ADVERTENTIE
Open Avond = ontdekken of jij hier past Leren is keuzes maken. Continu blijven zoeken, twijfelen, vallen en opstaan. Dát leren, dat leer je bij Hogeschool Inholland. Tijdens onze Open Avond op woensdag 30 oktober staan onze studenten en docenten klaar om al je vragen te beantwoorden. Kom langs en ontdek of jij hier past.

Meer info!
Giphart zou sorry moeten zeggen
Als het aan de leerlingen van het HAVO en het VWO zou liggen, won Ronald Giphart tussen nu en een paar jaar de Publieksprijs. Hij schijnt met voorsprong de populairste schrijver onder lezers tussen de twaalf en de achttien te zijn. Dertig jaar geleden waren schrijvers als Jan Wolkers heel populair bij de scholieren van toen, niet in het minst door zijn erotische boeken als “Turks Fruit”. Giphart heeft de rol van ‘erotische boekenschrijver’ overgenomen. Je kunt de erotische standjes of situaties zo gek niet verzinnen, of ze komen bij hem wel ter sprake, en dan zo overdreven of in het absurde getrokken dat er hartelijk bij kan worden gelachen. Zo ook bij “Phileine zegt sorry”.
Phileine, een meisje uit Amsterdam, gaat in New York op bezoek bij haar vriend Max. Hij is er in opleiding als acteur, en heeft met andere leerlingen van zijn toneelschool Shakespeare's Romeo and Juliet ingestudeerd. Het stuk speelt zich af in de Middeleeuwen, maar is voor de gelegenheid geactualiseerd. Shakespaere's teksten worden door rappers voorgedragen, er wordt volop gemaild, anderen gebruiken een GSM. Al gauw gaan de spelers uit de kleren en tijdens de balkonscène moet Phileine toezien hoe Max klaarkomt in de handen van zijn tegenspeelster. Hoewel ze altijd dacht dat af en toe een keer vreemdgaan moet kunnen, is ze nu woedend. Luid tierend springt ze op het toneel. De kranten zetten Phileine prominent op de voorpagina's en weldra is ze te gast in de talkshow van niemand minder dan David Letterman. Het verhaal krijgt tegen het einde een wending als Phileine, die in het Waldorf Astoria Hotel zit te simmen, door Max wordt ontvoerd. Samen met hem en zijn medeleerlingen moet ze acte de presénce geven op het jaarlijkse Aidsgala. Tijdens dit gala storten Max en zij zich opnieuw in elkaars armen. Met tranen in de ogen beklimt ze het toneel en houdt een emotionele toespraak. "Waarom moeten we almaar concurreren, elkaar de loef afsteken of altijd willen winnen? Waarom gedragen we ons überhaupt zo kinderachtig? Waarom kunnen we alleen maar denken in termen van rangordes, toptienen, kongsies, successen, helden, Nobelprijzen, hypes, bestsellers, kijkcijfers? Kunnen we dan echt niet meer oprecht zijn en moeten we ons altijd verschuilen achter cynisme, ironie, satire, sarcasme?"
Die vraag zouden we ook aan Ronald Giphart kunnen stellen. Die heeft als criticus veel gebruik gemaakt van kinderachtig cynisme en mateloze heldenverering. En ik kan me moeilijk voorstellen dat uitgerekend hij vies zou zijn van een plaats op de bestsellerlijsten. Maar misschien is het einde van zijn roman een zoveelste poging het publiek op het verkeerde been te zetten. Dan complimenteer ik Giphart met de uitgekiende strategie om zijn zestienjarige fans te behagen. Voor mij blijft het overigens een eigenaardige ervaring me heen te moeten lezen door honderden pagina's geblaat en gezeur, met hier en daar smakeloosheden die ik echt niet ironisch kan vinden. Zo begint een hoofdstuk als volgt: "Opstaan vind ik het allerergste denkbaar, lieve Kitty (afgezien van de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog)." Op het eerste gezicht is de toevoeging tussen haakjes volstrekt gratuit. Wie in de aangesproken 'Kitty' een verwijzing naar het dagboek van Anne Frank herkent, kan er alleen maar een grove smakeloosheid in zien. Ook dat is Giphart ten voeten uit.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.