Analyse van Io, door Ovidius (Metamorphosen)

Beoordeling 6.3
Foto van een scholier
  • Praktische opdracht door een scholier
  • 6e klas vwo | 1560 woorden
  • 17 oktober 2005
  • 29 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.3
  • 29 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ADVERTENTIE
Studententijd zomerspecial

Heb jij de Zomerspecial van Studententijd de podcast al geluisterd? Joes, Steie, Dienke en Pleun nemen je mee in hun zomer vol festivals, vakanties en liefde. En kijken ook alvast vooruit naar de introductietijd van het nieuwe collegejaar. Luister lekker mee vanaf je strandbedje, de camping of onderweg. 

Luister nu!
Analyse van het verhaal.

Het verhaal heeft een gesloten einde. Het loopt goed af met Io. Er zitten ook verschillende verklarende passages in. Regels 722-723 zegt hij waarom pauwen ogen op hun staart hebben, in regel 711 hoe de rietfluit aan zijn naam komt en in regel 747 zegt hij dat Io de godin Isis is geworden.
Het eerste (r569-582) en laatste (r747-756) stuk vallen buiten het eigenlijke verhaal. Het eerste stukje vertelt dat alle goden bijeen komen in het huis van een riviergod, de Peneius en is dus een beetje de aanleiding tot het eigenlijke verhaal. Het laatste stuk is eigenlijk het begin van een ander verhaal, over de zoon van Io, Epaphus. Het sluit aan bij dit verhaal maar hoort er niet echt meer bij.
Ook een ander stuk viel me erg op. Dat is het stuk van regels 689 tot 712. Hierin vertelt Mercurius eerst een verhaal aan Argus en daarna (vanaf r700) vertelt Ovidius wat Mercurius nog allemaal wil vertellen, als Argus niet al in slaap was gevallen. Dit hele stuk opzich is nu alsof het een deel is uit een ander verhaal dat ertussen geplakt is.

Ovidius gebruikt op sommige plaatsen opvallende stijlmiddelen zoals in regel 608 (paradox), in regel 635-636 (paradox) als ze haar handen uit wil strekken, heeft ze die geen meer, in regel 642 en 643 (anaphora) door de verdubbeling van niet merken en volgen, en in 721 (paradox). Ook wordt erg benadrukt dat Io erg verdrietig en bang is als koe. Vrezen en bang zijn wordt veel gebruikt in de regels die ik mocht vertalen.
In regels 653-654 is er een rethorische vraag.

Ovidius laat niet alleen zichzelf aan het woord. Het eerste personage dat iets zegt is Jupiter. Hij probeert Io over te halen om met hem mee te komen. Hij gebruikt de volgende argumenten: 1) Dat ze in het bos schaduw moet zoeken omdat het warm is. 2) dat als ze niet durft te gaan omdat er beesten zitten, ze zich door een god (jupiter) moet laten beschermen. 3) Dat hij niet zomaar een god is, maar de oppergod.
Daarna spreken Juno en Jupiter. Juno vraagt de koe cadeau omdat ze Jupiter niet vertrouwt. Die zegt dat het een gewone koe is. In Jupiter komt dan een tweestrijdt die heel erg lijkt op die van Dido in de Aeneas. Dit is volgens mij imitatio en aemulatio. Jupiter twijfelt tussen schaamte en liefde, net als Dido. Hij zou als het aan hem lag voor de liefde kiezen en de koe houden, maar dan zou Juno argwaan krijgen en dus moet hij haar wel weg geven.
Later komt Inachus ook aan het woord. Hij klaagt erover dat zijn dochter nu een koe is en dat hij hier voor altijd mee moet leven omdat hij niet sterft. Hij is namelijk een god.
Nog later spreekt Argus ook, en wel tegen Mercurius. Hij zegt dat Mercurius bij hem moet komen zitten omdat er schaduw is en mals gras (Mercurius is vermomd als herder). Opvallend dat Argus hetzelfde argument gebruikt om Mercurius te laten komen als Jupiter gebruikte om Io te laten komen, namelijk dat het schaduwrijk is. Mercurius vertelt een verhaal over Syrinx, een waternimf. Ze werd door Pan achterna gezeten maar wilde niet, net als Io. Zij veranderde toen in riet en Pan zuchte hierdoor zodat er een fluittoon kwam.
Nog verderop spreekt Jupiter weer tot Juno omdat hij het lijden van Io niet langer aan kan zien. Jupiter belooft Juno nooit meer verdriet te bezorgen als ze Io terugverandert. Dat doet ze.

In het laatste stukje spreekt Ephaphus tot Phaëton en zegt dat hij een stomkop is, want zijn vader is een leugen, en ook een opschepper.

Er zijn drie metamorphosen in dit stukje. De eerste is dat Io in een koe veranderd wordt. De tweede is dat ze terug veranderd en godin wordt. De derde is die van Syrinx, maar deze staat los van de rest van het verhaal.

Io wordt door Jupiter veranderd in een koe, maar eigenlijk heeft ze zelf niks misdaan. Ze rende zelfs weg voor de god Jupiter om haar eer te redden. Meestal zijn de metamorphen die Ovidius beschrijft juist van mensen die iets fout hebben gedaan en dus voor straf veranderen. Ook vind ik het raar dat Juno haar angst injaagt omdat ze woedend is, terwijl Io zelf niks misdaan heeft, het was Mercurius die Argus doodde. De goden bezorgen Io en Inachus dus veel zorgen en pijn terwijl ze zelf niks fout doen.
Dit is volgens mij ook de reden waarom Io later vereert wordt als godin. Ze heeft veel onverdiend leed geleden en krijgt nu toch een goed einde. Als ze aankomt bij de nijl en jammert (ze is dus niet boos of woedend op de goden, alleen verdrietig) kan Jupiter het niet meer aanzien en veranderd haar terug naar haar mooie menselijke gedaante.
De andere metamorphosen die eigenlijk los staat van de rest en verteld wordt door Mercurius aan Argus is die van Syrinx. Zij verandert in riet. Ze wordt achterna gezeten door Pan maar rent weg net als Io voor Jupiter. Ze rent erg ver maar moet stoppen bij de oever van een rivier. Daar vraagt ze haar zusters, ook waternimfen, om haar te laten verdwijnen. Ze verandert in riet. Pan zucht en maakt zo een fluitend geluid in het riet. Net als bij de metamorphose van Io doet Syrinx ook niet echt iets fout. Ze rent alleen weg om haar kuisheid te bewaren. Ook wordt ze niet veranderd door Pan, zoals Io niet veranderd is omdat Jupiter boos was, maar omdat Juno dat was. Er zijn dus overeenkomsten tussen deze twee metamorphosen.

Waardeoordeel van de tekst in vertaling

De tekst is best mooi.
Esthetisch: Ovidius schrijft over het algemeen goed en niet zo verheven als bijvoorbeeld Vergilius. Zijn taal en daardoor zijn teksten zijn wat beter leesbaar en ook zeker beter vertaalbaar. Hij gebruikt wel soms rare paradoxen die mij vaak gekunsteld lijken. Wat me vooral opvalt in deze tekst is het 'als ik me niet bedrieg, wordt ik bedrogen'. Het is leuk om een beetje met de taal te spelen, maar ik vind het niet goed in het verhaal gewerkt en het steekt er voor mijn gevoel uit alsof het er niet goed in past.

Realistisch: Het verhaal vind ik niet realistisch. Niet alleen omdat de goden er zoveel in voorkomen, maar ook omdat het me nogal onwaarschijnlijk lijkt. Juno doorziet dat Jupiter Io in een koe veranderd heeft, maar in plaats van boos te worden ofzo plaatst ze de koe onder toezicht. Dit lijkt mij niet logisch van haar. Ook geeft Juno Io ontzettende schrik nadat Mercurius Argus gedood heeft. Dat vind ik ook niet realistisch. Natuurlijk is bij dit soort verhalen het realisme niet erg belangrijk en daarom vind ik het ook totaal niet storend dat ik dit wat minder vind.

Structureel: Hier is wel wat op aan te merken vind ik. Het stuk waarin Mercurius een ander verhaal vertelt aan Argus is raar volgens mij. Hoewel het een manier is om een extra verhaal erin te passen en het parallellen heeft met het verhaal van Io is het toch raar om het op deze manier erin te zetten. Vroeger was dit waarschijnlijk gewoon een leuke manier om iets extras toe te voegen maar ik vind het niet goed gepast. Het begin en het einde zijn tegelijkertijd respectievelijk einde en begin van andere verhalen, maar dat is omdat het boek eigenlijk een doorlopend verhaal van verschillende verhalen is. Niks mis mee in mijn mening.

Intentioneel: Ik denk dat Ovidius, als hij al een intentie, naast een mooi dichtwerk te schrijven, had, met dit verhaal misschien wilde laten zien dat alles goed komt zo lang je maar onderdanig aan de goden blijft. Dit sluit ook aan met de andere verhalen. Als mensen denken beter te zijn dan goden of ze te kunnen beledigen worden ze gestraft. Io, die erg lijdt maar niet boos is, wordt later vereerd als de god Isis. Ze hoeft ook nooit echt mee met Jupiter en ze wordt niet zwanger van de kudde. Voor haar loopt het dus goed af, ik denk omdat ze niet boos was tegen de goden maar onderdanig bleef smeken.

Moreel: Ik vind het niet best dat Jupiter en Juno Io en Inachus laten lijden omdat Jupiter toevallig achter Io aan zat. Jupiter en Juno voelen zich waarschijnlijk gewoon te hoog verheven. Zoals mensen tegenwoordig over hun huisdieren denken. Zielig als ze moeten lijden, maar niet zo belangrijk.

Vergelijking van de latijnse tekst en de vertaling van M. d'Hane-Scheltema.

De vertaling van M. d'Hane-Scheltema is goed vind ik. Veel dingen zijn niet letterlijk vertaald zoals het in het latijn staat, maar dat is logisch. Voorbeelden hiervan zijn 'limosa flumina potat', 'het water dat zij drinkt is vuil' vertaald M. Ik heb dit veel letterlijker vertaald met 'ze drinkt uit modderige rivieren'. De vertaling is redelijk goedlopend Nederlands en er is rekening gehouden met het metrum. Hoewel alles niet letterlijk is vertaald, verschillen de betekenissen in het latijn en in de vertaling van de regels op zich per regel niet veel. De woorden en zinsdelen zijn niet letterlijk vertaald, maar de betekenis is hetzelfde. De stijlmiddelen zijn over het algemeen ook goed weergegeven. Een goed voorbeeld is in regel 643 'sequitur sequiturque'. Dat is vertaalt met drie keer 'volgt' om de herhaling extra duidelijk te maken in het Nederlands.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.