Hoofdstuk 1: Arm en rijk

Beoordeling 7.1
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 3e klas vmbo | 1065 woorden
  • 4 november 2014
  • 58 keer beoordeeld
  • Cijfer 7.1
  • 58 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Methode

§1.2: Arm en rijk in de wereld



Elk land heeft Welvaart. Dit wordt voor het meeste bepaald door wat de mensen in een land verdienen.  Het gaat hier om het geld, niet of mensen wel of niet gelukkig zijn.



Het BBP/PP (Bruto Binnenlands Product per persoon) is al het geld wat wordt verdient door de bevolking van een land, gedeeld door het aantal inwoners.



Werkeloosheid is het percentage mensen wat zonder werk zit maar wel naar een baan aan het zoeken is. Werkgelegenheid is het aantal banen wat beschikbaar is in een land.



Bij beroepsbevolking kijk je naar hoe de werkende mensen zijn verdeeld of de landbouw, de  industrie en de diensten. Als je kijkt naar hoeveel spullen de mensen in een land hebben per 1000 inwoners spreek je over het aantal consumptie goederen per 1000 inwoners. Je snapt dat 1000 Nederlands meer tv’s en auto’s zullen hebben dan 1000 Somaliërs.



Met welzijn kijk je naar de leefomstandigheden van mensen in een land.



Welzijn is een combinatie van:





Levensverwachting: Hoe oud worden mensen gemiddeld?



Alfabetiseringsgraad: Mensen die kunnen lezen en schrijven.



Koopkracht: In de VN-welzijnsindex worden deze gegevens gecombineerd.





Het BNP/PP is ongeveer hetzelfde als het BBP/PP. BNP/PP staat voor Bruto Nationaal Product per persoon.



Het BRP/PP is het Bruto Regionaal Product per persoon, dat is alles wat in een bepaald gebied verdient wordt.





§1.3 Arm en rijk in Nederland.





Alle bewoners in een land hebben allemaal verschillende kenmerken. Bewoners van verschillende gebieden hebben vaak andere kenmerken, deze bestaan meestal uit:





Inkomen: Wat men gemiddeld in een buurt verdient.



Opleidingsniveau: Hoe hoger het percentage van mensen dat hoog is opgeleid, hoe hoger de inkomsten.



Beroepsbevolking: Het deel van de bevolking wat betaald werk verricht, geen vrijwilligers dus.



Leeftijdsopbouw: Hoe minder kinderen en bejaarden, hoe meer er verdient wordt in een wijk.



Werkgelegenheid/Werkeloosheid: Hoe meer mensen er werken in een buurt, hoe meer er wordt verdient.





Kenmerken van buurten:





Bebouwingsdichtheid: Dit is het aantal huizen per km₂.



Woningsoorten: Heeft een buurt vooral nieuwe of oude huizen.



WOZ-waarde: Geeft aan hoeveel een huis waard is voor de belasting.



Openbare ruimte: de kwaliteit van een omgeving, bijvoorbeeld: speeltuintjes, bioscopen enz.



Particuliere/Privéruimte:  hoe groot is een balkon, hebben de mensen een grote tuin?





§ 1.4: Verandering in buurten.





In de samenleving is flink wat veranderd:





De toegenomen welvaart. We zijn met z’n allen meer gaan verdienen,



De gezinsverdunning: Huishoudens zijn gemiddeld kleiner geworden door de afnemende gezinsgrote.



Verandering in de woonomgeving:





1.Er kwam een scheiding tussen werk en woonverkeer.



2.Het autobezit van mensen is toegenomen, er is nu vaak te weinig parkeergebied



3.Woonbezetting daalt. Door gezinsverdunning wonen er minder mensen per huis.



4.Buurtwinkels nemen af. Door de gestegen mobiliteit stoppen mensen minder snel voor een buurtwinkel.





Hoe pas je een woonomgeving aan:





(Hier een paar begrippen)





1.Verpaupering: De gemeente doet niks aan deze buurten ze laten het zoals het is.



2.Gentrificatie: Het tegenovergestelde van verpaupering, er wordt juist wat aan de buurt gedaan zodat mensen er gaan wonen.



3.Renovatie: Het opknappen van verouderde huizen, bijvoorbeeld nieuwe douches aanbrengen, nieuwe kozijnen etc.



4.Restauratie: de buiten kant van een huis of een waardevol huis opknappen naar de originele staat en de binnenkant modern maken.



5.Sanering: Als renovatie geen zin meer heeft wordt de hele buurt plat gegooid. Dit heet Kaalslag. Zo is er weer plaats voor nieuwbouw.







§1.6 Regionale verschillen in Nederland.





Gemeente met veel lagen inkomen liggen vaak in het noorden of in het zuiden van ons land.



De rijke gemeenten liggen juist in het westen en in het midden van het land.



Hoge inkomens komen vaker voor in kleine gemeenten dan in grote steden zoals Amsterdam.





Regionale verschillen in woonomgeving.





In stedelijke gebieden wonen veel mensen: daar ligt een hogere bebouwingsdichtheid dan in landelijke gebieden.





Mensen die hoger zijn opgeleid hebben een hogere levensverwachting, omdat ze meer verdienen kunnen ze meer medicijnen, en een betere leefomstandigheden kopen.











§1.7 De positie van Nederland binnen Europa





In Nederland is het bbp/pp (bruto binnenlands product per persoon) hoog. Dat betekent dat Nederlanders veel consumptiegoederen kunnen kopen. Consumptiegoederen is bijvoorbeeld eten, drinken, handdoeken, etc.



In Nederland werkt een hoog percentage in de dienstensector. Dit is omdat wij een moderne economie hebben.



Nederland heeft een vrij grote bebouwingsdichtheid. Dit betekent dat Nederland vrij dicht op elkaar gebouwd is, veel huizen per km₂.



Door auto’s, bussen en bedrijven komen er in Nederland veel rookgassen vrij. Dit is schadelijk voor de gezondheid, dit heeft dus ook invloed op de levensverwachting.



De waterkwaliteit is in Nederland goed, maar nog niet zoals het hoort te zijn. Soms wordt er bij de landbouw nog steeds wat mest meegevoerd, oftewel ongezuiverd water.



Nederland heeft een hoog bbp/pp en een goede gezondheidszorg, toch is er voor Nederland ook maar een gemiddelde levensverwachting.



Welvaartsziekten, bijvoorbeeld ziekte door eten, roken en alcohol gebruik.





§1.8 Het beleid van de overheden.





De regering probeert congestie zoveel mogelijk te voorkomen. Congestie betekent dat de infrastructuur vast loopt (files, gebrek aan parkeerruimte). De regering probeert dit te voorkomen door meer banen te maken bij snelwegen en meer parkeerruimte te maken.



Nederland streeft naar meer welvaart, zodat dit leid tot een duurzame ontwikkeling. Duurzame ontwikkeling is zo met de aarde omgaan, zodat de volgende generatie op een onaangetaste wereld kan leven. Renovatie, restauratie en sanering zouden verpaupering moeten stopzetten en van achterstandswijken prachtwijken moeten maken. Ze willen emissieplafonds in gaan stellen. Dit betekent dat deze plafonds aangeven hoeveel schadelijke stoffen mogen vrijkomen.





§1.10 De VS en Nigeria: Welvaart





Amerika heeft een hoog bbp/pp. Per duizend inwoners hebben Amerikanen veel auto’s, mobieltjes, goede internetverbindingen, tv’s en fietsen, etc. in Nigeria zal dat niet zo zijn. Daar hebben ze misschien per 1000 inwoners 3 auto’s.





Hoe komt het nou dat Amerika zo veel consumptie goederen hebben per 1000 inwoners?



Amerika heeft een moderne economie, en wat is er nodig voor een moderne economie? Hoog opgeleide mensen.





Nigeria beschikt over veel grondstoffen en energiebronnen, maar toch leven ze veel in armoede. Dit komt door de werkeloosheid. Er is veel strijd om grond en grondstoffen in Nigeria. Nigeria kent een hoge bevolkingsgroei dit onderdrukt de koopkracht ook veel


REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

T.

T.

top man

7 jaar geleden

J.

J.

Goede samenvatting, thnx voor het online zetten.

4 jaar geleden

J.

J.

Slechte samenvatting, geen thnx voor het offline zetten.

4 jaar geleden

T.

T.

kehba 123

3 jaar geleden