Welke schrijvers & genres vind jij leuk? 📖️ Wij zijn benieuwd. Geef je mening en maak kans op één van de Bol.com cadeaubonnen. 🎁️

Naar de vragenlijst!


Algemeen



Bij kinderen kan kanker zich in korte tijd openbaren. Dit in tegenstelling tot volwassenen. Bij volwassenen ontwikkelt kanker zich gedurende vele jaren.

Over de oorzaken van de meeste vormen van kanker bij kinderen is weinig bekend.

Enkele cijfers

In Nederland krijgen jaarlijks bijna 400 kinderen tussen 0 en 15 jaar de diagnose kanker.

·Gemiddeld ruim 70 % van de kinderen geneest.

·Per kankersoort verschilt de prognose.

·Kinderen krijgen meestal andere vormen van kanker dan volwassenen. Daarom worden kinderen anders behandeld.






·De verwachting is dat in 2010 er 1 op de 250 mensen tussen de 18 en 45 jaar een vorm van kinderkanker heeft gehad.



Speciale zorg



Bij kinderen met kanker willen we absolute zekerheid. Behandeling, begeleiding en voorlichting moeten optimaal zijn.

Kinderen met kanker hebben speciale zorg op maat nodig.

Een beperkt aantal ziekenhuizen in Nederland heeft zich hier op toegelegd (kinderoncologische centra).

Ook het onderzoek naar nieuwe behandelingen bij kinderkanker vereist speciale kennis en ervaring. Daarom is dit ook in deze centra geconcentreerd.

Omdat kanker bij kinderen zo'n specialistisch onderwerp is, vindt u hieronder algemene informatie over

· Soorten kanker

· Onderzoek

· Behandelingen

· Bijwerkingen en gevolgen op de langere termijn










Wilt u als ouder of als opa of oma uitgebreide en toegespitste informatie? Neem dan contact op met het kinderoncologische centrum waar uw (klein)kind onder behandeling of controle is of komt.

Gespecialiseerde ziekenhuizen (kinderoncologische centra)

Er zijn in Nederland 7 ziekenhuizen die in kinderkanker zijn gespecialiseerd. KWF Kankerbestrijding ondersteunt deze ziekenhuizen financieel.

Hier vindt u een adressenlijst van de kinderoncologische centra en andere gespecialiseerde afdelingen in Nederland.

Soorten kinderkanker

De meest voorkomende soorten kinderkanker zijn:

Leukemie (bloedkanker) 25%

Tumoren van het centraal zenuwstelsel (hersentumoren) 20%

Lymfeklierkanker (Hodgkin en non-Hodgkin lymfoom) 11%

Wilms-tumor en andere niertumoren 5%

Neuroblastoom 5%

Bottumoren 7%

Tumoren van de weke delen 7%

Retinoblastoom 3%

Kiemceltumoren 3%



Onderzoek



Eerst zullen de volgende onderzoeken gebeuren

· Algemeen lichamelijk onderzoek

· Bloedonderzoek

Afhankelijk van de soort tumor kan verder onderzoek nodig zijn

·Röntgenfoto

·Echografie (onderzoek met geluidsgolven)

·Endoscopie (de arts schuift een buisje door een lichaamsopening naar binnen)

·Scan (men brengt 'dwarsdoorsnedes' van het lichaam in beeld)

·Weefselonderzoek (in het laboratorium bekijkt men weggenomen cellen en weefsels onder de microscoop)



Behandeling



De behandeling van kinderkanker kan bestaan uit

·Operatie (chirurgie)

·Bestraling (radiotherapie)

·Medicijnkuren (chemotherapie)

·Een combinatie van behandelingen



Operatie



Een operatie staat vaak voorop in de behandeling van kinderen met oogtumoren of hersentumoren.

Bestraling

Bestraling vindt vaak plaats in combinatie met een andere behandelmethode.

Chemotherapie

Kinderen met leukemie of het non-Hodgkin lymfoom (lymfeklierkanker) krijgen meestal chemotherapie.

Combinaties

Kinderen met een bottumor krijgen vaak een combinatie van chirurgie en chemotherapie.

Bij kinderen met weke delentumoren gebruiken de artsen meestal een combinatie van chirurgie, radiotherapie en chemotherapie.

Bijwerkingen en gevolgen op de langere termijn

Behandelingen voor kanker zijn meestal ingrijpend. Ook bij kinderen.

Toch verdragen kinderen de behandelingen meestal beter dan volwassenen.

Wel kan er schade ontstaan die pas later aan het licht komt. Bijvoorbeeld groeistoornissen of schade aan de nieren.

Daarom blijft iemand die kinderkanker heeft gehad, in alle kinderoncologische centra gedurende lange tijd onder controle.

De arts zoekt altijd naar een behandeling op maat.

Dat is de behandeling met

·Zo min mogelijk nare bijwerkingen op de korte termijn

·Zo min mogelijk blijvende gevolgen op de langere termijn

·Maar natuurlijk wel met een zo groot mogelijke kans op genezing

Kortom: een zware behandeling voor wie dat nodig heeft. Een lichte behandeling voor wie met minder toe kan.



Brochures



De Vereniging 'Ouders, Kinderen en Kanker' geeft met steun van onder meer KWF Kankerbestrijding een reeks brochures uit. Hierin vindt u informatie over onder andere:

· oorzaken

· klachten

· onderzoek

· behandeling

· bijwerkingen

· gevolgen op de langere termijn

Momenteel zijn beschikbaar:

·Bottumoren (osteosarcomen, Ewing-sarcomen en chondrosarcomen)

·Wilms-tumor (nefroblastoom, kwaadaardige tumor in of aan de nier)

·Tumoren van de weke delen

Ouders kunnen een gratis exemplaar bestellen bij de VOKK. Voor adresgegevens, zie Lotgenotencontact.

Zorgverleners, leerkrachten en andere belangstellenden kunnen de brochures bij de VOKK kopen voor € 5,- per stuk.

Lotgenotencontact

De Vereniging 'Ouders, Kinderen en Kanker' (VOKK) zet zich in voor kinderen met kanker tijdens de behandeling en daarna. Ook ouders, broers, zussen en grootouders kunnen er terecht.

Het uitwisselen van ervaringen kan belangrijke steun geven.

De VOKK is er behalve voor persoonlijk contact ook voor belangenbehartiging en voorlichting. Zij wil hiermee bijdragen aan een optimale begeleiding van het kind met kanker en het gezin.

KWF Kankerbestrijding ondersteunt de VOKK financieel.



Risico’s van kinderziektes1



MAZELEN

De ziekte

Mazelen wordt veroorzaakt door een virus en overgedragen door speekseldruppeltjes bij het hoesten. De ziekte is zeer besmettelijk en bijna alle volwassenen boven de dertig jaar hebben mazelen gehad, in het algemeen tussen twee en zes jaar. Toen de vaccinatie ingevoerd werd in Nederland, in 1976, waren complicaties uitzonderlijk: middenoorontsteking, bronchitis, longontsteking en zeer zeldzaam encefalitis (hersenontsteking). Zelfs voor de introductie van antibiotica werd de ziekte als ongevaarlijk beschouwd en gezien als een kinderziekte die je gewoon door moest maken. De ziekte beschermde tegen het nefrotisch syndroom, een ernstige nierziekte bij kinderen.

Na het doormaken van mazelen ontstaat er een blijvende immuniteit. Dit voorkomt ernstigere vormen van deze ziekte bij volwassenen en ook bij pasgeborenen, die nog beschermd worden door de antilichamen van de moeder.

Mazelen begint met koorts, een verkoudheid, en een oogontsteking (conjonctivitis). Aan de binnenkant van de wangen verschijnen witte puntjes en streepjes. Eerst daalt de koorts weer om vervolgens op te lopen tot 40oC. Een vlekkerige, rode uitslag verschijnt dan in het gezicht en achter de oren en vervolgens op het hele lichaam. Het kind heeft last van het licht. Na twee tot drie dagen wordt de uitslag minder, de huis begint te schilferen en de koorts daalt.

Voor de introductie van het vaccin was mazelen ook voor artsen een goedaardige ziekte en alleen de campagnes van de fabrikanten van vaccins hebben in een recordtempo de publieke opinie en die van artsen weten te veranderen. De angstgolf voor de mazelen vond in de Verenigde Staten veel eerder plaats dan in Europa, omdat daar het vaccin 20 jaar eerder in werd gevoerd.

In 1976, verklaarde een Franse professor nog in een tijdschrift: “Mazelen, die als een goedaardige kinderziekte gezien wordt, verdient volledig deze classificatie.”2 Maar in 1983, het jaar waar in Frankrijk de vaccinatie tegen mazelen en rode hond werd ingevoerd, presenteerde een andere professor tijdens een persconferentie “de maatregelen die genomen zouden worden om artsen en de bevolking bewust te maken van de ernst van deze ziektes met ernstige gevolgen.”



De behandeling

Er bestaat geen reguliere behandeling tegen het mazelenvirus. In het algemeen wordt aanbevolen om het kind te laten rusten, voldoende drinken te geven en koortsverlagende middelen te geven. In de volksgeneeskunde wordt aanbevolen de koorts zijn gang te laten gaan, het kind zelfs goed toe te dekken zodat het goed kan zweten. In de homeopathie wordt de koorts ook niet onderdrukt omdat dat het genezingsproces vertraagt en wordt een behandeling gegeven die op de specifieke klachten van het kind is gebaseerd en die het genezingsproces aanzienlijk kan verkorten en complicaties kan voorkomen.



Het vaccin

Het is een levend verzwakt virus, dat gekweekt wordt op kippenembryo’s. In Nederland alleen verkrijgbaar als BMR-vaccin (RIVM). Het bevat verontreinigingen van cellen van kippenembryo’s en menselijke diploïde cellen. Het bevat geen conserveermiddel en antibiotica. In Nederland wordt ook het Attenuvax (Merck, Sharp & Dohme) gebruikt. Dit vaccin bevat als stabilisatoren sorbitol en gehydroliseerde gelatine en een antibioticum (neomycine). In Belgie zijn beschikbaar: Duovax (MSD), MMR Vax (MSD), Attenuvax (MSD) en Rimevax (S.K.RIT).

Het vaccin kan dezelfde complicaties geven als de mazelen zelf, onder andere encephalitis (hersenontsteking). Tevens veroorzaakt het auto-immuunziekten, met name de ziekte van Crohn (chronische ontsteking dunne-dikke darm) en colitis ulcerosa (chronische dikke darm ontsteking).3 Volgens een Engels onderzoek komt de ziekte van Crohn drie keer zo vaak voor bij patiënten die tegen mazelen ingeënt zijn.4

In 1950 waarschuwde een rapport van de WHO tegen het gebruik van een eventueel mazelen vaccin (toen nog in ontwikkeling) dat niet in staat zou zijn om een levenslange immuniteit te verschaffen zoals de ziekte zelf doet, terwijl de feitelijke risico’s van mazelen heel gering zijn. Een methode die slechts een immuniteit van enkele jaren garandeert zou het uitbreken van de ziekte tot de volwassen leeftijd kunnen vertragen en dan veel gevaarlijker zijn.5

Dit bleken later profetische woorden te zijn.



Bijwerkingen

Het aantal mazelen gevallen daalde spectaculair in de eerste periode na introductie van het vaccin, maar daarna verscheen de ziekte bij volwassenen. Dankzij het vaccin zien we nu ook mazelen gevallen bij pasgeborenen, bij wie de ziekte ernstig kan verlopen. In het begin leek het vaccin erg efficiënt omdat de immuniteit van de gevaccineerden onderhouden werd door de veelvuldige contacten met het echte mazelenvirus van de niet-gevaccineerden. Maar nu het natuurlijke virus zeldzaam wordt, vermindert de werkzaamheid van het vaccin, moet het vaccin steeds vaker herhaald worden en treden er weer epidemieën op die ook de gevaccineerden treffen, zoals blijkt in Amerika waar het mazelen vaccin veel eerder ingevoerd werd.6



Wat is wijs?

In Nederland is het mazelen vaccin alleen in het combinatievaccin BMR (bof-mazelen-rode hond) verkrijgbaar. Het is dus niet mogelijk om wel voor het ene en niet voor het andere te kiezen. Ik adviseer zelf om het BMR vaccin achterwege te laten. Het geeft teveel bijwerkingen, waarvan ernstige chronische infecties en gedragsstoornissen zoals autisme en ADHD de meest in het oog springend zijn. Het meest doorslaggevende argument om wel een BMR te geven is om afwijkingen bij het ongeboren kind ten gevolge van de rode hond te voorkomen. Daarom adviseer ik ouders hun niet geënte dochters van 16-18 jaar op antilichamen te laten controleren en als er onvoldoende antilichamen zijn alsnog tegen rode hond te laten enten. Het vaccin is in België in gebruik (Ervevax (Smith Kline Beecham) of Meruvax II (R) (Merck, Sharp & Dohme). Het laatste is in principe ook in Nederland verkrijgbaar, maar maakt geen deel uit van het RVP.

Verschillende studies tonen ook aan dat personen die geen mazelen of andere kinderziektes doorgemaakt hebben tijdens hun kinderjaren vaker leiden aan ernstige ziektes zoals kanker, multiple sclerose (M.S.), en storingen in het immuunsysteem. Mazelen is juist belangrijk voor de ontwikkeling van ons immuunsysteem. Het risico op encefalitis (hersenvliesontseking) wordt van officiele wegen overschat met een factor tien.7

Over de bof en rode hond vindt u eveneens een speciaal hoofdstuk met uitvoerige informatie.

Voor verdere informatie kunt u lezen: Ziektes en vaccins nader bekeken, uitgegeven door de Nederlandse Vereniging Kritisch Prikken, juni 2001


REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.