De NPO is bezig met een nieuwe interactieve videoserie voor scholieren, over persoonlijke dilemma's. Om de serie zo herkenbaar mogelijk te maken, hebben ze jouw hulp nodig. Ben je tussen de 15-18 jaar en wil jij meedenken? Vul de vragenlijst in (5 a 10 minuutjes) en maak kans op een Bol.com bon van 10 euro.

 


Meedoen


Inleiding

Met geschiedenis hadden we de opdracht gekregen om een werkstuk te maken met als hoofdvraag; “Wat voor leven was er op het VOC schip?”. We moesten dan +- 3 deelvragen bedenken als tussenkopjes.

Hoofdstuk 1 De bemanning op een VOC-schip

Een V.O.C. schip had op reis naar Azie een gemiddelde bezetting van 200 man. Dit aantal was veel groter dan nodig was. Maar een reis naar azie was zo gevaarlijk, dat slechts de helft, en vaak nog minder, van de bemanning terugkeerde in Amsterdam. De helft van de bemanning stierf door ziektes, vandaar dat er een soort 'reserve bemanning' mee ging op reis. Andere gevaren tijdens de reis waren schipbreuk, ruzie op het schip en piraten. Piraten kaapten schepen op de terugreis, nadat de schepen waren volgeladen met dure spullen. Hierbij verloor de V.O.C. niet alleen veel dure spullen, maar ook veel bemanning.
Op een V.O.C. schip gingen veel verschillende bemanningsleden mee. Doordat de reizen zo gevaarlijk waren wilden veel normale burgers niet mee. Hoe kwam de V.O.C. dan aan al die mensen? Scheepsvolk en soldaten verwierf de compagnie op speciale dagen in het jaar (denk aan een open dag op een middelbare school). De meeste mensen die op deze dagen kwamen waren zwervers, mensen met schulden en criminelen die nog een straf moesten uitzitten. Ook kwam het voor dat mannen in een cafe dronken werden gevoerd, waardoor zij heel gemakkelijk, zonder na te denken een contract tekenden.
Twee tot driehonderd man aan boord van een V.O.C. schip was heel normaal en al die mensen moesten een plaatsje zien te vinden. Het enige wat zij meenamen op hun reis was een hangmat en een kist met wat spullen. Maar 250 hangmatten plus 250 kisten nemen toch heel veel ruimte in.
Voor de zieken was er een ziekenboeg. Maar deze was veel te klein. Veel van de zieke mensen lagen tussen en tegen de mensen die nog niet ziek waren. Hierdoor werden er veel mensen besmet. Op het overloopdek, waar een groot deel van de bemanning verbleef, was het een grote puinhoop. Er leefden zo'n tweehonderd zeelieden en soldaten opeengepakt tussen hangmatten, matrassen en kanonnen. Ziekten, bedorven water, lichaamsgeuren en pislucht maakten het benedendeks (waar de wind niet kwam) bedompt en muf. Je kunt je voorstellen hoe erg het daar moest stinken.
Aan boord van de VOC-schepen heerste een strikte scheiding tussen bemanning enerzijds en bevelvoerende elite anderzijds. De elite leefde in betrekkelijke luxe in de verblijven op de kampanje. De leefruimten van de manschappen waren gelegen onderdeks en voor de grote mast. Zij moesten het niet wagen om zonder toestemming de kampanje te betreden; daar stonden strenge straffen op. In het algemeen woonde en sliep men waar men ook werkte. Dat wil zeggen dat de kok zijn verblijf had bij de kombuis, de timmerman bij zijn werkplaats en de roerganger in de stuurplecht enzovoort.

De elite aan boord van een VOC-retourschip verbleef in betrekkelijke luxe in de kajuit en de daarboven gelegen hutten op het achterschip. Het geheel van de dekken op het achterschip noemen we de kampanje. Men at daar van met linnen lakens bedekte tafels en dronk goede wijn terwijl hun maaltijden werden geserveerd. Dit in tegenstelling tot de gewone matrozen, die vóór de mast en onderdeks in groepen van zeven man uit één houten bak moesten eten.
Het schip stond in naam onder bevel van de opperkoopman. De schipper was aan deze gehoorzaamheid verschuldigd. Onder de schipper kwamen tal van officieren en onderofficieren, zoals de opper- en onderstuurman, de konstapel, de opper- en onderbarbier, de hoogbootsman, de provoost en anderen.
De Batavia vervoerde in 1628 naast 303 bemanningsleden eveneens 38 passagiers. Van hen verbleven de rijkeren ook op de kampanje.
Het leven aan boord was naar onze maatstaven keihard. Er was geen sprake van enige privacy, het eten was eentonig, het werk zwaar. Maar we moeten niet vergeten dat in de 17de eeuw het leven aan de wal vaak gedompeld was in diepe armoede. Voor velen betekende werken voor de VOC juist een ontsnapping uit die kommervolle omstandigheden en een kans op een beter bestaan. Aan het einde van de reis wachtte immers de gage (matrozen loon)

Hoofdstuk 2 De ziektes op een VOC-schip.

De eerste Nederlandse tocht naar Azië verliep rampzalig. Van de 249 man, keerden er maar 89 terug. Zij waren allemaal aan scheurbuik (een dodelijke ziekte) en andere ziekten overleden.
Een belangrijke oorzaak van ziekte en sterfte was de voeding. Gebrek aan vitaminen veroorzaakte scheurbuik. Het voedsel wat de bemanning te eten kreeg was vet en heel zout. Door zout aan voedsel toe te voegen bleef het namelijk langer goed. Maar van veel zout werd de bemanning ook erg dorstig. Het water dat werd meegenomen was na een paar maanden echter niet meer te drinken. Het stonk verschrikkelijk en moest met opeengeperste lippen worden gedronken, omdat anders ongedierte zoals torren, mee naar binnen kwamen.
De reizen die naar Oost-Indie gemaakt werden duurden erg lang, zo'n zes tot twaalf maanden. Je kunt je voorstellen dat er veel gebeurde op zo'n schip. Over de V.O.C. zijn dan ook ontzettend veel verhalen over de reizen die zij gemaakt hebben en wat zij in die verre landen allemaal deden en meemaakten.
Om te voorkomen dat zieke zeelui allerlei vreemde ziektes in Nederland zouden verspreiden moesten alle schepen in quarantaine. Wieringen werd de plaats hiervoor, om een aantal redenen. Ten eerste lag het eiland afgelegen genoeg om eventueel meegenomen ziektes afdoende te kunnen behandelen zonder het gevaar op een epidemie. Ten tweede lag Wieringen op de route naar Amsterdam, Hoorn en Enkhuizen, de grote Zuiderzee handelssteden. Veel schepen moesten in de buurt van Wieringen of Texel toch al stoppen om hun lading over te laden naar kleinere schepen, aangezien de Zuiderzee niet diep genoeg was voor de zwaar beladen schepen.
Zo gebeurde het dat alle schepen voor anker gingen voor de westkust van Wieringen, bij een punt dat tot op de dag van vandaag "de Quarantaine" wordt genoemd. De schepen werden geïnspecteerd en verdachte bemanningsleden moesten op Wieringen blijven, in het Quarantaine-centrum. Wanneer iemand echt ziek werd bracht men hem naar het Hospitaal in Den Oever. Dit hospitaal, of Gasthuis, bestaat al lang niet meer, maar leeft voort in de naam van de straat waaraan het eens was gelegen: de Gasthuisweg. Heden ten dage herinnert niets meer aan de Quarantaine-inrichting. Tijdens de aanleg van de korte afsluitdijk voor de Zuiderzeewerken zijn de laatste overgebleven barakken gesloopt.

Hoofdstuk 3 Muiterij op een VOC schip

In de nacht van 14 op 15 juni 1763 kwam tijdens het wisselen van de wacht een groep mannen het dek van het Oostindisch Compagnieschip Nijenburg oprennen al roepende: Duitsche Broeders, staat by! allon vat aan!
De muiters, georganiseerd in de zwavelbende, riepen op tot verzet tegen de officieren van het schip. Zo begon een van de beruchtste muiterijen uit de Nederlandse zeevaartgeschiedenis.
De Nijenburg was beladen met een kapitaal aan geld en goudstaven op weg naar Batavia om daar allerlei kostbare producten te kopen. De muiters hadden andere plannen. Kapitein Ketel werd gedwongen de steven te wenden naar Brazilië. Het schip bevond zich op dat moment ter hoogte van de Kaapverdische eilanden. De opvarenden gingen een tocht vol bedreigingen, diefstal en zelfs moord tegemoet. De muiters kwamen tenslotte aan op het (destijds Franse) eiland Cayenne, goed voorzien van VOC-goud uit de kluis van de Nijenburg. Daarmee leiden ze op het eiland een 'al te ongebonden leven', zodat ze door de autoriteiten ter plaatse werden ondervraagd en uiteindelijk door de mand vielen. De muiters werden in het openbaar, op een hoog duin bij Texel, ter dood gebracht. Zo kregen de uitvarende schepen een waarschuwing van wat de overheid voor muiters in petto had: radbraking, de galg of zelfs beiden. Het ooggetuige verslag van deze muiterij, dat een jaar later in Amsterdam verscheen, heeft in de achttiende eeuw enorme indruk gemaakt.

Hoofdstuk 4 De taken van de bemanning

In de achttiende eeuw bedroeg het aantal opvarenden van een schip tussen de 180 en 230. Ongeveer een derde van deze opvarenden waren mensen die als passagier meegingen. Kooplieden, ambachtslieden, ambtenaren en soldaten. De grootste groep aan boord werd gevormd door de bemanning. Uiteraard was de schipper of kapitein de hoogste man aan boord maar tot 1742 was in theorie de opperkoopman degene met de hoogste positie. Hieruit blijkt dat de handel voor de VOC op de eerste plaats stond. De officieren, zoals de stuurlieden waren verantwoordelijk voor de navigatie. Tot de onderofficiersfuncties behoorden de onderstuurlieden. De hoogbootsman had het toezicht op het staande en lopende want (de voortstuwing) van het schip, met name met dat van de grote mast. De hoogbootsmansmaat was verantwoordelijk voor de bezaansmast, terwijl de schieman de zorg droeg voor de fokkenmast. De schiemansmaat was de helper van de schieman en had speciale verantwoordelijkheid voor de boegspriet. De kwartiermeesters stonden tussen de groepen matrozen en de bootslui in. Zij hadden de directe controle over de manschappen, deelden het eten uit en zagen toe op de orde tijdens het schaften. Zij waren dan baakmeester. Voor het onderhoud van het schip waren er mensen mee zoals zeilmakers en timmerlieden. Kuipers hielden toezicht op het openen van de kuipen, vaten en dergelijke en zo nodig voerden zij hieraan reparaties uit. De kuipers werkten onder de bottelier, die zich bezig hield met de distributie van voedsel en drank onder andere aan de kok en zijn maat, die de gehele bemanning van voeding moest voorzien. De matrozen deden het overgrote deel van het scheepswerk, terwijl de soldaten moesten helpen indien dit noodzakelijk was. Deze soldaten die meevoeren waren bestemd voor dienst in Azië. Voor hen gold de reis dus als overtocht. De tamboer of trompetter gaf signalen bij de wisseling van de wacht. De scheepsjongens – tussen 10 en 16 jaar oud – verrichtten aan boord allerlei karweitjes. De zorg van orde en tucht aan boord was toevertrouwd aan de provoost.

Hoofdstuk 5 Bestraffingmethoden

Er waren twee soorten straffen: geldboete en lijfstraf. De straffen werden in het algemeen door de Scheepsraad, de Brede Raad of de Krijgsraad uitgedeeld. De Scheepsraad hield zich bezig met lichte lijfstraffen en geldboeten. Kapitale of criminele vergrijpen werden beoordeeld door de Brede Raad, welke werd gevormd door de Scheepsraad van het commandeursschip en de gezamenlijke kooplieden, schippers, onderkooplieden en opperstuurlieden van de vloot. Vergrijpen die waren gepleegd door soldaten werden door de Krijgsraad behandeld. Geldboeten werden meestal opgelegd via verbeurdverklaring van één of meer maandgelden. De lijfstraffen verschilden naar de aard van het vergrijp. Zo kende men opsluiting op water en brood, kastijding, geseling of het vastnagelen van de hand aan de mast met een mes. Het aan de ra lopen hield in dat men de gestrafte met een touw aan de ra bond, hem met lood verzwaarde en hem dan twee tot drie maal vanaf dit hoge punt in het water liet storten. Meestal werd dit gevolgd door het laarzen : het slaan van de veroordeelde met een knots of een dik touw. Bij ernstige misdrijven ging men over to het kielhalen van de betreffende persoon; waarbij deze drie maal onder de kiel van het schip werd getrokken. In andere gevallen kwam het voor dat de opvarende met wat voedsel en water op de eerste de beste kust aan land werd gezet en aan zijn lot werd overgelaten. Op muiterij (werkweigering of een machtsgreep) stond de doodstraf door ophanging aan de mast of door fusillering.

Conclusie

Natuurlijk was er leven op een VOC schip. Maar ook veel haalde het niet. Ze stierven aan ziektes zoals scheurbuik (een ziekte die veroorzaakt wordt door te kort aan vitamine C), of werden doodgemaakt door piraten..
Ook heb ik geleerd dat er vaak veel te veel mensen in een veel te klein schip werden gestopt, en er een erg groot verschil was tussen de verschillende bemanningsgroepen. De ene groep sliep tussen de zieken, en voedselvoorraden, de ander lag languit in de kajuit. Kortom, een heel verschil.
Veel verschillende mensen gingen mee met VOC schepen, om veel verschillende redenen. Om het dagelijks leven te ontsnappen, of om serieuzere redenen zoals hoop op vrijspraak van straf. Anderen werden dronken gevoerd en lieten ze een contract tekenen, kortom niet echt een betrouwbare bemanning, wat erg verontrustend was voor de kapitein, die ze in bedwang moest houden.

Literatuur lijst
Boeken (Geen)
Internetsites:

* http://www.bataviawerf.nl/batavia.htm
* http://www.pagowirense.nl/wr-ges4.asp
* http://montessori-infosite.kennisnet.nl/koo/vocalgemeen.html
* http://www.xs4all.nl/~terrainc/nijenb.html
* http://www.abeltasman.org/jeugd2.html
* http://www.atem.nl/VOC/VOC007.HTM




REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Kwantum

Kwantum

Mooi

7 maanden geleden

Antwoorden

gast

gast

Meike

Meike

Wat was ongeveer hun loon?

1 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

N.

N.

vind het heel leuk

2 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

F.

F.

haha stom

2 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

H.

H.

het is gew one eldig

2 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

A.

A.

supper werkstuk ik heb er super veel aangehad.. xxx

4 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

E.

E.

Plagiaat mag niet. Zo te zien is tekst bestraffing letterlijk van www.atem/voc

4 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

F.

F.

hee echt super goed! ik moet zelf ook een werkstuk maken en dit helpt me er echt bij!
voor mensen die ook zo'n werkstuk moeten maken heb ik een hele handige site:
http://www.voc-kenniscentrum.nl/index.html
Succes allemaal!!
Xx F

6 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

P.

P.

Super fijn hader veel aan vor me eigen werkstuk

6 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

S.

S.

kapot fijn dit werktstuk heb er kapot veel aan gehad met mijn werkstuk #ty

6 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

J.

J.

Hey,
Hardstikke goed werkstuk! Ik heb er echt veel aan (ben een verhaal voor school erover aan het schrijven)

7 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

E.

E.

Heii, ik vind je werkstuk hardstikke goed, ik heb er veel aan gehad dankje! (:

8 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

C.

C.

thanks kan hartstikkuh goed gebruike

14 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

I.

I.

hallow, ik zit op het LFC en ik moet precies zo'n verslag maken, grappug!!!!!

15 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

A.

A.

Heeeeeej

Suupr bedankt voor je werkstuk, ik heb er veel aan gehad!

Aline

16 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

R.

R.

Thanks!!!!!!!!!!!!!!!!!!

17 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

H.

H.

IK vind je voc werkstuk hartstikke goed!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!

17 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

M.

M.

hoihoi!
he ff bedankt dat je werkstuk over de VOC op de site stond heb er veel aangehad!!!
groetjes xxx
melissa

17 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast