Betje Wolff en Aagje Deken, De historie van Mejuffrouw Sara Burgerhart. Amsterdam 1782



Motivatie van mijn boekkeuze



Toen ik mijn zus vertelde dat ik een boek van voor 1880 moest lezen voor school, zei ze dat zij dat ook wel eens had gemoeten, en dat ze toen onder andere dit boek had gelezen, ze raadde mij dit boek aan omdat het taalgebruik niet al te lastig is in vergelijking met veel andere boeken van voor 1880. mijzelf sprak het boek ook wel aan, omdat het verhaal enkel uit brieven bestaat, de gebeurtenissen worden hierdoor op een andere manier en meestal vanuit verschillende standpunten beschreven.



Korte beschrijving van de inhoud van het boek



De hoofdpersoon in het verhaal is Sara Burgerhart. Aan het begin van het boek is zij nog erg jong, maar ze verliest al haar beide ouders. Omdat ze niet meer thuis kan blijven moet ze bij haar tante gaan wonen. Hier groeit Sara op maar ze is er niet erg gelukkig, omdat haar tante haar slecht behandeld, Sara wordt afgesnauwd, niet gerespecteerd en ze krijgt erg karig te eten hoewel haar tante voldoende geld heeft. Ze komt weinig buiten maar houdt al die tijd door middel van uitgebreide briefwisselingen wel contact met een goede kennis van haar ouders, de weduwe Sophia van Zon, en diens dochter Anna Willis, die een goede vriendin van Sara is. Ook heeft ze via brieven veel contact met haar voogd Abraham Blankaart, die in Frankrijk woont. Aan hem schrijft ze ook hoe slecht ze het heeft bij haar tante, en in de loop van de tijd wordt het steeds erger.



Zodra Abraham Sara toestemming geeft om het huis van haar tante te verlaten, gaat zij er met grote haast weg. Met hulp van een oude vriendin van Sara, Aletta Brunier, vindt ze woonruimte, ‘Letje’ had namelijk een kamer bij een oude weduwe, die een erg vervelend huwelijk achter de rug heeft maar nu in alle rust in haar huis een aantal dames logeert. Hoe langer Sara in het huis woont, hoe meer respect zij voor de weduwe krijgt, en ze gaat haar als vriendin en moeder zien, zij is een erg belangrijke persoon voor Sara. Behalve Sara en Letje wonen er nog twee dames in het huis, Charlotte Rien-du-Tout (die nogal dom is, ze lijkt op een groot kind) en Cornelia de Hartog (die ouder is dan de andere bewoners en zich daardoor beter voelt dan zij), waar Sara minder contact mee heeft. Anna verwijt Sara af en toe dat ze teveel uitgaat en te zorgeloos leeft, maar Sara ziet dit als de wereld ontdekken. Er ontstaat een meningsverschil waardoor aan de vriendschap bijna een eind komt.

Intussen heeft Sara bijna de leeftijd om te trouwen, maar ze wil eigenlijk voorlopig nog niet trouwen. Andersom zijn er wel een aantal mannen die zeer onder de indruk zijn van Sara. Willem Willis, de broer van Anna, is al een tijd verliefd op Sara en het wordt steeds erger. Uiteindelijk vertelt hij het haar ook, maar zijzelf en iedereen in hun omgeving zijn het erover eens dat ze niet voor elkaar geschikt zijn. Ook de heer Hendrik Edeling, die eens met zijn vriend, de broer van Letje, in het huis van de weduwe op bezoek was, ziet wel wat in Sara, en zij krijgt steeds meer respect voor hem naarmate hij vaker langskomt. Ook Hendrik laat haar weten wat hij voor haar voelt, en dat hij erg graag met haar zou trouwen, maar nog steeds wil zij zich niet binden.

Nadat Sara bijna is aangerand door de losbandige R. komt ze tot het inzicht dat het toch beter voor haar is om te trouwen en dat de heer Hendrik Edeling een goede partij voor haar is, ze is in de loop van de tijd steeds meer van hem gaan houden. Na behoorlijke tegenwerking te hebben doorstaan van Hendriks vader, die vindt dat Hendrik niet buiten de Lutherse kerk moet trouwen en van Cornelia Hartog, die ook een oogje heeft op Hendrik, trouwen ze. Later krijgen ze ook nog een zoontje, dat ze Jan noemen.



Persoonlijke reactie



*Eerste persoonlijke reactie

Ik vond het boek niet bijzonder boeiend of spannend, het riep bij mij niet echt vragen op die ik graag beantwoord wilde zien. Door het ouderwetse taalgebruik vond ik het een vrij lastig boek om te lezen. Ik vond het verhaal wel geloofwaardig, het had echt gebeurd kunnen zijn denk ik, maar ik ben door dit boek niet echt aan het denken gezet, hooguit over het feit dat ik vind dat in het boek min of meer wordt gesuggereerd dat liefde maakbaar is, en dat lijkt me sterk.



*Uitgebreide persoonlijke reactie

- Het onderwerp van het verhaal is volgens mij de keuze om je te binden of niet, Sara moet steeds weer afwegen of het de juiste tijd is om te trouwen.



- Het onderwerp spreekt me niet zo aan. Dit zou ook aan het tijdsverschil kunnen liggen, vroeger werden huwelijken veel meer gesloten vanuit het verstand, nu meer vanuit het gevoel: bij huwelijken van toen was liefde vaker een extra, nu een voorwaarde.

- Het onderwerp ligt niet in mijn belevingswereld, ik denk nooit na over trouwen, en ik zie eigenlijk ook niet in waarom ik dat zou moeten doen.

- Ik vind wel dat de schrijfsters het onderwerp goed hebben uitgewerkt, je ziet Sara in haar brieven vaak beschrijven hoe ze tegen verschillende mannen aankijkt, en afwegen of het de tijd is om te trouwen. Zo ook bijv. in dit fragment van een dialoog uit een brief van Hendrik (p.182): “Mijnheer, ik heb altoos geloofd, dat de liefde van een achtingswaardig man de glorie ener vrouw is; ik ben boven alle vermomming, en zal u dus maar eenvoudig zeggen, dat die betuiging mijner eigenliefde wèlgevalt; maar ik zeg u meteen, dat ik geen de allerminste neiging heb om van staat te veranderen.”  gebruik bij citaten óf cursiveren óf aanhalingstekens (is duidelijk genoeg), je hoeft het niet allebei.

- Er wordt in het boek niet echt een visie op het onderwerp gegeven, Sara komt er precies op tijd achter wanneer het haar tijd is om te trouwen, maar de auteurs generaliseren dit niet, ze beweren niet dat dit bij iedereen zo gaat.



- De twee belangrijkste gebeurtenissen uit het boek zijn het moment dat Sara bij haar tante vertrekt en bij de weduwe gaat wonen, omdat ze hierdoor vrijer is en meer contact heeft met mensen, en de vervelende ervaring die ze meemaakt met de heer R., omdat ze hierdoor tot inkeer komt en besluit toch te trouwen.

- Ik vind dat de gedachten en gevoelens van de personages een belangrijkere rol spelen in het boek dan de gebeurtenissen zelf, belangrijke gebeurtenissen worden vaak ook in meerdere brieven beschreven, hierdoor zie je verschillende visies op een gebeurtenis. Hierdoor gebeurt er relatief weinig in het verhaal als je kijkt naar de dikte van het boek. Dit vind ik meestal niet zo erg, ik vind het belangrijk dat er veel aandacht wordt besteed aan de gedachten van personages, maar je kunt het ook overdrijven, als sommige brieven wat minder langdradig waren geweest zou het boek zo 300 pagina’s dik zijn geweest, in plaats van de 400 waar ik slechts met moeite doorheen kwam.

- De gebeurtenissen in het boek vertonen veel samenhang, er wordt ook niet al teveel van verhaallijn versprongen en de brieven zijn vaak redelijk lang, wat de orde in het boek zeker ten goede komt.

- Er zijn niet echt gebeurtenissen in het boek die me aan het denken gezet hebben, alles wat er in het boek gebeurt staat vrij ver van me af, van het uitgaan naar de franse comedie tot Sara’s huwelijk.

- Waarschijnlijk komt het daardoor dat de gebeurtenissen me niet bepaald boeiden, ik had er niet echt plezier in om steeds verder te lezen.



- Ik vind de hoofdpersoon niet echt een heldin, hoewel ze de andere personages uit het boek bijna allemaal weet in te pakken met haar vriendelijkheid en charme, toont ze naar mijn idee niet echt uitzonderlijke moed in het verhaal.

- Ik vind dat je het karakter van Sara in het boek goed leert kennen, vooral doordat anderen haar beschrijven in hun brieven. Bijv. uit een brief van Hendrik Edeling aan zijn broer Cornelis (p.113): “God geve, dat zij altoos haar eigen weg ga, en door haar goed hart, ’t welk niet vrij is van wat achteloosheid,niet verstikt worde door een wèl overlegde loosheid.” Ik vind het in boeken in het algemeen belangrijk, dat je de hoofdpersoon leert kennen, maar in dit boek zeker, omdat het gehele boek in feite over haar gaat.

- De meeste personages in het boek vind ik wel min of meer herkenbaar en zeker wel levensecht, ze worden uitgebreid beschreven en ze doen geen onwaarschijnlijke dingen, het zijn gewone mensen.

- De meeste personages uit het boek komen sympathiek over, een belangrijke uitzondering is natuurlijk Sara’s tante Suzanna Hofland, die vind dat ze erg vroom leeft en constant met bijbelteksten in het rond strooit, maar ondertussen Sara in feite verwaarloost en het geld dat zij krijgt voor het onderhouden van Sara uitgeeft aan eten en wijn voor haarzelf en broeder Benjamin. Een andere uitzondering is Cornelia Hartog, zij gedraagt zich erg arrogant tegenover de andere dames die bij de weduwe in het huis wonen. Bijv. uit een brief van Sara aan Anna, die het begin van de vervelende houding toont, die gedurende het boek erger wordt, p.128: “Ik was niet heel gemakkelijk, want juffrouw Hartog mij iets, ’t geen ik haar verzocht, wat onbeleefd aanreikende, en er bijvoegende: ‘ei, altijd dat gelach, ’t zal wat te beduiden hebben, als wij ’t wisten!’ gaf ik haar een antwoord, ‘t welk aantoonde dat ik haar schoon veel ouder, niet voor mijn voogdes begeerde.” Behalve deze houding tegenover haar huisgenoten, reageert ze ook erg afgunstig als blijkt dat Sara en Hendrik willen trouwen.

- Ik vind het gedrag van de hoofdpersoon wel logisch, ze heeft bij haar tante weinig vrijheid gehad en wil zodra ze dat wel heeft het er even van nemen, maar komt na een tijdje tot de conclusie dat het uiteindelijk beter is om te trouwen, dus gaat ze een huwelijk aan met de beste kandidaat die ze kan nemen, iemand die van haar houdt.



- Ik vind het verhaal niet ingewikkeld van opbouw, het wordt chronologisch verteld en er wordt weinig tijd tussendoor overgeslagen, waardoor alles eigenlijk mooi op een rijtje blijft, je hoeft niet zoveel te puzzelen.

- Er zitten niet veel terugblikken in het verhaal, dat vind ik erg prettig omdat je dan niet zo vaak hoeft om te schakelen en dus in je hoofd niet alle stukjes verhaal in de goede volgorde hoeft te plaatsen. Het vergemakkelijkt het lezen, en dat was wel fijn, omdat het sowieso vrij lastig las.

- Omdat de brieven door verschillende personen worden geschreven, zie je de gebeurtenissen door de ogen van meerdere personen. Dit is wel handig en ook wel leuk, omdat je zo verschillende meningen over een bepaalde gebeurtenis te zien krijgt.

- Aan het slot blijf je niet met veel vragen zitten, in het nawoord wordt namelijk van vrijwel alle personages beschreven hoe het met hen afloopt. Bijv. p.399: “De heer Willis is nu negen jaar met zijn Letje getrouwd, en is een zo braaf, tederlievend man en vader, als hij een zoon, broeder en vriend was. Hij is eigenlijk des heren Blankaart’s bizondere gunsteling. Zijn zaken gaan gezegend; en zijn vrouw is zo wel tevreden, dat zij niet eens denkt: zijn er ook lieden, die aanzienlijker leven dan mijn man en ik? Zij is nu van haar vierde kind zwanger.”

- Het boek begon me te boeien op het moment dat Sara vertrok bij haar tante, ik was benieuwd wat ze vervolgens zou gaan ondernemen. Helaas wist het boek me niet tot het einde te boeien.



- Zoals ik al eerder heb aangegeven vond ik het taalgebruik in het boek vrij lastig, maar in vergelijking met sommige andere boeken van voor 1880 was het prima te doen en na een tijdje was ik er wel een beetje aan gewend en kon ik het beter begrijpen.

- Er zit weinig dialoog in het boek, omdat dat niet zo gebruikelijk is in brieven. In sommige brieven kwam het echter wel voor om de beschrijvingen te verduidelijken. Op die plekken was het wel handig dat er dialoog tussen zat, en het had nog wel iets meer mogen zijn, maar meestal was het niet storend dat er duidelijk meer beschrijving in het boek voorkwam dan dialogen.

- Er zat vrijwel geen ingewikkelde beeldspraak of andere verwarrende stijlfiguren, dat was wel fijn bij het lezen. Wel werd hier en daar bijvoorbeeld verwezen naar uitspraken van bekende schrijvers etc. Een voorbeeld komt van pagina 101 een brief van Anna aan Sara, deze verwijzing wordt door Anna zelf uitgelegd: “Onze karakters lopen verbaasd uit elkander ; en schoon ik al vrijwel met mijzelve tevreden ben, zo denk ik somwijle met Alexander: ZO IK GEEN WILLIS WAS, ZOU IK WENSEN BURGERHART TE ZIJN: gij weet waarop ik doel? ZO IK GEEN ALEXANDER WAAR, IK ZOU WENSEN DIOGENES TE ZIJN.” Veel andere verwijzingen werden gelukkig uitgelegd aan het eind van het boek, hiernaar werd steeds verwezen met een sterretje.

- Ik vind het taalgebruik passen bij de personages, bij de meeste brieven kun je zien dat ze door verschillende personen geschreven zijn door het taalgebruik, Sara is bijvoorbeeld wat brutaler, terwijl juffrouw Hartog wat statiger, stijver praat. Het onderscheid had nog groter kunnen zijn: van sommige personages wordt in het boek aangegeven dat ze de taal niet zo goed beheersen als hun brief suggereert, echter de fouten zijn eruit gehaald. Als dat niet gebeurd was, waren de verschillen in taalgebruik groter, maar was het moeilijker geweest om deze brieven te lezen.

- De bijzonderheden aan het taalgebruik zijn toch die dingen waaraan zo goed te zien is dat het boek niet uit deze tijd komt: bijvoorbeeld woorden als altoos, evel, gij zijt, ende, billijk. Ik wist niet van alle woorden die ik tegenkwam zeker wat ze betekenden, maar over het algemeen was dat uit de context wel op te maken.



Thema

Ik heb zelf niet goed kunnen vinden wat nu precies het thema van het boek is. Daarom ben ik zo vrij geweest gebruik te maken van ‘secundaire literatuur’.  goed zo! De verschillende bronnen die ik heb gevonden (voornamelijk op het internet) noemen allemaal het deugdzaam leven als thema van het boek. Hier kan ik mij wel in vinden, er wordt in de brieven veel over deugd gesproken. Ook het meningsverschil tussen Anna en Sara wijst naar dit thema, zij denken beiden op het punt van uitgaan anders over wat nu deugdzaam is. Ook het huwelijk van Sara verwijst naar een deugdzaam leven, omdat het in die tijd als beter werd beschouwd als je getrouwd was.



Eindoordeel

Ten eerste is het denk ik een bijzonder boek, omdat in de tijd dat het geschreven werd nog niet veel vrouwen boeken schreven. Op zich vind ik De historie van mejuffrouw Sara Burgerhart wel een goed boek; het is redelijk geloofwaardig, het heeft sterke beschrijvingen, een duidelijke rode draad, het taalgebruik valt best mee en dat het verhaal enkel uit brieven bestaat leest op zich lekker. Er is alleen een heel groot nadeel: het kon me niet boeien. En dus werden het toch vierhonderd hele lange bladzijden.


REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.