Lesuitval, een mondkapjesplicht, onzekerheid over de eindexamens... Wij zijn benieuwd hoe jij met de coronacrisis omgaat en wat jij vindt van de maatregelen. Doe mee met ons corona-onderzoek! 😷🦠🏫 We zoeken nog extra jongens!

Doe mee


ADVERTENTIE
Open Dag = online ontdekken en ontmoeten

Bezoek onze Online Open Dag dit jaar vanaf je bank! Ontdek bijzondere verhalen van onze studenten en docenten. Stel je vragen. Én luister naar onze gezellige radioshow! Klaar voor een toekomst als student in het hbo? 

Meld je dan nu aan!

Godsdienst H1 Christendom wereldwijd

Christendom is wereldwijd de godsdienst met de meeste aanhangers.

Tussen 100-200 (christelijke jaartelling) heeft het christendom zich verspreid vanuit Klein-Azië naar Europa. ‘Christus’ (Grieks voor gezalfde). Jezus Christus is de gezalfde.

 

Rooms-Katholiek is ontstaan in 1054 en is de grootste stroming van het christendom. De kerkelijke leider van de RK’en is de Paus (Grieks voor vader).

 

Oosters-Orthodox is ook ontstaan in 1054. Dit kwam, omdat er een meningsverschil was tussen aanhangers van het christendom, voornamelijk op gebied van de macht van de paus. In het Midden-Oosten en Oost-Europa accepteerden ze die macht niet. Orthodox betekent dan ook ‘juiste leer’.

 

Protestants is de naam van de kerken die na 1517 ontstonden. Dit kwam door Luther en Calvijn die tegen de rooms-katholieke kerk waren. Dit had te maken met de Reformatie.

 

Anglicaanse Kerk is in Engeland ontstaan, toen er gedoe was tussen de Paus en Koning Hendrik VIII over zijn huwelijk. Hij besloot zijn eigen kerk te gaan beginnen. Hij deed dit in 1543.

 

Rooms-Katholieke kerk is de grootste stroming binnen het christendom. Dit zie je in alle continenten terug, voornamelijk in Zuid-Afrika.

 

7 onderdelen van kerkinterieur

1. Preekstoel

2. Crucifix (kruisbeeld met lichaam van Jezus)

3. Psalmenbord (bord met alle psalmen, die mis/kerkdienst)

4. Paaskaars

5. Godslamp (lamp die bij altaar brandt)

6. Marialamp

7. Doopvont

 

Er zijn verschillende benamingen voor de samenkomst in de kerk en dit verschilt ook per stroming:

1. Mis (RK)

2. Viering (RK)

3. Kerkdienst (P)

4. Eredienst  (P)

Een samenkomst in de kerk heeft eigenlijk ook altijd een liturgie (bv. zingen, inzamelen van geld, lezen van de Bijbel, etc.)

 

Heilige Drie-eenheid

In de naam van de:

1. Vader (God, die zijn kinderen beschermt)

2. Zoon (van God, Jezus Christus)

3. Heilige Geest (de Geest die over de aarde ronddwaalt)

 

Godsdienst H2 Rituelen en feesten

7 sacramenten

Sacramenten (= heilige handelingen) zijn rituelen met een symbolische betekenis:

1. Biecht (onder 4 ogen, vergeving van God vragen)

2. Vormsel (12-jarige, voor RK, bekeer jij je écht tot het RK’e geloof?

3. Huwelijk

4. Priesterwijding (geen seksuele relaties, geen huwelijk, viering met veel

    rituelen en attributen)

5. Ziekenzalving (meestal thuis, begint met biecht)

6. Eucharistie (avondmaal, brood=lichaam van Jezus, wijn=bloed van Jezus)·

7. Doop (kopje onder=nieuw leven, zonden afwassen, sterven en dan weer opstaan uit de dood)

 

Protestanten kennen er maar 2, de doop en de eucharistie, omdat deze expliciet in de Bijbel worden genoemd.

 

Pasen

Belangrijkste feest! Het sterven en opstaan van Jezus.

Goede week, stille week:

1. Witte donderdag (laatste avondmaal van Jezus met de discipelen)

1.1 Nacht van donderdag op vrijdag (Jezus wordt verraden)

2. Goede vrijdag (Jezus sterft aan het kruis)

3. Stille zaterdag (de klokken zijn stil)

4. Paaszondag (feest dat Jezus weer is opgestaan)

Constantijn de Grote liet zondag als een officiële Romeinse rustdag uitroepen.

Dag van de Zon (dies Solis).

 

Kerkelijk jaar

Begint 4 zondagen voor Kerst (Advent). De voorbereidingstijd van Kerst is 4 weken. Pasen heeft de veertigdagentijd (6 zondagen). Voor de veertigdagentijd, woensdag Aswoensdag (woensdag na carnaval).

Volgorde:

1. Advent 2. Kerst (tot Driekoningen) 3.Veertigdagentijd 4. Pasen 5. Hemelvaart

6. Pinksteren 7. Allerheiligen 8. Allerzielen


Hemelvaart & Pinksteren

Hemelvaart:40 dagen na opstanding van Christus, hij is opgestaan uit de dood en naar de hemel is gegaan. Pinksteren: komst van de Heilige Geest, vijftig dagen na de opstanding van Jezus. Dit feest sluit de lange paastijd af.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Godsdienst H3 Een nieuwe religie in Rome

 

Christendom was niet bekend in Rome, van de 600.000 mensen in Rome, waren er in principe maar 1% christen. Rome accepteerde ‘buitenlanders’, als ze maar de Goden respecteerden en de wetten volgden van Rome.

 

Nieuwe religies

In Rome waren er allemaal verschillende Goden die werden aanbeden. Beroemd en beken waren Isis en Mithras. Isis (Egyptisch) was de godin van de vruchtbaarheid en de landbouw. Ze is vaak afgebeeld met haar zoon (Horus). Mithras (Perzisch) was een God die voornamelijk populair was onder militairen. De aanhangers hiervan werden gedoopt met het bloed van een stier, want dat had ‘reinigende krachten’. Rome was een ontzettend multireligieuze stad met allemaal verschillende religies, goden en denkbeelden.

 

Christenen in problemen

Christenen weigerden de verplichte offers te brengen voor het beeld van de Keizer die in Rome óók als God werd gezien. Ook weigerden ze in het leger deel te nemen en theatervoorstellingen te bezoeken. Dit was in strijd met hun leefregels. Sommige politieke leiders zagen dit als een gevaar voor het Rome(inse Rijk).

 

Nero

64 brand in Rome. Hij had het aangestoken, maar gaf de christenen de schuld. Zij werden vervolgd en opgehangen en in de brand gestoken (wat diende als nachtverlichting). Deze christenen waren martelaren, mensen die stierven voor hun geloof. Zij lieten relikwieën achter, belangrijke vondsten, zoals kleding, boeken of lichamelijke overblijfselen (botten).

 

Constantijn de Grote

Constantijn de Grote (285-337) veranderde veel voor de christenen tijdens zijn keizerschap. Hij was namelijk de Keizer die zich in 312 tot het christendom bekeerde. Dit kwam, omdat hij een belangrijke veldslag moest leveren, een visioen. Hij zag inde ondergaande zon een kruis, met daarom heen de woorden: Hierdoor zal je overwinnen. Hij won de veldslag en hij dankte dit aan de God van de christenen en ij werd dus zelf christen. Later werd het zelfs verplicht om christen te zijn in het Romeinse Rijk. Zo werd het dé staatsgodsdienst van het Romeinse Rijk. De Grote liet kerken bouwen en andere indrukwekkende bouwwerken. Toch bleef er een grote discussie binnen het Romeinse Rijk over Jezus. Is hij een mens of God? Om dit duidelijk te maken hield hij het Concilie van 325 met ongeveer 300 bisschoppen. Hierin zei hij dat Jezus 100% God en 100% mens is. Deze uitspraak is dé zin van het christendom. Zonder deze uitspraak was er geen christendom. Als Jezus geen mens was geweest, was er namelijk geen ‘plaatsvervanger’ geweest.

De samenvatting gaat verder na deze boodschap.

Verder lezen

 

De eerste bisschoppen

De eerste christenen kenden nog geen strakke kerkelijke organisatie. Wel hadden ze taakverdeling, zo’n taak werd een ambt genoemd. Het belangrijkste ambt was dat van een bisschop. Hij was de leider van een groep christenen in een gebied of stad. Ook kon hij priesters benoemen. De bisschop van Rome werd gezien als volgeling van Petrus en werd daarmee belangrijker dan alle andere bisschoppen. Daarom werd hij als snel paus (Grieks voor vader) genoemd. Hij leeft in het Vaticaanstad.

Godsdienst H4 Reformatie en vernieuwing

 

Innocentius III (1198-1216) was de machtigste paus van alle eeuwen. Hij was zelfs machtiger dan koningen en keizers.

 

Ketters zijn mensen die het christelijke geloof niet exact volgden zoals moest. Ook waren zij eigenlijk tegen de paus. Innocentius III stelde de Inquisitie in, een kerkelijke rechtbank.

 

Kruistochten

Paus Gregorius VII (1073-1085) leefde in de tijd van de kruistochten. Kruistochten hadden als doel de bevrijding van de heilige plaatsen Palestina van de Islamieten.

1095 eerste kruistocht

1212 eerste Kinderkruistocht

 

Stemmen van protest

Ieken = groepen ‘gewone gelovigen’. Deze groep mensen was namelijk helemaal klaar met het feit dat kerkelijke leiders zich alleen maar om geld en macht bekommerden en niet meer om het geloof. Een voorbeeld van de Iekenbeweging is bijvoorbeeld 1175 in Zuid-Frankrijk, omdat Peter Waldes een goed voorbeeld zag in Jezus dat je je bezittingen moest delen/ verkopen om geld te kunnen geven aan de armen. Innocentius III was hier geen liefhebber van en wou deze beweging (Waldenezen) een kopje kleiner maken. Een andere Iekenbeweging ontstond in Assisi. Doordat Franciscus een ernstige ziekte kreeg begon hij zijn levensstijl te veranderen. Hij gaf altijd veel geld aan feesten etc., maar nu deelt hij zijn bezittingen etc. Franciscus genas en liet al zijn bezittingen achter en ging vervolgens met enkelinge volgingen naar de paus Innocentius III. Hij wou dat hij en zijn volgelingen niet als ketterse groep werd gezien. Hiervoor kreeg hij mondelinge verklaring van de paus. Franciscus van Assisi stierf in 1226 en gelijk in 1228 werd hij als heilig man verklaard. Hij hield erg van dieren en daarom is de dag na de sterfdag vernoemd naar Dierendag (4 oktober).

 

Franciscus

Uit de groep van volgelingen van Franciscus ontstonden de Minderbroeders (Franciscanen). Zij worden gekenmerkt door:

1. solidariteit: het leven delen met armen

2. vrede: leven in vrijwillige armoede en gerechtigheid

3. eerbied voor de schepping: zorgvuldig met de wereld omgaan

Minderbroeders dragen eenvoudige kledij: pijen met een knoop.

 

Kloosterorden

Er zijn verschillende monnikgemeenschappen:

1. Trappisten (bekend om bier)

2. Dominicanen (bekend om focus op studie en verkondiging van evangelie)

3. Jezuïeten (bekend om focus op studie, onderwijs en verspreiding van                   geloof)

4. Franciscanen (bekend als Minderbroeders)

5. Benedictijnen (bekend om armoede, gehoorzaamheid, geen seks)

Mannen in een klooster heten monniken en vrouwen in een klooster heten nonnen. De leider van een gemeenschap heet een abt.

Veranderingen in kerk en het geloof

Humanisme = geen beroeping op goddelijke openbaring, maar meer met de zin van het leven bezig. ‘Humanus’ (Latijn voor menselijk). Het geluk lag in het leven van nu. De mens ligt voorop.

 

Erasmus van Rotterdam was ook een humanistische priester. Hij ontdekte dat het geloof meer inhoudt dan het instemmen met officiële geloofsuitspraken en het meedoen van kerkelijke rituelen. Hij schreef een boek Lot der Zotheid o.a. hierover. Hij was een rondtrekkende priester en ging van kerk naar kerk. Hij was theoloog en filosoof. Erasmus botst wel met Luther. Hij vindt dat Luther overdrijft en hij stuurt brieven wat leidt tot een heuse penoorlog. Erasmus is juist van de matigheid en niet-extreem.

 

Luther

1483 Eisleben. Op zijn 22e werd hij monnik in het klooster in Erfurt. Hij bestudeerde de Bijbel en kwam erachter dat alleen het geloof in JC je als mens kan redden. God staat boven alles! Hij prikte de 95 stellingen (tegen de aflaathandel) van Wittenberg aan de grote voordeur van de kerk (31 oktober, 1517). Deze datum is de Hervormingsdag in veel kerken.1521 werd Luther vogelvrij verklaard door de paus en Karel V: iedereen mocht hem doden. Hij maakte de Bijbel in het Duits (Lutherbibel). Hij stierf in 1546.

 

Calvijn

1509 Noyon. Hij was jurist en theoloog en rond 1530 maakte hij kennis met de geschriften van Luther. Dit gebeurde geheim, want protestanten werden behoorlijk vervolgd in Frankrijk. Hij moest vluchtten naar Géneve en overleed daar in 1564. Calvijn heeft boeken, zoals de Institutie geschreven. Hier stond in hoe je volgen Calvijn het christendom moest geloven, op dus een calvinistische, protestantse wijze.

Hij was ook erg fel tegenover de overheid. Hij vond dat de kerk tegen een overheid in mocht gaan die zich niet aan de Bijbel hield.

 

Na de reformatie

Contrareformatie (Katholiek), 1545-1563 in Trente. De paus kreeg absoluut gezag en de kerk bepaalde wat juist was. De aflaathandel werd erg beperkt en er was een verbeterde priesteropleiding. De kerk in Nederland werd hervormd tot calvinistisch (soberheid). RK heeft het tot de Franse Revolutie moeilijk en krijgt daarna weer meer rechten. 2e Vaticaanse Concilie (1962-1965).

 

 

Godsdienst H5 Sporen van navolging

 

De zorg voor de medemens staat centraal bij het navolgen van Jezus. Dit heeft betrekking tot het beter maken van zieken, maar ook met het lief omgaan met elkaar. Kloosters hadden vaak een ‘godshuis’ (gastenverblijf of hospitum, van hospitaal).

De zorg voor de medemens staat centraal bij het navolgen van Jezus. Dit heeft betrekking tot het beter maken van zieken, maar ook met het lief omgaan met elkaar. Kloosters hadden vaak een ‘godshuis’ (gastenverblijf of hospitum, van hospitaal).

Gasthuizen ontwikkelden zich, de zorg werd gedaan door Iekenbroeders en -zusters.

 

Orde van de Heilige Geest: deze orde richtte zich op zorg van ‘pestlijders’, mensen die leden aan ziekten, zoals pest en lepra

 

Orde van de Heilige Antonius: in oorlogen voorzag men mensen van voedsel en water. Men schonk hier ook aandacht aan de hygiëne van mensen.

 

Naastenliefde is het woord voor het christendom. Het begrip caritas (liefdadigheid) is nauw verweven met het christendom. Vanaf 1830 werden er Diaconessenhuizen opgezet. Hierin werden talloze congregaties opgericht van zusters en broeders.

Alle zusters en broeders werkten Pro Deo (voor God). Niet om zelf rijk te worden, maar uit religieuze bewogenheid. Veel gasthuizen en diaconessenhuizen werden voorlopers op het hospitaal, het ziekenhuis.

 

Werken van barmhartigheid

7 goede werken:

1. honger (de mensen eten geven)

2. dorst (de mensen water geven)

3. vreemdeling (de vreemdeling onderdak bieden)              

4. naakt (de naakten kleden)

5. ziek (de zieken beter maken)

6. gevangen (de gevangenen bezoeken)

7. dood (de doden begraven)

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.