Leesautobiografie

Beoordeling 7.1
Foto van een scholier
  • Leesautobiografie door een scholier
  • 4e klas vwo | 1783 woorden
  • 2 januari 2004
  • 35 keer beoordeeld
  • Cijfer 7.1
  • 35 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ADVERTENTIE
Studententijd zomerspecial

Heb jij de Zomerspecial van Studententijd de podcast al geluisterd? Joes, Steie, Dienke en Pleun nemen je mee in hun zomer vol festivals, vakanties en liefde. En kijken ook alvast vooruit naar de introductietijd van het nieuwe collegejaar. Luister lekker mee vanaf je strandbedje, de camping of onderweg. 

Luister nu!
Vroeger (de Basisschool)

Toen ik nog heel klein (ongeveer vijf of zes jaar) was en zelf nog niet kon lezen, lazen mijn ouders mij vaak voor. Mijn favoriete voorleesboek was “Jip en Janneke” geschreven door Annie M.G. Schmidt. Deze boeken gingen over een jongetje en een meisje die allerlei die allerlei dingen doen die kleuters leuk vinden, bijvoorbeeld koekjes bakken en naar de dierentuin. Dit boek sprak mij denk ik aan, omdat ik mijzelf in de verhalen kon herkennen.
Ook vond ik het boek “Rupsje, Rupsje Nooitgenoeg” een heel mooi boek. Ik weet helaas meer niet meer wie dit boek heeft geschreven, maar het ging over een rups die heel veel at. Ik vond dit altijd heel grappig, omdat die rups zo heel erg dik werd. Ook hield ik van sprookjes zoals “Roodkapje”en “Doornroosje”, want dan kon ik er later nog uren over fantaseren. Ik vond het heel leuk als mijn ouders mij voorlazen.

Op school vertelden ze altijd verhalen uit de bijbel, en die vond ik altijd heel leuk en spannend. Mijn lievelingsverhaal was het verhaal van Jonas, die opgegeten werd door een Walvis.
Toen ik ongeveer vijf jaar oud was en in groep 3 zat, begonnen we met het leren lezen van letters. We hadden dan kleine letterplanken waarop we met de letters woorden moesten maken. Dit vond ik in het begin heel leuk, maar ik leerde het heel snel en vond het daarom wat saai worden. De eerste boeken die ik begon te lezen waren “Maan, Roos, Vis”boeken. Dit zijn boeken met veel plaatjes en een paar zinnetjes tekst. Deze boekjes spraken mij nooit echt aan, ik vond ze heel saai. Daarna begon ik met Pinkeltjes. Deze boeken zijn geschreven door Dick Laan en gaan over een kabouter die allerlei avonturen beleefde. Deze boeken spraken mij zo aan omdat ik nog in kabouters geloofde.
Toen ik naar groep 5 en 6 ging las ik veel boeken uit de serie “De Vijf” geschreven door Enid Blyton. Ze gingen over een groepje van vier kinderen en een hond die altijd allemaal spannende avonturen beleefden. Deze boeken vond ik heel spannend, en ik hoopte zelf ook altijd zo’n soort avontuur te beleven.
Ik las toen ook heel graag boeken van Roald Dahl. Bijvoorbeeld het boek Matilda, dat gaat over een heel slim meisje die door haar ouders en schooldirectrice wordt verminacht. Ook heb ik het boek “Sjakie in de Chocoladewerkfabriek” gelezen. Het boek gaat over een heel arm jongetje die een kaartje wint voor een rondleiding in de wonderlijke chocolade- en snoepfabriek van een rijke meneer. De boeken van Roald Dahl vond ik altijd heel grappig, omdat ze volstaan met wonderlijke grappige dingen.
Ik hield niet zo van meisjes en paardenboeken zoals de “Chantal en Inge” serie en de “Jody” serie. “Chantal en Inge” ging over twee vriendinnen en “Jody” gaat over een meisje en haar paard. Ik vond deze boeken heel saai, omdat er nooit eens iets in gebeurde wat mij interesseerde. Het ging in die boeken altijd over verwaarloosde paarden of zomerkampen. Dit interesseerde mij niet, want ik hield van spannende avonturen.
In groep 7 en 8 las ik veel boeken uit de serie “Het kleine huis op de prairie” van de schrijfster Laura Ingalls-Wilder. Dit ging over een gezin dat leefde in Amerika in de tijd van de pioniers op de prairie. Het was een soort bewerkt dagboek van de jongste dochter uit het gezin. Deze boeken vond ik heel interessant, omdat je veel te weten kwam over het leven in die tijd.

Ook las ik veel van Jaques Vriens. Het boek “Achtste groepers huilen niet” vond ik echt heel mooi. Het boek ging over een meisje met leukemie en haar klas. Het boek zette me aan het denken over hoe het zou zijn als ik die ziekte zou hebben. Ik vond het ook heel zielig voor het meisje en ik was ook echt verdrietig toen ze uiteindelijk overleed in slot van het boek. “Meester Jaap” was ook een boek van Jaques Vriens. Het boek ging over een heel grappige meester en zijn klas. Dit boek vond ik heel grappig, omdat die meester altijd leuke dingen deed en zei.
Het boek “De hut van oom Tom” vond ik ook heel ontroerend. Het gaat over een slaaf, die wordt verkocht en een ellendig leven krijgt. Dit boek trof me echt, omdat ik het zo zielig vond voor die slaven. Ook vond ik het interessant, omdat het boek ook vertelde over de ondergrondse spoorweg die de slaven hielp te vluchten naar het vrije land.
Het boek “Oorlog zonder vrienden” van Evert Hartman, vond ik erg mooi. De hoofdpersoon in dit boek, is een zoon van een NSB’er. Ik vond het heel apart om eens door de ogen van die jongen te kijken naar de 2e Wereldoorlog omdat je in alle andere oorlogsboeken de oorlog meestal bekijkt door de ogen van leden van het verzet.
“Maar ik wil dansen” heb ik ook gelezen toen ik in groep 8 zat. Helaas weet ik niet meer wie de schrijver is. Het boek gaat over een jongen die talent heeft voor ballet, maar door zijn ouders niet word gesteund. Hij wordt zelfs tegengewerkt door zijn zus, die jaloers is op hem. Ik vond dit een ontroerend boek, omdat de hoofdrolspeler zo wordt tegengewerkt door iedereen en tocht zijn doel bereikt.
Ik hield niet echt van boeken uit de “Kippenvel” serie en ook niet van de “Griezelbus van Paul van Loon. Deze boeken gingen over dingen die echt niet konden gebeuren in het dagelijks leven en ik hield juist wel van boeken die echt gebeurt zouden kunnen zijn. Ik vond deze boeken zwaar overdreven.

Nu (de eerste, tweede en de derde klas)


In de 1e klas vond ik het boek “Ik mis je, Ik mis je” van Peter Pohl en Kinna Gieth heel mooi. Het boek gaat over een eeneiige tweeling, die toch heel verschillend van elkaar zijn. Als een van de zusjes door een ongeval om het leven komt, staat de ander er opeens alleen voor en neemt ze de rol over van haar overleden tweelingzusje. Het boek vond ik heel ontroerend, omdat het andere zusje er opeens alleen voor staat. Ik vond het ook heel zielig dat ze een schuldgevoel krijgt en dat ze wenst dat zij dood zou zijn in plaats van haar zusje.
Het boek “Buitenspel” van Evert Hartman vond ik niet echt mooi. Het verhaal gaat over een jongen die een beetje arrogant doet, en daardoor overal buitenstaat. Zijn vader verduistert samen met een vriend geld, en als zijn vaders vriend weet dat hij achter het verduisteringszaakje is gekomen, wordt de jongen gekidnapt. Ik kon me niet verplaatsen in de hoofdpersoon, ik leefde totaal niet met hem mee. Ik vond hem ook heel arrogant
Ook heb ik van Evert Hartman het boek “Morgen ben ik beter” gelezen. Dit gaat over een meisje dat van de een op de andere dag ziek wordt en wordt opgenomen in het ziekenhuis. Nadat ze na allerlei onderzoeken nog niet het gevoel heeft dat ze beter is besluit ze maar gewoon naar huis te gaan. Ik vond dit een heel grappig boek, omdat de hoofdpersoon gewoon naar huis gaat als ze genoeg heeft van alle onderzoeken. Ook kon ik me goed inleven in de hoofdpersoon, omdat het een meisje van ongeveer mijn leeftijd was met dezelfde ideeën als ik.
“Zusjes”van Audrey Coulimbis gaat over een meisje dat na het overlijden van haar babyzusje bij haar tante gaat wonen, omdat haar moeder is ingestort. Dit vond ik een zielig boek, omdat door het overlijden van het babyzusje het hele gezin uit elkaar wordt gerukt. Het boek heeft een diepe indruk op me gemaakt omdat ik zelf een klein zusje heb en ik dacht steeds hoe ik zou reageren als zij zou overlijden.
Het boek “Bittere Chocolade”van Mirjam Pressler vind ik een heel mooi boek, omdat ik mij heel erg in kan leven in de hoofdpersoon. Het gaat over een meisje dat heel onzeker over zichzelf is, en zichzelf echt haat. Ik vond het heel knap van de hoofdpersoon dat zij uiteindelijk toch anders over zichzelf is gaan denken.
Het boek “Meisjes van de Suikerwerkfabriek” vond ik niet zo mooi. Het zijn allemaal korte verhalen over allerlei verschillende onderwerpen. Ik vond het niet zo mooi, omdat ik niet van korte verhalen houd. Altijd als je net in het verhaal begint te komen, is het alweer afgelopen.
Toen ik op de basisschool zat en ook nog een klein beetje in de onderbouw, vond ik het heel belangrijk dat er in een verhaal een avontuur gebeurde. Nu vind ik het belangrijk dat het juist een verhaal is dat in het dagelijks leven ook zou kunnen gebeuren.
Nog steeds vind ik het belangrijk aan een boek, dat het een lang verhaal is en niet zomaar korte verhaaltjes. Ook moet het niet te vaag worden, er moet wel een duidelijk verhaal inzitten het moet niet steeds van de hak op de tak springen.
Mijn smaak is in de afgelopen jaren wel veranderd. Zo houd ik nu niet meer van verhalen waarin heel onwerkelijke avonturen gebeuren, zoals soms in de serie “de Vijf”, terwijl ik die toen heel leuk vind. Ook het boek “Achtste Groepers huilen niet” van Jacques Vriens heb ik een paar weken geleden weer voor de tweede keer herlezen. Als ik hem nu teruglees vind ik hem nog steeds wel mooi, maar lang niet meer zo mooi als drie jaar geleden. Ook vond ik vroeger een boek mooi als ik heel veel van mezelf in een hoofdpersoon herkende. Nu kan ik ook een boek heel mooi vinden als ik niks van mezelf herken in een hoofdpersoon.
Op dit moment houd ik van boeken die gaan over mensen die iets meemaken, wat in het echt ook zou kunnen gebeuren. Dus bijvoorbeeld een verhaal over een vluchteling uit een oorlog. Of over iemand die een ingrijpende operatie moet ondergaan. Maar ik vind ook sommige boeken mooi, die helemaal niet echt kunnen gebeuren. zoals “Harry Potter”.

Toekomst


Ik denk in de toekomst boeken te gaan lezen over dingen die echt kunnen gebeuren of echt gebeurd zijn. Deze boeken trekken mij zo aan omdat ik me dan beter in kan leven in de hoofdpersoon. Ik denk dat mijn smaak nog wel weer gaat veranderen, omdat ik denk ik nog te weinig boeken heb gelezen om echt bij een type te blijven, misschien zijn er nog boeken die me nou heel erg saai lijken, en die ik over drie jaar helemaal geweldig vind.
Het boek “De Tweeling” van Tessa de Loo lijkt me heel mooi, omdat mijn moeder me hierover verteld heeft. Of de “Passievrucht” omdat we daar in de klas over gesproken hebben.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.