Ze verdrinken ons dorp door An Rutgers van der Loeff

Beoordeling 7.8
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 3e klas vwo | 2664 woorden
  • 4 juli 2007
  • 46 keer beoordeeld
  • Cijfer 7.8
  • 46 keer beoordeeld

Eerste uitgave
1957
Pagina's
135
Oorspronkelijke taal
Nederlands

Boekcover Ze verdrinken ons dorp
Shadow
Ze verdrinken ons dorp door An Rutgers van der Loeff
Shadow
ADVERTENTIE
Studententijd zomerspecial

Heb jij de Zomerspecial van Studententijd de podcast al geluisterd? Joes, Steie, Dienke en Pleun nemen je mee in hun zomer vol festivals, vakanties en liefde. En kijken ook alvast vooruit naar de introductietijd van het nieuwe collegejaar. Luister lekker mee vanaf je strandbedje, de camping of onderweg. 

Luister nu!
A. Zakelijke gegevens.
Auteur: An Rutgers van der Loeff
Titel van het boek: Ze verdrinken ons dorp
Illustraties: Carl Hollander
Uitgeverij: Wolters-Noordhoff, uitgegeven met licentie van Ploegsma
Jaar van verschijnen: 1992 (Jonge lijsters 1992 nr. 3)
B. Korte uitleg
We hebben dit boek gekozen omdat de titel en de tekst op de achterkant van het boek ons erg aanspraken. We vonden het boek in de mediatheek en omdat we nog geen boek hadden gekozen hebben we hier voor gekozen.
C. Eerste persoonlijke reactie

Toen ik net aan het boek begonnen was vond ik het een beetje saai, maar naarmate ik verder las begon ik het steeds leuker te vinden. Ik vind dat het verhaal heel realistisch geschreven is. Je proeft de sfeer als het ware en daarom vind ik het boek heel mooi geschreven. Het verhaal is een beetje droevig en somber. De schrijfster laat dat goed merken in de manier van schrijven. Dat vind ik goed. Er wordt heel veel verteld in een toch best kort verhaal. Daardoor wordt het verhaal niet zo langdradig en is het leuk om te lezen.

Ik vond het verhaal spannend en begrijpend. Toen ik een paar bladzijdes van het boek had gelezen wou ik graag weten hoe het verhaal afliep. De onplezierige situatie die de personages mee maakte vond ik spannend omdat je jezelf afvraagde hoe de hoofdpersonen erover denken. Ik vind de manier van handelen van de hoofdpersonen begrijpend omdat ik denk dat ik in die situatie misschien wel hetzelfde had gehandeld. Het lezen van het boek heeft wel meer tijd gekost dat ik dacht dat ik erover zou doen. Maar omdat het verhaal wel spannend was maakte het me niet veel uit dat ik het boek moest lezen.
D. Korte samenvatting van de inhoud.
Op een dag krijgt het kleine Franse bergdorp St. Sylvestre je te horen dat er een stuwdam gebouwd zal worden en tot het dorp onder water zal komen te staan. De rivier de Casse bonne die daar door het dal loopt moet op de plaats van St. Sylvestre een stuwmeer gaan vormen. De ouderen zijn daar heel kwaad en verdrietig over, maar de jongeren zien er ook de positieve kanten van in, namelijk dat de stuwdam aan een groot deel van Frankrijk energie kan gaan leveren.
In het dorp wonen Pépé en zijn kleinkinderen. Pépé woont er al zijn hele leven en heeft er altijd hard gewerkt. Als hij hoort dat hij weg uit het dorp moet wordt hij woedend en ook heel verdrietig. Op een gegeven moment wordt hij zo boos dat hij zijn geweer wil pakken en op iedereen wil schieten die iets met de stuwdam te maken heeft. De volgende nacht gaan zijn kleinkinderen het geweer verstoppen, omdat het bezitten van een geweer streng verboden is. Tegen pépé zeggen ze dat het geweer door de gemeente opgehaald is, maar dat hij niet gestraft zal worden, omdat zij al zo oud is.
Een tijdje later wordt er een tocht georganiseerd naar de stuwdam. Het lukt Pépé’s kleinkinderen om hem mee te krijgen naar de stuwdam. Het elektriciteitsbedrijf biedt alle inwoners van het dorp een rondleiding aan door de dam. Een van Pépé’s kleinkinderen, Pierre is heel erg onder de indruk van de dam. Hij neemt zich voor om later te gaan leren zodat hij zelf daar kan gaan werken. Pépé wordt juist heel boos als hij de dam ziet. Hij wordt zelfs zo boos dat hij besluit om naar de president te gaan! Hij denkt dat de president niks van de stuwdam afweet. Zijn kleinkinderen gaan met hem mee. Ze gaan liften. Daardoor doen ze er wel een paar dagen over om in Parijs te komen. Terwijl de kinderen juist heel erg onder de indruk zijn van Parijs wordt Pépé juist woedend als hij de drukke, grote, stinkende stad zonder bergen ziet. Pépé besluit voor het paleis van de president te gaan wachten tot hij thuis komt. Hij weet dan nog niet dat hij de president helemaal niet mag spreken zonder een verzoekbrief in te hebben gestuurd. Net voordat de president thuis komt wordt Pépé overreden en breekt daarbij een been. Hij wordt direct naar het ziekhuis gebracht met de ambulance. Hij blijft daar ongeveer 3 dagen. Een van de zusters schrijft voor hem een verzoekbrief. Hij heeft geluk, want hij wordt bij de president uitgenodigd. De kinderen verblijven zo lang in een zwervershuis. Francine, Pépé’s kleindochter mag zolang in het klooster logeren.
Direct nadat Pépé uit het ziekenhuis is mogen ze naar de president. Pépé is heel erg hoopvol. Hij denkt dat de president de stuwdam onmiddellijk verbiedt, maar hij heeft het helemaal mis. Nadat ze heel hartelijk door de president ontvangen zijn laat de president Pépé weten dat hij de stuwdam een goed plan vindt. Pépé voelt zich verslagen. Hij had alle hoop op de president gevestigd. De president biedt ze wel een lift naar huis aan.

Als ze weer thuis zijn is het water al heel ver gestegen. Dat betekent dat iedereen nu moet evacueren. Pépé kan in het bejaardenhuis gaan wonen. Ook zijn kleinkinderen kunnen met hun vader in het nieuwe dorp Rambaille gaan wonen. Pépé heeft geen keus, hij moet in Rambaille gaan wonen, maar hij voelt zich daar diep ongelukkig en is heel verdrietig. Op een dag dat zelfs de hoge spitse kerktoren van hun oude dorp al ver onder water staat wil Pépé gaan vissen. Hij vaart alleen zo ver het meer op dat hij in een gevaarlijke stroming terecht komt. Hij valt overboord en verdrinkt. Zijn kinderen zien het gebeuren maar het is al te laat. Pépé zinkt naar zijn oude verdronken dorp terug. Er wordt een schitterende begrafenis gehouden en iedereen vindt dat dit de mooiste dood voor Pépé is. Hij komt immers weer terug in zijn oude, maar verdronken dorp.
E. Bespreking van de verhaalaspecten
Het verhaal is fictie maar gebaseerd op de werkelijkheid.
Alleen zijn er andere namen van het dorp en de overige benamingen.
Er zijn niet al te veel open plekken in het verhaal, maar ze zijn er wel ongeveer een normale intensiteit.
Er komen ook enkele spanningsbogen in voor zoals wat er met hun gaat gebeuren als de sluizen van de dam dicht gaan.
De opbouw is de logisch-chronologische volgorde. Het begin is “in medias res”.
Tussen het begin en eind verloopt ongeveer 2 maanden. Er komen geen flashbacks in voor, maar wel enkele tijdsprongen aan het einden en in het midden.
De verteltijd: 30 min per 10 blz.
Thema: De dam die het dal afsluit.
Enkele motieven:
verhouding Pépé/Pierre
Opblazen dam
Soldaten in dorp
Complotten theorie
De vertelsituatie is voornamelijk “de alwetende verteller” maar ook de personale vertelsituatie komt erin voor.
De ruimte is een klein dorp in een donker dal vol met sneeuw. Vanaf dat dorp kan je de dam overal bovenuit zien stijgen. En dan nog het rijzende water dat steeds hoger komt. Het heeft een oude dorps kerk en enkele wat modernere gebouwen. Het heerst daar een donker sfeertje en het dorp is ook nog omringd met soldaten die ook af en aan door het dorp rijden.
F. Grondige beschrijving leeservaringen
A. Onderwerp
Het onderwerp heeft me zeker aangesproken. Ik ben er nu over gaan nadenken dat er mensen zijn die in een situatie komen waarin ze hun huis moeten verlaten. Door het onderwerp van het boek heb ik meegekregen hoe de mensen zich voelen als ze hun dorp moeten verlaten. Ik heb van dit boek geleerd dat er een mogelijkheid is dat je je huis moet verlaten zonder dat je dat wilt. Door het lezen van het boek heb ik meer begrip en medelijden gekregen met de mensen die tegen hun zin hun huis en dorp moeten verlaten. Ik vond verrassend dat een belangrijk persoon van het boek op de laatste bladzijde verdrinkt. Maar dat heeft me niet veel gedaan omdat ik mezelf niet in deze persoon kon herkennen. Ik ben het eens over de mening van de schrijver over het onderwerp. Ik denk dat ik er op dezelfde manier over het onderwerp denk dan de schrijver. Ik vind wel dat de situatie in het boek mij een gekleurd beeld geeft. Omdat ik eigenlijk alleen lees over de mensen die er nadeel van de situatie hebben. Over de mensen die voordeel van de situatie hebben lees je weinig.
B. Gebeurtenissen
Het verhaal bevat volgens mijn mening genoeg gebeurtenissen. Er is 1 hoofdgebeurtenis die lang duurt. Daartussen spelen zich kleinere gebeurtenissen af, hierdoor wordt het boek niet saai. Ik vind de volgorde van de gebeurtenissen goed en makkelijk te begrijpen doordat ze chronologisch gebeuren. De hoofdgebeurtenis vind ik schokkend en spannend omdat ik er niet er eerder bij stil heb gestaan dat de hoofdsituatie veel mensen zouden kunnen overkomen. Ik vond het dan ook spannend en het maakte me ook nieuwsgierig hoe de hoofdpersonen om de belangrijkste gebeurtenis van het boek zouden reageren. Zoals ik al eerder heb verteld heeft het boek me wel aan het denken gezet over de situatie. Omdat de situatie zo maar mogelijk is in de realiteit. De belangrijkste gebeurtenis die de meeste indruk op me gemaakt is dat er een hoofdpersoon dood gaat. Dat heeft veel indruk op mij gemaakt omdat je toch met die persoon meevoelt.
C. Personages
Pépé en zijn kleinkinderen zijn de hoofdpersonen die in het verhaal spelen. Pépé is een oude man die ongeveer 70 jaar oud is en hij wordt later in het verhaal nog ouder. Hij is een chagrijnige man die snel geïrriteerd en boos wordt. Pépé is de belangrijkste persoon die in het verhaal speelt want, alle dingen die er gebeuren in het verhaal hebben met hem te maken en hij probeert dat ook op te lossen, maar het lukt hem niet en uiteindelijk sterft hij. Zijn kleinkinderen zijn ook belangrijke personen die in het verhaal spelen, want elke keer als Pépé iets geks wil doen proberen zijn kleinkinderen hem tegen te houden. De kinderen zijn rustige en gewone kinderen die hun opa helpen met allerlei dingen.
De kleinkinderen:
Jean Jaques: is erg gesteld op zijn broer Pierre, hij is zelf een angsthaas.
Pierre: Zegt niet veel in het boek heeft veel moed houd er niet van als zijn broer de hele tijd bij hem hangt.
Francine: de jongste van het stel probeert altijd lief te zijn tegen andere is erg behulpzaam.
Leontine: Je komt over haar niet veel te weten, alleen dat ze in een hotel werkt.
De hoofdpersoon (Er is er geen, maar heb gekozen voor Pierre) is iemand op wie ik niet wil lijken, omdat hij in het verhaal nogal duister doet, niet veel zegt en meestal hard reageert. Pierre heeft een eigenschap die ik echter bewonder en dat is moed. Pierre ging voor mij toch wel leven, omdat je zijn gedachten hoort en veel over hem te weten komt.
Pierre lijkt erg veel op een echt mens, terwijl Jean Jacques je meer doet denken van niet.
De personages reageren best voorspelbaar, maar toch verwacht je sommige dingen niet.
Het meeste kom je te weten van Pierre en Jerome (oftewel Pépé). Je krijgt er zoveel van te weten dat je hun gedrag heel goed kan begrijpen. Ik ben vooral eens met de beslissing dat Pierre in een waterkracht centrale wil werken en dat hij daar een opleiding voor wil doen.
Ik vind dit, omdat ik later ook wat wil doen in de elektrotechniek. De manier waarop Pierre zijn problemen oplost zijn voor mij toch wel raar. Ik zou het zelf heel anders aanpakken.
Er is een leefregel van Pierre die met mij enigszins overeenkomt met de mijne, namelijk gaan voor wat je later wil worden koste wat het kost.
D. Opbouw
Hoewel het verhaal vrij kort is komen er toch vrij veel gebeurtenissen in voor, een aantal grote en een aantal wat kleinere en minder belangrijke gebeurtenissen. Ik vind dat al die gebeurtenissen goed met elkaar samenhangen omdat ze allemaal wel met elkaar te maken hebben. Daardoor wordt het verhaal ook best spannend, vooral op het einde van het boek, want dan volgen heel veel gebeurtenissen elkaar heel snel op. Ik vind het verhaal heel boeiend , omdat het onderwerp mij erg aanspreekt. Een klein Frans bergdorp moet onder water komen te liggen, omdat er een stuwdam gebouwd is. Ik vind dat het verhaal goed opgebouwd is een daardoor is het ook leuk om te lezen. De zinnen zijn niet te kort of te lang en het taalgebruik vind ik heel goed. Er komen niet veel lastige woorden in voor, maar het is ook niet kinderachtig geschreven of zo. De bouw van het verhaal past wel bij het onderwerp, maar als het verhaal bijvoorbeeld in de ik-vorm stond zou het ook nog goed bij het onderwerp passen. Er zitten in het verhaal bijna geen terugblikken of herinneringen en dat vind ik goed aan het boek. Het boek is namelijk best wel dun en als er dan heel veel terugblikken in zouden zitten zou het verhaal wel heel kort worden. Aan het einde van het boek zijn alle problemen opgelost, maar het verhaal loopt droevig af want er gaat iemand dood. Ik had aan het einde dus geen vragen meer of zaken die ik niet begreep.
E. Taalgebruik
Het verhaal is goed te lezen, omdat de zinnen niet veel moeilijke woorden bevatten en de zinnen zijn ook niet te lang. In het verhaal komen veel beschrijvingen in voor en wat minder gesprekken, maar ik vind niet dat het verhaal daardoor saai wordt. Ik vind het ook wel logisch dat er veel beschrijvingen zijn omdat het maar een dun boek is. Het taalgebruik vind ik goed bij dit soort verhalen passen, niet te eenvoudig, maar ook zeker niet te moeilijk.
G. Verwerkingsopdracht
Hoe verandert de hoofdpersoon tijdens het verhaal en waarom verandert hij?
Pépé is in het hele boek een chagrijnige oude man die tegen de stuwdam is. Hij heeft zijn hele leven al in het dorp (St, Sylvestre) gewoond en heeft daar ook hard gewerkt. Daarom wil zij er nooit weg. In het eerste deel van het boek voert hij dan ook hevige actie tegen de dam. Op een gegeven moment brengen zijn kinderen op het idee om naar de Franse president te gaan. (Het verhaal speelt zich af in Frankrijk) Hij richt alle hoop op hem. Hij denkt dan de president een goede man is en dat hij ook tegen de dam zal zijn, maar dat blijkt helemaal niet waar te zijn. De president is juist vóór de dam. Daardoor wordt Pépé heel moedeloos en wordt hij veel minder opvliegerig. Hij voelt zich heel verloren en naarmate het verhaal verder loopt wordt hij steeds moedelozer. Aan het eind van het boek overlijdt hij. Het is waarschijnlijk geen zelfmoord, maar ik denk wel dat hij liever dood ging.
H. Informatie over de auteur
An Rutgers van de loeff is geboren in 1910 en overleden in 1990. Toen ze klein was had An niet veel interesse in schrijven maar toen ze later een groot schrijfbureau erfde begon ze te schrijven. Nadat ze op school klassieken talen had gestudeerd schreef ze haar eerste echte boek namelijk : De kinderkaravaan. (1949). Daarna volgen andere bekenden boeken van haar zoals : Mens of wolf, Rossy dat krantenkind , Lawines razen. Haar speciale manier van schrijven is dat ze het publiek serieus neemt en vind dat kinderen veel verantwoordelijkheden hebben. Voor dat ze een boek gaat schrijven gaat ze eerst ergens inspiratie zoeken. Meestal is dat in het buitenland zo ook dat in dit boek is. Waarbij ze in een Frans dorpje is geweest die onderwater werd gezet, vanwege de elektriciteitscentrale. De meeste van haar boeken zijn een waargebeurd verhaal met wat verzonnen personages. Veel van haar boeken kregen te maken met problemen in de samenleving. Haar werk is gewaardeerd door veel mensen en hierdoor heeft ze ook vele prijzen voor haar boeken gekregen. In 1934 is ze getrouwd en heeft daarna 4 nakomelingen gekregen. De laatste 5 jaar van haar leven heeft ze doorgebracht in een bejaardentehuis.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

T.

T.

Peter een buitengewoon goed verlsag puik werk jongen

14 jaar geleden

A.

A.

Exht super slecht

6 jaar geleden

Andere verslagen van "Ze verdrinken ons dorp door An Rutgers van der Loeff"