ADVERTENTIE
Luisterboeken: de makkelijke optie? Lars is niet echt een fan van lezen. Daarom gaat hij op zoek naar de beste manieren om door zijn leeslijst heen te komen. Red je het met alleen maar samenvattingen, of is een e-reader of luisterboek een betere optie? Deze video wordt mede mogelijk gemaakt door Storytel.

Probeer 30 dagen gratis
§1 Nederland als koloniale mogendheid
Patriotten kwamen aan de macht en stichtten de Bataafse Republiek, er waren toen veel oorlogen en de VOC ging failliet. Nederland ging niet minder, maar juist meer met ‘de Oost’ bemoeien. Ook in het bestuur en beheer van bezitting.
Willem I beloofde veel aan Nederland, maar maakte niets waar. Nederland leed een groot verlies, de oplossing was het Cultuurstelsel, bedacht door Johannes van den Bosch. Bij dit stelsel moesten Javaanse boeren 1/5 van hun grond verbouwen voor het westen, vooral koffie, suiker, thee, tabak en indigo. Nederland maakte toen veel winst.
Eduard Douwes Dekker (Multatuli) werd in 1856 benoemd tot assistent-resident van Lebak. Hij zag dat de regenten misbruik maakten van hun positie en trad daartegen op, maar hij werd tegengewerkt door zijn superieuren en nam ontslag na drie maanden.
In 1859 schreef hij ‘Max Havelaar’. Als eerste instantie voor zichzelf en daarna om het lot van de Javaanse boeren te verbeteren. Het boek werd beëindigt met een aanklacht.
Na 1860 werd het Cultuurstelsel minder belangrijk en afgeschaft.
Vóór 1870 had Nederland alleen invloed op Java, later, met hulp van het leger (KNIL), ook in ‘buitengewesten’ (andere landen). Het gezag werd uitgebreid, soms met veel geweld.
Het drong door dan de Indiërs onder slechte omstandigheden leefden, daarom wilde Nederland iets terug doen. Ze gingen de bevolking helpen. Er kwam officieel een nieuwe koers, de ethische politiek. Ze leerden de inlanders meer zelfstandigheid te hebben, maar ze mochten niet onafhankelijk worden.

§2 Economische ontwikkelingen
In het westen van het land verbouwden farmers voor de markt. In het oosten, op zandgronden, verbouwden peasants voor hun gezin en eigen behoeften.
Een belangrijke uitvinding was het opzetten van coöperaties. Boeren gingen samenwerken om meer winst te maken. Voorbeelden van bedrijven die uit deze coöperaties zijn voortgekomen zijn Campina, Interpolis en de Rabobank.
Al veel in Europa was de industrialisatie goed op gang gekomen, alleen in Nederland nog niet. In fabrieken was het doel hun productiemethoden te verfijnen en niet deze te laten vervangen door machines, want er ging nog veel mis en het duurde lang voordat de machines geperfectioneerd en energiezuinig waren.
Er bestonden nog steeds veel arbeidsintensieve industrieën (textielindustrie in Twente, wolindustrie in Tilburg en leerlooierijen in Noord-Brabant), waar de lonen heel laag waren.
De industrialisatie zette zich van 1895 krachtig door. Om de producten makkelijker te verkopen en de handel te bevorderen was de vrijhandel een ideale uitkomst. Ook de transitohandel was handig, nu hoefden ze niet meer alles op te slaan in pakhuizen, zoals bij stapelmarkt, maar konden ze direct alles doorvoeren. Nederland had een gunstige plaats, met Duitsland als achterland en rivieren. Helaas kwam het wel in een kwetsbare situatie en kreeg veel problemen in zowel de Eerste en Tweede Wereldoorlog.

§3 Liberalisme en socialisme
Veel mensen dachten na over hoe ze de verschillen in armoede konden oplossen, dit wordt de sociale kwestie genoemd. Adam Smith (1723-1790) kwam ermee dat de mens op de eerste plaats voor zijn eigen behoeften moest leven. Hij was daarom helemaal eens met het kapitalisme (zoveel mogelijk vrijheid en het hoofddoel is winst maken, prijzen worden bepaald door ‘vraag en aanbod’).
Liberalen (van het liberalisme) vinden dat de overheid zo min mogelijk met de burger moest bemoeien en hun gang moesten laten gaan.
Van de vrijheid was weinig te merken. Er was een overschot aan arbeidskrachten. De directeuren van de fabrieken bepaalden hoe lang de arbeiders moesten werken, als ze het er niet mee eens waren hadden ze geen baan, dus ook geen inkomsten.
Wel was er kiesrecht, maar alleen voor burgers die een minimumbedrag aan belasting betalen mochten kiezen, het zogenaamde censuskiesrecht. Maar 2,5% van de bevolking had het.
Marx Havelaar (1818-1883) beschreef in Das Kapital hoe hij de klassenstrijd kon oplossen.
1. De concentratie- en comulatiefase. Kleine fabrieken worden bij de grote fabrieken toegevoegd en de eigenaren worden rijker.
2. De Verelendung. De arbeiders krijgen het slechter, ze moesten langer, harder werken voor een laag loon.
3. De Revolutie. Arbeiders komen in opstand en winnen.
4. De Dictatuur van het Proletariaat. Het proletariaat zou moeten leren om productiemiddelen samen te beheren. Er is een strakke leiding en soms is er veel geweld nodig.
5. De Communistische Heilstaat. Iedereen is gewend om te delen.
Dit zou volgens hem altijd blijven bestaan.
De voorspelling kwam niet uit. Er kwamen namelijk wetten die de woon- en werkomstandigheden van arbeiders verbeterden: maximale werktijden, hogere lonen, meer veiligheid in fabrieken en straat, beter huis enz. Er kwam ook het ‘Kinderwetje van Van Houten’. Kinderen mochten niet meer werken in fabrieken en moesten naar school. Maar het werd niet gecontroleerd of kinderen nog wel thuis op het land werkten.
Sommigen mensen bleven in Marx’s theorie geloven, deze werden de communisten genoemd. Anderen ‘veranderen’ de theorie en wilden niet meer op een revolutie wachten, maar veranderingen doorbrengen via een parlement. Deze worden socialisten of sociaal-democraten genoemd.

§4 Kerk, politiek en scholen
Mensen die als uitgangspunt het geloof hebben, worden confessionelen genoemd.
Eerst waren katholieken in de meerderheid, maar dat veranderde. 1/3 van de bevolking was katholiek en ze werden achtergesteld vergeleken met de rest.
Er kwam een grondwetswijziging (1848). Vrijheid van godsdienst en vrijheid van vereniging werd opgenomen in de grondrechten.
In 1853 nam e Paus het besluit om in Nederland vijf nieuwe bisdommen te vormen. Die konden via priesters de teugels weer wat strakker gaan aantrekken.
De protestanten waren hiermee niet blij, ze beseften dat er een eind aan Nederland als protestantse natie was gekomen.
Abraham Kuyper legde de basis voor verzuiling. Voor bijna alles konden katholieken, protestanten, liberalen, socialisten niet meer hetzelfde hebben. Ieder geloof had bijvoorbeeld een andere krant, televisiezender.
Er was ook een schoolstrijd. Er bestonden namelijk twee typen scholen. Scholen met openbare onderwijs (geen geloofsuitgang) en met bijzonder onderwijs (opgericht door particulieren). Openbaar onderwijs werd gefinancieerd door de overheid, daarmee waren de particulieren niet mee eens. Ze zagen het als discriminatie. De gelovigen wilden gelijk behandelt worden als de niet-gelovigen.
De strijd werd beëindigd in 1917 (toen werd ook algemeen kiesrecht ingevoerd). Voor de wet was er geen verschil meer tussen openbare scholen en bijzondere scholen, ook niet in financiering.

§5 Emancipatie van de vrouw

Vrouwen en mannen waren niet gelijk voor de wet. Er waren namelijk een paar verschillen:
- Vrouwen mochten niet stemmen
- Moesten voor het gezin werken
- Mochten niet studeren
- Fabrieken wilden liever geen vrouwen
- Niet het recht om te vergaderen.
De emancipatiebeweging (beweging die streeft naar gelijkheid voor achtergestelde groepen) voor vrouwen heet feminisme.
Mina Drucker is een van de eerste belangrijke feministes in Nederland. Ze richtte de Vrije Vrouwen Vereniging (VVV) op.
Aletta Jacobs was de eerste vrouw die afstudeerde aan de universiteit. Ze was de voorzitster van de in 1894 opgerichte Vereniging voor Vrouwenkiesrecht. Ze was een arts.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Moonmen

Moonmen

Moonmen moonmen can't you see



2 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

T.

T.

erg handig, door deze samenvatting snap ik het hoofdstuk opeens veel beter. Dankjulliewel!

3 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

L.

L.

De klassenstrijd staat er niet in en een aantal typfoutjes.
Verder is het een hele fijne samenvatting :)

3 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

L.

L.

Hele fijne samenvatting, aangezien ik zelf heel slecht ben in samenvattingen maken! dankjewel!

4 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

Quinty

Quinty

OPMERKING VAN AUTEUR

Sorry, dit heb ik 'voor de grap' getypt toen ik 14 was... Er staan belachelijk veel fouten in en ik wil ze graag verbeteren, maar ik zie nergens een bewerkknop.

5 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

Sander

Sander

paar typefouten en op willekeurige plaatsen Chinese tekens in de tekst, maar goede inhoud... THANX

5 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

U.

U.

Marx Havelaar bestaat niet en heeft ook nooit bestaan.. Het is Karl Marx of Max Havelaar..

5 jaar geleden

Antwoorden

Sander

Sander

missien wel, wie weet...

5 jaar geleden

H.

H.

zo heet het roman die hij schreef

4 jaar geleden

gast

gast

A.

A.

Marx Havelaar, serieus?! Voor de rest erg goed.

5 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

Q.

Q.

er staan misschien een paar typfouten in :S

7 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast