Gezocht: VWO'ers uit de 4e/5e met N&T of interesse in techniek. Doe mee aan een online community over een nieuwe studie en verdien een cadeaubon van 50 euro!

Meedoen

Hoofdstuk 8 Gedrag

Beoordeling 6.6
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 4e klas havo | 754 woorden
  • 15 augustus 2006
  • 28 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.6
  • 28 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ADVERTENTIE
Ga jij de uitdaging aan?

Op EnergieGenie.nl vind je niet alleen maar informatie voor een werkstuk over duurzaamheid, maar ook 12 challenges om je steentje bij te dragen aan een beter klimaat. Douche jij komende week wat korter of daag je jezelf uit om een week vegetarisch te eten? Kom samen in actie!

Check alle challenges!
Biologie hoofdstuk 8

8.1
Territorium gedrag: verdedigen van je terrein
Signaalhandelingen: een handeling die zorgt voor communicatie tussen soortgenoten.
• signalen zijn opvallende geuren, kleuren, vormen, geluiden en gebaren die voor soortgenoten informatie bevatten. Bij een signaalhandeling toont een dier zijn specifieke signalen welke anders verborgen zouden blijven
Rituele gedragingen: vereenvoudigde dagelijkse handelingen
Balts: Een speciaal soort ritueel Het is de manier om aan te tonen dat je van het andere geslacht bent en dat je ook de geschikte partner bent.

Ritueel: een vaste serie handelingen met als doel een voorbereiding op het eigenlijke gedrag.
• een vaste serie handelingen met als doel een voorbereiding op het eigenlijke gedrag is een ritueel. Functies van baltsgedrag zijn het sussen van agressie en het uitwisselen van informatie over elkaar kwaliteiten als partnet en als ouder.
Signaal: extreme prikkel voor soortgenoten
Samengestelde prikkels kan een signaalvorm zijn

8.2
Rangorde: volgorde in macht en/of gezag
Communicatie: signalen uitwisselen tussen meer dan 2 dieren en het gedrag van de andere dieren die niet voorspelbaar is.
Zender: degene die het signaal uitzendt
Ontvanger: degene die het signaal ontvangt.
Filters: zorgen ervoor dat de informatie vervormd bij de ontvanger terecht komt.
Ruis: storing in de informatie
• waar meerdere dieren samenwerken is communicatie onmisbaar. Communicatie bestaat uit een complexe combinatie van signalen en handelingen. Doordat een boodschap verschillende filters passeert en blootstaat aan ruis kunnen misverstanden ontstaan.
Rolpatroon: een organisatievorm waarbij de rechten en plichten van een mens door traditie worden bepaald

• Een rolpatroon is een organisatievorm waarbij de rechten en plichten van een mens door traditie worden bepaald. Wanneer een maatschappij snel verandert, kunnen rolpatronen een sta-in-de-weg worden.
Gedrag:
Communicatie : => binnen de soort, tussen soortgenoten
 tussen soorten
Externe prikkel: prikkels binnen een groep
Signalen: 1) opvallende kleuren, geuren etc
2) informatie voor soortgenoten
Extreme prikkels: kleuren, geuren etc voor soortgenoten en andere soorten
Uitwendige prikkel: zintuigen zoals geluid
Verbaal: met behulp van geluid
Non-verbaal: bewegingen
• communicatie bestaat uit een complexe combinatie van signalen en handelingen. Doordat een boodschap verschillende filters passeert en blootstaat aan ruis kunnen misverstanden ontstaan.
Prikkels: - visueel: vb roodborst
- geluid: diverse vogels: territorium
- tussen verschillende soorten
Voordelen van het leven in groepen:
- samenwerking , vb bescherming
- taakverdeling: specialisatie
- voortplanting
Nadelen:
Concurrentie om: - voedsel
- nestgelegenheid
- partners

8. 3
Evolutie: aanpassen door geleidelijke veranderingen in erfelijk materiaal, langzame aanpassing.
Cultuur: het resultaat van het leergedrag van een groep dieren
Imitatie: nadoen
Leren: snelle manier van aanpassen aan veranderingen, snelle aanpassing.
vormen van leren:
1) gewenning: organisme reageert na een aantal herhaalde dezelfde prikkels niet meer op deze prikkel.
2) Imitatie: nadoen van soortgenoten, leren van allerlei gedrag door het na te doen.
3) Inprenting: leren in de gevoelige periode
4) Trial en error: proefvriendelijk leren: door zaken uit te proberen en dan te ervaren of het gaat of niet ( door je fouten leren).
5) Klassieke conditionering: legt verband tussen 2 zaken die er eerst niet waren
6) Operante conditionering: leren door middel van straf en beloning
7) Inzicht: creatieve mannier van leren, in een onbekende situatie goed reageren.
(Voortgaan vanaf een bekende situatie naar een onbekende situatie)
Bekrachtiging: belonen van iets goeds.
2 vormen van conditionering:
1) klassieke conditionering: vb wakker worden als je geritsel van snoepzak hoort.
2) operante conditionering: gedrag zie je als een aaneenschakelingen van verschillende handelingen:

8.4
Gedragselementen: afzonderlijke handelingen binnen gedrag
Gedragsketen: afhankelijke gedragselementen achter elkaar gezet.
Gedragssysteem: gedragketens en losse gedragselementen samen
Hiërarchisch: opbouw van klein naar groot
Gedrag: meerdere gedragssystemen samen
Gevoelige periode: de levensfase waarin inprenten lukt
• in een gedragsketen volgen de gedragselementen elkaar volgens een vast patroon op. Een gedragselement bestaat uit een aantal gedragsketens, soms gekoppeld door losse gedragselementen. Een aantal gedragselementen vormt samen het gedrag.
• Gedragselementen zijn de afzonderlijke handelingen binnen gedrag. In een gedragsketen volgen de gedragselementen elkaar volgens een vast patroon op. Een gedragssysteem bestaat uit een aantal ketens, soms gekoppeld door losse gedragselementen. Een aantal gedragssystemen samen vormt gedrag. Zon opbouw van klein naar groot noem je hiërarchisch

8.5
Uitwendige factoren: reactie op omgevingsfactoren
Inwendige factoren: bijv honger
Prikkels: de boodschappen die naar je zintuigen gaan.
Sleutelprikkel: een uitwendige prikkel waarbij gedrag direct tot stand komt.
Supernormale prikkel: overdreven sleutel prikkel dat leidt tot overdreven heftig gedrag.
Bioritme:

Drempelwaarde: als de motivatie hoog genoeg is om het gedrag uit te voeren
Motiverende prikkel: de prikkel die de motivatie tot de drempelwaarde veroorzaakt
• gedrag ontstaat als gevolg van uit en inwendige prikkels. Sleutelprikkel is een prikkel waarop altijd hetzelfde gedrag volgt. Een overdreven sleutelprikkel is een supernormale prikkel.
• Motivatie is de bereidheid om bepaald gedrag te vertonen. Motivatie is een gevolg van een combinatie van in en uitwendige prikkels.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.