ADVERTENTIE
Wil jij exposeren in het Rijks?

Heb jij een goed oog voor mooie beelden? Het Rijksmuseum zoekt jonge fotografen die hun talent durven laten zien. De prijzen: een tentoonstelling in het Rijksmuseum en je eerste betaalde foto-opdracht! Klik voor meer info over het thema en de wedstrijd.

Meer info

1: Het onderwerp (thema)



Het thema van het boek is de problematische lesbische relatie tussen twee vrouwen, Laura en Sylvia.. Dit komt heel duidelijk in het boek naar voren. Laura, de ik-persoon, is op weg naar haar moeder die overleden in maar onderweg denkt ze bijna de hele tijd aan Sylvia. Daardoor merk je dat Sylvia heel erg belangrijk was voor haar. Aan het einde van het boek gebeurt iets heel tragisch en dan is hun relatie afgelopen. Hieruit is duidelijk het thema af te leiden. Dit is het centrale probleem in het boek. De eerste keer dat een relatie afgelopen is, blijkt de relatie toch niet afgelopen te zijn, maar de tweede keer is het voor goed afgelopen....iemand overlijdt. Dit thema (onderwerp) ligt volkomen buiten mijn belevingswereld. Ik heb eigenlijk nog nooit te maken gehad met een relatie tussen twee vrouwen in mijn omgeving. Ook denk ik eigenlijk nooit over dit onderwerp na. Daarom vind ik het erg origineel. Vaak gaan boeken wel over liefde maar meestal tussen een man en een vrouw. Dit is eens een keer wat anders. Ik heb nog nooit eerder zo'n boek gelezen.



2: Symbolische betekenis, beelden en verhaallagen.



Het Orpheus motief heeft een symbolische betekenis: Laura symboliseert Orpheus, Sylvia staat voor Eurydike.



De Orpheus mythe: Eurydike gaat dood door een slangenbeet. Orpheus wil Eurydike terug. Hij gaat naar de onderwereld en zorgt dat hij haar terugkrijgt, met een voorwaarde dat hij tijdens de terugtocht niet achterom kijkt. Orpheus kijkt toch achterom...

Dit verhaal komt op hetzelfde neer:

Sylvia gaat er vandoor met Alfred. Ze doet dit alleen om een kind van hem te krijgen. Als ze zwanger is gaat ze terug naar Laura (ze komt terug uit de onderwereld). Laura wil dat Sylvia met Alfred gaat praten en Alfred vermoordt Sylvia. (Laura maakt een fout door Sylvia met Alfred te laten praten en daardoor gaat Sylvia bij haar weg)



3: De gebeurtenissen (intrige, plot)



In dit boek komen heel wat gebeurtenissen voor. Ik vind dan ook dat de nadruk ligt op de gebeurtenissen Alles wordt nauwkeurig beschreven. Deze gebeurtenissen zijn niet boeiend met elkaar verbonden. Dit komt doordat alle gebeurtenissen flash-backs zijn. De ene keer is Laura op weg naar Nice en even later is ze met Sylvia uit eten. Toch is het niet vervelend lezen omdat duidelijk te merken is wanneer het verhaal over iets anders gaat door de witte pagina's en alle gebeurtenissen hebben allemaal wat met elkaar te maken. Ook hebben de flash-backs wel een bepaalde volgorde. De herinneringen aan Sylvia hebben een logische volgorde. De eerste is wanneer ze elkaar ontmoeten en de laatste is wanneer Sylvia is vermoord. Spanning zit in sommige gebeurtenissen zeker. Vooral aan het einde van het boek als Sylvia is vermoord maar er zijn nog meer gebeurtenissen die ik spannend vond. (Ook spannend op de manier van nieuwsgierig) Wat mij erg verbaasde was dat Sylvia wat kreeg met Alfred. Dat had ik totaal niet verwacht. Sylvia begon wat met Alfred om een kind van hem te krijgen voor Laura. Dit is erg ongeloofwaardig want je begint toch niet met iemand een relatie omdat je kind wil. Sylvia wil een kind omdat Laura dat graag wilde. Omdat Alfred de ex-man van Laura is zou dat kind indirect van Laura zijn. Dit is natuurlijk onzin en ongeloofwaardig.

Ik had verwacht dat het boek heel anders zou aflopen. Het boek loopt slecht af, iets wat ik niet had verwacht. Laura krijgt gewoon twee keer een klap te verwerken (als Sylvia bij haar weggaat en als ze is vermoord).



De afloop was wel naar mijn zin. Ik vind het leuk als je iets heel anders verwacht

Het verhaal begint aan het einde van de handeling. Laura stapt in de auto om vervolgens naar Nice te rijden. Alle gebeurtenissen die gebeuren kom je te weten door gedachten en herinneringen. Dit wordt ook wel in medias res genoemd.



Het motorisch moment is dat moment dat Laura en Sylvia elkaar ontmoeten en hun relatie begint. Het boek heeft een open einde. Je weet wel dat Sylvia dood is maar je weet niet hoe het met Laura afloopt. Misschien pleegt ze wel zelfmoord... Dit weet niemand, dus daarom is het een open einde.



Dit boek is soms behoorlijk spannend. De spanning neemt na een lange aanloop opeens snel toe, maar daalt dan ook weer sterk. Ik zal enkele gebeurtenissen noemen die het boek spannend maken: wanneer Sylvia vertrekt en de moord op Sylvia.

Het boek wordt extra spannend door alle onderbrekingen. Je moet verder lezen maar je moet wel even geduld hebben.



4: De bouw (compositie, structuur, samenhang)



Dit boek is niet chronologisch geschreven.

Het verhaal begint op het moment dat de moeder van Laura overlijdt. Er volgen wat jeugdherinneringen en dan komt Sylvia in beeld. Tijdens deze liefdesrelatie die verteld wordt, zijn enkele onderbrekingen over stukken tekst wanneer Laura in de auto zit onderweg naar Nice. Vaak worden er ook jeugdherinneringen verteld over de vader. Het laatste deel speelt zich af in Avignon waar Laura blijft steken. Hier is dit boek geschreven. Hieruit blijkt duidelijk dat het boek niet chronologisch wordt verteld, dit boek krijgt een fragmentarisch karakter. Het verhaal is onderverdeeld in 32 korte, ongenummerde fragmenten. Deze fragmenten zijn gescheiden door wit, elk fragment begint op een nieuwe regel. Er wordt veel gebruik gemaakt van dialogen. Door alle flash-backs is het verhaal soms behoorlijk ingewikkeld. Maar als je goed je gedachten bij het lezen hebt is alles goed te begrijpen, de stukken los gezien waren niet lastig. De taal die gebruikt wordt is namelijk heel duidelijk en makkelijk. Door de flash-backs wordt naar het einde van het verhaal gewerkt. De tijd loopt dus niet zoals in werkelijkheid. Er wordt van alles door elkaar verteld. De flash-backs sluiten wel op elkaar aan.



Alles in het boek hangt met elkaar samen. De motieven wijzen op de een of andere manier naar het thema. Alles gaat over de problematische lesbische liefdesrelatie tussen Laura en Sylvia. Een motief is dat Laura en Sylvia geen kinderen hebben en Laura dat graag wil om van haar moeder los te komen. Dit zorgt voor iets problematisch in hun relatie.



Nog een motief is het schuldmotief: doordat Laura wil dat Sylvia met Alfred gaat praten gaat Sylvia dood. Deze gebeurtenis lijdt tot een problematische relatie. Laura voelt zich schuldig.

Waarom het Orpheus-motief wat met het thema te maken heeft is te lezen bij het stukje: symbolen.

Zo zijn alle motieven in verband te brengen met het thema.

De verteltijd is 149 bladzijden.

De verteltijd is korter dan de vertelde tijd. De verteltijd is immers 149 bladzijden en hierin wordt een half jaar verteld.

Eigenlijk zijn het driedubbele terugblikken, namelijk over de reis naar Frankrijk, over Sylvia en over haar jeugd. De verteller kent de afloop al. Dit heet vision par derrière.



5: Personen.



Personen die in het boek een grote rol spelen zijn: Laura Tinkhuizen, Sylvia Nithart en Alfred Boeken.



Laura Tinkhuizen:

Laura is de hoofdpersoon in het boek. Van Laura krijg je een heel goed beeld. Dit komt doordat je alles te weten komt over haar. Je weet precies wat ze denkt en hoe ze zich voelt Zij is een round character. Laura is een vrouw van 35 jaar oud. Ze is gescheiden. Ze houdt veel van kunst en weet daar ook veel vanaf. Laura werkt ook in een museum. Laura is een goed mens. Een voorbeeld hiervan is dat ze medelijden heeft met Alfred terwijl hij eerst Sylvia van haar afpakt. Wel laat ze al haar vrienden vallen wanneer ze iets met Sylvia krijgt. Laura heeft met haar moeder een slechte band (gehad) want haar moeder bemoeide zich veel met Laura. Ze heeft wel een hechte band met haar vader gehad. Er worden namelijk alleen maar positieve fragmenten over haar vader verteld. Ze verlangt naar haar vader.

Aan het einde van het boek is Laura helemaal kapot door alles wat er is gebeurd en wil ze sterven. Wat mij ook verschrikkelijk verbaasde was dat Alfred Sylvia vermoordde. Eerst kwam hij als een hele sympathieke man over, deze moord was voor mij totaal onverwachts



Sylvia Nithart:

Sylvia is een bij persoon in het boek. Ze is een flat character.

Sylvia is 20 jaar en ze is kapster. Veel van haar gevoelens en gedachten kom je niet te weten. Dit komt doordat Laura alles vertelt hoe zij het ziet. Wel kom je te weten dat Sylvia heel zwijgzaam en op zich zelf is.

Ook gebeurt alles zoals zij het wil. Ze wil bijvoorbeeld dat haar moeder niets te weten komt en, dat gebeurt ook niet. Ze wil Laura haar moeder zien, dat gebeurt. Ze wil zwanger raken, en ze raakt zwanger.

Sylvia is heel anders dan je op het eerste moment denkt. Ze laat Laura bijvoorbeeld een foto maken van een jongen en haar zodat ze die foto aan haar moeder kan laten zien. Daar had ik nooit bij stilgestaan toen ze die foto maakten.



Alfred Boeken.

Alfred boeken is de ex-man van Laura. Ook hij is een flat character. Hij is een man waar je amper wat over te weten komt maar toch is hij een belangrijk persoon in het verhaal omdat hij Sylvia zwanger maakt en hij haar vermoordt. Alfred is een goede man. Hij is getrouwd en heeft kinderen.

Sylvia zorgt ervoor dat hij bij zijn vrouw weggaat en dat hij een tijdje met haar in een hotel woont. Ze wordt zwanger en gaat weer bij hem weg.

Ik denk dat hij zich zo gebruikt voelde dat hij daardoor haar vermoord heeft. Het was gewoon uit woede.



6: Het taalgebruik.



In het boek kom je eigenlijk alleen de gedachten van te weten. Ik kon mij ook goed inleven door de nauwkeurige beschrijvingen van alles.



Het verhaal is op een eenvoudige manier geschreven. Wel zijn er veel achterliggende bedoelingen. Dat maakt het boek een stuk ingewikkelder. Ook wordt er veel beschreven in het verhaal. Zo wordt bijvoorbeeld Laura en haar gedachten uitvoerig beschreven, maar ook wordt de omgeving beschreven. Het verhaal wordt niet afstandelijk vertelt. Dit komt door het ik-perspectief. In het boek komen ontzettend veel dialogen voor. Daardoor is het spreektaal achtig. Dit maakt het lezen makkelijker.

Alles in het boek is modern, er komt niets ouderwets in voor. De zinslengte is zeer afwisselend, de ene keer wordt een hele lange zin gebruikt, de andere keer een hele korte. Er worden bijzinnen en bijvoeglijke naamwoorden gebruikt, maar deze zijn niet opvallend. Ze worden niet overdreven veel gebruikt. Er komen ook erg veel dialogen in het boek voor. Door die dialogen kan ik mij veel beter in een boek inleven, ik kan me een voorstelling van de gebeurtenissen vormen.



7: Titel, ondertitel, motto en motieven



De titel van het boek is Twee vrouwen. Het is wel duidelijk waar deze titel op slaat. Laura en Sylvia, twee vrouwen, hebben een relatie. De ondertitel is eigenlijk ook heel simpel namelijk 2 vrouwen dit duid al op een relatie tussen deze 2 dus eigenlijk een makkelijke verklaring hiervoor.



In dit boek komen veel motieven voor:

-relatie tussen Laura en Sylvia.

-reis naar Zuid Frankrijk.

-het kind-motief

-schuldmotief

-zwart-wit

-Orpheus motief

-tijd



Ook heeft tijd een betekenis.

In de Orpheus mythe is volgend De Rover sprake van een poging de tijd te overwinnen, het verleden (een dode) terug te willen brengen naar het heden (de levenden).

Laura staat voor het streven de tijd te beheersen om de dood te overwinnen. Sylvia staat voor de tijd. Hoe weinig vat Laura op de tijd heeft, zo weinig vat heeft Laura ook op Sylvia. De periode waarin dit verhaal zich afspeelt is nogal vaag. Ik denk dat het wel rond deze tijd afspeelt, er zijn bijvoorbeeld al geweren. De vertelde tijd is ongeveer een half jaar. Het boek begint wanneer Sylvia en Laura elkaar ontmoeten in februari, en eindigt bij de vrouw waar Laura is onderweg naar Nice, dit was in augustus. (enkele korte fragmenten zijn jeugdherinneringen, dit zijn uitzonderingen)



8: Ruimte van afspelen



Het verhaal speelt zich op vele plaatsen af.

De jeugdherinneringen spelen zich in Leiden af.

Laura woont in Amsterdam als ze Sylvia ontmoet, hier spelen dus ook vele gebeurtenissen zich af. Laura woont in een huis op een boven etage. Dit weet ik doordat de voordeur beneden de woonkamer is. Ook speelt zich een gebeurtenis af in de schouwburg. De laatste plaats is Avignon, de plek waar Laura blijft steken in een kamertje van een vrouw met onder het raam een put.

Een beschrijving van de plaatsen waar het verhaal zich o.a afspeelt



Amsterdam

In deze plaats is alles als het ware begonnen. Laura zat daar tussen een groep jongeren op de Dam. Laura ziet haar staan voor een sieradenwinkeltje en ze blijft staan kijken naar haar, zij vond haar achterkant niet echt mooi; haar haren waren los opgestoken, haar rug was iets te lang, haar heupen iets te smal en haar benen niet zo recht als over het algemeen graag gezien wordt. Alles week af van het ideaal, maar het paste precies bij Laura. Laura begon tegen Sylvia te praten en zij zijn een eindje gaan wandelen dat eindige bij Laura thuis. Zij besloten dezelfde dag nog om samen te gaan wonen.



Nice

Als Laura te horen krijgt dat het nu erg slecht gaat met haar moeder in Nice bedenkt zij zich geen moment en gaat er samen met Sylvia heen. Laura had Sylvia op het hart gedrukt dat zij niet in de buurt van Laura's moeder mocht komen. Sylvia doet het toch en stelt zich dan voor als het buurmeisje van Laura. Mevrouw Tinhuizen doorziet de hele situatie en begint agressief met een stok te zwaaien naar de 2 vrouwen. Na deze gebeurtenis hebben Laura en haar moeder geen contact meer gehad.



Het theater

Na de voorstelling worden Laura en Sylvia door de ex-man van Laura, Alfred, die de voorstelling ook had bezocht, uitgenodigd om samen met zijn vrouw nog wat te drinken in de lounge. Dit is de eerste ontmoeting tussen Sylvia en Alfred, deze eerste ontmoeting leidt tot een indirecte dood van Sylvia.



9: Perspectief en vertelsituatie.



Dit verhaal wordt in de ik-vorm door Laura vertelt. Je ziet alles op de manier hoe Laura het ziet, en leeft helemaal met Laura mee.



Het magisch-mythische idee staat centraal in boeken van Mulisch.

Mulisch' poëtica is dat alles met elkaar samenhangt. Verhalen hebben vaak een mythisch karakter waarin hij het doen en laten van een mens probeert te verklaren.

Het wereldbeeld dat Harry Mulisch heeft is dat er rechtvaardigheid is.



10: Genre.



Dit verhaal is een psychologische liefdesroman met een mythisch tintje. Dit is duidelijk uit het verhaal op te maken. De liefde tussen Laura en Sylvia speelt een grote rol. Het boek is ook een psychologische roman omdat Laura door alle gebeurtenissen (verlies Sylvia, ook verlies moeder) helemaal in de war is. Ze is onderweg naar Nice, naar haar moeder, maar daar komt ze nooit aan. Ze blijft steken bij een vrouw doordat ze helemaal; stuk is.



11: Verhaal lagen



In dit boek van Harry Mulisch komen zijn 4 verhaallagen aanwezig.

Waarvan er twee verhaallagen duidelijk te herkennen zijn in het boek, namelijk

Gebeurtenissenlaag:

- De lesbische liefdesrelatie, de gebeurtenissen met Sylvia

- De reis naar Frankrijk.

Deze verhaallijnen zijn niet gelijkwaardig, de gebeurtenissen met Sylvia worden duidelijk benadrukt.

De andere 3 wel te herkennen maar pas na het verdiepen erin

De thematische laag: het Electra-complex.

De symbolische laag: De Griekse mythe Orpheus en Eurydice.

De poëticale laag: Het schrijven zelf, dat alles met elkaar te maken heeft.



12: Zakelijke gegevens van het boek.



Een psychologische liefdesroman met een mythisch tintje van Harry Mulisch

Het boek heeft: 32 hoofdstukken

156 bladzijden

Ik heb de 10 e druk gelezen.

De eerste druk is uit 1975.

De door mij gelezen druk is in Amsterdam in 1984 door drukkerij "de bezige bij" uitgegeven.

Het ISBN nr. is 90-234-0531-5

Auteur Harry Mulisch

Titel Twee vrouwen



13 : Beschrijving van auteur Harry Mulisch



Plaats in de Literatuurgeschiedenis

Harry Kurt Victor Mulisch werd geboren in 1927 in Haarlem. Zijn ouders zijn niet van Nederlandse origine. Zijn vader was geboren in het toenmalige Oostenrijk-Hongarije en diens geboorteplaats kwam na de verdeling van Midden-Europa in Tsjecho-Slowakije te liggen. Aan het eind van de eerste wereldoorlog ontmoette hij in België, waar hij als beroepsmilitair gestationeerd was, de uit Duitsland afkomstige familie Schwarz en in 1926 trouwde hij met de 18-jarige dochter Alice. Hij was inmiddels naar Nederland geëmigreerd, waar hij via de vader van Alice een functie op een bank kreeg. Zijn moeder was joods. Na de scheiding in 1936 is hij bij zijn vader gaan wonen waar hij werd opgevoed door de huishoudster (Frieda Falk). Op de middelbare school behaalde Harry matige resultaten, vooral omdat hij veel verzuimde. Hij had meer belangstelling voor scheikundige en natuurkundige processen, waarmee hij op zijn kamer (met een ‘laboratorium') altijd bezig was. Ook de sterrenkunde boeide hem in hoge mate. Toen hij atheneum had afgemaakt werd hij beroepsschrijver. Zijn eerste boek dat bekend werd was de roman: ‘Het stenen bruidsbed', waarin het voor Mulisch zo kenmerkende thema van de dood en vernietiging een overheersende rol speelt. In 1958 ging Harry Mulisch in Amsterdam wonen.



In 1946 ontdekt hij plotseling het schrijverschap. Tot op dat moment had hij nog geen letter literatuur gelezen. Wel was hij geboeid geraakt door de jeugdboeken over Bram Vingerling, geschreven door Leonard Roggeveen. De lezing van de fantastische vertellingen van Edgar Allen Poe in dat jaar bracht een schok van herkenning teweeg. In snelle opeenvolging werkte hij aan een reeks verhalen in diezelfde stijl. Op 8 februari 1947 werd er één in Elsevier's Weekblad gepubliceerd, De kamer, een verhaal van enkel honderden woorden (afgedrukt in Mijn getijdenboek, p. 98). Om in leven te blijven verkocht Harry beetje bij beetje de bezittingen van zijn vader en stortte zich op het schrijven. Vier jaar lang werkte hij in regelrechte armoe en zonder enige erkenning aan allerlei boeken. De novelle Tussen hamer en aambeeld uit 1947 zond hij naar vrijwel elke uitgever in Nederland en telkens kreeg hij het manuscript terug. Hij schreef vervolgens Archibald Strohalm en leverde deze roman in bij de jury van de Reina Prinsen Geerlingsprijs. Dan krijgt hij eindelijk zijn beloning: de roman wordt bekroond. Destijds had deze prijs veel aanzien en van de ene op de andere dag was Mulisch' naam als schrijver gevestigd. Vanaf dat moment verschijnen Mulisch' werken met grote regelmaat. In de jaren '50 publiceert hij voornamelijk romans, verhalen en novellen waarin de mythologische en magische motieven overheersen. In de jaren '60 kiest hij voor het maatschappelijk engagement met boeken als De zaak 40/61 (over het Eichmann-proces), Bericht aan de rattenkoning (over provo) en Het woord bij de daad (over de revolutie op Cuba). In de jaren '70 en begin jaren '80 keert hij terug naar de verbeelding. Zijn thematiek krijgt nu vorm in romans en verhalen, o.a. Twee Vrouwen, Oude lucht, De aanslag en Hoogste tijd. Zijn filosofische theorieën zet hij uiteen in het grote werk De compositie van de wereld (1980). Hij werd redacteur van de tijdschriften ‘Podium' en ‘Randstad' en hij is sinds 1965 medewerker van ‘De Gids‘ . De eerste uitgave van Twee Vrouwen was in 1975 in Amsterdam. Ik denk dat het boek in die tijd nog vrij uitzonderlijk was. In die tijd werd er nog niet zo makkelijk gedaan over homofilie. Dus ik denk dat het boek toen wel indruk gemaakt heeft. In deze tijd is het heel normaal. Er zijn verder voor zover ik weet geen werken van Harry Mulisch waarin het over hetzelfde onderwerp gaat.

In 1971 trouwt Mulisch met Sjoerdje Woudenberg. Uit het huwelijk zijn twee dochters geboren, Anna en Frieda.

Hoewel zijn werk nauwelijks verwantschap vertoont met het realisme (en autobiografisme), dat vooral de werkelijkheid wil weergeven, komen in al zijn werken elementen uit zijn eigen leven voor. De hoeveelheid wisselt echter sterk. In het autobiografische Mijn getijdenboek zegt hij daarover: ‘… ik heb bovendien van meet af aan de behoefte gehad, mijn leven ook zonder veel omwegen als mijn leven op papier te zetten.' Maar niet rechtstreeks zoals Menno Büch: ‘Bovendien wil ik, dat mijn leven buiten z'n oevers treedt en een eigen leven gaat leiden.'

De samenhangen tussen leven en werk én tussen de werken onderling zijn heel groot en sterker dan men op het eerste gezicht vermoedt. De meeste auteurs schrijven boeken, sommige werken aan een oeuvre. Harry Mulisch behoort ontegenzeggelijk tot de laatste groep.

Van de vele prijzen die Mulisch ontvangen heeft, noem ik hier slechts de Constantijn Huygensprijs (1977) en de P.C. Hoofdprijs, de Nederlandse staatsprijs voor letterkunde (1978).



14: Tot welke stroming behoort hij...?



Hij behoort tot de magisch-mythische stroming, het mythische element wordt gevormd door de Oedipus-mythe. In deze klassiek-Griekse mythe wordt verhaald hoe Oedipus zonder het te weten zijn vader Laïos doodde en met zijn moeder Iokaste trouwde. Deze geschiedenis is door de psycholoog Freud gebruikt om een bekend psychisch mechanisme te illustreren. Hij legt het verhaal als volgt uit: het toont de drang van een jongen om zijn vader opzij te schuiven en met zijn moeder te trouwen. Mulisch komt echter met een heel eigen interpretatie: hij bekijkt het teruggaan naar de moeder en het innemen van de plaats van de vader vanuit het gezichtspunt van tijd. Oedipus overwint door dit teruggaan de voortschrijdende tijd. Deze zienswijze leidt ons naar Mulisch' thematiek. Het magische element in Mulisch' filosofie houdt o.a. verband met het schrijven. Behalve het stilzetten van de tijd en het terugkeren naar het begin, bestaat er nog een manier om de dood te overwinnen: door God te worden. Dat is precies wat eens schrijver doet: hij heerst als een God over de wereld van een verhaal. Hij schept deze wereld, hij creëert de personages en hij kan er meer doen wat hij wil. Bovendien heeft het schrijven te maken met het stopzetten van de tijd. Het eenmaal gemaakte werk ligt vast, veranderd niet meer onder invloed van tijd. Zo bezien is de schrijver in zekere zin een magiër: hij is in staat de tijd stil te zetten in zijn gepubliceerde werk. Hij kan in zijn werk voort blijven leven, ook als hij zelf allang verdwenen is. Magisch heeft bij Mulisch nog een betekenis. De schrijver is een magiër omdat hij in staat is d.m.v. het woord een boodschap over te brengen. Zoals de priester een mens met God in verbinding brengt, zo vervult de schrijver een soortgelijke rol als tussenpersoon. Hij toont de problematiek waar de mens voor geplaatst is, dood en tijd, en laat zien dat menselijk handelen door dat probleem bepaald wordt. Mulisch gelooft in de magische kracht van het woord om zijn thematiek van dood en leven tot uitdrukking te brengen.


REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

M.

M.

'Harry Kurt Victor Mulisch werd geboren in 1927 in Haarlem'
'...en in 1926 trouwde hij met de 18-jarige dochter Alice.'
Jammer hoor.

7 jaar geleden