Slaap! door Annelies Verbeke

Beoordeling 7.1
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 5e klas vwo | 2940 woorden
  • 30 november 2006
  • 36 keer beoordeeld
  • Cijfer 7.1
  • 36 keer beoordeeld

Boek
Auteur
Genre
Taal
Nederlands
Vak
Eerste uitgave
2003
Pagina's
190
Geschikt voor
bovenbouw havo/vwo
Punten
2 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Literaire thema's

Boekcover Slaap!
Shadow

Stilistisch sterk en eigenzinnig,
inhoudelijk bizar en teder

Maya lijdt aan slapeloosheid. Ze probeert van alles om een paar uur rust te krijgen. Adviezen van vrienden en deskundigen helpen niet. Therapie via videobanden van ShopChannel of goedbedoelde cursussen werken evenmin. Als haar geliefde met Maya breekt omdat met haar geen land te bezeilen is, gaan d…

Stilistisch sterk en eigenzinnig,
inhoudelijk bizar en teder

Maya lijdt aan slapeloosheid. Ze probeert van alles om een paar uur rust te krijgen. Adviezen van vrienden en…

Stilistisch sterk en eigenzinnig,
inhoudelijk bizar en teder

Maya lijdt aan slapeloosheid. Ze probeert van alles om een paar uur rust te krijgen. Adviezen van vrienden en deskundigen helpen niet. Therapie via videobanden van ShopChannel of goedbedoelde cursussen werken evenmin. Als haar geliefde met Maya breekt omdat met haar geen land te bezeilen is, gaan de remmen los. 's Nachts haalt ze uit frustratie mensen uit hun slaap.

Een bange vrouwenstem.
Ik trachtte zo alarmerend mogelijk te zwijgen.
'Hallo? Wie is daar?'
Wat zeggen mensen toch banale dingen.

Tot ze op een van die tochten haar mannelijke evenknie, Benoit, tegenkomt. Het is het begin van een bizarre en tedere relatie die niet gemaakt lijkt om stand te houden.

Slaap! door Annelies Verbeke
Shadow
ADVERTENTIE
Studententijd zomerspecial

Heb jij de Zomerspecial van Studententijd de podcast al geluisterd? Joes, Steie, Dienke en Pleun nemen je mee in hun zomer vol festivals, vakanties en liefde. En kijken ook alvast vooruit naar de introductietijd van het nieuwe collegejaar. Luister lekker mee vanaf je strandbedje, de camping of onderweg. 

Luister nu!
Titel: Slaap!
Auteur: Annelies Verbeke
Plaats van uitgave: Zwolle
Jaartal eerste druk: 2003
2e druk gelezen.
Vraag 1: Wat is het thema, en wat kom je erover te weten?
Ik heb een moeilijk te formuleren thema gekozen. Het is een mix van psychologie en psychiatrie. Mijn thema is zeer ruim.
In dit boek, Slaap!, is er sprake van een psychische stoornis. De twee hoofdpersonen, Maya en Benoit, hebben last van slapeloosheid. Deze slaapproblemen hebben een psychische oorsprong. Maya slaapt al sinds zij kind was zeer slecht, het slapen en willen slapen overheersen haar leven. Ze doet er alles aan om ook maar een uurtje slaap te krijgen. Ze volgt adviezen op van vrienden, familie, artsen, ze probeert alles. Citaat blz. 9: “Ik volgde hun raad nauwkeurig op. Joggen voor het slapengaan. Warme melk met honing. Ademhalingsoefeningen. Een Alprazolam. Vijf Alprazolams. Een jointje. Een fles wijn. Stapels boeken.”
Hieruit blijkt wel, dat ze echt wíl slapen, maar het gewoon niet kan. Het is zeker geen geval van aanstellerij.

Ze kan er niet tegen dat anderen wel goed kunnen slapen, daarom gaat ze soms anderen uit hun slaap houden.
Citaat blz. 11: “Ze hadden al nachtrust gehad, op zijn minst een tukje gedaan. Zo niet, dan gingen ze er eentje doen. De rotzakken. Ik zou ze leren.”
Hieruit blijkt, dat Maya erg gefrustreerd is door het feit dat ze de slaap niet kan vatten. Ze kan het feit dat anderen wel goed kunnen slapen en er geen moeite voor hoeven te doen, niet accepteren. Ze gaat op zoek naar andere ‘niet slapers’, om zichzelf te bewijzen dat ze niet de enige is die bijna nooit slaapt en dat ze geen hopeloos geval is.
Citaat blz. 12: “Zoals de hoeren, wanneer sliepen de hoeren? Die vraag kreeg ik niet meer uit mijn hoofd. Ik reed naar het Glazen Straatje en wandelde erdoor met mijn fiets aan de hand.”
Hieruit kan blijken dat ze zekerheid wil, ze wil bewijs hebben dat ze óf de enige is, óf niet. Ze wil een klein beetje houvast waar ze zich op kan richten. Ook zou het kunnen dat ze graag met iemand erover wil praten. Overigens vindt ze dat ze door niemand wordt begrepen, iemand die goed slaapt kán zoiets niet begrijpen volgens Maya.
Citaat blz. 41: “Dat ik Benoit De Gieter in één nacht tot Vriend had uitverkoren vloeide niet alleen voort uit mijn behoefte aan een soortgenoot. Het was een verdrukte drang naar contact die mij dreef. Hoe meer wakker, hoe meer alleen. Na acht maanden begon dat te wegen.”
Hieruit blijkt dat Maya inderdaad behoefte heeft aan een ‘soortgenoot’. Een partner waar de dag niet bij ophoudt zodra ze ‘s avonds in bed gaan liggen. Iemand die net als Maya wakker blijft tot de zon weer op komt. Maya heeft al eerder een partner gehad, maar omdat ze het niet kon uitstaan dat hij moeiteloos in slaap viel, heeft ze hem toen ze uitgeput en gefrustreerd was finaal uitgescholden. Deze jongen, Remco, heeft haar verlaten.

Uit dit alles blijkt dat Maya door haar psychische stoornis vaak gefrustreerd raakt en zowel emotioneel als lichamelijk uitgeput raakt. Daarom heeft ze behoefte aan een soortgenoot, om mee te praten, of om van te houden.
Als Maya expres mensen gaat wakker maken, komt ze Benoit tegen.
Citaat blz. 21: “En toen bleek ik niet alleen te zijn. Het was alsof zijn hand klaar lag op de intercomtelefoon, zo plots beantwoordde zijn stem mijn oproep. En die stem bezat een trage klaarte die ik zo onmiddellijk herkende dat mijn adem stokte. Boven mij, in hetzelfde gebouw waar mijn nachtimperium aan uitbreiding was gaan denken, woonde een tweede reddeloze ridder van de nacht. Een Slapeloze, net als ik. Ik bleef staan met een hart zonder remmen, met hoop zonder slaap.”
In het boek komt ook een stukje wetenschap aan het licht.
Citaat blz. 43: “Korte slapers zijn repressiever in de zin dat ze psychische moeilijkheden eerder verbergen of het spreken erover ontwijken.”
Dit citaat maakte mij al helemaal duidelijk dat er dus inderdaad een psychische oorzaak achter de slapeloosheid zat, en dat het boek dus wel degelijk bij mijn onderwerp paste.
Benoit heeft dan wel hetzelfde probleem als Maya, toch gaat hij er anders mee om. Hoewel hij niet reddeloos op zoek gaat naar een soortgenoot, is hij toch erg blij dat hij een ‘niet slaper’ is tegengekomen. Bij Benoit staan zijn dromen centraal. Áls Benoit slaapt, droomt hij bijna altijd over Frederik. Frederik is een potvis, die in zijn dromen voorkomt. Frederik geeft Benoit een soms andere kijk op het leven, en zorgt voor een ‘veilige omgeving’. Benoit wil dan ook bij Frederik de Potvis blijven, omdat hij veel vriendelijker is dan de realiteit, maar Frederik waarschuwt hem dat dat niet kan omdat hij anders aan zal spoelen. Benoit klampt zich zo ontzettend vast aan Frederik en de veiligheid als hij bij hem is, dat hij het verschil niet meer ziet tussen werkelijkheid en dromen.
Citaat blz. 132: “Op dat moment rende Benoit in beeld, met kapotte kleren en een blik vol angst. Hij leek het dier eigenhandig weer in het water te willen duwen, zette er zijn volle gewicht tegenaan, streelde het, praatte ertegen, struikelde eromheen. Uiteindelijk zeeg hij neer voor de enorme mond en trachtte zich vergeefs naar binnen te wurmen.”
Hieruit blijkt dat Benoit denkt dat de aangespoelde potvis Frederik is. Benoit wil hem terugduwen in het water omdat Benoit anders zijn veiligheid kwijt raakt. De potvis staat voor de veiligheid in Benoit’s leven. De regelmaat.
Benoit wil graag net als Maya iets om zich aan vast te klampen, een vriend die je begrijpt. Toen hij Maya had ontmoet, was Maya die zekerheid, maar later in het boek als Benoit en Maya gescheiden van elkaar raken, gaat Benoit op zoek naar een zelfde soort (tijdelijke) vriend. Dit wordt dan de nachtvlinder ‘Ernest’.
Citaat blz. 144: “Het rood weeskind daarentegen blonk uit in intelligentie. Opgewonden las ik hoe hij er als rups al in slaagde vijanden te slim af te zijn door zich te vermommen als takje. Nog erg overtuigend ook, constateerde ik op een foto in een bibliotheekboek. ‘Ah Ernest, wat slim!’ kon ik niet nalaten tot mijn doosje te fluisteren.”
Hieruit blijkt dat Benoit zichzelf vermaakt door allerlei informatie op te zoeken over Ernest. Hij heeft zo’n intense behoefte aan contact, dat hij contact zoekt met een nachtvlinder, en er zelfs tegen praat! Uit alles hierboven blijkt dat er grote behoefte is aan contact en zekerheid, bij zowel Maya als Benoit.
Vraag 2: Welke eigenschappen hebben de hoofdpersonen en veranderen zij door de gebeurtenissen in het verhaal?
Maya:
Maya is een vrouw die lijdt aan slapeloosheid. Ze wordt niet begrepen door anderen, vindt ze zelf, en ze begrijpt anderen ook niet. (Met anderen bedoel ik hier mensen die goed slapen.) Maya is snel gefrustreerd en dat reageert ze af door anderen uit hun slaap te houden, of wakker te maken. Maya heeft een tijdje een vriend gehad, Remco. Dit ging echter niet goed omdat Maya niet tegen het feit kon dat Remco in slaap viel zodra hij in bed lag. Maya, gefrustreerd en moe, heeft hem toen flink uitgescholden. Toen werd het duidelijk: het ging niet tussen hen.
Citaat blz. 110: “ Dertig seconden had ze nodig om in te slapen. Wolkjes vol haat stapelden zich op in mijn wakkere achterhoofd, hoe kon ze. Of ze mijn huur betaalde of niet, ze ging eruit! Met kinderen, wiegjes, hond, kat en pluchen diertjes de straat op!”
Dit citaat gaat over Sofie, de zus van Maya, die in het huis van Maya woont met haar gezinnetje. Maya is erg jaloers op haar omdat Sofie zo gelukkig is. Ze heeft alles wat Maya ook wil, man, kinderen, alles. Maar vooral: SLAAP. Omdat Maya ontzettend jaloers is op haar zus, die op dat moment naast haar lag te slapen, bedenkt ze de gemeenste dingen om haar zus in de weg te zitten. Haar jaloezie bereikt een vrij hoog level en ze verzint allerlei plannen, maar de gemene plannen voert ze echter niet uit, omdat het tóch haar zus blijft.
Citaat blz. 109: “Toen ik dat hoopje zacht roze zo tegen me aan hield, moest ik denken aan een krantenartikel dat handelde over het door elkaar schudden van baby’s dat de dood tot gevolg had. Dat gebeurde heel vaak en in toenemende mate, volgens dat krantenartikel. Sebastiaan las mijn gedachten zoals alleen een zuigeling dat kan en zette het op een brullen.”
Dit soort ‘gemene’ gedachten heeft Maya wel vaker. Ik denk dat het te maken heeft met haar onmacht. Misschien wil ze anderen de pijn laten voelen die zij voelt door elke avond bijna niet te slapen.
Citaat blz. 110: “Toen legde ze haar arm om me heen, Sofie, omdat ze tot het soort mensen behoorde dat iemand al slapend omhelsde. Ik wou hem van me afschudden maar deed het niet, omdat ik tot het andere soort behoorde, die al lang geen arm meer om zich heen had gevoeld.”
Hieruit blijkt dat Maya erg eenzaam is.
Maya verandert wel een beetje in de loop van het verhaal. De grootste verandering treedt op als ze Benoit, ook een slapeloze, tegenkomt. Vanaf dan voelt ze zich minder alleen, en heeft ze een stukje houvast. Ze heeft iemand die haar begrijpt, doormaakt wat zij voelt als ze niet kan slapen. Deze ontmoeting maakt haar wat zekerder.
Benoit:
Benoit is een man die lijdt aan slapeloosheid. Ook hij wordt niet begrepen door anderen. Hij leeft eigenlijk in afzondering. In het boek is minder goed beschreven hoe Benoit onder deze omstandigheden leeft. Er wordt wel beschreven hoe blij Benoit is met de ontmoeting met Maya. Hij had net als Maya grote behoefte aan contact met iemand die precies begreep hoe het zat, en hoe je je voelde. Toen Maya en Benoit uit elkaar raakten, had Benoit ontzettende behoefte aan een nieuwe vriend, iemand die naar je luisterde. Dat werd Ernest.
Citaat blz. 151: “En ze zong, Ernestine, een lied dat ik enkel kende in de versie van Chet Baker zong ze met de power van Ella Fitzgerald, de maat aangevend met haar rechtervoorpootje. Die Ernestine toch, ze kende mij zo goed.”
Hier blijkt dat Benoit de muur tussen werkelijkheid en fantasie een beetje omhakt. Hij praat met een nachtvlinder, die volgens hem aan het zingen was. De nachtvlinder was in de tijd dat Maya er niet was, een soort ‘vriendvervanging’.
Het probleem van Benoit was niet alleen zijn slapeloosheid, maar ook zijn vage grens tussen realiteit en fantasie. Zodra een fantasie terug komt in de realiteit raakt hij dan ook in de war.
Voorbeeld: Zodra de potvis aanspoelt, krijgt hij op een of andere manier het idee dat het zijn Frederik is uit zijn dromen. Hij heeft geen enkel besef dat Frederik een verzinsel is uit zijn dromen, en dat hij zich nu in de realiteit bevindt.
Benoit was erg gehecht aan zijn moeder, dit komt in allerlei kleine aanwijzingen naar voren. Bijvoorbeeld het ‘zeetje’. Benoit ging altijd naar ‘ons zeetje’ samen met zijn moeder, omdat hij daar vlakbij woonde. Telkens als Benoit droomt, droomt hij over Frederik, een potvis op ‘ons zeetje’. Indirect worden er linken gelegd tussen Benoit en zijn moeder. Ik denk dat hij dus ook een soort van verlatingsangst heeft. Hij mist zijn moeder heel erg.
Citaat blz. 151: “Boven de hoofden van mijn briesende aanranders zweefde een aangroeiende sliert nachtvlinders naar de maan. Ze droegen mijn moeder bij haar jurk tussen hen in. Lachen dat ze deed, lachen.”
Ook hier, in zijn fantasie, komt zijn moeder terug.
Benoit verandert wel enigszins in de loop van het verhaal. Benoit zoekt zekerheid, en vindt die bij Maya. Hij raakt dan ook behoorlijk van de kaart als Maya en Benoit gescheiden van elkaar raken. Hij zoekt een uitvlucht in zijn fantasie (bijvoorbeeld bij de nachtvlinder Ernest(ine)).
Vraag 3: Hebben andere personen invloed op de hoofdpersonen?
Ja, in Maya’s geval is het heel duidelijk dat eigenlijk iedereen die goed kan slapen, invloed op haar heeft.
Maya raakt ontzettend gefrustreerd door iedereen die wél kan slapen. Zelfs haar zus die eigenlijk heel lief voor Maya is, kan ze daardoor haten.
Citaat blz. 110: “ Dertig seconden had ze nodig om in te slapen. Wolkjes vol haat stapelden zich op in mijn wakkere achterhoofd, hoe kon ze.”
In dit stukje gaat het over Sofie. Eigenlijk is Maya niet zo zeer boos op haar zus, maar meer op het feit dat zij gewoon wél lekker kan slapen. Dit is erg moeilijk voor Maya, want hierdoor houdt ze natuurlijk niet veel vrienden over, als ze die persoonlijk aan gaat vallen omdat zij toevallig wél goed kunnen slapen.
Sofie heeft ook een bepaalde invloed op Maya. Op een of andere manier heeft ze een rustgevende invloed op haar. Maya gaat meer nadenken, in plaats van gelijk uit te barsten van woede. Ze moet dan denken aan vroeger, dat Sofie zo lief was, en iets speciaals had.
Citaat blz. 84: “Ik was een jaar of twee en had problemen met mijn zindelijkheid. Gefrustreerd huilde ik boze traantjes. Sofie was vijf en wandelde stil de badkamer in. Ze ging voor me staan, nam mijn rode hoofd tussen haar handjes, drukte enkele kusjes op mijn mond en zei: ‘Pipi, zusje.’ Magische woorden op dat moment. Mijn potje werd er warm van.”
Dit is de herinnering waar Maya het eerst aan terug denkt zodra ze Sofie na een lange tijd weer ziet. Dan beseft ze hoe lief Sofie eigenlijk voor haar is geweest, hoe Sofie deel was van haar. Sofie is dan ook belangrijker voor Maya dan Maya in de gaten heeft.
Benoit is natuurlijk ook erg belangrijk voor Maya. Hij zorgde ervoor dat Maya zich weer een beetje veilig voelde en niet zo alleen. In die zin heeft Benoit ook een behoorlijke invloed gehad op Maya.
Bij Benoit ligt het iets anders. Frederik de potvis heeft een hele grote invloed op hem. Als de potvis Benoit zou vragen om van een flat af te springen, zou hij dat rustig doen. Frederik staat voor vertrouwen, veiligheid en vriendschap. Eigenlijk staat Frederik voor alles wat hij is kwijtgeraakt toen Benoit bij zijn moeder is weggerukt.
Verder heeft Maya ook een invloed op Benoit. Bij Benoit is het minder duidelijk geworden in het verhaal wélke invloed Maya op Benoit heeft. Maar ze is zeker belangrijk voor hem, hij is namelijk eigenlijk continu naar haar op zoek. Maya staat denk ik toch ook voor de vriendschap, veiligheid en vertrouwen. Gewoon een houvast aan de werkelijkheid. Ook staat ze misschien voor het doorbreken van de eenzaamheid. Benoit wordt niet voor niets vrienden met een nachtvlinder als Maya weg is. Hij heeft gewoon ontzettende behoefte aan contact en liefde denk ik.
Als Benoit in het ‘zottenhuis’ terecht komt, komt hij een vrouw tegen: Ingrid. Met haar heeft hij een korte intieme relatie. Ook zij heeft invloed op hem. Door de manier waarop ze met hem praat beseft hij dat hij Maya moet vinden, en dat hij uit de inrichting moet ontsnappen.
Vraag 4: Wat is de oorzaak van het psychologische probleem/de psychische stoornis?
Maya kon als kind ook al niet goed slapen.
Citaat blz. 91: “Mijn hele leven heb ik op slaap gewacht. Ik groeide op in een warm gezin. ’s Avonds stopte een ouder me onder en las een verhaaltje. Na het verhaaltje volgde een kus. Na de kus werd het donker. Dan gebeurde telkens hetzelfde. ‘Slaapwel.’ ‘slaapwel, lieverd’ ‘Tot morgen’ ‘Tot morgen’ ‘Welterusten!’ ‘Welterusten’ ‘Goedena-hacht!!!’ ‘Ga nu maar slapen schat’. Hoe luider mijn wensen, hoe verder weg de antwoorden. Ik ben nooit bang of eenzaam geweest als kind. Toch bracht elke nacht een nieuwe vraag.”
Hieruit blijkt dat Maya geen vreselijke jeugd heeft gehad, en eigenlijk al slaapproblemen had toen ze klein was. Verder kon ik niet goed uit het verhaal opmaken wat de oorzaak zou kunnen zijn van de slapeloosheid.
Bij Benoit is het niet precies duidelijk wanneer de slapeloosheid is begonnen.
Hij is vroeger wel bij zijn moeder vandaan gerukt en in een kostschool gestopt omdat hij geen toekomst zou hebben bij zijn moeder, een hoer. Dit kan een traumatisch gevolg hebben gehad waar Benoit misschien de slaapproblemen aan te danken heeft.
Citaat blz. 39: “Het licht verblindde ons beiden. Een langgerekte remkreet volgde. Ze duwde mij weg. We vielen samen. De rijkswachtcombi raakte enkel haar. Twee rijkswachters stapten trillend uit en knepen verbijsterd in hun uniformen. Ik kroop naar haar toe en dacht dat het niet zo erg was. Ik streek haar haren uit haar stralende ogen. de regen waste het bloed van haar gezicht. ‘Het komt goed’ zei ik. ‘Ja’ zei zij en het licht doofde. Dat was de laatste dag die ertoe deed. De rest was zomaar een leven.”
Hieruit blijkt dat Benoit erg gehecht was aan zijn moeder, want de laatste keer dat hij zijn moeder zag, was “de laatste dag die er toe deed”. Het is waarschijnlijk dat deze laatste herinnering aan zijn moeder en de plotselinge overplaatsing naar een kostschool, Benoit emotioneel erg heeft aangegrepen. Hij heeft zijn moeder niet meer gezien.
Aangezien Benoit nog op de basisschool zat toen hij werd overgeplaatst en werd weggenomen van zijn moeder, kan het zo zijn dat hij nog in zijn fantasie wereld leefde, zoals kleuters dat soms doen. Het kan zijn dat hij de plotselinge verdwijning van zijn moeder uit zijn leven nooit echt begrepen heeft. Als de enige ouder die je hebt zomaar verdwijnt, kan dat echter traumatische gevolgen hebben. Ik denk dat dat bij Benoit de oorzaak is van zijn slapeloosheid. Het geen onderscheid zien tussen realiteit en fantasie, zou daar ook een gevolg van kunnen zijn. Hij is blijven leven in dat wereldje waar alles eigenlijk kan, zijn fantasie.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "Slaap! door Annelies Verbeke"