Hoofdstuk 3 Ethiek.
§ 2. De ethische optiek

Optiek = invalshoek,benaderingswijze.
Ethische optiek.
1.het uiteindelijk goede… (= menswaardig,humaan,ethisch,ethisch verantwoord, menselijk)
2. Behoren moet – uitspraken.
3. Doen handelen, praktijk.
Levensbeschouwelijk optiek
Zin ( de moeite waard vinden).
Is – uitspraken:
Bijvoorbeeld: - De mens is een wolf
- De mens is een psychisch apparaat.
- De mens is een beeld van God.
Visie = mening,standpunt.


§ 3. soorten ethische visies.
1.gevolgen ethische visie:
Ø Als het gevolg (resultaat) goed is,dan is de handeling ethische goed.
Ø Zoveel mogelijk welzijn (geluk) voor zoveel mogelijk mensen.
Ø Utilisme (nut) wordt gelijkgesteld met ‘geluk’.
2. Beginselethische visie:
Ø Een beginsel (principe,waarde) als uitgangspunt voor de ethische beslissing.
Ø Immanuel Kant Principe: waardigheid v/d menselijk persoon.
Goede bedoeling uit plichtbesef.
Goede bedoeling uit neiging ( eigen belang) is geen ethisch handelen volgens Kant.
3. Christelijke ethiek:
Ø Is een voorbeeld van een beginselethische visie.
Ø De christelijke ethische visie bestaat niet.


Bijvoorbeeld: sommige christenen vinden euthanasie wel ethisch verantwoord,andere christenen vinden euthanasie niet ethisch verantwoord.
Ø Waarden christenen:
God liefhebben.
Naaste liefhebben.
Waarde van het menselijk leven
Vrijheid en verantwoordelijkheid.
§ 4. Ethiek als proces.
1. Ethische gevoeligheid
· Wat zijn de gevolgen van mijn gedrag voor anderen?
· Hoe is mijn gevoel bij een bepaalde situatie?
· Hoe staat het met mijn eigen verantwoordelijkheid?
2. Ethische analyse
· Welke optieken spelen een rol?
· Welke waarden spelen een rol?
· Wat is precies het ethisch probleem?
· Welke belanghebbenden spelen een rol?
· Wie is precies moreel aanspreekbaar en verantwoordelijk?
3. Ethische oordeel
· Beginselethische visie.
· Gevolgenethische visie.
4. Ethische motivatie
· Gemakzucht.
· Eigen belang.
· Je voelt je niet verantwoordelijk.
· De invloed van de omgeving.
5.Ethisch handelen
· Oordeel omzetten in een handeling.
6. Ethische communicatie
· Openheid.
· Gelijkheid.
· Bereidheid tot dialoog.
· Inleven in standpunten van anderen
· Duidelijkheid en redelijkheid.
§5. een stappenplan voor ethische cases.
Fase 1: het formuleren van de casus:
Fase 2: welke optieken?
Fase 3: welke waarden? Elke optiek behalve de ethische,levensbeschouwelijk en esthetische hebben vaste waarden.
Bijvoorbeeld:
Economische optiek: winst maken, continuïteit.
Sociale optiek: solidariteit.
Politieke optiek: macht,vrijheid,gelijkheid.
Juridische optiek: legaliteit,onafhankelijkheid.
Medische optiek: gezondheid.
Elke optiek heeft een waarde rangorde.
Fase 4: het probleem = de ethische vraag.
Fase 5: belanghebbenden.
Fase 6: moreel verantwoordelijke wie neemt de beslissing of wie heeft invloed op de beslissing.
Fase 7: oplossing: jouw ethische visie.
· Beginselethische visie.
· Gevolgenethische visie.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.