Specht en zoon door Willem Jan Otten

Beoordeling 7.5
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 5e klas vwo | 5414 woorden
  • 11 december 2006
  • 404 keer beoordeeld
  • Cijfer 7.5
  • 404 keer beoordeeld

Boek
Auteur
Genre
Taal
Nederlands
Vak
Eerste uitgave
2003
Pagina's
142
Geschikt voor
havo/vwo
Punten
2 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Literaire thema's
Prijzen

Boekcover Specht en zoon
Shadow

Een jonge schilder, in de mode vanwege zijn rake portretten, krijgt een opdracht die anders is dan alle voorgaande: schilder een gestorven jongen. 'Je redt er een leven mee', zegt de steenrijke vader van de jongen. De schilder weet dat hij zichzelf zal moeten overtreffen. Wie was de jongen? Waarom is hij dood? Waarom komt de vader het schilderij niet afhalen?

Een jonge schilder, in de mode vanwege zijn rake portretten, krijgt een opdracht die anders is dan alle voorgaande: schilder een gestorven jongen. 'Je redt er een leven mee', zegt …

Een jonge schilder, in de mode vanwege zijn rake portretten, krijgt een opdracht die anders is dan alle voorgaande: schilder een gestorven jongen. 'Je redt er een leven mee', zegt de steenrijke vader van de jongen. De schilder weet dat hij zichzelf zal moeten overtreffen. Wie was de jongen? Waarom is hij dood? Waarom komt de vader het schilderij niet afhalen?

Specht en zoon door Willem Jan Otten
Shadow
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!
Titel: Specht en zoon
Auteur: Willem Jan Otten

Verantwoording keuze en verwachting:
Ik heb voor dit boek gekozen omdat mijn moeder mij dit boek aanraadde en ik heb er ook een keer een recensie over gelezen.
Ik had wel een positieve verwachting van dit boek, alle reacties die ik heb gehoord waren allemaal erg positief. Ook het thema van het boek sprak me erg aan: ’leven en dood’.

Korte samenvatting van de inhoud:
Felix Vincent, een redelijk beroemde portretschilder, krijgt de opdracht van z’n leven. Valery Specht, een steenrijke kunstverzamelaar, verlangt van hem zijn overleden zoon Singer te schilderen. Aan de hand van foto’s en een aantal videobeelden gaat ‘Schepper’ aan het werk. Felix, wordt ‘Schepper’ genoemd doordat het hele verhaal is geschreven vanuit de optiek van het schilderdoek waar Singer op komt te staan. Het is een groot doek, en heeft alle menselijke eigenschappen qua zintuigen. Hij, zo zullen we het doek voor het gemak noemen, is een Zeer Dicht Geweven Vier Maal Universeel Geprepareerd doek van twee bij honderd twintig, hij kostte een vermogen. Het duurt maanden voordat het doek beschilderd wordt en zo leren we Felix, zijn vrouw Lidewij en alle andere mensen die in het atelier van Schepper komen kennen. Tot op het moment dat Specht binnen komt lopen lijdt het doek een passief leven. Maar als dan uiteindelijk wordt besloten door Schepper dat hij het doek wordt waar Singer op wordt gemaakt en gaat hij een actief leven lijden. Door de ogen van het doek worden allerlei gegevens een stuk duidelijker doordat het doek namelijk eerst dingen beschreef door middel van gehoor. Zo kom je erachter hoe het atelier, Schepper en alle andere personen er uit zien.

Bij het schilderen van het doek gaat Schepper Singer identificeren met Tijn, een oud schoolvriendje van hem. Hij geeft Singer de blik van Tijn, en wat nog veel belangrijker is zijn penis. Het is een dopje. Dit is een belangrijk gegeven want door het hele verhaal heen is dit het gespreksonderwerp en het focuspunt van iedereen die het schilderij te zien krijgt, je aandacht wordt er naartoe gezogen. Vanaf het moment dat Schepper de penis te zien kreeg, Tijn liet zijn broek zakken, heeft hij geen contact meer met hem.
Nadat het doek is beschilderd volgen de gebeurtenissen zich snel op. Zo wordt Lidewij zwanger en je komt erachter dat Specht een liefhebber is van kleine jongens.
Dit komt het doek te weten door gesprekken tussen Schepper en Minke een journaliste en geheime minnaar van Schepper. De afgesproken datum waarop het doek opgehaald zou worden is dan allang voorbij. Schepper’s geweten begint te knagen. Hij heeft een schilderij gemaakt voor een pedofiel! De enige oplossing die hij ziet is het verbranden van ‘het ding’ zoals hij zijn schilderijen ziet. Op dit moment krijg je als lezer het gevoel dat het verhaal afgelopen is. Maar dit is niet zo. Schepper heeft een foto gemaakt van het schilderij en vanaf dat moment wordt het verhaal vanuit die foto verteld. Schepper steekt de polaroid in zijn zak en gaat daarmee naar de bevalling van zijn zoon. Na de bevalling gaat Schepper een lange fietstocht maken, onder andere naar de plek waar Tijn zijn broek liet zakken, hier huilt hij tranen van alle emoties die mensen kunnen hebben. Thuis gekomen in Nimmerdor, het huis van Schepper en Lidewij, staat daar de wagen van Specht. Specht is doodziek geworden, hij heeft namelijk een ernstige vorm van kanker. Hij weet van het verbranden van het schilderij en geeft Schepper de opdracht hem opnieuw te maken, zodat Singer hem zelf kan zien. Zo komen twee leugens naar boven, Singer is niet dood en Specht houdt echt van zijn zoon en is geen pedofiel.

De relatie tussen tekst en auteur:
Willem Jan Otten is katholiek geworden. In dit boek komen veel christelijke aspecten voor. Hij vindt het dus belangrijk dat er iets van zijn geloof in zijn boek te zien is.

Genre:
Het is een psychologische roman want het gaat over relaties en gedachtes van de personen deze worden allemaal vanuit het doek beschreven.

Titel:
De titel ‘Specht en zoon’ is gemakkelijk te verklaren. Specht is namelijk de achternaam van de man die Felix de opdracht gaf een schilderij van zijn zoon te schilderen.

Motto en opdracht:
Het motto van dit boek is: ’Leven en dood liggen dichtbij elkaar’. De opdracht die je meekrijgt is eigenlijk om hier is goed over na te denken.


Motieven, onderwerp en hoofdgedachte:
Specht wil een schilderij laten schilderij laten maken van zijn ‘dode’ zoon. Specht wordt zelf doodziek. Lidewij overlijdt bijna bij het baren van haar zoon.
Het onderwerp is leven / dood
De hoofdgedachte van dit boek is dat leven en dood een heel belangrijke rol speelt in ieders leven.

Personages:
Felix
Felix Vincent is een portretschilder die alleen naar het leven schildert, hij heeft zelfs moeite met iemand die plastische chirurgie heeft ondergaan te portretteren. Daarom schrok hij ook zo toen Valery hem vroeg of hij ook naar de dood schilderde en of hij misschien een portret van zijn overleden zoon zou willen maken. Hij schildert vooral om veel geld te verdienen om zo de villa van Lidewij’s tante te kopen als zij is overleden. Felix is een raar figuur, hij kan heel droog overkomen.
Je merkt heel goed dat het schilderij iets heeft losgemaakt in Felix. Hij dacht weer terug aan gebeurtenissen van vroeger en gaat zich heel anders gedragen dan in de periode van het schilderen van Singer.
Felix verandert erg in het verhaal, onder andere omdat hij vader wordt en omdat hij niet kan begrijpen dat hij in de waan was een overleden jongen te schilderen en toch weer niet. Hij begrijpt er gewoon helemaal niets meer van. Hij raakt duidelijk in de war en bedriegt zijn vrouw zelfs met Minke in een vlaag van verwarring en stommiteit.

Minke Depuis
Minke Depuis is een onbetrouwbare journalist, Felix heeft haar het schilderij laten zien en dingen vertelt in vertrouwen en zij heeft haar mond niet gehouden. Ze kent Felix nog van vroeger en doet altijd heel verleidelijk tegen hem. Gedurende het hele verhaal verandert ze niet, ze blijft een onbetrouwbare en een op sensatie belust persoon.

Tijd en ruimte:
Het verhaal speelt zich in het heden af. Dat is heel duidelijk te concluderen uit alles wat er gebeurt, aan de voorwerpen, de mensen, de gewoonten, de ziekenzorg in het ziekenhuis en aan het atelier van Felix.
De vertelde tijd is ongeveer twee jaar, dit kun je opmaken uit de feestdagen.
De verteltijd is drie uur. Het boek heeft 142 bladzijden. Het verhaal is chronologisch verteld. Alles gebeurt precies in de volgorde waarin het wordt verteld. Er zitten wel een paar flashbacks in. Het boek begint met het stuk dat het doek verbrandt wordt. Dan wordt er verteld waarom het verbrandt wordt. Dit is een voorbeeld van een van de flashbacks.
Het verhaal speelt zich af in het atelier van Felix, want het doek vertelt het verhaal.

Vertelperspectief:
Het vertelperspectief ligt bij het doek. Het wordt verteld vanuit een ik-perspectief.
De ‘ik’ is het doek.

Spanning:
De spanningsopbouw is er eigenlijk gelijk. Er wordt verteld dat het doek wordt verbrand, maar niet waarom, dat komt later pas. Hiermee wordt je nieuwsgierig gemaakt. Dit is volgens mij de enige manier waarop de spanning wordt opgebouwd.

Stijl:
“Uit zijn binnenzak had hij een chequeboek te voorschijn gehaald.
Voor ik u zeg waar het om gaat wil ik dat u weet dat het om honderdduizend gaat. Euro’s. Vijftigduizend nu en vijftigduizend als het voltooid is.
Specht bracht een duim en een wijsvinger naar zijn lippen, likte, bladerde het chequeboek open en schreef vijf cijfers op. Daarna schoof hij het chequeboek naar het midden van de tafel. Schepper kon het nu met eigen ogen zien. Er stond € 50.000. De cheque hoefde alleen nog maar losgescheurd en ondertekend te worden. Het lukte schepper om de cheque niet aan te raken.”
De lengte van de zinnen is over het algemeen kort. Er zijn veel beschrijvingen en de woordkeuze is vrij gemakkelijk.

Verwachting achteraf:
Het onderwerp vond ik heel apart en interessant, misschien omdat het iets is waar iedereen mee te maken heeft.
Ik heb zelf niets met portretteren of iets anders uit het boek. Ik ben door het boek aan het denken gezet over schepping, niet speciaal de schepping van de wereld, ook over het scheppen van leven en van kunst.
De afloop van het verhaal vond ik heel mooi. Specht komt namelijk naar Felix toe om het schilderij te zien, ook al weet hij dat deze verbrand is. Felix laat hem dan de polaroid van het schilderij zien en dit is een moment van leven voor de foto, omdat zijn opdrachtgever hem eindelijk ziet. In het verhaal wordt vaak dit verlangen van het doek beschreven en nu is het dan eindelijk zo ver. Dat vind ik een mooi einde.

Recensie 1:
Schrijver: Otten, Willem Jan
Titel: Specht en zoon
Jaar van uitgave: 2004
Bron: Elsevier
Publicatiedatum: 06-03-2004
Recensent: Thomas van den Bergh
Recensietitel: Vaders en zonen

Anders dan in zijn toneeltekst Braambos slaagt Willem Jan Otten er in zijn nieuwe roman wel in de denkconstructies leven in te blazen. De laatste jaren was schrijver en dichter Willem Jan Otten (1951) vooral actief als toneelschrijver. Nieuwe stukken, De nacht van de pauw en Braambos, werden uitgevoerd bij het Amsterdamse gezelschap Het Toneel Speelt. Toch bleven die in de schaduw staan van zijn veelgeroemde toneeldebuut Een sneeuw (1983). Vooral het recente Braambos bleek een topzwaar en overgeconstrueerd stuk. In zijn vorig jaar verschenen De bedoeling van verbeelding doet Otten verslag van de 'vruchtbare schrijverszomer' 2002. Met name Braambos vordert gestaag - dit voorjaar ging het in première. Min of meer gelijktijdig moet ook Ottens nieuwe roman Specht en zoon zijn ontstaan, want de parallellen met Braambos zijn evident. Zowel het toneelstuk als de roman speelt zich af in een atelier, waar een schilder werkt aan een levensgroot schilderij. Dit doek zet, zowel op het toneel als in het boek, het dramatisch mechaniek in beweging. En Otten zou Otten niet zijn als hij toneeltekst en roman niet had opgetuigd met de nodige bijbelse symboliek. Zijn er in de vorm dus duidelijke overeenkomsten, inhoudelijk lopen toneeltekst en roman sterk uiteen. Waar het in Braambos vooral gaat over vergeving, daar draait Specht en zoon om het vaderschap. Otten laat de vaderzoon-relatie op verschillende niveaus terugkeren in de roman. In de meest letterlijke zin, als hoofdpersoon Felix Vincent een zoon krijgt. Gecompliceerder is de verhouding tussen de homoseksuele Rotterdamse havenbaron Valéry Specht en zijn Afrikaanse pleegzoon Singer. Een journaliste beweert dat Specht zijn zoon heeft 'gekocht' en noemt Singer een 'slaaf van Specht. Er is zelfs de suggestie van seksueel misbruik. En dan is er nog een derde, minder voor de hand liggende vader-zoon-relatie: die van de kunstenaar en zijn maaksel, het kunstwerk. Vincent is de schilder, in wiens atelier het drama zich ontrolt. Van Specht krijgt hij de opdracht een schilderij te maken van de inmiddels aan een overdosis drugs overleden Singer. 'Jij kan iemand levend schilderen,' zegt Specht. 'Maak Singer weer levend,' smeekt hij. Dat gebeurt. Singer herleeft, niet alleen als schilderij, maar ook in Vincents zoontje Stijn, wiens conceptie op de een of andere duistere manier samenhangt met de afbeelding van Singers naakte lijf. Een gestorven zoon die levend wordt - de Christusverwijzing is duidelijk. Voeg daarbij het feit dat Vincent consequent wordt aangeduid met 'schepper', en de lezer kan weer lekker aan het puzzelen. De tekst als bouwpakket: wat betekent dit alles en waarom? Net als Braambos zit deze roman propvol betekenissen, verwijzingen, overpeinzingen. Maar anders dan in de toneeltekst slaagt Otten er dit keer wel in zijn denkconstructie leven in te blazen. Specht en zoon is veel minder schematisch dan Braambos. Dat is vooral te danken aan één geniale ingeving. Otten vertelt het verhaal namelijk vanuit het perspectief van Singers schilderij. Niet alleen geeft dat een mooie eenheid van plaats en tijd - hoewel Otten een beetje smokkelt door het schilderij te laten fotograferen en de 'geest' van het schilderij naar de bewuste polaroid te 'verhuizen' wanneer het doek zelf in vlammen is opgegaan - het zorgt ook voor een beetje lucht in dit compacte proza. De lezer wordt deelgenoot gemaakt van de verlangens die het schilderij blijkt te koesteren met betrekking tot zijn afbeelding en zijn opdrachtgever. Om te beginnen wil hij iemand worden. Als hij eenmaal Singer geworden is, wil hij gezien worden door zijn opdrachtgever. 'Zijn is gezien worden,' beseft het doek. Specht komt hem echter om onduidelijke redenen niet ophalen. 'Dan, en alleen dan, zou ik toch weten wie ik ben, nu ik Singer ben? Van wie moet ik zijn als ik niet van mijn opdrachtgever worden kan?' vraagt het schilderij zich vertwijfeld af. Het schilderij blijkt zélf een kind, dat gezien en gekoesterd wil worden. En dus gaat Specht en zoon, behalve over het vaderschap, ook over het kunstenaarschap, en de overeenkomsten tussen die twee. Otten laat zien hoe de kunstenaar, het kunstwerk en de kunstbeschouwer niet zonder elkaar kunnen bestaan. Ten slotte heeft de schrijver een mooie plotwending in petto, als Specht dan toch in Vincents atelier verschijnt om zijn 'kind' op te halen. Te laat. Dat einde geeft Specht en zoon, op de valreep, net de tragiek die het nodig had

Recensie 2:
Titel: Specht en zoon
Geschreven door: Otten, Willem Jan
Jaar: 2004
Taal: Nederlands
Vorm: Roman
Periode: 1980-
Thema: Schepping, Schilders, Schuldgevoelens
Bron: Kraan, Reyer
Uitgever: Biblion Uitgeverij

Samenvatting:
Voor deze bespreking is gebruikgemaakt van: Willem Jan Otten, Specht en zoon. Uitgeverij Van Oorschot, 2004. De roman Specht en zoon wordt op een heel ongewone manier verteld, namelijk vanuit het perspectief van een schilderij, een kijkend, luisterend en mijmerend schilderij. Aanvankelijk ligt het als een stuk linnen van de fijnste kwaliteit opgerold in een speciaalzaak voor kunstschilders. Het duurde jaren voordat er een klant kwam opdagen die van de rol een stuk van twee bij een meter twintig nodig had voor een schilderij van uitzonderlijk groot formaat. Die klant, de schilder Felix Vincent, door het schilderij consequent 'schepper' genoemd, wordt de hoofdpersoon van het boek. Felix, ongeveer dertig jaar oud, is getrouwd met Lidewij Langebeen en bewoont een groot huis met atelier in de buurt van Laren. Hij leeft van de portretopdrachten die hij van de Gooise beau monde krijgt. Dit werk doet hij met weinig animo, louter ter wille van het geld. Hij wil namelijk het huis, Nimmerdor geheten, dat nu nog eigendom is van Lidewijs familie, graag zo gauw mogelijk kopen. Zijn grote wens als schilder is evenwel om een fraaie Piëta te maken. Daarvoor heeft hij ook dat doek van 200 x 120 cm gekocht. Die hartenwens verklapt hij - weliswaar onder strikte geheimhouding - aan Minke Dupuis, een vriendin van vroeger. Zij is journaliste voor een glossy kunsttijdschrift, waarin ze een artikel over Felix en zijn werk wil opnemen. Als een van zijn basisprincipes poneert Felix in dat artikel: 'Kunst moet lijken. Als het niet naar het leven is, is het naar niets' (p. 33, ook p. 39). Die overtuiging wordt al snel danig op de proef gesteld. Begin januari krijgt Felix bezoek van een oude, magere man, Valéry Specht, een schatrijke baggerbaron en kunstverzamelaar. Hij heeft in Minkes kunsttijdschrift gelezen dat Felix alleen 'naar het leven' schildert. Toch stelt hij hem de verrassende vraag: 'Werkt u ook naar de dood?' (p. 35). Hij wil namelijk een schilderij laten maken van zijn overleden zoon en biedt het riante honorarium van 100.000 euro. (Dat zijn vijftien portretten, rekent Felix snel uit!) Specht zet hem zwaar onder druk. 'Je kunt iets zeldzaams. Iemand laten leven' (p. 35). En hij voegt er even klemmend als geheimzinnig aan toe: 'Je redt er een leven mee' (p. 37). Het blijkt te gaan om een zwarte jongen van twaalf jaar, Singer, die vijf jaar geleden gestorven is. Specht heeft hem gered uit de burgeroorlog in Sierra Leone. Helaas is hij omgekomen bij 'een dom ongeluk' (p. 48). Specht heeft ook nog foto's en een videoband van Singer. Verder wil hij weinig over de jongen kwijt. Na Spechts herhaalde, dringende verzoek - 'Schilder mijn zoon. Maak hem levend' (p. 39) - aanvaardt Felix de opdracht. Hij zal het grote doek, dat eigenlijk bestemd is voor de Piëta, gebruiken voor een schilderij van Singer. Specht vertrouwt erop dat het Felix' meesterwerk zal worden: 'Je kunt iets zeldzaams. Iemand levend schilderen' (p. 77-78). Specht mag het schilderij over twee maanden, met Pasen, komen ophalen. Behalve Lidewij mag niemand het zien. Er mogen ook geen foto's van gemaakt worden. Felix besluit van de jongen een liggend naakt te maken en voltooit het werk in twee maanden. Dan mag Lidewij het zien. Het valt haar meteen op dat er iets eigenaardigs is met Singers geslacht. Dat ontbreekt namelijk vrijwel volledig. 'Aan wie moest je denken, Felix, toen je hem maakte?', vraagt Lidewij (p. 63). Pas later vertelt Felix haar (ze is inmiddels zwanger) van zijn jeugdvriend Tijn. Toen die op een keer voor Felix zijn broek liet zakken om zijn geslacht te laten zien, heeft Felix zijn hoofd afgewend en is weggelopen. Einde vriendschap. Maar toch heeft Felix een glimp van Tijns onderlijf opgevangen: geen testikels en een minuscuul piemeltje. De gebeurtenissen komen in een stroomversnelling. Felix krijgt telefonisch het bericht dat het schilderij niet met Pasen opgehaald zal worden. Hij moet het volledig ingepakt klaarzetten, dan meldt zich te zijner tijd wel iemand voor het transport. De maanden verstrijken zonder dat er iets gebeurt. Als Lidewij zeven à acht maanden zwanger is, treden er complicaties is. Ze moet worden opgenomen in het ziekenhuis. Juist dan meldt Minke Dupuis zich opnieuw bij Felix. Minke meent dat Felix als een van de laatsten Valéry Specht heeft gezien en gesproken. Volgens haar ligt Specht nu als terminale kankerpatiënt in een Rotterdams ziekenhuis. Minke wil meteen na Spechts dood een sensationeel artikel over hem publiceren. Terwijl Minke en Felix neuken, doet zij een aantal opzienbarende onthullingen over Specht, waardoor de vrijpartij deerlijk mislukt. Minke schetst namelijk een ontluisterend beeld van de homoseksuele Specht: hij koopt zijn seksslaafjes in Afrika, meestal in Marokko. Van een zoon is geen sprake. Wel laat hij steeds van elk schandknaapje dat hij afdankt een schilderij maken. Felix is geschokt en voelt zich vreselijk misbruikt. In een opwelling maakt hij in de tuin een groot vuur van takkenbossen, sleept het schilderij van Singer erheen en verbrandt het. Een polaroidfoto die hij, tegen de afspraak in, van het doek gemaakt heeft en erachter gestopt, dwarrelt door het atelier. Felix scheurt de foto in tweeën en steekt hem in zijn borstzak. Daar neemt de foto de vertelfunctie over van het verbrande schilderij. Felix krijgt weinig tijd om verder over zijn daad na te denken. Het ziekenhuis laat hem weten dat hij moet komen, omdat de bevalling wordt ingeleid. IJlings gaat hij er op de fiets naartoe. Hij liegt tegen Lidewij over de brandlucht in zijn kleren, over het bezoek van Minke, over het schilderij en over Specht. Toevallig heeft Lidewij die nacht heel akelig gedroomd over Singers dood. Bijna gaat het mis met de bevalling. Moeder en baby redden het maar op het nippertje. Er komt een zoon ter wereld, die ze Stijn noemen. Felix fietst naar de plek waar het incident met Tijn zich destijds heeft voorgedaan. Hij gaat tegen een boom zitten, bekijkt de gescheurde polaroidfoto en huilt hevig. Om 'iedereen die hij niet had gezien terwijl ze voor hem stonden' (p. 132). 'Wie zijn we als we wel kijken maar niet zien' (p. 133). Hij beseft diep tegenover hoevelen hij tekort is geschoten en wenst nog maar één ding: 'Ik wil te vertrouwen zijn' (p. 133). Op het moment dat Felix thuiskomt, rijdt er een auto voor. Er wordt een rolstoel uitgeladen, waar een oude, zieke man in wordt neergezet: Specht. Felix rijdt hem naar het atelier. Daar voeren ze een laatste gesprek. Specht verwijt Felix dat hij Minke meer heeft geloofd dan hem en daarom Singer heeft verbrand. 'Dat het zo moeilijk te geloven is, zei Specht. Dat ik zo vreselijk moeilijk te geloven ben geweest' (p. 137). Maar Singer leeft nog, vertelt Specht. Hij is verslaafd aan drugs en heeft geprobeerd zelfmoord te plegen. Specht had graag dat schilderij aan hem gegeven om hem ervan te overtuigen dat er van hem gehouden werd. Dan geeft Felix de gescheurde polaroidfoto aan Specht. Lang zit die er roerloos naar te kijken: Specht met zijn zoon op schoot. Ten slotte geeft hij Felix de opdracht: 'Maak hem. Schilder hem opnieuw. Zoals hij is. Hij leeft. Eens komt hij om zichzelf te zien' (p. 142, slot van de roman).

Thematiek:
In de thematiek van Specht en zoon zijn duidelijk twee verschillende lijnen te onderscheiden. Aan de ene kant de lijn van menselijke schuld, schaamte en onmacht. Maar daartegenover de bijna goddelijke mogelijkheden van de scheppende kunstenaar. Beide lijnen worden met name in de hoofdpersoon, 'schepper' Felix Vincent, zichtbaar. Felix voelt zich schuldig tegenover zijn vroegere schoolvriend Tijn. Door hem als model te kiezen voor Singers 'midden' probeert hij die schuld te delgen: Tijn wordt alsnog gezien . En door zijn zoontje Stijn te noemen bezegelt Felix dat als het ware nog eens. Schaamte voelt Felix voor zijn pornografische wellust zodra Lidewij een poosje weg is. Foto's en videobanden gooit hij in het vuur. De voornaamste daad van boetedoening is uiteraard het verbranden van het schilderij. Het is niet zonder symboliek dat Felix daarbij zijn hand brandt: hij komt er niet ongeschonden vanaf. Felix voelt zich schandelijk misbruikt, zowel door Specht als door Minke. Hij heeft tegen betaling een kindslachtoffer geschilderd en zo voor zijn gevoel meegedaan aan het misbruik. In een radeloos gevoel van onmacht gooit hij als ultiem gebaar van boetedoening het schilderij in het vuur. Strikt artistiek gezien is het doek mogelijk geslaagd, maar Felix ervaart het als een immoreel product. (Of heeft Minke toch gelogen over Specht?) Niettemin beschikt de kunstenaar-schepper over unieke mogelijkheden. Dat wil zeggen: mits hij werkt in het besef van overgave, van geloof en vertrouwen. Een kunstenaar die niet gelooft in de opdracht en/of zijn opdrachtgever niet vertrouwt - voor Otten mag dat woord ook met een hoofdletter worden geschreven - kan alleen maar falen. Dat is dan ook Spechts grote verwijt aan het eind van de roman: Felix heeft hem niet geloofd en vertrouwd als opdrachtgever. (Of wijst Spechts ongewone beloning van 100.000 euro toch ook op een behoefte aan boetedoening?)

Titel en motto's:
De titel bevat twee elementen die in de roman geen van beide volledig ontraadseld worden. Wat is Specht precies voor een man? En wie is die raadselachtige jongen die hij zijn zoon noemt? Maar wel maakt de titel duidelijk dat het vaderschap in de roman - zowel artistiek als biologisch - een grote rol speelt.

Structuur en techniek:
Het meest opvallende technische aspect van de roman is het vertelperspectief. Het verhaal wordt immers verteld vanuit een schilderij, in alle stadia van zijn bestaan. Eerst maakt het jarenlang deel uit van een rol linnen; eindelijk is het aan de beurt om voor een geïnteresseerde klant afgesneden te worden. Wanneer die verschijnt in de persoon van Felix Vincent, wordt de lap van 200 x 120 cm opgespannen en naar het atelier getransporteerd. Daar blijft het nog tien maanden tegen een koude muur staan. Uiteindelijk gaat het dienstdoen voor de opdracht van Valéry Specht. Dan kan het van zijn kant verslag doen van het scheppingsproces en van alle verwikkelingen daarna, tot aan de voor hem fatale brandstapel. De verbeelding van de lezer ondergaat in het laatste deel van de roman nog een extra test: dan wordt de vertelfunctie van het verbrande kunstwerk overgenomen door een gescheurde foto van het schilderij (p. 121-142). De roman telt vijf hoofdstukken (zonder titel) en begint met wat voor het schilderij het einde betekent: het moment waarop het in het vuur gegooid zal worden. Nadat de lezer van deze treurige afloop op de hoogte is gesteld, wordt het verhaal vanaf het eigenlijke begin chronologisch verteld. De tijdsaanduiding is meestal globaal. Slechts enkele tijdstippen met nadrukkelijke symboliek worden concreet vermeld. Begin januari, met Driekoningen, verschijnen ook bij Felix drie mannen: Specht en zijn twee assistenten. Het schilderij zal klaar zijn met Pasen maar is al een week eerder voltooid, met Palmpasen (triomf!). Het zal worden opgehaald op Stille Zaterdag, een dag waarop het inderdaad bevreemdend stil blijft: er komt niemand opdagen voor het doek. De maanden daarna worden globaal aangeduid naar de wisseling van de seizoenen: lente, zomer, herfst. De roman eindigt in oktober/november met de geboorte van Stijn - verwekt met Pasen maar te vroeg geboren - en de terugkeer van Specht. De keus van het vertelperspectief bewerkt vooral een eenheid van plaats. Het verhaal speelt zich voor het grootste deel af in één ruimte: Felix' atelier, een aangebouwde serre op het Noorden, waar slechts in de late namiddag de zon soms even binnendringt. Alleen het eerste deel, in de winkel, en het laatste deel spelen in een andere ruimte. Vooral het bestaan als foto biedt de vertelinstantie een veel ruimer kijk op de buitenwereld: over een bezoek aan het ziekenhuis en een fietstocht door het bos kan zo 'uit de eerste hand' worden verteld.

Personages:
Het schilderij is in strikte zin geen personage, maar vertoont wel overeenkomst met allerlei personages in Ottens werk. Veel verhaalfiguren demonstreren bij hem namelijk een groot verlangen om hun eigen handelen waar te nemen. Ook het schilderij zou dolgraag zichzelf eens bekijken en levert zo op zijn manier een welkome bijdrage aan Ottens spel met kijken en gezien worden. De eigenlijke hoofdpersoon is Felix Vincent, die op zijn beurt ook herinneringen oproept aan andere personages in Ottens oeuvre: een overspelige man voor wie de erotiek kennelijk een zeer gecompliceerde aangelegenheid is. Een Otten-type dus. Wanneer Lidewij een paar weken naar de wintersport is, bevredigt hij zichzelf iedere avond bij het kijken naar pornofilms. En zodra Lidewij in het ziekenhuis is opgenomen, haalt hij een tas met pornovideo's in huis en richt snel zijn atelier sfeervol in voor het overspel met Minke Dupuis. Tegelijk maakt hij duidelijk dat hij heel veel van Lidewij houdt, ook al liegt hij meermalen tegen haar alsof het gedrukt staat. En als kunstenaar is hij plotseling een ander mens. Dan vertoont hij goddelijke trekjes en manifesteert zich als een schepper die zelfs doden tot leven kan wekken. Ook Valéry Specht blijft een enigszins raadselachtige figuur. Is de baggermiljonair en kunstliefhebber een liefhebbende, altruïstische adoptievader of een bejaarde uitbuiter van seksslaafjes? Wie zijn z'n assistenten? Waarom heeft hij 100.000 euro over voor een schilderij dat hij niet komt ophalen? Er blijven verschillende interpretaties open. Tegenover de gecompliceerde mannen zijn de twee vrouwelijke personages opmerkelijk eenduidig. Lidewij Langebeen is de trouwe, liefhebbende partner, die haar 'schepper' op handen draagt. Minke Dupuis is de doortrapte journaliste voor wie alleen het commercieel succes telt. In hun eendimensionaliteit vormen ze een mooi contrasterend duo.

Taal en stijl:
Specht en zoon is geschreven op een consequent eenvoudige verteltoon, zonder literaire opsmuk, maar in z'n eenvoud raak, direct en beeldend. In de paragraaf 'Samenvatting' laten verschillende citaten zien dat Otten veel korte zinnen gebruikt en er ook een heel persoonlijke interpunctie op nahoudt. Terloops demonstreert hij soms ook een verfijnde humor, bijvoorbeeld in de typering van een Gooise dame die een facelift heeft ondergaan voordat ze zich laat portretteren: 'met haar gecorrigeerde mond, haar aangescherpte neusvleugels, haar weggetrokken wangen en haar uitgedeukte frons' had ze liefst ook gezien dat het doek van twee meter bij ééntwintig voor haar portret gebruikt werd (p. 23). Ottens stijl zit vol verwijzingen en symbolen/metaforen. Verwijzingen naar de literatuur bijvoorbeeld: het linnen wordt gekocht bij Van Schendel (p. 6), een van Ottens favoriete auteurs. Naar de bewonderde dichter Hans Lodeizen wordt verwezen met 'het innerlijk behang' (p. 15). En de telkens weer opduikende pauw (onder andere p. 23-24) herinnert aan een van Ottens eigen toneelstukken (De nacht van de pauw, 1997). Overduidelijk is de overvloedige symboliek rondom het grote schilderij. Het doek is eigenlijk bedoeld voor een Piëta: het wordt ter versteviging opgespannen met een kruis. De uiteindelijke bestemming wordt de negerjongen Singer, beschreven in termen van het bijbelse paasverhaal: de dode die tot leven gewekt moet worden, een wonder dat met Pasen te zien zal zijn. Het zijn niet de enige voorbeelden van nadrukkelijke christelijke symboliek in de roman. Ook in de paragraaf 'Structuur en Techniek' staan er enkele vermeld.

Situering binnen het werk:
Willem Jan Otten (1951) debuteerde in 1973 als dichter en wijdde zich tien jaar lang vrijwel uitsluitend aan de poëzie. In die jaren was hij een succesvol dichter - verscheidene bundels werden met prijzen onderscheiden - en een gewaardeerd toneelcriticus bij verschillende bladen. Vanaf 1984 waagde Otten zich aan meer genres dan alleen de poëzie. Hij schreef romans, toneelstukken en essays en stelde daarin steeds nadrukkelijker ook maatschappelijke problemen aan de orde. Zijn toetreden tot de rooms-katholieke kerk in 1999 had daarbij onmiskenbaar invloed op zijn stellingnames. Daardoor werd hij tevens een meer controversieel auteur. Na Een man van horen zeggen (1984), De wijde blik (1992) en Ons mankeert niets (1994) is Specht en zoon (2004) Ottens vierde roman. Het verscheen vrijwel tegelijk met zijn toneelstuk Braambos - ook een bijbelse verwijzing - dat in eenzelfde decor speelt als de roman: een atelier in Het Gooi; een schilder met een zwangere vrouw, die werkt aan een levensgroot doek. Ook in het toneelstuk speelt schuld een grote rol, maar thematisch gaat het daarin toch primair om de vergeving. Thematisch zijn beide werken dus duidelijk verschillend.

Reacties:
In de literaire kritiek werd Specht en zoon vrijwel unaniem positief beoordeeld. Daarbij lieten enkele critici blijken dat het boek hun meegevallen was. Zo schreef Thomas van den Bergh boven zijn recensie in Elsevier (6 maart 2004): 'Anders dan in Braambos slaagt Willem Jan Otten er in zijn nieuwe roman wel in de denkconstructies leven in te blazen'. En Stephan Sanders zette boven zijn bespreking in Vrij Nederland (6 maart 2004): 'Willem Jan Otten overtreft zichzelf in zijn nieuwe roman Specht en zoon. Hij laat het zelfs zingen.' Het minst waarderend was Leonie Breebaart in Trouw (28 februari 2004). Opvallend genoeg oordeelde juist de recensente van deze christelijke krant: 'Het is wel jammer dat de religieuze symboliek zich in de loop van het verhaal zo hinderlijk opdringt'. De subkop van haar recensie luidde: 'Kitsch in het esthetische program van Willem Jan Otten'. Daarmee verwees zij naar de overtuiging die ideeëndrager Felix Vincent in de roman huldigt: 'Alles van waarde balanceert op de rand van kitsch' (p. 46). Haar niet bepaald positieve eindoordeel luidde: 'Ik werd tijdens het lezen te vaak opgeschrikt en gehinderd door de doelbewust ingelaste kitsch, de opzichtige, religieuze verwijzingen en de al te voorspelbare uithalen naar de ironische, gehaaide, smaakmakende kunstwereld'. Maar de lof overheerste ruimschoots. Arjen Fortuin prees in NRC Handelsblad (27 februari 2004) vooral de figuur van 'de schilder Felix Vincent met zijn schaamte, verwarring en twijfel. Zijn worsteling met de opdracht die hij heeft gekregen, is uiteindelijk wat Specht en zoon tot een roman maakt die niet alleen wil aanzetten tot geloven, maar ook tot denken. Zoals de bedoeling is van literatuur.' In dezelfde geest besprak Jaap Goedegebuure het boek in het Haarlems Dagblad (en andere regionale bladen, 6 maart 2004): ' Specht en zoon is een ijkpunt in Ottens oeuvre. En daarbovenop een fascinerende en tot nadenken stemmende roman, voor oude en nieuwe liefhebbers van een schrijver die je hoe dan ook nooit onberoerd laat, een schrijver die er in het Nederland van vandaag de dag toe doet.' Arjan Peters - vaak niet mild in zijn kritiek - noemde Specht en zoon in de Volkskrant (20 februari 2004) 'een intrigerende roman'. Marja Pruis, die in De Groene Amsterdammer (13 maart 2004) eerst haar afkeer van het vertelperspectief ventileerde: 'Maar Otten doet het je vergeten, omdat hij je nieuwsgierig maakt naar het drama van de gestorven zoon'. Daarover heeft Otten volgens haar een boek geschreven dat 'tot en met de laatste bladzijde te genieten valt als een verhaal zinderend van spanning'. Specht en zoon werd bekroond met de Libris Literatuur Prijs 2005. De jury noemde de roman zowel 'een intellectuele exercitie van formaat die de lezer nog lang naar adem zal doen happen' als 'een verhaal tintelend van spanning' dat de lezer het gevoel heeft 'verrijkt te worden met iets wat hij nog niet kende en waarover hij voorlopig ook niet uitgedacht zal zijn'. Het boek werd ook bekroond met de Inktaap 2006, een prijs die door scholieren wordt toegekend aan een van de boeken die in het voorafgaande jaar is bekroond met de Libris Literatuur Prijs, de AKO literatuurprijs of de Gouden Uil.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

P.

P.

"tijd en ruimte:
... het verhaal is chronologisch verteld............ "

dit klopt niet omdat er flashbacks en flashforwards in voor komen

14 jaar geleden

N.

N.

Het motto is een citaat of een stuk van een gedicht, wat dit niet is. De opdracht wil zeggen aan wie het boek opgedragen is.

14 jaar geleden

A.

A.

@pieter
het klopt wel. Ook al zijn er veel flashbacks en flashforwards het boek kan nog steeds chronologisch verteld worden. Als het maar nog steeds van a naar b gaat. Hier gaat het wel van a naar b maar ertussen komen er flashbacks of forwards. Maar het gaat nog steeds richting b.

11 jaar geleden

L.

L.

Er staat dat Lidewij overlijdt na het baren van haar zoon. Dit is niet waar. Ze raakt buiten bewustzijn, maar is ook buiten levensgevaar, volgens de dokter. Later keert ze ook gewoon terug naar Nimmedor.

9 jaar geleden

L.

L.

Het verhaal is niet chronologisch, aangezien het boek begint op het einde. Het hele boek is een terugblik.

8 jaar geleden

R.

R.

ik voel me seksueel geïntimideerd

3 jaar geleden

R.

R.

ik vind t wel leuk

3 jaar geleden

R.

R.

juist omdat het seksueel intimiderend was

3 jaar geleden

Andere verslagen van "Specht en zoon door Willem Jan Otten"