Alleen vmbo'ers gezocht! Waar denk jij aan bij duurzaamheid? Vul de vragenlijst in en maak kans op een Bol.com bon van 15 euro

Meedoen

Hoofdstuk 4

Beoordeling 6.2
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 1e klas havo/vwo | 1015 woorden
  • 16 februari 2016
  • 20 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.2
  • 20 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Methode

Samenvatting 'Sprekend Verleden' Hoofdstuk 4 Paragraaf 1 t/m 4 .



Acropolis

De Acropolis wordt beschouwd als een van de mooiste ruïnes ter wereld. De grootste tempel heette het Parthenon, gemaakt voor godin Athene.





Paragraaf 1

Doordat in Griekenland alles uit elkaar lag (door bergen en zee) onstonden er rond 800 en 500 v.chr ongeveer 700 stadstaten/poleis. De meeste waren 50 tot 100 km² . Athene (2600 km²) en Sparta (8400²) waren uitzonderingen. Bijna alle poleis hadden een acropolis. Hier waren burgers te vinden in toevlucht en in tijden van gevaar. De meeste acropoleis hadden een tempel. Er was ook een agora. Ook onstonden er steden.



De baas van een polis was een adel. De raad van edelen nam belangrijke beslissingen, ookwel aristocratie genoemd. Er werd ook een volksveradering gehouden voor mannen.



In de meeste Poleis groeide de bevolking, zo kwam er een tekort aan vruchtbare grond. Groepen gingen verder van het Polis weg om grond te zoeken. We noemen het stichten van poleis op overzees gebied kolonisatie. Zon polis noemen we een kolonie. Van 750 tot 550 v.chr zijn veel kolonies gesticht rond de Zwarte Zee in het Middelandse Zeegebied maar vooral in Zuid-Italië. Door de kolonisatie werd het handelen verdubbeld. Naast de adel en boeren onstond ook de handelaren. Zij wouden ook deelnemen aan de polis. Maar de aristocratie wou dit niet.



Na voorstel van Kleisthenes besloot Athene in 509 v.Chr een nieuwe regeringsvorm in te voeren . Alle mannen boven de 18 mochten hier aan deelnemen. Dit heette de de directe democratie. Het tegenovergestelde is de indirecte democratie. Om te verkomen dat een man de macht zou krijgen voerde ze het schervengericht in. Later mocht elke burger meebeslissen. Alleen het grootste deel van de Atheners hoorden niet bij de groep burgers. (300.000 / 400.000 waarvan 35.000 tot 40.000). Handel nam toe, er kwam erg veel werk maar er waren niet genoeg werkende mensen. Daarom importeerde ze slaven. In de 5e eeuw liep dit op dat 1/3 deel van de bevolking.



Paragraaf 2

In het Midden-Oosten onstond het Perzisch Rijk, onder leiding van een koning. Het rijk strekte zich uit van Egypte tot India. De Perzen willen hun rijk steeds groter. 3 maal probeerden de Perzen het Griekse poleis te veroveren. Ookwel Perzische Oorlogen (490-479) genoemd. De samenwerking van de Griekse Poleis liep niet altijd even goed. Toch werkte de meeste poleis samen met Athene en Sparta. Bij de slag bij Marathon (490 v.chr) kwamen de Spartanen echter pas opdagen toen Athene allang had gewonnen. De volgende strijd tussen het Griekse poleis en de Perzen kwamen de Spartanen wel. Wel met weinig soldaten. Vooraal dankzij dat de Perzische vloot werd verslagen (480 v.chr) bleven het meeste vasteland en de eilanden vrij van de Perzische overheersing.



Sparta hadden het land van de Messeniërs veroverd. De Messeniërs en slaven van Sparta waren met meer dan Sparta zelf. Daarom moesten de Spartanen een volk van soldaten worden, zodat de slaven en Messeniërs kansloos waren. Vanaf je 7e tot je 20e werd je in een kazerne geplaatst. Sparta kreeg een heel sterk leger. Ook de vrouwen kregen een opleiding. Sparta was een aristocratie, alleen de edelen mochten een voorstel doen en de burgers mochten alleen toestemmen of niet.



Veel poleis sloten zich aan bij elkaar. Het hoofdkwartier lag op Delos. Daarom word deze organisatie de Delische bond genoemd. Er gebeurde daar veel waar Athene niet mee eens was. Onder leiding van Sparta sloten andere poleis zich aan in de Peloponnesische bond. Athene en Sparta kregen hierdoor vaak ruzie. 431 v.chr viel de druppel. Deze oorlog duurde tot 404 .chr, Athene verloor.





Jaren wist Sparta leiding te houden, tot een volgende oorlog. Sparta was ook verslagen. Er bestonden geen sterke poleis meer. Snel werd het Griekse Poleis overgenomen door Macedoniërs.



Paragraaf 3

Tussen de Griekse Poleis bestonden grote verschillen. Toch leken ze op elkaar, bijvoorbeeld taal, goddienst en kunst. Overal in Griekenland werden dezelfde goden vereerd. Iedere polis kreeg een beschermgod of - godin. De tempels leken op elkaar. Binnen stond een beeld van de god. Naast elke tempel was een gewijd terrein met een altaar in de open lucht. Hier kwamen Grieken naar toe voor goddienstige plechtigheden. Er waren verschillen tussen de Griekse goddienst en andere goddiensten ; goden leken op mensen, ze waren jaloers op elkaar en hadden ruzie. Maar waren wel onsterfelijk. De grieken kende halfgoden (Heracles / Achilles). Ze genieten van het leven. De grieken geloofde dat goden tot mensen konden sprekend bij een orakel.



Elke volksvergadering begon met gebeden en offers. Olympische Spelen werden gehouden ter ere van oppergod Zeus. Tijdens de spelen was er vrede, op bevel van de priesters werd er niet gevochten. Voor Grieken was het belangrijk dat je goed begraven werd. Anders kwam je niet in de onderwereld.



Grieken vonden een opleiding voor mannen belangrijk. De perfecte griek moest na handel ook politiek, sportief en muzikaal zijn. Iedere Griek leerde mythes.



Ineens bedachten de grieken dat verschijnselen (zoals regen of zon) te vaak werden toegeschreven aan goden. Verklaringen zochten ze in de natuur en niet in de goddienst.



Behalve dat de oude onderzoekers zich bezig hielden met onderzoeken van natuur hielde zij zich ook bezig met de mens. Zo onstonden er artsen die bij hielden wat er gebeurde en het onderzochten. Ook zij zochten niet meer in goden.



Sommige gingen zich specialiseren in schrijven over het verleden. Bekend is Herodotus.



Paragraaf 4

In 338 v.chr veroverde Macedonië heel Griekenland. Twee jaar later volgde zijn zoon Alexander hem op. In 9 jaar veroverde hij grote delen van het Perzische rijk. De Macedoniërs waren goed bewapend en hadden een goede strategie. Alexander wou verder tot India, daar wouden zijn soldaten niet meer. 323 v.chr overleed Alexander op 33 jarige leeftijd in Babylon. Na zijn dood kregen onderbevelhebbers ruzie en viel het rijk uit een.



Tijdens zijn tocht kwamen er niet alleen soldaten mee, veel geleerden moesten onderweg schrijven. Veel Grieken trokken het Midden-Oosten in. De Griekse taal werd hoofdtaal van het Midden-Oosten.



Later vergat het Europa veel Griekse dingen zoals boeken. 1400 jaar na Alexander begonnen er kruistochten. Europa vocht tegen Arabieren om toegang te krijgen tot de heilige plaatsen van het Christendom.


REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Levi

Levi

Hij is wel goed, maar je maakt veel spel en opstel fouten. Daarom heb ik je verslag maar een 6 gegeven.

1 maand geleden