Sonnet 7 + Manger le pianiste?

Beoordeling 6
Foto van een scholier
  • Gedichtbespreking door een scholier
  • havo | 1136 woorden
  • 9 december 2002
  • 69 keer beoordeeld
  • Cijfer 6
  • 69 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Frans Gedicht 1


1 Het gedicht

Sonnet 7

Je vis, je meurs: je me brule et me noie.
J¹ai chaud extreme en endurant froidure:
La vie m¹est et trop molle et trop dure.
J¹ai grands ennuis entrmeles de jolie:

Tout a un coup, je ris et je larmoie,
Et en plaisir maint grief tourment j¹endure;
Mon bien s¹en va, et a jamais il dure;
Tout en un coup je seche et je verdoie.

Ainsi Amour inconstamment me mène;
Et, quant je penser je me trouve hors de peine.


Pui, quand je crois que ma joie est certaine,
Et etre au haut de mon desire heur,
Il me remet en mon premier malheur.

Louise Labe


1.2 Vertaling

Ik heb het stevig te pakken, ik sterf : ik verbrand en verdrink.
Ik heb het verschrikkelijk warm en doorsta kou:
Het leven is én te week én te hard.
Ik draag grote lasten afgewisseld met vreugde:

Alles tegelijk, ik lach en ik huil,
En met plezier doorsta ik veel ernstige kwellingen:
Het gaat goed met mij, zolang het duurt;
Alles tegelijk: ik verdor en ik bloei op.

Zo sleept de liefde me constant mee;
En, als ik denk nog meer verdriet te krijgen,

ben ik, zonder over na te denken, buiten straf.

Daarna, als ik verzekerd denk te zijn van mijn vreugde
En op het hoogtepunt van mijn gewenst geluk,
Zet hij me terug in mijn eerste ongeluk.

2 Formele kenmerken

2.1 Strofenbouw
4 strofen: twee van vier regels en twee van drie met witregels er tussen.
2.2 Rijm
rijmschema: ABBA, ABBA, CDC, CDD
assonantie: regel 8: tout, coup
alliteratie: regel 4: ennuis, entremeles
regel 2: extreme, en, endurant
regel 9: ainsi, amour
volrijm: (zie rijmschema)


3 Verklaring van opvallende voorbeelden van beeld spraak en stijlfiguren

3.1 Beeldspraak: Er zijn een soort personificaties in: regel 1, regel 3 en regel 8.
3.2 Stijlfiguren: Er zijn heel veel tegenstellingen en hyperbolen.


4 Interpretatie

4.1 Het gedicht is geschreven door iemand die ontzettend verliefd is en daardoor allerlei gevoelens tegelijk heeft.
4.2 Antwoorden op de vragen

a Vooraf
1 Gedichten die ik al heb gelezen:
- ŒDe idioot in het bad¹ van M. Vasalis
- ŒDe moeder de vrouw¹ van M. Nijhoff
- ŒAlpenjagerslied¹ van P. van Ostaijen
2 Over de vorm van die gedichten:
Het Alpenjagerslied heeft geen rijmschema, het heeft een heleboel tegenstellingen en bijna alles wordt herhaald.
Het gaat over twee heren die elkaar op een helling passeren en dan voor een
beroemde hoedenwinkel elkaar groeten door hun hoeden even af te nemen.
De mannen zijn trots op hun hoge hoeden, want een hoge hoed is een statussymbool.
3 Verschillende soorten liefde: ouder-kind, vriendschap, dierenliefde, verliefdheid etc b Tijdens het lezen
1 Thema: verliefdheid
2 De beelden zijn heel tegengesteld, positief en negatief
3 Ze ervaart de liefde als heel verwarrend en tegenstrijdig.
c Achteraf
1 Ja, soort: verliefdheid. Ik denk dat dit gedicht het gevoel daarvan probeert uit te
drukken.
2 ABBA, ABBA, CDC, CDD


4.3 Informatie over de dichter

Louise Labe (1524-1566) werd in de buurt van Lyon geboren. Ze werd opgevoed volgens de ideeen van de Renaissance. Zij speelde fluit en sprak Italiaans. Zij protesteerde in daad en woord tegen de ondergeschikte positie van de vrouw. Haar oeuvre bestaat uit drie treurdichten en 23 sonnetten.
Zij is een volgeling van Petrarca.



Frans Gedicht 2


1 Het gedicht

Manger le pianiste?

Manger le pianiste ? Entrer dans le Pleyel ?
Que va faire la dame enorme ? L¹on murmure...
Elle racle la gorge et bombe son armure:
La dame va chanter. Un oeil fixant le ciel.

- L¹autre suit le papier, secours artificiel -
Elle chante. Mais quoi ? Le printemps? La ramure ?
Ses rancoeurs d¹incomprise et de femme trop mure?
Qu¹importe! C¹est très beau, très long, substantiel.

La note de la fin monte s¹assied, s¹impose.
Le buffet se prépare aux assauts de la pause.
³Après, le concerto?... - Mais oui, deux clavecins.²

Des applaudissements à la dame bien sage...
Et l¹on n¹entendra pas le bruit que font les seins
Clapotant dans la vasque du corsage.


1.2 Vertaling

De pianist opeten ?

De pianist opeten? De piano ingaan?
Wat gaat die enorme dame doen? Men fluistert ....
Ze schraapt haar keel en bolt haar harnas:
De dame gaat zingen. Eén oog naar de hemel

- Het andere volgt het papier, kunstmatige hulp -
Zij zingt. Maar wat? De lente ? De takken ?
Zijn wrok onbegrepen en de vrouw rijper ?
Wat doet het er toe! Het is erg mooi, erg lang, rijk aan inhoud.

De noot aan het einde stijgt, gaat zitten, laat zich gelden.
Het buffet bereidt zich voor op de bestorming in de pauze.
³Na, het concert?... -Jazeker, twee clavesimbels.²

Het applaus voor de wijze dame...
En men zal het geluid dat haar borsten maken niet niet vernemen
Klotsend in het vaasje van het corsage.

2 Analyse van de formele kenmerken

2.1 Strofenbouw
vier strofen: twee van vier regels en twee van drie, met witregels er tussen.
2.2 Rijm
rijmschema: ABBC, CBBC, DDE, FEF.
assonantie: regel 8 : c¹est, tres
regel 10: aux, assauts, pause
allitiratie: (niet)
volrijm: (zie rijmschema)


3 Verklaring van opvallende voorbeelden van beeld spraak en stijlfiguren

3.1 beeldspraak: hele duidelijke personificaties in regel 9 en 10
3.2 stijlfiguren : een climax in regel 9, een hyperbool in regel 10 en ironie in regel 8 (en eigenlijk door het hele gedicht heen.)


4 Interpretatie

4.1 Het gedicht gaat over iemand die naar een voorstelling kijkt waar hij niets aan vindt en niets van snapt. Er staat een enorme vrouw te zingen, maar hij weet niet waar ze het over heeft. Hij beschrijft de voorstelling zoals hij die ervaren heeft.

4.2 Antwoorden op de vragen

d Vooraf
1 Ik geloof niet dat ik ooit naar een klassiek concert geweest ben. Ik kan het me niet herinneren.
2 Tijdens een saaie voorstelling zou ik, als ik niet weg zou kunnen, gaan letten op de kleding die men draagt. Hoe men beweegt, ik zou gaan bedenken wat ik veranderd zou hebben in de regie om het minder saai te maken. Of ik let op de zaal en het publiek. Dat soort dingen.
e Tijdens het lezen
1 De verteller is in een theater, zo iets dergelijks.
2 ŒOn¹ betekent Œmen¹ en dat is hier het publiek. Dit komt terug in de een na laatste
regel.
3 ³Après .. clavesins² wordt tijdens het buffet in de pauze door het publiek gezegd.
4 ŒS¹assied¹ betekent gaan zitten. Noten kunnen dat niet, het is beeldspraak.
5.¹Corsage¹ wordt zowel in het Nederlands als in hetFrans gebruikt.
f Achteraf
1 De auteur geeft het beeld van het publiek het heel interesant vindt, maar hij niet.
Dat komt naar voren in het hele gedicht, vooral door de woorden in regel 8 en 12. 2 Nee, het is ironisch bedoeld, hij vindt dit juist niet.
3 De dichter schreef dit gedicht om zijn gevoel te uiten over een saaie voorstelling en
zijn lezers te amuseren met zijn ironische verwoording.

4.3 Informatie over de dichter

Jean Pellerin (1885-1959) was journalist en auteur van Lecopiste indiscret. Dit sonnet komt uit zijn bundel Le Bouquet inutile (1923).

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.