Warenar door P.C. Hooft

Beoordeling 6.9
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 5e klas vwo | 3097 woorden
  • 7 april 2007
  • 44 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.9
  • 44 keer beoordeeld

Boek
Auteur
Genre
Taal
Nederlands
Vak
Eerste uitgave
1617
Pagina's
96
Geschikt voor
bovenbouw vwo
Punten
4 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Literaire thema's

Boekcover Warenar
Shadow
Geld en liefde - wie droomt er niet van? P.C. Hooft bewerkte het eeuwenoude thema tot het blijspel 'Warenar', over een achterdochtige vrek en zijn zwangere dochter. De komische verwikkelingen rond een pot met geld en een opgedrongen huwelijk spelen in het hartje van Amsterdam, waar arm en rijk naast elkaar wonen. De vrek en de rijkaard, het meisje en de minnaa…
Geld en liefde - wie droomt er niet van? P.C. Hooft bewerkte het eeuwenoude thema tot het blijspel 'Warenar', over een achterdochtige vrek en zijn zwangere dochter. De komi…
Geld en liefde - wie droomt er niet van? P.C. Hooft bewerkte het eeuwenoude thema tot het blijspel 'Warenar', over een achterdochtige vrek en zijn zwangere dochter. De komische verwikkelingen rond een pot met geld en een opgedrongen huwelijk spelen in het hartje van Amsterdam, waar arm en rijk naast elkaar wonen. De vrek en de rijkaard, het meisje en de minnaar, de dienstmeid en de boekhouder, allemaal houden ze het publiek een spiegel voor. 'Warenar' werd de succesvolste komedie van de Gouden Eeuw.
Warenar door P.C. Hooft
Shadow
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!
Titel: Warenar
Schrijver: P.C. Hooft
Uitgever: N.V. W. J. Thieme & Cie, Zutphen.
Eerste druk: 1617
Derde druk(boekje): 1967 Leiden

Analyse:
Titelverklaring: ‘Warenar’ kun je zien als ‘ware nar’, de echte dwaas. De titel van het spel wordt ook als ‘Ware-nar’ geschreven. Warnar is de hoofdpersoon van dit verhaal en een echt gierigaard. Om hem draait het verhaal. Dus de titel zal van hem zijn afgeleid, of andersom.

Samenvatting:
Warnar leeft in armoede, maar ondertussen heeft hij een pot met goud, die hij telkens op andere plaatsen verstopt omdat hij bang is voor dieven. Hij heeft ook een dienstmeid, Reym die hij soms bont en blauw slaat. Geertruid is de zus van Rijkert (de buurman van Warenar) en vindt dat haar broer maar eens moet trouwen. Rijkert is rijk en wil wel met de dochter van Warnar trouwen. Warnar zegt dat hij geen bruidsschat kan schenken, omdat hij die niet kan betalen, maar dat maakt Rijkert niets uit. De kok van Rijkert (Teeuwes), Casper (de hofmeester) en de knecht (Lekker) helpen mee bij het organiseren van het feest ter gelegenheid van de aankondiging van het huwelijk.

Warnar begraaft zijn pot weer eens ergens anders omdat hij bang is de pot zal worden gestolen. Lekker bespiedt Warnar en graaft de pot weer op. Ritsert, de neef van Rijkert, heeft over het huwelijk gehoord en wil niet dat dit door gaat. Hij vindt dat hij met de dochter van Warnar moet trouwen omdat hij haar zwanger heeft gemaakt. Warnar merkt dat zijn pot met goud is gestolen en is blij als Lekker de pot uiteindelijk toch teruggeeft. Hij is zo blij dat hij de pot met goud als bruidsschat aan Ritsert geeft. De dochter van Warnar bevalt van een jongetje. Iedereen heeft spijt van wat hij heeft gedaan en zelfs Lekker wordt vergeven.

Schrijversinformatie:
Pieter Corneliszoon (P.C.) Hooft wordt op 16 maart 1581 geboren in Amsterdam. Op zeventienjarige leeftijd schreef hij ‘Achilles en Polyxena’, zijn eerste treurspel (1598.) Hij heeft veel interesse in de Italiaanse en Franse cultuur. Hij wordt een karakteristieke vertegenwoordiger van de renaissancekunst. Begin 17de eeuw besluit hij rechten te gaan studeren. In 1609 wordt hij door prins Maurits benoemd tot ‘drost van Muiden en baljuw van Gooiland’. Hooft is ’s winters in Amsterdam en ’s zomers in het Muiderslot, waar de ‘Muiderkring’ ontstaat. Een groep schrijvers, kunstenaars die elkaar helpen verder te ontwikkelen. Hij schrijft liefdesgedichten in sonnetvorm en toneelspelen. Zo schrijft hij ‘Grandia’ (1605) en Warenar (1617). Na 1620 richt hij zich meer op het proza. Na 1640 wordt hij ernstig ziek en overlijdt hij op 21 mei 1647.

Thema:
Het thema is gierigheid en de problemen van deze eigenschap. Warnar vertrouwt niemand en niemand vindt hem aardig. Hij slaat mensen zonder reden in elkaar, zo ook zijn eigen meid, Reym. De pot met goud speelt de belangrijkste rol in Warnars leven, misschien nog wel belangrijker dan zijn dochter, waarvan hij niet eens wist dat ze zwanger was. In de ‘proloog’ probeert ‘Miltheidt’ ‘Gierigheidt’ weg te krijgen. Hieraan kun je zien dat gierigheid het thema is.

De idee:
De idee is dat geld wel mag rollen. Je mag wel sparen, maar niet zo erg als Warnar. Gierigheid is niet goed voor jezelf en voor anderen. Of dat mensen kunnen veranderen, zo verandert Warnar van een gierig persoon, naar een (iets) minder gierig persoon. En Lekker geeft uiteindelijk ook de pot met goud weer terug aan Warnar en wordt vergeven. Miltheidt overwint Gierigheidt en dat geeft de wending aan het verhaal.


Personen:
Warnar is de hoofdpersoon van dit toneelspel. Hij is de eigenaar van de pot gevuld met goud. Hij heeft deze geërfd van zijn vader die hem weer had geërfd. Gierigheidt was jarenlang de baas over deze pot. De pot beheerst zijn hele leven omdat hij niemand meer vertrouwt en bang is dat het gestolen wordt. Hij slaat erop los en veel mensen vinden hem onaardig. Hij wordt als losgeslagen gek beschouwt. Maar als de pot met goud wordt gestolen is hij plotseling van zijn obsessie genezen en geeft hij de pot met inhoud weg.
Reym is de dienstmeid van Warnar. Ze is lief en aardig. Ze doet haar best voor haar baas. Warnar denkt dat zij wat van de pot afweet, maar dat heeft hij fout. Ze heeft een ander geheim, namelijk dat de dochter van Warnar zwanger is en vertelt dit aan niemand door.
Geertruid is de zus van Rijkert en de moeder van Ritsert. Ze wil graag dat haar broer gaat trouwen zodat hij de familienaam kan gaan voortzetten. Ze heeft het best voor met haar broer en zoon.
Rijkert is een welgestelde koopman. Hij is de broer van Geertruid en dus de oom van Ritsert. Hij is aardig op leeftijd en wil wel trouwen. Maar niet met een vrouw die op zijn rijkdom uit is. Rijkert wil wel met de dochter van Warnar trouwen, zij is jong en arm. Hij spreekt met Warnar af, dat hij met haar gaat trouwen. Ook is hij bereid om te accepteren dat Warnar geen bruidsschat kan meegeven. Hij is zelfs bereid om het huwelijk af te blazen om de dochter van Warnar te laten trouwen met zijn neef Ritsert.

Ritsert is de zoon van Geertruid en heeft de dochter van Warnar in een donkere nacht verkracht. Zij is nu zwanger en Ritsert wil zijn verplichtingen nakomen als vader en besluit bekend te maken dat hij de vader is en graag de man van de dochter van Warnar wil worden. Hij brengt de pot met goud terug die Lekker van Warnar had gestolen.
Lekker(jongen) is de knecht van Rijkert en ‘vindt’ de pot met goud. Hij wil de pot met goud niet teruggeven en wil een rijk leventje beginnen. Maar Ritsert geeft de gestolen pot weer terug aan Warnar en hiermee is zijn verkeerde daad vergeten.
De dochter van Warnar is een van de belangrijkste personen, toch heeft ze in het verhaal geen enkele tekst. Ze wordt alleen heel vaak door iedereen genoemd.
Casper de Hofmeester en Teeuwes de kok spelen een (hele) kleine rol in het verhaal.

Opbouw:
Warenar bestaat uit een ‘voorreden’ en vijf bedrijven die weer onderverdeeld zijn in tonelen. Zo bestaat het derde bedrijf uit vijf tonelen. Onder elk toneel staat wie er allemaal in dat toneel meespelen. Bijvoorbeeld het tweede toneel van het derde bedrijf wordt gespeeld door Warnar en Teeuwes. En bij elk stukje staat wie dit zegt. In de voorreden spreken Miltheidt en Gierigheidt het publiek toe.
Het verhaal is chronologisch en heeft geen flash forwards. Die paar flashbacks die er zijn, vertellen de spelers zelf. Zo vertelt Ritsert aan Warnar hoe hij zijn dochter zwanger heeft gemaakt. Het heeft een gelukkig eind, net zoals in sprookjes.

Spanning:
De spanning in dit boek is er niet zo heel erg. Het is eerder grappig hoe Warnar wanhopig probeert zijn pot met goud te beschermen. Dit lukt uiteindelijk niet helemaal. De spanning is er af als Warnar van ‘gemeen’ naar ‘lief’ verandert.
Ook zit er wel wat spanning in het feit dat Ritsert met de dochter van Warnar wil gaan trouwen en zijn oom dat eerst eigenlijk wilde. En dan vooral, wie er uiteindelijk met haar gaat trouwen.

Tijd:
Het verhaal dat duurt ongeveer een dag, dit is ook een kenmerk van het klassieke drama. Dat het binnen een dag of vierentwintig uur gebeurt. Het speelt zich af rond 1600. Het is helemaal chronologisch, dit is waarschijnlijk zo omdat het een toneelspel is. Als het dan door elkaar loopt is dat moeilijk te laten zien. Bij een film kun je dat doen door met bijvoorbeeld zwart-wit te werken als het terug in de tijd is. Maar bij een toneelspel kan dat niet. Ook kunnen er geen grote tijdsprongen worden genomen, dat kun je niet uitbeelden.

Ruimte:
Het speelt zich af in of rond Amsterdam. Het is de hele tijd op straat in de buurt van het huis(je) van Warnar of in zijn huis. Zijn huis is erg armoedig, hij is ook gierig. Alleen als Warnar zijn pot goud wil verstoppen op het Ellendige Kerkhof van de Nieuwe Kerk, dan verplaatst het verhaal zich daar naar toe. Ook is het verhaal even bij het huis van Geertruid, maar dat is maar van korte duur.
Dat het zich maar op één plek afspeelt heeft denk ik vooral te maken dat het een toneelstuk is. Ook dit is een regel van het klassieke drama.

Perspectief:
De personages zijn allemaal in de ik-vorm, dat moet ook wel omdat ze zichzelf spelen. Alleen in de voorreden, waarin Gierigheidt en Miltheidt, richt het spel zich even op het publiek. Voor de rest is het naar elkaar gericht en dus net alsof er geen publiek is. De personen spreken of voor zichzelf (monologen) en met elkaar (dialogen.) Hoe dit perspectief precies heet dat weet ik niet.

Stijl:
De tekst is “Amsterdamse kluchtetaal” (blz. 10.) Wat ik opvallend vond was dat de meeste zinnen op elkaar rijmden, zelfs al spraken verschillende mensen. Bijvoorbeeld op bladzijde 66, 67,“Lekker: Wat let je te dreigen? Heb ik jou gedaen eenigh ongerief? Warnar: Vraegh je dat jou kerk-roover, jy driedubbele dief? Flux geeft ‘et my weêr, of je krijght noch mier slaegen, Lekker: Wat, wil je me voor een dief schelden, wat heb ik je ontdraegen?” Soms rijmt het niet helemaal goed op elkaar, het wordt dan een soort ‘Sinterklaasrijm’, maar ook dat heeft z’n charmes.
Ik begreep niet alle zinnen evengoed. Maar doordat ik eromheen wel snapte, begreep ik wel wat er ongeveer bedoeld werd. Als je het hardop leest, dan was het soms nog makkelijker dan als je het in jezelf zou lezen. Thuis hebben we wat Friese boeken, het lijkt er wel een beetje op.

Het oordeel van de criticus:

Structurele argumenten:
Dit verhaal zit goed in elkaar. De plaats en opbouw en tijd horen wel bij elkaar. Het enige punt wat ik heb is, dat ik de tijd misschien iets te kort vind. Er gebeurt best wel veel en ik weet niet of dat wel in één dag past. Het is wel goed opgelost, dat Ritsert aan Warnar vertelt wat er is gebeurd tussen hem en de dochter van Warnar. En dat dit niet plaats vindt tijdens het spel. Allereerst lijkt me dit niet erg leuk om naar te kijken en dan kan er ook nog niet zo snel een baby geboren worden.

Realistische argumenten:
Het verhaal is, niet zo heel erg realistisch. Ten eerste denk ik niet dat er iemand is die een pot goud heeft. Ten tweede denk ik dat Warnar het toch wel door moest hebben dat zijn dochter zwanger was. Ze kan toch niet zomaar dikker worden. Ze waren arm, dus ze zullen ook wel niet zo heel erg veel te eten hebben.
Ik vind het meer op een sprookje lijken. Misschien komt dat omdat het zo lang geleden allemaal lijkt. Dit is ook zo met sprookjes, ze lijken niet meer op onze tijd en zijn daarom zo ‘anders’. Als ik over honderd jaar zou leven, zou ik misschien de boeken van nu sprookjes vinden, omdat ze niet meer op die tijd zouden lijken. Maar dat is wel erg onrealistisch. Het komt erop neer dat ik eigenlijk vind dat het te ‘ouderwets’ is om echt een goed oordeel over het verhaal te geven.

Vernieuwingsargumenten:
Het is erg moeilijk om te weten of het voor die tijd iets nieuws was. Ik vind het wel nieuw dat het zo goed als rijmt. Volgens mij was dat in de Middeleeuwen nog niet zo. Het verhaal is in ieder geval niet nieuw. Dit heeft Hooft ‘afgepakt’ van het stuk ‘Aulularia’ van Plautus (± 200 voor Christus.) Hij heeft alleen het slot anders gemaakt, zodat het goed af zou lopen. En het verhaal naar Amsterdam verplaatst. En dus iets vernieuwd. Voor de rest is het dus allemaal bij het oude gebleven, hetzelfde verhaal in een nieuw jasje, tenminste voor die tijd.

Morele argumenten:
Er zijn ‘goede’ mensen en ‘slechte’ mensen in het verhaal. Alleen aan het eind zijn er allemaal ‘goede’ mensen.Warnar wordt eerst als een slecht mens neergezet, (gierig en opvliegend) maar dat verandert en hij wordt liever. Ook Lekker is een slecht persoon, maar wordt uiteindelijk vergeven. Dit is, denk ik om de goede afloop te benadrukken. Vandaag de dag gelden hele andere regels dan toen. Zo werd toen een huwelijk (vaak) niet uit liefde gesloten, maar omdat het ze het bijvoorbeeld nodig hadden voor het voortbestaan van de familienaam of om hun rijkdom te vergroten.

Eigen mening:

Het is een blijspel en dit kun je goed merken. Sommige dingen zijn namelijk heel erg grappig, vooral Warnar maakt er een potje van. Dit komt ook omdat hij doodsbang is dat zijn pot met goud gestolen wordt. Zo zie je maar weer, je moet niet te voorzichtig zijn. ‘Te’ is trouwens nooit goed. Ik zou niet één woord weten waar ‘te’ wel positief is. Het is wel een grappig verhaal. Het heeft humor in zich. Ik begreep niet alles, maar wat ik ervan begreep vond ik wel leuk.

Ik vond het zielig voor de dochter van Warnar. Ze had er niets over te zeggen met wie ze ging of gaat trouwen, dat werd allemaal voor haar beslist. Ik zou zelf niet met een verkrachter willen trouwen, helemaal niet als hij jezelf heeft verkracht. Het was jammer dat zij er niet echt in voorkwam. Er werd alleen maar over haar gepraat. Dit benadrukte wel dat zij nergens iets over te zeggen had. Misschien was dat de bedoeling?

Het was niet zo heel erg moeilijk te lezen, dit omdat het in theaterstijl is geschreven. Het enige moeilijke vond ik dat er geen vertaling van het verhaal was en ik dus de ‘oorspronkelijke’ tekst moest lezen. Er stond soms wel een vertaling onder aan de bladzijde, maar dat was dan maar van één los woord en niet van een hele zin. Soms snapte ik een hele zin niet. Maar eromheen snapte ik dan wel weer, zodat ik wel verder kon.

Ik vond het verhaal niet erg geloofwaardig, er zaten soms wel feitjes in die ik niet wist. Zo verdiende Reym 2 gulden per jaar. Dan verdien ik nog meer per uur, dan zij per jaar. Het was niet geloofwaardig omdat Warnar nogal stereotiep was. Ik kan me namelijk niet voorstellen dat iemand zo is. Ook het feit dat ze elkaar zo snel vergeven vond ik zwak aan dit boek. Je vergeeft iemand toch niet zo snel dat hij je dochter heeft verkracht of je goud heeft gestolen. Maar Warnar blijkbaar wel.

Eerst begreep ik niet zo goed waarom Miltheidt en Gierigheidt een voorreden deden, maar toen ik het verhaal had gelezen, werd me dat wel duidelijk. Gierigheidt was eerst de ‘baas’ en Warnar was erg gierig. Later komt Miltheidt aan de ‘macht’ en verandert Warnar van gierig naar mild.

Ik vond het erg leuk en ook wel makkelijk dat de zinnen in het verhaal rijmend waren. Het maakte het wel iets makkelijker om te lezen. Het is erg knap om dat zo te doen. Ik heb al moeite met een Sinterklaasgedicht te maken. En Hooft heeft het verhaal in negen dagen geschreven! Ik vind het knap.

Het verhaal vond ik wel grappig om een keer te lezen, maar om vaker zulke verhalen uit de ‘oudheid’ te gaan lezen, ik weet het niet. Het is niet echt mijn smaak. Ik denk dat ik het maar bij romans uit de twintigste en eenentwintigste eeuw houd.

Boek uit de Renaissance, Barok of Classiscisme (17e en 18e eeuw): bespreking stroming, genre en/ of schrijver:

Hooft haalde veel inspiratie van de Italianen en de Grieken en Romeinen. P.C. Hooft heeft veel van de Italianen overgenomen, dit komt omdat hij toen hij nog jong was, naar Italië was geweest. Hij bewonderde ze en wilde de mensen in Nederland wat bijbrengen van ze. De Italiaanse renaissance komt dus veel voor in zijn werken.

Niet verwonderlijk ook, dat dit verhaal oorspronkelijk uit die tijd stamt. Hij heeft dit geschreven om een ander werk van hem te financieren. Dus eigenlijk was dit spel niet eens zo heel erg bijzonder. Hij deed het voor het geld. Hooft lanceerde de klassieke tragedie in Nederland, hij was één van de eerste die op het gebied van theater iets in het Nederlands schreef. Één van zijn boodschappen was dat de Nederlandse taal een mooie taal was voor het uitdrukken van gevoelens, net zoals het Latijn of Frans.

”Warenar’ is één van de weinige blijspelen die Hooft heeft geschreven. Hij zegt dat hij het in negen dagen had geschreven. Het is een bewerking van de komedie ‘Aulularia’ door de Romein Plautus geschreven was, die het op zijn beurt had overgenomen uit het Grieks. Hooft past de tijd en plaats aan. Ook sleutelt hij een beetje aan de personen. In Nederland waren er bijvoorbeeld geen haardgoden en daarom liet Hooft in zijn proloog de figuren Miltheidt en Gierigheidt verschijnen. Het einde heeft hij zelf bedacht omdat dit verloren was gegaan. Hij besloot voor een gelukkig eind, in tegenstelling tot de Franse versie van het stuk, waar Warnar een gierigaard blijft. Door de bewerking van Hooft is het stuk ongeveer twee keer zo lang geworden.

Hooft hield zich zo ongeveer aan de regels die door een Griek waren opgesteld. Het had vijf bedrijven en het eerste bedrijf was als inleiding bedoeld, het vierde waar het ‘spannend’ was en de vijfde waarin het einde werd verteld. Ook speelde het stuk zich binnen vierentwintig uur af en werd er niet veel van de plaats afgeweken. De handeling is ook eenvoudig, Warnar probeert zijn pot te verbergen en er komt een huwelijk.

In de tijd dat het zich afspeelt speelde de tachtig jarige oorlog ook een rol. In de 17de eeuw wilde de mensen graag vrede, misschien daarom dat Warnar vergevingsgezind was en Lekker vergaf voor het stelen van zijn pot met goud.

De standen in het verhaal worden erg duidelijk gemaakt, Geertruid en Rijkert behoren tot de rijke laag. En Warnar en zijn dochter tot een armere laag. De bediendes horen daar nog weer onder, denk ik. Wat ik dan eigenlijk niet zo goed snap is waarom Hooft Rijkert laat zeggen dat hij met een arm meisje wil trouwen. Dat hoorde in die tijd niet, tenminste dat dacht ik.

Hooft heeft ook over verschillende oorlogen geschreven. Hij was een zeer objectief geschiedschrijver. Zijn werk heette ‘Nederlandse Historiën’. Waar dat over gaat dat weet ik niet zo goed, ik denk over de historie van Nederland. Hooft was een echte renaissanceschrijver en is nu nog steeds wel bekend. Ook al kende ik eerst de naam alleen maar van de ‘P.C. Hooftstraat’. Dat is nu wel anders.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "Warenar door P.C. Hooft"