Alleen vmbo'ers gezocht! Waar denk jij aan bij duurzaamheid? Vul de vragenlijst in en maak kans op een Bol.com bon van 15 euro

Meedoen

Jagers en Boeren

Beoordeling 3.2
Foto van Bouke
  • Samenvatting door Bouke
  • havo | 1018 woorden
  • 7 oktober 2016
  • 9 keer beoordeeld
  • Cijfer 3.2
  • 9 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak


Tijdvak 1

 



Tijd van jagers en boeren

 



Jagers en boeren

 



-3000 v. Chr.

 

 

 

 

 



Kenmerkende aspecten

 

1. De levenswijze van jagers-verzamelaars.

2. Het ontstaan van landbouw- en landbouwsamenlevingen.

3. Het ontstaan van de eerste stedelijke gemeenschappen.

 

 

 

§ 1 De agrarische evolutie  (k.a. 1 + 2)

 

Jagerssamenleving

 

Tussen 9000-6000 v.C. -> landbouwsamenlevingen: mensen leven van akkerbouw en veeteelt

-> Vruchtbare Halvemaan: gebied rond de rivieren Eufraat, Tigris en Jordaan, waar voor het eerst op uitgebreide schaal aan landbouw werd gedaan (ook wel Vruchtbare Sikkel genoemd)


 

Prehistorie: Periode waarin een volk géén schrift gebruikt.

 

Evolutie van de mens

1. Homo habils, jager-verzamelaar 2,5 miljoen jaar geleden in Afrika

2. Homo sapiens: de laatste en enige mensensoort die nu nog bestaat en waartoe wij ook behoren (letterlijk: de wetende mens) 140.000 jaar v.C. in Afrika & 40.000 v.C. in Europa

 

Jagers-verzamelaars :  Mensen die leven van de jacht, de visserij en het verzamelen van voedsel.

- Nomaden: wanneer hun leefomgeving niet goed genoeg is trokken ze verder

- Woonden in grotten, hutten of tenten gemaakt van dierenhuiden


- Leefgemeenschap: 20-30 mensen

- Sociale verschillen NIET groot

- Rolverdeling tussen mannen (jagen, gereedschap) en vrouwen (voedsel, vuur, kinderen)

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Agrarische samenleving

 

Agrarische revolutie: overgang van jagen en verzamelen als voornaamste middel van bestaan naar een sedentair bestaan als boer. Omdat deze overgang plaatsvond in de nieuwe steentijd (het neolithicum), wordt deze revolutie ook wel aangeduid als neolithische revolutie.

- Geleidelijke overgang, misschien beter : ‘evolutie’

- Ontwikkeling op verschillende tijdstippen op de wereld ( 1ste Midden-Oosten, 10.000 v. Chr.)

 

Redenen overgang jagerssamenleving -> agrarische samenleving

- Meer regen -> meer vruchtbaar gebied

- Klimaatverandering. Droogte -> voedseltekort ->mensen gaan voedsel verbouwen i.p.v. rondtrekken

 

Gevolgen agrarische samenleving

- Van een nomadenbestaan naar een sedentair (leven op een vaste verblijfplaats) bestaan.

- Snelle bevolkingsgroei

- Uitvinding van allerlei technieken en hulpmiddelen (potten, productie van gepolijst steen)

- Mens gaat natuur steeds meer naar zijn hand zetten.

- Daling van de levensverwachting.

- Toenemende sociale ongelijkheid

 

Nieuwe steentijd: Periode waarin de mens zijn stenen gereedschappen ging polijsten, maar nog geen metaal tot zijn beschikking had (in het Midden-Oosten vanaf ca. 9000 v.C.).

 

Bronstijd: De periode waarin de mens brons gebruikte voor de productie van gereedschappen (in het Midden-Oosten vanaf 3000 v.C.).

 

IJzertijd: Periode waarin de mens voor de productie van wapens en gereedschappen geen brons meer gebruikte, maar ijzer (in het Midden-Oosten vanaf ca. 1200 v.C.).

§ 2 Het ontstaan van steden   (k.a. 3)

 

3300 v. Chr. Ontstonden steden In Mesopotamië (Soemerië) als gevolg van de vruchtbare grond.

                       Daarna ook nog verstedelijking in Egypte

 

De gevolgen van het ontstaan van steden

1. De groei van de bevolking

2. Specialisatie (arbeidsverdeling) waardoor er nieuwe beroepen ontstaan (leerlooier, pottenbakker, smid)

3. Sociale gelaagdheid, met onderaan de boeren

 

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 

Ontwikkeling van het schrift 3300 v. Chr.

 

Het schrift was belangrijk voor koningen i.v.m. het bestuur van een land.

Het schrift was belangrijk voor de priester i.v.m. de omvangrijke administratie.

 

Spijkerschrift (Soemerische schrift) (3300 v. Chr.)

 

Hiërogliefenschrift (Egypte) (3000 v. Chr.)

Schrift was van grote waarde -> essentieel onderdeel menselijke cultuur geworden

- Ontwikkeling economie

- Religieuze praktijken

- Leningen/ voorschotten / handelscontracten vastgelegd worden

- Vastleggen dagelijkse/bijzondere gebeurtenissen

- Optekenen verhalen/ liederen voor de  wetenschap

- Mensen kennis/ gevoelens makkelijker overdragen op nieuwe generaties

 

 



§ 3 Machtige rijken in het Midden-Oosten

 

Vroegste staten (Egyptische rijk, 3100 v.C., kon 3000 jaar stand houden)

 

Staat: Een afgebakend gebied met een centraal bestuur en een overkoepelend rechtssysteem waar de overheid een geweldsmonopolie heeft en verantwoordelijk is voor de ordehandhaving en de verdediging van de landsgrenzen.

- Centraal bestuur: Bestuur over een groter gebied vanuit één plaats, waarbij overal in het bestuurde gebied dezelfde wetten en belastingen gelden.

- Rechtssysteem: regels gebaseerd uitspraken farao

- Eigen rechtbanken -> geleid door lokale ambtenaren + burgers met aanzien

- Geweldsmonopolie: Een situatie waarin slechts de staat geweld mag gebruiken en mensen mag arresteren, opsluiten en eventueel fysiek afstraffen.

- Farao verantwoordelijk voor: interne veiligheid + verdediging grenzen

- Bestuur door ambtenaren: organisatie landbouw, zorgen irrigatiesystemen werden onderhouden, boeren deel van oogst afstaan aan farao.

-> Ambtenaren, soldaten, arbeiders, ambachtslieden, architecten  betaald van die oogst

 

Mesopotamië 1e  staat pas 1000 jaar na Egypte (slecht te verdedigen, steeds anderen volken de macht)

 

----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 

Macht en religie

 

Het Egyptische Rijk (5000 v. C – 500 v. C)

 

- De Egyptenaren geloven in een leven na de dood -> god Osiris bepaalde je leven

- De Egyptenaren geloven in meerdere goden polytheïstisch

- De goden verschijnen als dieren op aarde

- Aan het hoofd van het rijk staat de farao, die na hun dood worden begraven in piramides.

- De farao’s laten zich als god vereren.

- De farao gaf de tempels landerijen -> genoeg voedsel offers aan goden + priesters voeden

                                                                -> tempels zo machtige organisaties

- De grafkamers zijn versierd met afbeeldingen die iets vertellen over het leven van de farao.

 

Mesopotamische Rijk

- Koningen opperpriesters (geen god zelf)

- Polytheïstisch

- Geloofde dat er na de dood een stoffige, grijze onderwereld was.

 

 

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Ook geschreven door Bouke