H 2,5,6

Beoordeling 5.5
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 4e klas havo | 857 woorden
  • 4 april 2016
  • 2 keer beoordeeld
  • Cijfer 5.5
  • 2 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Methode
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!























vetten































celmembraan

Celwanden





Celwanden



grondplasma































Ligine





























Cellulose



























pectine








Een plant bevat de voedingsvezels: pectine, cellulose en ligine

ligine zit in de extra celwanden

cellulose zit in de celwanden

pectine is een tussencelstof van de cellen

eiwitten: zitten in de grondplasma

vetten: celmembraan






















vaatbundel








In een plant zitten vaatbundels


























       
   








eiwitten




 
 








Bastvaten: water + suikers            BWS



Houtvaten: water+ mineralen+vitamines      HWVM





















Knollen: slaan suikers op als zetmeel: dsu bijvoorbeeld aardappels. Als er via de bastvaten water+suiker naar beneden word vervoerd, dan worden die suikers opgeslagen als zetmeel.



Zaden: slaan reservestoffen ook op: oliën



Meer glucose aangemaakt à des te zoeter de vrucht word







































           
 
   
     








Dissimilatie:

*van een groot molecuul naar een klein molecuul




 
 




















*8 Essentiële aminozuren: noodzakelijk: je lichaam kan die niet maken

*12 niet essentiële aminozuren: niet noodzakelijk: je lever kan het aanmaken

*verschillende type minozuren dus: verschillende kleuren op een plaaatje














































Voedingsstof



Schematische weergave



Grotere molecuul



Kleinste molecuul



Reservestof?



Dissimilatie



Vetten














































           
 
   
 
   
 
   
 











 

Glycerol 





        vetzuren





















Een Vet







JA







LANGZAAM



Koolydraten



















 
 









 

Glucose





Disacharide

















Glycogeen



















 
 







 

    GLUCOSE







monosacharide









JA











JA HEEL SNEL



EIWITTEN

















 
 











 

EIWIT



















 
 









 

AMINOZUUR















 
 













 

INSULINE



Polypeptide









NEE









JA, Als laatste redmiddel








Aerobe dissimilatie: verbranding met voldoende C2 eidn: 38 ATP

Anaerobe dissimilatie: verbranding zonder voldoende O2  eind 2 ATP



Verbranding vindt plaats in de mitochondriën

ATP word gemaakt door ATP synthase die in de mebraan zit

veel H+ moleculen worden via een leiding in de membraan gepomt daar vindt een proces van draaing plaats waarbij  ADP à ATP word



Ook in de chloroplast (plant)

binnen en buitenmembraan liggen blaadjes à waar ATP synthase is

er gaan veel H+ van de blaadjes naar het cytplasma zo word ook van ADPàATP



ATP die 3 fosfaatgroepen heeft, geeft energie af wanneer de derde fosfaatgroep afbreekt. Bijv de spierweefsel krijgen die energie en kunnen dus samentrekken.



ADPà ATP word dus een derde fosfaatgroep aan vast gemaakt, die proces is  hierboven

ADP+Pi + energie à ATP





Spierweefsels beschikken over een beperkt voorraad ATP

Dus ADP moet snel weer opladen tot ATP KAN DOOR




  1. Noodaccu: de fosfaat accu

    heir zit een voorraad van ATP, die na enkele seconden weer leeg is, maar dan kan de dissimilatie opgang koemen à dat wint tijd



DUS creatinefosfaat (ADP)à creatine (ATP)




  1. Anaerobe dissimilatie

    hier word dus glucose afgebroken zonder zuurstof:

    er word 2 ATP gevormd, maar er word ook melkzuur gevormd die slecht is. De melkzuur blijft niet lange tijd à het word afgevoerd via het bloed naar de lever die dan er aminozuren van maakt.

    DE PH WAARDE DAALTà SPIEREN WERKEN NIET MEER GOED



Tegen verzuring aangaan:

- trainen. Als je traint dan komen er meer mitochrondriën, waardoor ook bloedvaten toeneemt à dus er kan meer zuurstof wroden toegevoerd. Waardoor je minder snel verzuring kan hebben dan iemand die neit traint



Formules:



Glucose+ zuurstof à CO2 + H2O + 38 ATP

Glucose à 2 C3H6O3 + 2 ATP



Plant

6 CO2 + 6 H2O+ lichtenergie à glucose + zuurstof



huidmondjes;

* verdamping van water

* rest o2 gaat eruit



 in de chloroplast vindt de fotosynthese plaats

* deel van de zuurstof die ontstaat gebruikt een plant voor de dissimilatie van glucose

*
deel van de suikers gebruiken de cellen van de plant om ATP te maken




  • Chlorofyl (bladgroen)

  • O2 (minder o2?, minder suikers)

  • CO2

  • Temperatuur

  • H2O (vorming grondplasma)

  • Zonlicht

  • Grondstoffen in de bodem



De hoeveelheid glucose die is gemaakt door fotosynthese heet: brutoproductie

wat er overgebleven is gebruikt de plant voor voortgezette assimilatie om andere organische stoffen te maken zoals zetmee, ligine etc.



Droge stof van voedingsmiddelen

- bestaat uit organische stoffen en mineralen



Berekenen door: het percentage te bekijken van droge stof in een voedingsmiddel

ligt tussen de 3% en 24%



Klassieke biotechnologie:

voedingsmiddelen vervaardigen m.b.v bacteriën en schimmels

- alcoholgisting

- melkzuurgisting

 






REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.