Gezocht: vmbo-scholieren uit jaar 3 of 4! Vul deze vragenlijst over het mbo in, en maak kans op een cadeaubon van 25 euro.

Meedoen

Vietnam - dekolonisatie en koude oorlog

Beoordeling 6.3
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 6e klas vwo | 5766 woorden
  • 13 mei 2005
  • 43 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.3
  • 43 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ADVERTENTIE
Musical The Prom verloot een limousine naar je eindfeest!

Zit je middenin je eindexamens en wil je in stijl naar je eindfeest? Doe dan mee aan de winactie en maak kans op een limousine die jou en je vrienden naar jullie eindfeest brengt!

Ja, ik doe mee!
Vietnam - Dekolonisatie en Koude Oorlog

Historisch kader: Vietnam was wereldnieuws

Oorlog in Vietnam
Veel Amerikanen hadden tot 1960 nog nooit van Vietnam gehoord. Vanaf 1964-1965 werd dat de Vietnam-oorlog. Dat was het langste conflict ooit waar de VS bij betrokken waren.
• 58.000 Amerikaanse doden
• 1-2 miljoen doden in Vietnam
• In Vietnam grote ecologische en sociaal-economische schade
• Kosten: 150 miljard dollar
• Veel Amerikanen hadden psychische, sociale of fysieke problemen


De VS en de Sovjet-Unie raken verwikkeld in een ‘Koude Oorlog’
In de 20e eeuw kwamen drie grote mogendheden op: De VS, de SU en China

De VS en de SU gingen de wereldpolitiek bepalen.
VS -> Kapitalisme – individu – vrijheid/democratie
SU -> Communisme – collectief – gelijkheid/solidariteit

Beide mogendheden wilden hun systeem over de hele wereld verspreiden:
Idealen en eigenbelang. SU en VS daarom erg wantrouwig tegenover elkaar: Koude Oorlog

Dekolonisatie gaat samen met ‘Koude Oorlog’
Na de Tweede Wereldoorlog kwam er een einde aan de koloniale rijken in Azië en Afrika van de Westerse mogendheden. Het verzet begon al in de jaren 20 en 30.
Veel nationalistische bewegingen waren communistisch -> communisme voorspelde einde van kapitalisme én kolonialisme.


De VS grijpen in Vietnam in
De VS gingen ervan uit dat de onafhankelijkheidsstrijd werd geleid door de SU en door China. Frankrijk kon Indochina niet langer handhaven, toen probeerde de VS te voorkomen dat Vietnam communistisch werd.

Kenmerken van Vietnam
• Oppervlakte en inwoners (80 miljoen) even groot als Duitsland
• Smal en langgerekt land
• Noord - Zuid 1600 km
• Breedte 50 km en bergachtig
• Tropisch klimaat
• Geen delfstoffen, wel vruchtbaar
• Landbouw (rijst): Rode Delta (noord, bergachtig, moeilijker) en Mekong-delta (zuid).

De verhouding met China
Noordelijke grens met China. Vaak Chinese overheersing. Noord-Vietnam wil steun van China. Veel overeenkomsten in cultuur, maar wel gevoelige verhouding.

1) Koude Oorlog en dekolonisatie in Azië en in Vietnam in het bijzonder

De Verenigde Naties (VN) moeten zorgen voor vrede en veiligheid

De VN werd in juni 1945 opgericht.
De doelstellingen waren:
• Toekomstige internationale conflicten voorkomen
• De internationale gemeenschap in staat stellen tijdig en doeltreffend te reageren op conflictsituaties.

Ze maakten de volgende afspraken:
• Ze zouden de territoriale integriteit en politieke onafhankelijkheid van alle andere staten respecteren. De VN zouden dus nooit veroveringen of dwang van het ene land tegen het andere accepteren.
• Ze zouden in de internationale betrekkingen in principe geen geweld gebruiken of daarmee dreigen.
• Geweld tegen een ander land was slechts toelaatbaar wanneer uit zelfverdediging werd gehandeld of wanneer acties van de VN zelf zonder resultaat waren gebleven.
• Geweld moest altijd proportioneel zijn. Er mocht dus nooit meer geweld gebruikt worden dan strikt noodzakelijk was.

De voornaamste organen van de VN waren de Algemene Vergadering en de Veiligheidsraad.
De Veiligheidsraad had de bevoegdheid om besluiten te nemen over vrede en veiligheid, over militair ingrijpen tegen een land dat de vrede in gevaar bracht. Ze moeten in actie komen als de vrede en veiligheid in gevaar zijn.
De veiligheidsraad bestaat uit vijf permanente leden, de VS, de SU, Groot-Brittannië, Frankrijk en China, en tien niet-permanente leden, zij worden om de twee jaar gekozen door de Algemene Vergadering.
De permanente leden hadden het recht van veto. Ze konden tegen een beslissing stemmen, die beslissing was dan ongeldig.
Door het recht van veto kon de Veiligheidraad zelden optreden, omdat de VS of de SU tegengestelde belangen hadden en het daarom vaak niet eens waren met beslissingen en dus hun vetorecht gebruikte.
Er ontstond onenigheid over het Chinese lidmaatschap. De nationalistische regering was verstoten door de communisten en zat in Taiwan. Zij waren echter lid van de VN en de VS erkende de communistische regering niet, terwijl zij nu de macht hadden in China. Zo bleef ‘Taiwan’ in de Veiligheidsraad in plaats van China.

Nieuwe internationale verhoudingen na 1945

De VS en de SU gingen na de Tweede Wereldoorlog de wereldpolitiek beheersen.
Europa raakte verdeeld, omdat de VS het Westen van Europa had bevrijd en de SU Oost-Europa. Beide landen hadden in dat deel van Europa hun eigen invloedssfeer.
• In West-Europa ontstond daardoor een democratie en kapitalistisch vrij ondernemerschap
• In Oost-Europa een communistische macht en economische almacht van de staat.
• De SU zorgde voor een veiligheidsgordel van communistische landen om het eigen land te beschermen.
• De VS en de SU bleven militair sterk aanwezig in ‘hun’ deel van Europa
• Stalin zorgde voor een ‘IJzeren Gordijn’ zodat er geen contact was tussen Oost en West.

Dit leidde tot de Koude Oorlog (een periode van vijandschap met veel conflicten, maar geen directe oorlog):
• Toenemend wederzijds wantrouwen (geen begrip voor elkaar, allebei denken dat de ander de wereld wil veroveren)
• Toenemend aantal conflicten (over het Marshallplan, de Russische blokkade van Berlijn en de communistische machtsovername in Tsjecho-Slowakije)

De Koude Oorlog werd in wereldwijd conflict omdat beide partijen dachten dat de ander bezig was haar invloedssfeer in de hele wereld te verstevigen en uit te breiden.

De spanningen werden vergroot door de wapenwedloop: Ze wilden niet voor elkaar onder doen in militaire kracht. Er werden steeds meer kernwapens ontwikkeld.
De VS was tot jaren 50 sterker, toen had de SU raketten dit tot de VS reikten en waren ze in staat tot wederzijdse vernietiging.

Toch bleef de vrede in Europa bewaard:
• De VS en de SU durfden niet aan te vallen, ze zouden zelf immers ook vernietigd worden.
• Chroesjtsjov begon met een politiek van vreedzame coëxistentie met de VS. Ze zouden in vrede naast elkaar moeten staan. De rivaliteit tussen communisme en kapitalisme mocht blijven, maar dat mocht niet tot oorlog leiden.

Vijandbeelden

In de VS, de SU en de landen die tot hun invloedssfeer hoorden was er angst voor de tegenpartij. Door:
• Grote tegenstellingen tussen communisme en kapitalisme
• Voortdurende kans op een gewapende confrontatie
• Ideologische propaganda -> De supermachten ontwikkelden een vijandbeeld in hun propaganda ter verklaring en legitimatie van hun optreden.

Amerikaans vijandbeeld: Amerikanen vreesden de communistische wereldrevolutie. In Amerika zou dan ook onvrijheid komen door een gewelddadige overwinning op het kapitalisme.
Amerikaanse politiek: Containment politiek -> het indammen van het communisme.
Dat begon als reactie op de burgeroorlog in Griekenland van communisten tegen niet-communisten. De communisten schenen te winnen.
Eerst het indammen in Europa, daarna ook in de rest van de wereld omdat:
• Communistische bewegingen een rol gingen spelen bij de dekolonisatie in Azië
• In China de communisten de macht overnamen

Daardoor dachten de VS dat China en de SU samen een sterk communistisch blok vormden. Maar China en de SU waren ook vijanden:
• Mao Zedong nam steeds meer afstand van de vreedzame coëxistentie van de SU.
• Tussen de SU en China was rivaliteit over het leiderschap van de communistische beweging.

Communistisch vijandbeeld: De SU en China beschouwden de containment politiek als westers imperialisme (het streven naar macht of invloed in de hele wereld). Het was ‘nieuwe’ imperialisme door economische en politieke invloed in landen ipv. koloniën.

Communistische politiek: Het verkrijgen van invloed in de gedekoloniseerde staten. Zo bleven die niet meer ondergeschikt aan westerse kapitalistische belangen.

Dekolonisatie in Zuid-Oost-Azië

Grote delen van Zuid-Oost-Azië waren voor WOII koloniën van het Westen. In de jaren 20 en 30 groeide het verzet tegen koloniale overheersing.

Veel koloniën in Azië werden onafhankelijk omdat in WOII Japan de koloniën bezette. Hierdoor groeiden de nationalistische bewegingen. Na de capitulatie van Japan was er een machtsvacuüm en de Westerse landen konden hun koloniën niet meer behouden.

Koude Oorlog/Dekolonisatie:
• De SU probeerde greep te krijgen op de onafhankelijkheidsbewegingen. De landen zouden daardoor communistisch worden.
• De VS probeerde dat juist te voorkomen. Ze wilden nieuwe staten voor handel en investering van Amerikaanse bedrijven. Ook democratie brengen.

VS steunden nationalistisch China, maar het werd toch communistisch. Verlies Westerse invloed in Azië.

Dominotheorie: Het communisme zou zich als een olievlek uitbreiden. Als één land communistisch werd zouden ze allemaal communistisch worden.

VS wilden toch meer invloed in Azië: (jaren 50/60)
• Het geven van economische hulp, toename Amerikaanse invloed
• Politieke steun geven en marionettenregeringen: regeringen die zich niet op eigen kracht kunnen handhaven, maar afhankelijk zijn van de steun van een grote mogendheid en dus geen zelfstandig beleid kunnen voeren.
• Militaire steun en eventueel militaire interventie. Meer Amerikaanse militaire bases en sterkte Am. Leger werd verdubbeld.

Vietnam onder Frans koloniaal bestuur

Vietnam, Laos en Cambodja waren in de tweede helft van de 19e eeuw Franse koloniën.

Frankrijk wilde economie in Vietnam moderniseren (vooral in het zuiden):
• Betere infrastructuur -> aanleg spoorwegen.
• Dammen en dijken bouwen in de Mekong-delta -> nieuwe vruchtbare grond die ging naar rijke grootgrondbezitters.

Sociale gevolgen Frans beleid:
• Verbeteringen in het onderwijs en de gezondheidszorg
• Een kleine goed opgeleide rooms katholieke elite in de steden
• In de dorpen in de Mekong-delta ook rijke elite van grootgrondbezitters. Grote afstand tussen elite en pachtboeren/landarbeiders.

De grond in het noorden was gelijkmatiger verdeeld onder de kleine boeren, omdat dat minder vruchtbaar was. Vooral hier veel verzet tegen koloniaal bestuur door armoede. En door bergen verzet moeilijker te onderdrukken.

Nationalisme, communisme en dekolonisatie in Vietnam

Vanaf het begin opstanden tegen de Franse overheersing. Vanaf 1920 nationalistische politieke partijen (boeren, arbeiders, en ook elite). 1930 opstand door Nationalistische Partij van Vietnam. Onderdrukt en veel leiders geëxecuteerd door Fransen of vluchtten naar buitenland.

Ho Chi Minh was bij de Vredesconferentie van 1919 aanwezig, hij wilde meer zelfbeschikking maar dat werd door Europa afgewezen. Daarom zocht hij steun bij communistische partijen. Hij richtte in 1930 een communistische partij op, de Indochinese Communistische Partij.

Communistische Partij kreeg de leiding in handen voor de strijd om onafhankelijkheid met leider Ho Chi Minh (nationalistisch en communistisch). Amerikanen dachten dat hij communisme wilde verspreiden, maar hij wilde alleen onafhankelijkheid voor Vietnam.

Juni 1940 bezet Japan Vietnam, met toestemming van Frankrijk, Franse bestuur en legen blijven bestaan onder Japans toezicht. Maart 1945 wordt ook dat bestuur en leger opzij gezet.

Ho Chi Minh in 1941 naar Vietnam en richt de Vietminh op -> militante organisatie waarin alle nationalistische krachten werden verenigd onder leiding van de Vietnamese communisten. Werd officieel opgericht tegen de Japanse bezetting. Samenwerking met Geallieerden – verwachtte na bevrijding zelfstandig te worden.

Augustus 1945 Japan capituleerde -> machtsvacuüm -> Ho Chi Minh riep Democratische Republiek Vietnam uit. DRV niet sterk:
• Alleen in het noorden had Vietminh de macht
• DRV werd internationaal niet erkend
• Fransen wilden situatie voor de oorlog terug
• Ho Chi Minh dacht dat VS wilden steunen maar VS wilde Frankrijk te vriend houden
Fransen wilden macht herstellen, maar lukte gedeeltelijk.
Zuiden: In 1946 werd Franse koloniale bewind hersteld. 1950 stichten ze ‘Vietnamese’ staat met keizer Bao Dai.
Noorden: Franse troepen vanaf 1946 in guerrillastrijd met Vietminh. In 1954 versloeg de Vietminh de Franse troepen bij Dien Bien Phoe.

VS erkennen DRV niet. Ho Chi Minh voor steun naar SU en na 1949 ook naar China. China gaf wapens en munitie.

VS steunde Frankrijk financieel (bondgenoten in strijd tegen communisme) en vanaf 1950 oorlogsmaterieel en militaire adviseurs.
Fransen bouwden in Zuiden Vietnamese strijdkracht tegen communistische Noorden.

Vietnam wordt ‘voorlopig’ verdeeld in twee staten

Na de slag bij Dien Bien Phoe werd Vietnam bij De Akkoorden van Genève besproken. Frankrijk en de Vietminh sloten een wapenstilstand. Geen definitieve besluiten:
• Noord-Vietnam wil Noord en Zuid zo snel mogelijk herenigen
• VS willen niet dat Zuid-Vietnam ook communistisch word, dat is na hereniging wel.
Dus geen besluit tot verenigd en onafhankelijk Vietnam om communisme tegen te houden.

Geneefse Akkoorden: juli 1954
• Vietnam werd tijdelijk verdeeld lans de 17de breedtegraad
• Geen van beide delen mocht zich aansluiten bij militaire bondgenootschappen of militaire bases van andere landen op zijn grondgebied toelaten. Dus neutraal.
• In 1956 nationale verkiezingen en twee delen herenigd.

Gevolgen Geneefse Akkoorden:
• Franse en Zuid-Vietnamese troepen die in het Noorden waren trokken terug naar Zuid
• De Vietminh moest grote gebieden in het Zuiden opgeven (ongunstig, maar ging toch akkoord omdat ze verwachtten de verkiezingen te winnen)
• Noorden werd communistische staat
• Zuiden Westers georiënteerd, autoritair regime met Amerikaanse steun.
• !! 1 miljoen kapitaalkrachtige en katholieke Noord-Vietnamezen trokken naar het Zuiden !!
• Vietminhstrijders gingen naar het Noorden, maar er bleven er ook in Zuid achter

VS en Zuid-Vietnam hielden verkiezingen tegen om communisme tegen te houden en gezichtsverlies tegen te gaan.

Ook communistische staten hoefden niet zo nodig verkiezingen:
• SU wilde relatie met VS niet op scherp stellen
• China vreesde verdere expansie van Noord-Vietnam, naar Laos en Cambodja

Ontwikkelingen in Azië leiden tot oprichting ZOAVO

De Koreaanse Oorlog
In 1905 Korea kolonie van Japan. Na Japanse nederlaag Korea door VS en SU verdeeld in twee staten: Communistisch Noord-Korea en Westers georiënteerd Zuid-Korea.
In 1950 viel Noord-Korea het Zuiden binnen.

SU boycotte de Veiligheidsraad toen dus kon geen veto uitspreken, Veiligheidsraad kon Zuid-Korea steunen met (Amerikaanse) troepen.
SU gaf materiële steun aan Noord-Korea.
Toen China troepen voor Noord-Korea en dreven VN leger weer terug
In 1953 einde aan gevechten. Grens Noord-Zuid bleef.
Korea-oorlog misrekening communistische landen:
• Geen terreinwinst
• Amerikanen hielden troepen in Zuid-Korea

China, Korea en Indochina -> communistische expansiedrang (gezien door Westen)

Toezicht Akkoorden van Genève faalt
Voor de Akkoorden van Genève Internationale Commissie van Toezicht met diplomaten uit Polen, Canada en India. Geen betekenis, alleen rapporteren en partijdig.

SU en China wilden niet dat VS ook troepen in Zuid-Vietnam zou plaatsen, daarom niet aandringen op verkiezingen.

De ZOAVO wordt opgericht
VS richten Zuid-Oost-Aziatische-Verdragsorganisatie op na Akkoorden van Genève in 1954.
Defensief bondgenootschap met weinig verplichtingen.

De bedoeling was om verdere communistische expansie in Azië te voorkomen en de Amerikaanse invloed veilig te stellen.

Zuid-Vietnam mocht geen lid worden -> neutraliteitsclausule
VS gaven toch politieke en economische steun aan Zuid-Vietnam en bouwden Vietnamees leger op.

ZOAVO werd geen succes -> geen eigen troepenmacht en maar 3 Z-O-Aziatische landen.
In 1977 werd ZOAVO opgeheven.

2) Oorlog in een verdeeld Vietnam +- 1950-1975

Noord-Vietnam: Regime van Ho Chi Minh

Politieke macht van de Democratische Republiek Vietnam (sept. 1945) was in handen van de communistische partij, Ho Chi Minh had de leiding.
Het platteland was in handen van Ho Chi Minh, de Fransen hadden na WOII de steden weer veroverd. Rijstproductie ging omhoog, zodat niet meer afhankelijk van Zuid-Vietnam.

Voorzichtige invoering (1945-1954) communisme, omdat Ho Chi Minh steun van niet-communisten wilden houden en kapitaalvlucht tegen te gaan want Fransen waren er nog.
• Indochinese Communistische Partij werd Vietnamese Arbeiderspartij (1951)
• Privé-bezit van grond werd voorlopig toegelaten
• Alleen het land van genationaliseerde Franse plantages werd verdeeld
• Alleen Franse bedrijven werden genationaliseerd.

Radicale invoering (vanaf 1954) communisme -> interne revolutie
*Fransen trokken weg na Akkoorden van Genève en Ho Chi Minh vestigde zich in Hanoi.
*Noord-Vietnam na 1949 Chinese communistische invloed, invoering communisme versneld:
• Noord-Vietnam kreeg een planeconomie.
• Ingrijpende landhervormingen (1955) -> landbouwproductie vergroten en minder macht grootgrondbezitters. 1960 landbouw grotendeels gecollectiviseerd.

Externe revolutie -> Noord-Vietnam infiltreert in het Zuiden (vooral vanaf 1959).
Eén verenigd communistisch Vietnam.
Infiltratie over Ho Chi Minh route. Vanaf 1964 hele Noord-Vietnamese legers naar Zuiden.

Zuid-Vietnam: Regime van Ngo Dinh Diem

Anti-communistische staat: Republiek Vietnam o.l.v. keizer Bao Dai. In 1954 Ngo Dinh Diem als minister-president. 1955 versloeg Diem in referendum Dai -> Diem president, autoritair.

Diem -> anti-communistisch, anti-kolonialistisch -> politieke en economische steun van VS -> na vertrek Fransen in 1956 ook geld en militaire adviseurs voor opbouw leger (president Eisenhower 1953-1960)

Veel aanslagen op dorpshoofden, aangesteld door Diem, door Vietminh strijders en Zuid-Vietnamese communisten. Samenwerking met privé-legers.

Geen steun van bevolking voor bewind Diem want:
- oppositiepartijen verboden
- communisten scherp vervolgd
- censuur voor pers

Plattelandsbevolking (85%) tegen Diem, voor communisme, omdat:
• Grootgrondbezitters bezaten groot deel van de landbouwgrond, communisten verdeelden grond onder kleine boeren (vanaf 1959 ook deel in Zuid-Vietnam)
• Versterkte dorpen tegen infiltratie communisme, boeren moesten daar naar toe verhuizen maar wilden niet: - betere controle door regering
- ze kunnen geen voorouderverering daar doen
- boeren moesten er voor betalen, geld naar Diem…

Boeddhisten, grote meerderheid, tegen Diem
• Diem trok voor benoemingen de katholieken voor
• Boeddhisten door wetgeving beperkt in hun godsdienst
• Protesten werden met geweld onderdrukt
VS riepen op tot onderhandelingen met Boeddhisten, maar Diem ging door met onderdrukking. Ook in eigen regime verzet door minister en studenten.

Zuid-Vietnam werd politiestaat -> Diem onderdrukte de oppositie nog meer

Oppositie -> verenigde zich onder communistische leiding in het NLF, Nationaal Bevrijdingsfront, opgericht eind 1960.
Gewapende arm van NLF is de Vietcong (Volksbevrijdingsleger)

NLF bestond uit communistische en niet-communistische Zuid-Vietnamezen, maar werd vanuit Noord-Vietnam gesteund en geleid.

Kritiek uit VS nam ook toe (Diem geen democratie), na zelfmoord monniken toestemming van president J.F. Kennedy (1960-1963) om Diem af te zetten, op 1 november 1963.
Zuid-Vietamese generaals pleegden staatsgreep, Diem en broer Nhu werden vermoord. -> Generaals ook autoritair bewind, konden oppositie ook niet de baas.

Noord- en Zuid-Vietnam in het krachtenveld van de Koude Oorlog

Zuid-Vietnam
* Eisenhower stuurde in 1960 oorlogsmaterieel en honderden militaire adviseurs (trainden het leger) naar Zuid-Vietnam, want het leger kon zelf de infiltratie uit het Noorden niet tegenhouden.
* In 1961 breidde Kennedy de militaire steun uit, want de sympathie voor de Vietcong werd groter en Noord-Vietnamese legertjes kwamen naar Zuid-Vietnam om de NLF te steunen.
* Eind 1962 10.000 adviseurs en helikopters. VS vonden dat Zuid-Vietnam zelf moest vechten tegen het Noorden, maar adviseurs raakten ook bij de gevechten betrokken.

Noord-Vietnam
De SU en China (vanaf 1949) steunden Noord-Vietnam financieel en materieel. Noord-Vietnam bleef toch zelfstandig. Eerst was steun van SU beperkt, maar die nam toe:
• In 1960 breuk China en SU, SU was bang dat China teveel invloed in Noord-Vietnam zou krijgen. Noord-Vietnam profiteerde.
• Na 1964 oost-west verhoudingen slechter geworden: (Chroesjtsjov afgezet, nieuwe leiders VS en SU hard tegenover elkaar. VS steunde Zuid steeds meer, SU Noord.
Noord-Vietnam trok zich weinig van de SU aan. SU vreesde escalatie.
NLF deed aanval op Amerikaanse luchtmachtbasis bij Pleiku (7 feb. 1965). Eerste Am. doden
Uitgangspunten van de Amerikaanse strategie onder president Johnson

President Johnson (1963-1969) wilde zo snel mogelijk de oorlog winnen, dus ‘Westers’ Zuid-Vietnam, want hij wilde de problemen in Amerika zelf oplossen, Great Society.

1964 drie mogelijkheden Vietnam:
1) terugtrekken
2) nucleaire wapens inzetten
3) gevechtseenheden sturen

Het werd de derde, want terugtrekken = gezichtsverlies en nucleaire wapens = risico WOIII

Amerikaanse strategie:
• Zo weinig mogelijk Amerikaanse slachtoffers
• De oorlog winnen met conventionele (= niet-nucleaire) wapens }
• Het oorlogsgebied beperkt houden tot Vietnam }geen escalatie

Plannen voor oorlogvoering:
• Het Zuiden moest van het Noorden geïsoleerd worden (geen leiding meer voor Vietcong vanuit Noorden) -> blokkades op de grens en bevoorradingslijnen afsnijden
• Bombardementen op Noord-Vietnam -> luchtoorlog, kon Zuid-Vietnam niet
• Zuid-Vietnam moest de grondoorlog voeren in het Zuiden tegen Vietcong en Noord-Vietnamese soldaten. Amerikanen alleen bij de grens.

De Amerikanen dachten dat de oorlog snel gewonnen zou worden, ze onderschatten Noord-Vietnam en de Vietcong. Daarom geen alternatieve strategieën. Het was een beperkte oorlog die geen bedreiging voor de wereldvrede vormde:
• Alleen conventionele wapens
• Het noordelijke deel van Noord-Vietnam zou niet gebombardeerd worden (grote steden, Hanoi en Haiphong)
• Amerikaanse grondtroepen zouden Noord-Vietnam niet binnendringen
• ‘Contract’ met China dat het geen treffen tussen Amerikaanse en Chinese troepen zou komen. China geen militairen, Amerikaanse niet in Noord-Vietnam en SU ook niet.

De Amerikaanse strategie faalt

Maart 1965 eerste bombardementen op Noord-Vietnam en grondtroepen naar Zuid-Vietnam.

Tonkin-incident: 1964
Noord-Vietnamese torpedo aanvallen op Amerikaanse marineschepen in de Golf van Tonkin. Daarna Tonkinresolutie door congres goedgekeurd (President mag ‘alle noodzakelijke maatregelen’ nemen om agressie in Zuid-Oost-Azië tegen te houden)
Later bleek het niet zeker te zijn of er echt aanvallen op marineschepen waren geweest…

Hierdoor (en door de gewonnen presidentsverkiezingen) kon Johnson bombarderen op Noord-Vietnam zonder dat het congres hem tegen hield.

Acties van Amerikaanse luchtmacht werden Operatie Rolling Thunder (1965-1968) genoemd. -> door bombardementen zou Noord-Vietnam steun aan Vietcong staken.
Rolling Thunder mislukt: (gevolg: meer soldaten en wapens naar Zuid-Vietnam)
• Johnson stond niet toe te bombarderen op Hanoi, Haiphong, bij Chinese grens en de Rode Delta om SU en China niet te provoceren
• Zuid-Vietnam kon niet worden geïsoleerd want Ho Chi Minh route liep door Laos en Cambodja -> bevoorrading ging door

Landoorlog mislukte ook: (hoewel er elk jaar steeds meer militairen bij kwamen)
• Zuid-Vietnamese leger was zeer slecht, alleen beperkte ondersteunde rol
• Leiding van Vietcong en Noord-Vietnamese leger was generaal Vo Nguyen Giap -> hij wilde geen veldslagen maar guerrillaoorlog (een oorlog met kleine eenheden die hinderlagen leggen of plotseling aanvallen en zich snel weer terugtrekken, oerwoud en tunnels)
• VS bestreed guerrillaoorlog met tanks en helikopters, dat ging niet.

Zuid-Vietnamese burgers slachtoffers:
• VS bombardeerden dorpen, burgers waren niet van Vietcong te onderscheiden
• VS beheersten alleen steden. Op platteland Agent Orange en napalm, veel slachtoffers.

Noord-Vietnam: Humanitaire hulp overal vandaan en militaire steun uit China en SU

Humanitaire hulp na bombardementen
Noord-Vietnam krijgt hulp van Westerse en Communistische landen, zoals voedsel en medische hulp. Want door de Rolling Thunder en de bombardementen in 1972 was veel schade aangericht. Noord-Vietnam zette reparatieploegen in.

Militaire hulp van China en de SU
• China stuurde militaire adviseurs en militaire technici -> meer Noord-Vietnamezen voor gevechten beschikbaar
• China leverde ook wapens -> kanonnen en simpele wapens
• SU steunde met veel moderne wapensystemen -> radar, luchtafweergeschut, raketten, tanks en straaljagers. Luchtafweergeschut tijdens Rolling Thunder actief

Voor de SU was het gunstig dat ze kennis kregen van buitgemaakte Amerikaanse wapens.

Het einde van de Amerikaanse interventie in Vietnam

Het Amerikaanse leger boekte geen successen. In 1968 groeide het leger tot een half miljoen manschappen. Geen oplossing:
• Geen duidelijk slagveld, geen terreinwinst. Alleen aantal gedode Vietdong-strijders
• Amerikaanse militairen raakten gedemoraliseerd door onvoorspelbaarheid en uitzichtloosheid
• Door de lage moreel werd de gevechtskracht minder

Tet-offensief !!Keerpunt in de oorlog!!
In 1968 vielen Noord-Vietnamezen en Vietcong-strijders (olv Giap) een groot aantal Zuid-Vietnamese steden en Amerikaanse bases tegelijk aan. (Binnen enkele weken waren de aanvallen afgeslagen door Amerikaanse militairen)
Noord-Vietnam trok de conclusie dat ze niet konden winnen.
Stemming in VS sloeg om . VS hadden Vietnam niet onder controle en konden niet winnen.

Na het Tet-offensief begonnen de verkennende gesprekken in Parijs voor onderhandelingen

President Nixon (1969-1974) wilde met een eervolle vrede (Zuid-Vietnam dus niet communistisch) de oorlog beëindigen:
• Vietnamisering van de oorlog-> terugtrekking Amerikanen (de grondtroepen gingen naar huis in 1972), Zuid-Vietnam moest zelf het leger inzetten
• Zware bombardementen -> op Laos en Cambodja (en Am. leger in Cambodja, met fel protest van de Am. bevolking) om de Ho Chi Minh route af te snijden en op Noord-Vietnamese doelen om te dwingen tot onderhandelingen.
• Streven naar betere verhouding met de SU en China -> onderhandelingen makkelijker

Besprekingen onder Johnson in 1968 geen resultaat, in 1969 hervat (Kissinger & Le Duc Tho)
Stroef omdat:
Noord-Vietnam wilde alleen een akkoord als de bombardementen zouden stoppen en de NLF deel uitmaakte van een Zuid-Vietnamese regering
De VS wilden de bombardementen ook gebruiken om Noord-Vietnam tot meer concessies te dwingen en wilde Thieu (van Zuid-Vietnam) niet laten vallen.

* In februari 1973 bracht Nixon een bezoek aan China -> VS erkend Volksrepubliek China en China zou meewerken aan beëindiging van de oorlog in Vietnam

* In mei 1972 bracht Nixon een bezoek aan de SU -> verdrag einde kernwapenwedloop en SU zou meewerken aan beëindiging oorlog

Ondanks bezoeken bleven vredesonderhandelingen stroef. Daarom zwaarste kerstbombardementen op Noord-Vietnam in 1972. Ook Hanoi en Haiphong getroffen.
Na tien dagen Noord-Vietnam bereid tot onderhandelingen.
7 januari 1973 vredesovereenkomst tussen Kissinger en Le Duc Tho.
27 januari 1973 Parijse Akkoorden getekend (zelfde als Geneefse Akkoorden):
• Noord en Zuid door vrije verkiezingen verenigd
• Amerikaanse militairen moesten binnen zestig dagen het land verlaten
• Noord-Vietnamese troepen mochten in Zuid-Vietnam blijven

Noord-Vietnam stemde in omdat:
• Door de kerstbombardementen de luchtverdediging helemaal was uitgeschakeld, de Amerikanen konden hun gang gaan…
• SU en China dat adviseerden
• Als ze in zouden stemmen zouden de Amerikanen weggaan uit Vietnam en hadden ze vrij spel, de VS zou toch niet meer terug komen.

Zuid-Vietnam stemde in omdat:
Hoewel het voor hun ongunstig was, stemden ze toch in want er zou meer Amerikaans materieel achterblijven. Ze wilden ook niet toegeven dat ze het niet zonder de VS aan konden.
Alleen de VS hielden zich aan de Akkoorden. Ze waren binnen 60 dagen weg.
Noord en Zuid-Vietnam hield zich niet aan de afspraken. Er sneuvelden nog heel vee Zuid-Vietnamese soldaten. De media had echter geen belangstelling meer.

In april 1975 opende Noord-Vietnam een groot offensief en binnen een paar weken hadden ze Zuid-Vietnam veroverd. Het land werd verenigd in de ‘Socialistische Republiek Vietnam’.

Driehoeksdiplomatie, concessies, bombardementen: vrede

Driehoeksdiplomatie-> de vijand van mijn vijand is mijn vriend.
De VS gingen concessies doen met de SU en China, en die zouden daarvoor druk zetten op Noord-Vietnam om in te stemmen met de onderhandelingen.

Sinds 1962 besprekingen tussen SU en VS over (kern)wapenbeheersing.
In 1969 Vredesbesprekingen -> besprekingen over kernwapenbeheersing (Strategic Arms Limitation Talks)

Stappen van de VS om SU te bewegen meer druk op Hanoi uit te oefenen:
• Gunstige voorstellen tot kernwapenbeheersing -> VS geen ruimteschild als afweer tegen raketten en SU mocht meer kernraketten bezitten als de VS
• Handelsvoorwaarden -> graanleveranties
• Druk SU door Amerikaanse toenaderingspolitiek (de bezoeken) toen relatie SU-China heel slecht was:

Maart 1969 groot gevecht tussen SU en China op de grensrivier. Uit angst voor elkaar wilden ze allebei betrekkingen met VS verbeteren. VS eisten daarvoor dat SU en China druk op Noord-Vietnam zou zetten om in te stemmen met de vredesonderhandelingen.

VS breiden bombardementen uit in 1972
Omdat Noord-Vietnam een groot offensief begon en het Zuid-Vietnamese leger kon het niet aan, er waren ook nog maar weinig Amerikaanse grondtroepen in Zuid-Vietnam.
Nixon durfde de bombardementen aan omdat de relatie met SU en China redelijk goed was, dus weinig kans op escalatie (inmenging van de SU en/of China in de strijd)

Het Amerikaanse volk was echter tegen. Nixon wilde president blijven dus stelde vredesvoorstellen op waarin grondmacht en luchtmacht geheel zouden verdwijnen in Vietnam. Noord-Vietnam mocht nog wel in Zuid-Vietnam blijven, dus die stemden in.
Thieu stemde echter tegen, hij wilde meer veiligheid in Zuid-Vietnam. -> nieuwe onderhandelingen.

VS wilden snellere vredesregelingen dus kerstbombardementen op Noord-Vietnam -> hevige internationale protesten.
Noord-Vietnam wilde onderhandelingen hervatten
Zuid-Vietnam werd meer financiële in militaire middelen toegezegd, dus stemde ook in en kwam een vredesregeling tot stand.

3) De oorlog, de Vietnamezen en de Amerikaanse militairen

De oorlog en de Vietnamese samenleving

De gevolgen voor Noord-Vietnam en Vietconggebieden in Zuid-Vietnam
* Sterk gebombardeerde gebieden -> ingrijpende maatregelen zoals ondergrondse fabrieken, scholen en dorpen (overdag), op het land werken ’s nachts.
* Minder sterk gebombardeerde gebieden ->
• kinderen en bejaarden geëvacueerd naar platteland
• collectieve en individuele schuilplaatsen (1persoons gaten tegen bombardementen)
• voedselvoorziening werd aangetast, maar geen hongersnood

* Door de bombardementen versterkte het moreel om vol te houden. Problemen goed opgelost -> bamboebruggen, hulptroepen die schade herstelden van bombardementen -> geen totale ontwrichting van de samenleving

* Noord-Vietnam militaire dienstplicht -> veel jongemannen leger in -> vrouwen industrie en openbare diensten in bedrijf houden.

* 1,1 miljoen Noord-Vietnamese militairen dood
2 miljoen burgerslachtoffers dood

De gevolgen voor Zuid-Vietnam
* Door Vietnamisering de helft van Zuid-Vietnamese mannen in oorlog.
* Versterkte dorpen op platteland vaak beschoten omdat het bezettingen van de Vietcong of Zuid-Vietnamese legereenheden waren.

* Veel Zuid-Vietnamezen vluchtten voor oorlogsgeweld:
• Een deel van de vluchtelingen ging bij de Vietcong, een deel ging naar Zuid-Vietnamese steden (Saigon)
• -> Ontvolking van het Zuid-Vietnamese platteland en explosieve groei van de steden
• Vluchtelingen hadden geen werk -> misdaad en prostitutie nam toe

* Aanwezigheid van Amerikanen ontwrichtte de Zuid-Vietnamese economie -> Landbouw en industrie verwaarloosd en in de steden kunstmatige welvaart onder kleine groep middenstanders en mensen die voor Amerikanen werkten

* 110.000 Zuid-Vietnamese militairen
415.000 burgerslachtoffers dood en half miljoen gewonden

* veel oorlogsmisdaden door Amerikanen, Vietcong en Noord-Vietnamese soldaten ->
My Lai (16 maart 1968) door Amerikanen
Hué (Tet-offensief) door communisten

De gevolgen voor de Amerikaanse militairen in Vietnam

Moeilijke omstandigheden voor Amerikaanse militairen, oorzaken:
• Geen idee wat ze te wachten stond
• Niet voorbereid op een guerrilla oorlog. Iedereen kon Vietcong zijn. De bevolking zag hen niet als bevrijders
• Niet voorbereid op aanblik van burgerslachtoffers en omgekomen strijdmakkers
• Het tropische klimaat verzwaarde de omstandigheden. Altijd veel zon of regen.

-> het moreel werd aangetast. Waarom vechten we hier?
Gevolgen:
• Drugsgebruik -> was goedkoop, 60% gebruikte drugs.
• Rassenhaat -> zwarte militairen werden gediscrimineerd
• Oorlogsmisdaden -> 224 schendingen van het humanitair oorlogsrecht
• Desertie -> 5.000 soldaten deserteerden in Vietnam, meesten buiten Vietnam.
In totaal half miljoen van de 7,6 miljoen (1963-1973) gedeserteerd of
onttrokken zich tijdelijk aan de dienst

58.000 Amerikaanse doden
153.000 Amerikaanse gewonden

4) Het ‘thuisfront’ en de oorlog

De rol van de media

De mensen konden de oorlog van dag tot dag volgen, de pers was heel vrij.

Media eerst positief, nadat er ook troepen in Vietnam kwamen werden ze meer kritisch.

Nationale belang van het ondersteunen van de oorlog??
Democratische belang van kritische en onderzoekende journalistiek??  steeds vaker

Kritische journalisten vonden weerklank maar ook tegengeluiden -> voor en tegenstanders scherp tegenover elkaar

De rol van de protesten

* Jongeren tegen de oorlog omdat:
• De baby-boomers een eigen cultuur hadden, protestgeneratie, zagen communisme niet als een gevaar
• Dienstplicht ingevoerd, ze moesten vechten voor een oorlog waar ze tegen waren.

* Oudere generatie voor de oorlog omdat:
• Hadden WOII meegemaakt en zagen het communisme als een gevaar

-> De anti-oorlogshouding van de jongeren verdiepten de kloof tussen de genaraties.

* Ook veel opinieleiders uit politiek, wetenschap en media tegen de oorlog -> democratische politici, Martin Luther King en dr. Benjamin Spock (boeken)

Protesten op allerlei manieren: (In VS en ook in de rest van de wereld)
• Discussies op universiteiten over zin en noodzaak van de oorlog
• Vanuit universiteiten petities naar president om bombardementen te stoppen
• Anti-oorlogs demonstraties -> protestzangers zongen daarbij en dienstplichtigen verbrandden hun oproepkaarten
• Sommige jongemannen weigerden dienst of gingen naar het buitenland. De meesten probeerde dienstplicht te ontduiken door uitstel vragen voor studie of af laten keuren
(57% uitstel of afgekeurd, 31% leger in VS of ergens anders, 2% dienstweigering, slechts 10% ging naar Vietnam)

De rol van de politiek

In de beginfase weinig belangstelling voor Vietnam -> politiek vooral bezig met binnenlandse problemen, rassentegenstellingen en ongeregeldheden en rellen.

Ook geen parlementaire controle van het Congres op het Vietnam-beleid:
• Johnson (democraat) kreeg grote meerderheid in het congres, ook van republikeinen. Door Tonkin-resolutie had het congres geen invloed meer, alleen Witte Huis, Pentagon en ministerie van Buitenlandse zaken.
• Johnson wilde geen parlementaire debatten over oorlog, maar haalde congresleden persoonlijk over. Want geld voor de oorlog mocht niet ten koste gaan voor geld voor Great Society

Het congres stemde in met de defensiebegroting omdat:
• Loyaliteit met de president
• Loyaliteit met de aanwezige soldaten in Vietnam
• Angst voor het communisme
• En het vermijden van verdenking ‘soft on communism’ te zijn

* Sommige democraten (J. William Fulbright) in congres tegen de oorlog (toenemende twijfel, ook door protesten) -> willen politieke oplossing voor Vietnam -> duiven
* Ook voorstanders oorlog onder democraten -> verdergaand militair ingrijpen -> haviken

Fulbright -> voorzitten van de Senaatscommissie voor Buitenlandse Betrekkingen. Twijfelde of de oorlog de belangen van de VS wel diende: tegenstellingen in VS en problemen in verhoudingen met buitenland.
In regering zelf ook meningsverschillen over Amerikaanse strategie. Beleid werd toch voortgezet -> geen alternatieven. Regering steeds verder van de samenleving af.

Oorlog ongunstige gevolgen voor de economie:
• Overheidsuitgaven namen enorm toe -> daling dollarkoers
• Economische positie VS in de wereld verzwakte en economische recessie dreigde.
-> voortzetting van de oorlog en ontwikkeling Great Society onder druk

Eind 1986 veranderingen in Amerikaanse Vietnam beleid:
• Johnson maakte eind aan bombardementen en begon besprekingen met N-V
• Johnson stelde zich niet herkiesbaar -> weg vrij voor nieuw beleid
• Nixon beloofde terugtrekking van Amerikaanse militairen, Vietnamisering en een eervolle vrede

Verklaringen voor veranderingen:
• Vietcong-successen tijdens Tet-offensief -> strategie op losse schroeven
• Samenleving was sterk verdeeld (vooral na Tet-offensief). Demonstraties.


Sporen in de binnenlandse politieke verhoudingen in de VS

Onthullingen door de media over de politiek:
• Verkiezingsresultaten van invloed op besluitvorming -> Johnson dacht door grote overwinning ‘alles te kunnen’ en wilde beleid niet wijzigen uit angst voor slecht verkiezingsresultaat
• Politici namen soms beslissingen op grond van selectieve waarnemingen, onvolledige informatie en onbewezen aannames
• Regering en congres hadden de bevolking misleid: Pentagon Papers (Tonkin-incident)
(Nixon probeerde Pentagon Papers tegen te houden via gerechtshof maar lukte niet)

Gevolgen voor de politiek:
• Vertrouwen van de burgers in de politiek werd minder
• Bevoegdheden president werden beperkt -> War Powers Act -> president mag alleen na overleg militaire actie beginnen, en mag maar 90 dagen duren.

Sporen in de binnenlandse maatschappelijke verhoudingen in de VS

Gevolgen Vietnam-oorlog voor verschillende bevolkingslagen:
• Working Class-war -> Vooral (zwarte) jonge mannen uit de lage milieus moesten vechten in Vietnam (meer zwart dan blank). De hogere milieus konden wegens familie ergens anders in vechteenheden, of door studie uitstel, of hoge functies in leger.
• Blank en zwart samen in één leger -> spanningen. Zwarten wilden niet meer.
• Studiebeurzen voor degenen die terugkwamen uit Vietnam. Dus konden ook jongeren uit achtergestelde milieus een carrière opbouwen.
• Jongeren die dienst hadden geweigerd of hadden gedeserteerd, ondervonden problemen in hun carrière, vooral politiek. Bush ook, Kerry niet…

Een nationaal trauma

In de VS werd in de jaren ’70 de oorlog een nationaal trauma:
• Het rijkste land met het modernste leger had een oorlog verloren…
Sommigen vonden het geen nederlaag (‘verlies’ te wijten aan oppositie), sommigen wel (VS geen doel bereikt, Noord-Vietnam wel)
• Door WOII VS als ‘bevrijders’ gezien. Eerst in Vietnam ook. Maar door beelden van de media was de strijd niet meer gerechtvaardigd. Middelen erger dan communisme.
• Toen in 1975 Noord-Vietnam Zuid-Vietnam makkelijk bezette, bleek de strijd zinloos te zijn geweest.
• Vietnamsyndroom bij veteranen -> met de nek aangekeken, niet bespreekbaar, oorlogsverleden konden ze niet verwerken -> psychische, sociale en fysieke klachten.

Verwerking van het trauma in de jaren ’80 op verschillende manieren:
• Veel speelfilms gemaakt over de oorlog en verwerking ervan
• 1982 in Washington het ‘Vietnam Veterans Memorial’ onthuld. Monument = muur met alle gesneuvelde soldaten.
• Tot op de dag van vandaag houdt de oorlog de veteranen en hun organisaties bezig. Discussies over allerlei aspecten van de oorlog. Veel andere Amerikanen vergeten…

Sporen in de internationale verhoudingen

Door bewapeningswedloop en Vietnamoorlog Amerikaanse en Russische economie zwaar onder druk. -> VS en SU bereid tot onderhandelingen om spanning te verminderen.

1970 evenwicht in aantal kernwapens SU en VS -> toen onderhandelingen over kernwapenbeheersing. Hield in:
• Bevriezing aantal kernwapens-> mocht niet worden uitgebreid tot bepaald niveau. (en VS geen ruimteschild) (SALT-1 bespreking 1972)
• Vervolgens aansturen op wederzijdse kernwapenvermindering. (SALT-2 bespreking 1979)

Waarom kernwapenbeheersing?:
• Anders voortzetting kernwapenwedloop -> kost te veel geld
• Betere garantie voor internationale veiligheid
• Toenadering tussen de drie kernmachten -> die toenadering bood ook de beste perspectieven voor de VS voor de beëindiging van de Vietnam-oorlog.

Door afnemende spanning kon een aantal kwesties worden opgelost:
• Door toenadering van China kon Volksrepubliek China in de VN ipv Taiwan
• VS/SU werd ook beter. -> meer economische samenwerking en kernwapenbeheersing
• Vredesregeling in Vietnam
• Omslag in de internationale betrekkingen. Kernwapenbeheersing ipv wedloop.
• Mensenrechten in de SU konden nu ook besproken worden. SU verklaarde mensenrechten eerbiedigen op de Conferentie voor Veiligheid en Samenwerking 1975

VS worden voorzichtiger met ingrijpen in andere landen
Wijziging in de opstelling van de VS in de internationale politiek. Geen bemoeienissen met conflicten waarbij niet duidelijk is wanneer en hoe het ingrijpen beëindigd kan worden.
-> 1975 niet Zuid-Vietnam steunen, bondgenoot Iran verdreven door moslims niet ingegrepen, geen verzet tegen het aan de macht komen van communistische regimes in Afrikaanse landen.

Bewegingsvrijheid voor de pers wordt beperkt, publieke opinie wordt kritischer
Oorlogsnieuws wordt gecontroleerd (bij 1e Golfoorlog alleen persconferenties)
Maar Vietnam-oorlog heeft publiek waakzamer gemaakt (bij 2e Golfoorlog waren veel bondgenoten van de VS tegen de oorlog)

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.