Hoofdsvraag: Waarom en op welke manier ontstond de democratie in Athene?

 

Kenmerken van de tijd van Grieken en Romeinen:

  • Het ontstaan van steden (beperkt)
  • Burgerschap in Griekse stadstaat (polis)
  • (Wetenschappelijk denken in Griekse stadstaat (polis))
  • (Verspreiding van de Griekse cultuur)

 

Tijdsbalk:

800 v.chr: ontstaan Griekse poleis

750 v.chr: stichting kolonies

600 v.chr: Solon

546 v.chr: Pisistratus

516 v.chr: Cleisthenes Atheense democratie

490 v.chr: Begin Perzische oorlogen- Slag bij Marathon

479 v.chr: Einde Perzische oorlogen

431 v.chr: Begin Peloponnesische oorlog

      “           :Pericles

404 v.chr: Einde Peloponnesische oorlog

339 v.chr: Dood socrates

338 v.chr: Macedonië oppermachtig

334 v.chr: Alexander de grote ten strijde tegen de Perzen

 

§2.1

Vroeger waren er in Griekenland veel kleine stadstaatjes (polis (MV: poleis)) deze stadjes hadden een eigen bestuur. Ze waren afhankelijk van de landbouw. Het gebeurde wel eens dat er een hongersnood was, dan hadden ze niet genoeg eten. Ook was er niet veel contact tussen de dorpjes (onderling). Om hongersnoden te voorkomen stichtten de Griekse poleis kolonies. Arme boeren zochten in zo’n kolonie een betere toekomst. (*1)De Griekse poleis werden bestuurd door een paar wijze mannen, de adel. Deze manier van besturen noemt men een aristocratie. Als er 1 iemand aan de macht is spreekt men van een democratie. En als net als in Nederland de bevolking mag meebeslissen of stemmen is er sprake van een democratie.

 

§2.2

Lees vanaf (*1)

Als de Atheense boeren hun schulden niet  meer konden afbetalen werden ze een slaaf, dit blijf je dan je hele leven. Rond 600. V.chr kwam Solon, hij was ertegen dat de Atheners slaaf werden, hij kwam met 3 regels:

  1. Atheners mochten geen slaaf meer zijn
  2. Rijke boeren mochten geen graan meer verkopen aan buitenlandse handelaren
  3. Handelaren mochten voortaan meebeslissen in het bestuur.

Toch bleef het verschil tussen rijk en arm groot.

Solon had ervoor gezorgd dat Atheners geen slaaf meer mochten zijn, maar hij had er niet voor gezorgd dat ze een beter bestaan kregen. De ruzie tussen de armen en de rijken bleef er dus. Soms greep 1 rijk persoon de macht, zo’n persoon heet een tiran. Tirannen beloofden de armen te helpen. Een van die tirannen was Pisistratos (in 546. V. chr) hij gaf de arme boeren een lening om handelsgewassen te kunnen verbouwen.

Later ( In 516 v. chr) kwam Cleisthenes aan de macht, hij zorgde ervoor dat Athene een democratie werd, en alle vrije mannen mochten meebeslissen over het bestuur in het land, dit gebeurde in een volksvergadering. Er waren 3 groepen personen die niet mochten meebeslissen:

  1. Vrouwen
  2. Slaven
  3. Buitenlanders

1x per jaar mochten alle mannen op iemand stemmen die weg moest uit Athene, kreeg je meer als de helft van de stemmen… dan werd je voor 10 jaar uit Athene verbannen. Dit heet het ostracisme.

 

§2.3

Vroeger hadden niet alle poleis een goede relatie met elkaar. Ze hadden vaak mini-oorlogen. Voor de Grieken was er dus niet één Griekenland. Dat veranderde toen de Perzische koning Darius in 491 v.chr besloot om de Griekse steden aan te vallen.

De Griekse kolonies in het oosten van de Middelandse zee moesten ieder jaar veel belasting betalen aan de Perzische koning Darius. Deze kolonies vroegen hulp aan de anderen. Toen de Perzische koning hoorde van de opstand werd hij razend. Hij vond dat ze gestraft moesten worden. In 490 v.chr stuurde Darius een leger van 20.000 soldaten naar Athene (omdat zij ook hadden geholpen). De Atheners vroegen de Spartanen om hulp omdat die een sterk leger hadden. Maar die mochten volgens de godsdienst pas na volle maan vertrekken. Ze besloten niet zo lang te wachten. De Atheners wonnen de oorlog, ook al hadden ze een minder sterk leger. 7 Jaar later vonden de Atheners een zilvervoorraad, daarvan lieten ze 200 oorlogsschepen bouwen. Thermistokles wist dat de Atheners alleen geen kans maakten en vroeg de andere kolonies om hulp. In 480 v.chr stonden de Grieken en de Perzen weer tegenover elkaar in de slag bij Thermopylae. De grieken hadden de oorlog op het 1e gezicht verloren maar hadden nog een grote vloot achter de hand, daarmee wonnen ze de oorlog weer. Dit gebeurde in 497 v.chr. De Perzen werden definitief verslagen door de Helleense Bond.

 

§2.4

De Grieken geloofden rond 1000 v.chr dat de aarde was ontstaan door Chaos. Dit is een mythe van de Grieken, de Grieken hadden nog veel meer van deze mythen. Een mythe is een Grieks verhaal waarin Goden en vreemde wezens een hoofdrol spelen. Rond 600 v.chr veranderde er iets, de grieken kregen Filosofen, die dachten na over hoe het echt gebeurt zou kunnen zijn. Deze filosofen kwamen naar Athene omdat daar een goede vrijheid van meningsuiting was. In Athene is dus eigenlijk onze moderne wetenschap uitgevonden. De 1e wetenschap was de natuurwetenschap, dus BV hoe de aarde is ontstaan. Demokritos was een belangrijke wetenschapper. Er kwamen in Athene ook scholen, zo richtte Plato de Academie op en Aristoteles het Lyceum.

 

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Anoniem

Anoniem

Waar is paragraaf 2.5??

8 maanden geleden

Antwoorden

gast

gast

Mike

Mike

Ik badoel 2.1

8 maanden geleden

Antwoorden

gast

gast

Mike

Mike

Bij 3.1 is 1 persoon aan de macht een monarchie

8 maanden geleden

Antwoorden

gast

gast

Dana

Dana

Het is peisistratos

9 maanden geleden

Antwoorden

gast

gast

Snoepie1

Snoepie1

Nice workkk

1 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

Nahana

Nahana

Leukkkk

1 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

anoniem

anoniem

paragraaf 2.5 staat er niet bij

1 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

anoniem

anoniem

ik zou er in het begin nog iets bij zetten over democratie

1 jaar geleden

Antwoorden

minnie

minnie



@anoniem: ja zou ik ook doen!

1 jaar geleden

gast

gast