Kosovo

Beoordeling 5.9
Foto van een scholier
  • Opstel door een scholier
  • Klas onbekend | 852 woorden
  • 7 oktober 2001
  • 19 keer beoordeeld
  • Cijfer 5.9
  • 19 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Deze spotprent gaat over de crisis die plaatsvond in Kosovo, Servië in de jaren 1998 en ’99. Negentig procent van de inwoners van Kosovo, een provincie van Servië, waren etnische Albanezen, en maar tien procent waren Serviërs. Kosovo wilde dan ook onafhankelijk worden van Servië, dit was tegen de zin van de toenmalige president Slobodan Miloŝeviæ. Hij duldde absoluut geen tegenspraak en liet dat ook merken.
In Kosovo werden de Albanezen onderdrukt, verkracht en vermoord. Zij probeerden dan ook te vluchten, maar de Serviërs hadden het gebied omsingeld en er kon niemand ontsnappen. De NAVO en de G8 (Canada, Duitsland, Engeland, Frankrijk, Italië, Japan, Rusland en de VS) hebben meerdere malen Miloŝeviæ tot de orde geroepen en nog vaker geprobeerd om een Miloŝeviæ een vredesovereenkomst te laten ondertekenen.

Na verscheidene mislukte pogingen besloot de NAVO om Servië en dus Kosovo te gaan bombarderen, uitsluitend op doelen zoals: wapenopslagplaatsen, vliegvelden (waarbij de gevechtsvliegtuigen van de Serviërs), wegen en bruggen (zodat Servië zou worden afgesloten van de buitenwereld), televisie- en radiostations.
Er werd nog voor één keer een beroep gedaan op de menselijkheid van Miloŝeviæ, d.m.v het verdrag van Rambouillet. Hier hadden alle partijen, inclusief Albanië, hun handtekening onder gezet maar tevergeefs: Miloŝeviæ gaf geen krimp en weigerde het verdrag te ondertekenen, dus besloot de NAVO met de luchtoorlog te beginnen. Bijna alle NAVO-landen (inclusief Nederland) stuurden gevechtsvliegtuigen met bemanning om te helpen met het bombardement. Op 24 maart begon de luchtoorlog tegen Servië met het neerhalen van MIG29 jager door een Nederlandse F16.
Zes weken later werd echter geconcludeerd dat de luchtaanvallen niet het gewenste resultaat opleverden. De verwachting dat Miloŝeviæ de Servische provincie Kosovo na verscheidene bombardementen zou overgeven aan een internationale troepenmacht was niet uitgekomen. De Britse premier Tony Blair was de eerste die het hardop durfde te zeggen: er waren misschien wel grondtroepen nodig om Servië d.m.v. een grondinvasie op de knieën te dwingen. Hij kreeg bijval van Clinton en ook Duitsland en Frankrijk sloten de keuze van grondtropen niet uit. Rusland bleef daarentegen een tegenstander van grondtroepen, ondanks het nog niet behaalde resultaat. Voor het inzetten van grondtroepen waren er vier denkbare scenario’s:

1. Veruit de aantrekkelijkste optie was via Macedonië, omdat het slechts een paar uur rijden was over de uitstekende snelwegen van de Griekse havenstad Thessaloniki naar Pristina, de hoofdstad van Kosovo. Probleem was dat Macedonië zei een NAVO-invasie vanaf zijn grondgebied niet toe te staan.
2. Het land had angst voor Servië, waar het zich (als enige staat van ex-Joegoslavië) vreedzaam van wist af te splitsen. Een ander probleem was dat de Grieken zich vanwege het orthodoxe geloof verbonden voelden met de Serviërs. Griekenland is weliswaar NAVO-lid maar er zou veel politieke druk nodig zijn geweest om Athene zo ver te krijgen de haven open te stellen.
3. De tweede optie was via de hervormingsgezinde Joegoslavische deelrepubliek Montenegro, dat ook zeehavens heeft. Toen er nog sprake van was dat Milosevic vrijwillig een internationale vredesmacht zou toestaan was deze verbinding een serieuze mogelijkheid. Nadat Milosevic zich met hand en tand ging verdedigen werd dit plan van de baan geveegd.
4. Het enige NAVO-land dat een grens met Servië heeft, Hongarije, zag niet graag een NAVO-invasie vanuit zijn land vertrekken. Het vreesde dat de Servische agressie zich dan zou richten op de circa 350.000 etnische Hongaren die in de grensstreek leefden.

4. Dan blijft Albanië over. Het land had al zijn vliegruim opengesteld voor de NAVO en was vanwege de moord op de Albanezen in Kosovo meer dan bereid om te helpen. Helaas ontbraken daarvoor de middelen. Albanië is het armste land van Europa en het wegennet is daardoor zeer slecht. De NAVO had heel wat genietroepen moeten inzetten om de 'wegen' in het berglandschap geschikt te maken voor het vervoer van zwaar materieel.

Uiteindelijk werd er niet gekozen voor het inzetten van grondtroepen omdat er, volgens de NAVO, was gekozen voor luchtaanvallen, dit zou dus ook zo blijven. Wekenlang hoopten de inwoners van Kosovo dat er alsnog grondtroepen zouden komen, uiteindelijk kwamen ook zij erachter dat de NAVO nooit zouden toegeven dat ze misschien fout zaten en er wel grondtroepen nodig waren.
Daar gaat deze spotprent ook over: het feit dat de inwoners bleven hopen dat er grondtroepen zouden worden gestuurd. Er was veel medeleven van andere landen. Er kwamen dan ook honderden tv-ploegen vanuit heel de wereld om al dit gruwel te filmen, zoals in de spotprent te zien is. Dit maakte voor de inwoners geen verschil, aandacht hoefden ze niet, vrijheid wilden ze. Die kregen ze ook, een maand nadat er voor het eerst over grondtroepen was gepraat. De president van Servië, Slobodan Miloŝeviæ gaf het op.
De NAVO kreeg het gelijk aan hun zijde, het was uiteindelijk effectief geweest, maar was het misschien niet sneller gegaan d.m.v grondtroepen? Dan waren er misschien wel veel minder doden en gewonden geweest, minder schade aan de infrastructuur, kortom minder leed en verdriet. Dat zal nooit iemand weten, misschien maar goed, anders was bewezen dat de grootste militaire macht ter wereld, de NAVO, immens grote beoordelingsfouten kan maken.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.