over de opvoeding. Zeer invloedrijk waren de opvattingen van Rousseau, die er van uitging dat de gedachte van de mens van nature goed is maar wordt bedorven door de maatschappij. Kinderen moesten dus zolang mogelijk in hun kinderwereld blijven. Ze moeten niet tot dingen gedwongen worden, maar vrijgelaten worden en dan zullen ze zich vanzelf tot goede mensen ontwikkelen. Nadat zijn vrouw overleed, bleef Hieronymus achter met 2 zoontjes voor wie hij opvoedkundige gedichtjes schreef. Later publiceerde hij die als Proeve van kleine gedichten voor kinderen. Voor die tijd waren er geen speciale boeken voor kinderen. Het succes van Hieronymus is te danken aan de begrijpelijke taal waarin hij allerlei wijze lessen geeft. Dit paste geheel bij de Verlichte denkwijze. Er wordt verteld over leergierigheid, gehoorzaamheid, naastenliefde, vaderlandsliefde en godsdienstigheid.
41 Betje Wolff en Aagje Deken
Elisabeth Wolff-Bekker groeit op in een streng gereformeerd gezin maar kreeg een moderne, ‘verlichte’ opvoeding die haar vrijheidsdrang versterkte. Na haar huwelijk werden zij en Aagje correspondentie vriendinnen. In 1782 publiceerde ze De Historie van mejuffrouw Sara Burgerhart, de 1e Nederlandse roman. Het verhaal is voor een deel gebaseerd op Betjes eigen leven. Sara dreigt in handen te vallen van een schurk, maar komt tot bezinning en trouwt met de fatsoenlijke Hendrik Edeling. In het boek staan 155 brieven geschreven door allerlei personages. Nadeel van zo’n roman: alles wordt meerdere keren verteld, omdat alle correspondenten het moeten weten. Voordeel: alles van wordt van verschillende kanten belicht en dus komen de karakters van de personages goed naar voren. Het boek is een echt realistische roman, die een goed beeld geeft van het Hollandse leven in die tijd en vol humor en spot zit. Vanwege hun patriottische sympathieën moesten Betje en Aagje uitwijken naar Frankrijk. Hun kapitaal verloor hun zaakwaarnemer door een verkeerde belegging. Na hun terugkeer maakte ze nog een roman wat een commerciële mislukking werd.
Samenvatting
In de 18e eeuw werd de Renaissaince opgevolgd door de Verlichting, die wordt gekenmerkt door rationalisme (de opvatting dat het menselijke verstand in staat is voor alles een oplossing te vinden) en tolerantie ( verdraagzaamheid tov. nieuwe ideeën). In de politiek kwam dit onder andere tot uiting in de leer van de trias politica, op godsdienstig gebeid in het deïsme, op eco. gebied in het ontstaan van het liberalisme. In het algemeen geldt dat de Verlichting optimistisch was gestemd over de ontwikkeling van mens en wereld.
In de literatuur werden poëzie en toneel vrijwel volledig beheerst door het neoclassicisme, in het proza daarentegen vinden we de geest van de Verlichting. Het was de bloeitijd van de (episch-)didactische literatuur. Zeer belangrijk was de uitgave van de Encyclopédie, waarin een kritisch overzicht werd gegeven van de menselijke kennis en beschaving. Een grote rol speelden ook de tijdschriften die de burgerij in verlichte zin wilde opvoeden. Het belangrijkste episch-didactische genre was het imaginaire reisverhaal, dat diverse andere episch-didactische genres in zich kan opnemen, zoals de satire, de utopie en de robinsonade.
In de 18e eeuw ontstond een nieuw episch genre: de roman. Daarin gaat het om de personages (en niet om de ideeën die de auteur dmv personages uitdrukt) en om de tijdruimtelijke achtergrond. Binnen de roman ontstonden al snel allerlei subgenres, zoals de psychologische, sociale en historische roman.
het belangrijkste Nederlandse tijdschrift was De Hollandse Spectator, uitgegeven door Justus van Effen naast zuiver didactische teksten staan daarin ook enkele korte verhalen. Het satirische imaginaire reisverhaal werd beoefend door J.A. Schasz met Reize door het apenland. Moralistische (kinder)poëzie werd geschreven door Hiëronymus van Alphen, moralistische romans door Betje Woldd in samenwerking met Aagje Deken.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

V.

V.

Een super goede samenvatting, jammer van de 2 missende delen.
Verder wel een opmerking, Van Alphen had 3 kinderen, in deze samenvatting staat 2 zoontjes.
Verder bepleitte ook John Locke de 'trais politica'

Echt een super samenvatting!
BEDANKT!!

7 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

A.

A.

volgens mij ben je ook 42 vergeten, de langste, maar toch bedankt, hielp wel ff met sneller leren

8 jaar geleden

Antwoorden

L.

L.

42 staat niet in dit hoofdstuk.

4 jaar geleden

gast

gast

L.

L.

Heejj,
Je mist alleen paragraaf 36, volgens mij.
Verder echt een top samenvatting! Bedankt.

8 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast