Gezocht: vmbo-scholieren uit jaar 3 of 4! Vul deze vragenlijst over het mbo in, en maak kans op een cadeaubon van 25 euro.

Meedoen

Robinson door Doeschka Meijsing

Beoordeling 8
Foto van J.
  • Boekverslag door J.
  • 5e klas havo | 4371 woorden
  • 25 april 2018
  • 5 keer beoordeeld
  • Cijfer 8
  • 5 keer beoordeeld

Eerste uitgave
1976
Pagina's
123
Geschikt voor
bovenbouw vmbo/havo/vwo
Punten
1 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Onderwerpen

Boekcover Robinson
Shadow

Het boek Robinson gaat over een zeventienjarige scholiere. De verhuizing van haar moeder, een kapiteinsvrouw, doet Robinson op een nieuwe school belanden. Tussen de personen om Robinson heen: haar grillige vriend Daniël, neef van de rector, haar alomtegenwoordige moeder, haar zorgeloze vader, de rector en een lerares van wie voor Robinson een grote fascinatie uit…

Het boek Robinson gaat over een zeventienjarige scholiere. De verhuizing van haar moeder, een kapiteinsvrouw, doet Robinson op een nieuwe school belanden. Tussen de personen om Rob…

Het boek Robinson gaat over een zeventienjarige scholiere. De verhuizing van haar moeder, een kapiteinsvrouw, doet Robinson op een nieuwe school belanden. Tussen de personen om Robinson heen: haar grillige vriend Daniël, neef van de rector, haar alomtegenwoordige moeder, haar zorgeloze vader, de rector en een lerares van wie voor Robinson een grote fascinatie uitgaat, ontwikkelt zich een intrige waar Robinson part noch deel aan heeft. Aan het eind van het boek blijkt Robinson geïsoleerd te staan. De neerslag van dit proces van isolering: het groeiend verdriet en de uitkristallisering daarvan in het gevoel van absolute eenzaamheid, vormt het hoofdbestanddeel van dit boek.

Robinson door Doeschka Meijsing
Shadow
ADVERTENTIE
Musical The Prom verloot een limousine naar je eindfeest!

Zit je middenin je eindexamens en wil je in stijl naar je eindfeest? Doe dan mee aan de winactie en maak kans op een limousine die jou en je vrienden naar jullie eindfeest brengt!

Ja, ik doe mee!

Samenvatting



Tijdens een hete zomer verhuizen het zeventienjarige meisje Robinson en haar moeder van de hoofdstad naar een provinciestad. Robinsons vader is kapitein-ter-zee. De nieuwe school valt Robinson mee, al is ze op haar hoede voor de rector. Met de neef van de rector, Daniël Bierwolf, trekt Robinson veel op. Daniël is ook nieuw op school, van de vorige is hij weggestuurd. Zijn oom moet hem in de gaten houden. Daniël is een buitenbeentje. Hij praat veel met Robinson over het kwaad en de duivel. Robinson wil liever over schuld praten. Zij voelt zich schuldig, maar weet niet waarom. Op een middag moet ze bij de rector komen, die door haar moeder was gebeld omdat ze ongerust was over de vriend die Robinson scheen te hebben. De rector waarschuwt Robinson dat hij geen gedonder wil met Daniël. Huilend zwerft Robinson door de stad, maar in plaats van haar moeder te haten, richt ze haar boosheid tegen zichzelf. 's Avonds schrijft ze in gedachten een brief aan haar vader.

Toen Robinson bij de rector moest komen, zag ze de nieuwe lerares Duits, die tegen de rector schreeuwde en de deur hard dichtsloeg. Deze lerares, Johanna Freida, boeit Robinson. Ze ontdekt dat Johanna Freida onrust zaait op school door haar alternatieve pedagogische methode. Ook Daniël bewondert haar. Tijdens een opvoering vlak voor Kerstmis, die door Johanna geregisseerd wordt, zingt Daniël met valse stem een lied, waarvan de tekst zijn oom openlijk uitdaagt. Als Daniël na de pauze als vrouw verkleed nog een lied zingt, last de rector de voorstelling af. De volgende ochtend komt Daniël Robinson ophalen om samen met haar zijn verontschuldigingen aan Johanna Freida aan te bieden. Robinson is opgewonden.

Een paar dagen later komt Robinsons vader thuis. Het huwelijk van Robinsons ouders is kapot, ze blijven alleen bij elkaar uit misplaatst fatsoen. Op een dag gaan Robinson, haar vader en Daniël schaatsen. Ze komen Johanna Freida tegen. Na een schaatswedstrijd, waarbij Daniël vlak voor de eindstreep valt en tot voor de voeten van Johanna glijdt, gaan ze wat drinken. In het café probeert Robinsons vader indruk te maken op de lerares Duits. Na de vakantie vindt Robinsons moeder een bont ijsmutsje in de broekzak van haar man. Robinson doet alsof het van haar is, maar het is van Johanna Freida. Robinson probeert de betekenis ervan te verdringen. Ze gaat op in de natuurkundeles over water en ijskristallen.

Daniël komt steeds vaker bij Robinson huiswerk maken. Hij is stiller geworden na de vakantie en heeft veel last van migraine. Op een middag gaat hij met Robinson naar bed. Daarna vertelt hij snikkend dat Robinsons vader en Johanna Freida een verhouding hebben. Een week lang volgt Robinson Johanna, dan gaat ze naar haar toe om het mutsje terug te brengen. Johanna bevestigt de verhouding, en om Robinsons hart stapelen zich ijskristallen.

Het gaat steeds slechter op school met Robinson. Ze kan Daniëls onophoudelijke geklets, nu over heksen, steeds minder verdragen. Ze voelt zich steeds meer buitengesloten. Haar moeder is actief in het oudercomité. Tijdens de paasvakantie komt Robinsons vader weer thuis. Hij nodigt Robinson en Daniël uit voor een zeiltocht over het IJsselmeer. Johanna Freida is er ook. Het uitstapje wordt een mislukking als Daniël tegen Johanna gilt dat ze ontslagen is en best weet waarom.


 



De zomervakantie brengt Robinson door in de bibliotheek. Ze heeft twee herexamens. Daniël is blijven zitten en gaat van school af. Vlak voor hij op vakantie gaat, vertelt hij Robinson dat hij de verhouding tussen haar vader en Johanna aan haar moeder verteld heeft, en dat zij de rector op de hoogte gebracht heeft, met als gevolg dat Johanna's voorlopige aanstelling niet verlengd wordt. Robinson ziet een verhuiswagen voor de deur van Johanna Freida staan. Ze wil niet meer verder. Voortaan zal alles anders zijn dan vroeger. De herexamens zal ze niet halen. Toch gaat ze die hete zomer braaf elke dag naar de bibliotheek, waar ze staart naar een vierkantje zonlicht op een oud muurtje. Aan het eind van een middag barst er kopermuziek los op het plein. Robinson heeft het gevoel dat de vrolijke muziek wegloopt van haar, een richting uit die zij ook zo graag gegaan was.





Informatie over de schrijver





Maria Johanna (Doeschka) Meijsing was een Nederlandse schrijfster. Zij was geboren op 21 oktober 1947 en komt ter overlijden met een leeftijd van 64 op 30 januari 2012 als gevolg van complicaties van een zware operatie.



Meijsing was lesbisch en heeft ook verschillende relaties met vrouwen gehad. Haar laatste roman Over de liefde (2008) vormde haar relatie met Xandra Schutte de inspiratiebron. Deze relatie was stuk gelopen omdat Xandra haar had verlaten voor een man.



Ondanks de homoseksualiteit van Meijsing uit ze zich negatief over homoseksuele relaties waarbij voorplanting en gezinsvorming onmogelijk zouden zijn. Ook had zij haar bedenkingen bij het homohuwelijk.



In totaal heeft zij 22 boeken gepubliceerd, enkele bekende hiervan zijn:




  • Robinson (1976)

  • De tweede man (2000)

  • Over de liefde (2008)











Recensieopdracht





Recensie 1:




‘De verwarringen van de jonge Robinson’ – Recensie van Doeschka Meijsings romandebuut (1976) in NRC Handelsblad






Recensie van Doeschka Meijsing, Robinson. Uitg. Querido, 1976.

Een prachtig boek, spannend en toch ook een beetje zielig. Dat zou Robinson, het tweede boek van Doeschka Meijsing zijn wanneer je het snel en oppervlakkig doorlas. Een zeventienjarig meisje verhuist met haar moeder naar een plaats dicht bij de zee en komt op een nieuwe school. Ze maakt daar dingen mee die iedereen op zulke scholen meemaakt: er is een strenge rector die niets liever doet dan heersen en dorheid kweken, leerlingen schrijven huiswerk van elkaar over, en er is natuurlijk de brutale klasgenoot die de leraren recht in hun gezicht de waarheid durft te zeggen.

Ook de moeder van het meisje is weinig opmerkelijk: een stijve, door en door fatsoenlijke dame die zich ergert aan spijkerbroeken met rafels en vragen stelt als ‘Wassen we ons tegenwoordig niet meer?’

Er bloeit een liefde op, een buitenechtelijke verhouding, gevolgd door haat en jaloezie. Ten slotte lezen we over een progressieve lerares die het leven veel beter begrijpt en daarom ontslagen wordt.

Deze spannende zaken vormen echter niet meer dan het topje van een reusachtige ijsberg. Achter het verbluffend goed geschreven verhaal over het leven van een scholiere gaat heel wat meer schuil. Dat zorgt ervoor dat Robinson een evenwichtig opgebouwde roman is geworden, over diverse grote problemen die je niet anders kunt omschrijven dan met grote woorden zoals vrijheid, liefde, macht. Kortom: Robinson is niets minder dan een boek over het menselijk bestaan.

Het begint al meteen goed op de eerste bladzijde. ‘En plotseling was alles anders dan vroeger. De zomer was wel zo warm als ze zich herinnerde, de mussen vielen als vanouds van de daken, maar daar bleef het bij. Deze stad was nieuw.’ En het eindigt niet minder op de laatste bladzijde, als de hoofdpersoon ziet dat er voorlopig geen kans is om het leven te leiden dat ze zelf wil.

Maar op die laatste bladzijde is ze wel een stuk wijzer geworden. Ze weet in ieder geval welk leven ze wil leiden. De scholiere om wie het in dit boek allemaal raait heet Robinson, en daarmee zitten we al meteen midden in de problemen. Een meisje met een jongensnaam, daar is wat mee. Haar vader, kapitein op een groot schip, had op een zoon gerekend, en toen het dan een meisje bleek te zijn, moest ze, koppig als hij was, Robinson heten, ‘… een naam in plaats van een werkelijkheid, een eiland in plaats van het vasteland. In één klap kwamen alle herinneringen weer boven, in onstuitbare golven, en zij moest er maar mee zien klaar te komen.’

Omdat de vader vaak maanden op zee is, heeft Robinson’s moeder, een vrouw met grijze ogen, alle kans om ongestoord de ouderlijke macht uit te oefenen. En dat is me een macht: niet met klappen of verbieden, maar gemener. Jennend en slijmend weet ze haar dochter alle zelfvertrouwen te ontnemen. Als reactie daarom sluit Robinson zich af, en ze geeft nietszeggende antwoorden op alle vragen die haar gesteld worden. Hoe meer haar moeder zou weten, en er is eigenlijk niets te weten, des te sterker zou haar macht worden.

Pas als de rector van de nieuwe school al evenzeer op regelmaat en fatsoen gesteld blijkt te zijn, is haar moeder tevreden, ‘een kleine man aan wie alles grijs was, zijn pak, zijn haren, zijn ogen, zijn vulpen,’ en binnen korte tijd weet ze dan, als vrouw van een kapitein, een plaats in het oudercomité te bemachtigen.



Zo is de situatie dan ook als het verhaal begint. Robinson ziet scherp welke mensen niet deugen, wie de goede mensen zijn blijft voorlopig vaag. Aanvankelijk wordt ze geboeid door haar klasgenoot Daniel, een vrijgevochten jongetje met veel praatjes. Toch vertrouwt ze hem meteen al niet. Daar zijn zijn ogen te licht voor. Dat wantrouwen groeit dan nog als hij een neefje van de rector blijkt te zijn, en al helemaal als haar moeder hem een aardig jongetje met manieren vindt. Steeds duidelijker wordt dat hij niet alleen probeert macht uit te oefenen, maar dat hij mensen gewetenloos tegen elkaar uitspeelt. Vol haat en jaloezie zit hij, zonder dat hij er weet van heeft. Hij is slecht én dom tegelijk. Tegenover deze lieden die er op uit zijn de mooie dingen van het leven te vernietigen komen dan gelukkig een paar goede mensen naar voren. Als eerste Robinsons vader, een charmante gebruinde zeekapitein, die het varen nooit voor zijn echtgenote heeft willen opgeven. Iemand die weet wat vrijheid is. Meer dan eens associeert Robinson hem met alles wat leeft: zeilschepen, piraten, zeeslagen, vreemde landen, en ook met liefde.

De andere persoon die zich in het leven goed opstelt is de ongeremde lerares Duits, Johanna Freida, door Robinson met een schip vergeleken: de Johanna Freida. Zij is een lange vrouw met donkerbruine ogen.

Zoals haar vader thuis de bekrompen moeder tegenspel biedt, zo lapt deze Johanna Freida op school alle orderegels van de rector aan haar laars. Zij wordt een symbool van vrijheid en leuke dingen. Robinson bewondert haar. Na lang aarzelen gaat ze bij haar op bezoek. De verwarring bereikt een hoogtepunt als de lerares haar uitlegt wat verliefdheid is. Robinson voelt hoe haar gevoelens in de knoop komen te zitten, ‘hoe dat verdriet zich uitkristalliseerde en haar hard en onbruikbaar maakte, stamelend in haar woorden’.



Het is ten slotte Daniel, die al het mooie wat zich zou kunnen ontwikkelen verprutst en het verhaal eindigt met smart en verlangen. Doeschka Meijsing debuteerde in 1974 met de verhalenbundel De Hanen. Zeven korte geconcentreerde verhalen die zich niet allemaal op het eerste gezicht lieten overzien. Knappe constructies, maar tamelijk gedekt opgeschreven. Geen boekje om in één ruk en met rooie oortjes uit te lezen. Nu, met Robinson, heeft Doeschka Meijsing laten zien dat ze tot veel meer in staat is.



Het zijn weer knappe constructies die ze in elkaar zet, maar het mooie is dat ze nu ongemerkt in de roman zijn opgenomen. Al lezend merk je nauwelijks hoe de schrijfster op het juiste moment, als doorvertellen de spanning zou breken, stopt voor een intermezzo. Hoe ze bepaalde gebeurtenissen over slaat om pas veel later summier aan te geven wat zich heeft afgespeeld. Alles past perfect in elkaar en aan het eind gekomen zie je dat niets weggelaten had kunnen worden.

De roman bevat stukjes over zeevaart, over zeehelden, heksenprocessen, een uitweiding over de natuurkundige eigenschappen van water, korte herinneringen aan eerdere levensjaren. Feilloos zijn ze allemaal in het geheel ingevoegd. Steeds ben je benieuwd hoe het met Robinson verder gaat, maar nergens krijg je de neiging om daarom de zijpaden maar over te slaan.

Het mooiste vind ik wel dat de schrijfster van De hanen in Robinson opeens veel meer van zichzelf laat zien. Het is allemaal niet meer zo bedekt opgeschreven, wat ze zeggen wil. De gebeurtenissen liggen waarschijnlijk ook veel dichter bij huis dan in haar eerste boek, met een stad die sterk aan Haarlem doet denken, een schoolsituatie zoals velen die van nabij hebben meegemaakt en een romanfiguren bij wie de schrijfster zich nauw betrokken voelt. Dit alles heeft er waarschijnlijk toe bijgedragen dat Robinson een veel levender boek is geworden. Een boek met zinnen, zo scherp dat ze soms bijna een agressief worden. Deze felheid, die je op elke bladzijde weer terugvoelt, heerft Robinson tot een enorm boek gemaakt – al gaat dat voortdurende gekanker op mensen met grijze ogen me wel vervelen. Die mensen kunnen dat toch ook niet helpen?







Uitwerking bij recensie 1:





“Een prachtig boek, spannend en toch ook een beetje zielig. Dat zou Robinson, het tweede boek van Doeschka Meijsing zijn wanneer je het snel en oppervlakkig doorlas.”



Naar mijn mening is dit boek wel gewoon heel spannend en mooi. Ook natuurlijk een beetje zielig want het is nou niet een heel blij verhaal. Misschien dat ik het dat snel en oppervlakkig doorlas, maar ik vond het gewoon een goed boek.



Deze spannende zaken vormen echter niet meer dan het topje van een reusachtige ijsberg.”



Jaa! Oprecht de zaken die daar voor werden genoemd vond ik best spannend. Gedreven door haat en jaloezie en van allerlei zaken die het zo spannend maken maar tegelijk ook een apart verhaal. Maar inderdaad als je verder leest zie je dat niet alleen de eerder genoemde zaken het spannend maken maar er zijn zoveel aspecten in het verhaal die dat doen!





“Alles past perfect in elkaar en aan het eind gekomen zie je dat niets weggelaten had kunnen worden.”



Hier ben ik het mee eens, ik kan er niet veel aan toevoegen maar het is gewoon zo. Het boek is nu zo’n mooi compleet geheel, ik zou er niks aan willen veranderen.





“Een boek met zinnen, zo scherp dat ze soms bijna een agressief worden. Deze felheid, die je op elke bladzijde weer terugvoelt, heeft Robinson tot een enorm boek gemaakt”



Zeker waar, het geeft het boek meer pit en hierdoor heb ik ook steeds door willen lezen.





Recensie 2





Boekrecensie Robinson



Het boek Robinson is geschreven door Doeschka Meijsing (volledige naam: Maria Johanna Meijsing), geboren in Eindhoven op 21 oktober 1947 en gestorven op 30 januari 2012 in Amsterdam. Dit boek is voor het eerst uitgegeven in 1976 door de uitgeverij Querido in Amsterdam. Het boek Robinson is een meeslepend verhaal met de genre psychologische roman. Soms is in het boek Robinson de verhaallijn niet uit het verhaal te pakken, maar op de een of andere manier kan je toch het verhaal in je opnemen. In het boek komen de hoofdpersonen: Robinson, Daniël Bierwolf, Johanna Freida, Robinson’s vader en Robinson’s moeder. In het boek word beschreven hoe het eerste school-/levensjaar van Robinson verloopt nadat ze net is verhuist, zonder ook maar echt afscheid te kunnen hebben nemen van haar oude buurt.



Robinson is een zeventienjarige middelbare scholier die onlangs verhuisd is van de hoofdstad naar een kleinere stad. Haar vader is kapitein op een schip terwijl haar moeder het huishouden verzorgt. Robinson begint twee weken te laat op haar nieuwe school en hier ontmoet ze Daniël Bierwolf, het neefje van de rector. Daniël schijnt nogal een onruststoker te zijn die al van verschillende scholen is afgetrapt. Hij wordt vrienden met Robinson die geopsendeerd is door de verhalen die Daniël zoal te vertellen heeft, deze verschillen van duivels tot heksen tot personen waar die dan fan van is. Mede om de reden dat Daniël nogal een onrustoker is hebben zowel de rector als Robinson’s moeder problemen met de vriendschap tussen Robinson en Daniël. De volgende dag worden ze beide bij de rector geroepen, waar ze de ruziënde lerares Duits (Johanna Freida) en de rector aantreffen. Johanna Freida heeft zo haar eigen wil wat met die van de rector botst.



Robinson merkt op dat er iets niet helemaal klopt in de gangen waarna Daniël op onderzoek uitgaat. Ze komen erachter dat het zo onrustig is doordat Johanna Freida steeds leerlingen de gang op stuurt. Robinson krijgt bewondering voor haar en ze besluiten haar vaker te observeren.



Naast haar lerares Duits bewondert Robinson ook haar vader. Dit verandert echter als ze merkt dat haar vader verliefd is op Johanna Freida waardoor het huwelijk tussen haar ouders helemaal niets meer voorsteld. Ze probeert het geheim te houden door bepaalde zaken niet voor haar moeder te tonen, zoals het ijsmutsje van Johanna die ze is verloren toen ze samen schaatsten, maar wanneer Daniël Robinson vertelt dat haar vader en Johanna Freida een verhouding hebben, weet Robinson dat ze van haar vader en Johanna Freida niet veel meer hoeft te verwachten.



Op school gaat het steeds slechter met Robinson: ze voelt zich buitengesloten en ze kan zich niet meer goed op haar schoolwerk concentreren. Haar cijfers zakken naarmate lager dan een vijf waardoor ze twee herexamens moet doen, één in wiskunde en één in natuurkunde. In een gesprek met de rector krijgt ze te horen dat ze geen last meer van Daniël zou hebben, hij is blijven zitten en moet van school af. Ook Johanna Freida moet van school af, omdat ze een verhouding heeft met Robinson’s vader en dit voor de rector genoeg reden was om de opstandige docente te ontslaan. Robinson had dit eigenlijk al verwacht nadat Daniël op een boottochtje met hun vieren zei dat Johanna Freida zou worden ontslagen. In de zomervakantie moet ze van haar moeder vier dagen in de week studeren in de leeszaal, maar Robinson weet allang dat ze haar herexamens niet gaat halen. Ze kan haar nergens op concentreren, ze weet dat niets meer hetzelfde zal zijn zoals het was. Tegen het einde van de middag in de bibliotheek hoort Robinson muziek. Ze gaat naar huis en de muziek verwijdert zich van haar ‘in een richting die ook zij zo graag was gegaan.’



Toen ik de titel van het boek las dacht ik gelijk aan het televisie programma Expeditie Robinson en dit zoiets had ik dan ook in het boek verwacht te lezen. Niks is echter minderwaar naarmate het bleek dat het om een 17-jarige meid gaat. Toch vond ik het verhaal realistisch en meeslepend. Ik vind Robinson een realistisch boek, omdat in het boek er veel verschillende gebeurtenissen opdoen die je ook in het dagelijks leven kan meemaken, zoals het verliefd worden van Robinson’s vader op Johanna Freida, maar ook het schoolleven wat Robinson hiernaast meemaakt kan heel goed ook bij iemand in de realiteit gebeuren. Ik vind het boek een meeslepend boek, omdat je als je het boek leest je heel goed in de gedachten van één van de hoofdpersonen (Robinson) kan storten. Door al haar gedachten duidelijk op papier te zetten kan je je inleven in het verhaal en zo word je meegetrokken in haar droevigheid, maar ook vrolijke momenten.



Robinson is dus samengevat een realistisch en meeslepend verhaal wat je zeker is een keer gelezen moet hebben helemaal als je is wilt kijken wat er in het hoofd van een 17-jarige omgaat.





Uitwerking bij recensie 2





“Het boek Robinson is een meeslepend verhaal met de genre psychologische roman.”



Hier ben ik het mee eens, het verhaal van Robinson is erg meeslepend en door de verschillende gebeurtenissen en ontwikkelingen van Robinson is het ook uitgedraaid tot een psychologische roman.





“Ik vind Robinson een realistisch boek, omdat in het boek er veel verschillende gebeurtenissen opdoen die je ook in het dagelijks leven kan meemaken.”



Hier ben ik het ook eens met de schrijver, in principe had precies hetzelfde kunnen gebeuren maar dan bij ons op heemgaard. Ondanks dat het verhaal fictie is maken zulke aspecten uit het dagelijkse leven het meer realistisch en dat vind ik heel fijn/leuk om te lezen.



“Ik vind het boek een meeslepend boek, omdat je als je het boek leest je heel goed in de gedachten van één van de hoofdpersonen (Robinson) kan storten.”



Klopt, het verhaal zie je uit de ogen van Robinson. Hierdoor is het erg meeslepend omdat Robinson eigenlijk best wel een vervelende tijd heeft. Zij wilt ook leuke dingen doen maar in plaats daarvan moet zij bijvoorbeeld 2 herexamens leren.





Analyse





Structuur



Het verhaal is circulair qua opbouw. Het begint en eindigt op het kerkplein, op een warme en zonnige zomerdag met de koperblazers. Aan het begin is alles nieuw aangezien ze net is verhuist, ze is dan vol verwachtingen. Aan het einde wanneer ze weer op het plein is heeft ze het gevoel alsof het leven wegloopt, ze is een stuk volwassener en ze heeft geen zin meer om verder te gaan. Het verhaal wordt vertelt door middel van 7 hoofdstukken van ongeveer 20 bladzijdes per hoofdstuk.





Tijd



De vertelde tijd van Robinson is precies 1 jaar, van het eind van de zomervakantie waarin ze verhuist is naar het einde van de zomervakantie dat ze het niet meer ziet zitten. Dit verhaal vertellen ze in 116 bladzijden. De tijd waarin het zich afspeelt is, denk ik, in de jaren 70, de bakker kwam nog langs de deuren. Het verhaal is niet-chronologisch verteld.





Ruimte



Het verhaal speelt zich af in Haarlem, het wordt namelijk omschreven als een provinciestad dichtbij zee. Wat een belangrijke plek is, is het plein midden in de stad, dit plein komt meerdere malen terug en hier begint en eindigt het boek ook.



Het verhaal speelt zich vooral op school af, een keurige school met veel glas zoals Robinson zelf opgemerkt had in het verhaal. Er was veel beton en veel abstracte kunst aan de muur, het voelt voor haar ook eerst als een doolhof aan en ze voelde zich bekeken.











Karakterisering





Robinson



De hoofdpersoon, tevens ook een round character. In het boek draait alles om haar, wat ze denkt, wat ze voelt en wat ze doet. In het begin lijkt ze in het middelpunt van alles te staan, maar al snel wordt duidelijk dat ze overal buiten valt. Ze verandert best veel in het verhaal en ontwikkelt zich ook meer naar een volwassenen.





Daniël



De schoolkameraad van Robinson, hij lijdt aan migraine. Hij is gefascineerd van heksenvervolgingen en duivels, robinson vertrouwt hem meteen al niet. Hij is het neefje van de rector en haar moeder vind hem aardig en gemanierd, hierdoor neemt het vertrouwen nog meer af. Voor Robinson wordt het steeds duidelijker dat hij niet alleen macht probeert uit te oefenen maar dat hij ook mensen tegen elkaar uitspeelt, het is net een duivel. Hij lijkt in de eerste instantie iemand die helpt en goede kameraden met Robinson word, maar later wordt het tegendeel echt wel bewezen. Door alle ontwikkelingen is ook Daniël een round character.





Henk



Robinsons vader, koopvaarders kapitein ter zee. Het is een knappe man met een jongensachtige grijns die veel weg is. Wanneer hij thuis is voelt Robinson zich niet eenzaam, tot dat hij samen wat met Johanna doet en zij er niet bij betrokken wordt. Henk ontwikkelt niet heel veel, hierdoor is hij een flat character.



Robinsons moeder



Een goed geconserveerde, maar akelige, versteende vrouw. Robinson is behoedzaam voor haar, wellicht zelfs een beetje bang. Ze beoefent veel macht uit over Robinson, door aar te jennen en slijmerig bezig te zijn, hierdoor verliest zij zelfvertrouwen. Veel verandert niet aan haar, je weet niet eens haar naam, hierdoor is het een flat character.

 





Motieven





Water





De stad waar het verhaal zich afspeelt ligt vlakbij zee, Robinson haar vader vaart op de zee. De zeiltocht op zee, al was het op het IJsselmeer. Robinsons Fantasie over Daniël die de hele wereld vol spuugt, zodat iedereen erin verdrinkt. De les van Natuurkunde dat over de structuur en kenmerken van water en ijs gaat.





IJs





De ijsbaan, de Natuurkunde les over water, ijs en de structuur daarvan. Hoe zij omschreef hoe het voelde alsof ze hard werd in haar, alsof al het water tot ijs stolde. Hard en koud als vuur, in de vorm van kristallen.





Thema





Eenzaamheid



Robinson heeft het gevoel alsof ze alleen op de wereld staat, alsof iedereen complotten smeedt tegen haar buiten haar om. Ze wordt veel in de steek gelaten of alleen gelaten zoals bijvoorbeeld door haar vader. Haar vader laat haar zo vaak alleen, maar ze wist dat hij altijd terugkwam uit zee. Toen hij samen zweerde met Johanna, voelde ze zich eenzaam aangezien haar vader haar had laten vallen.

 



Vertelsituatie





Het perspectief van het verhaal ligt bij Robinson, de hoofdpersoon. Je ziet alles vanuit haar ogen en krijgt ook haar gedachten mee. Het verhaal heeft dus een personale vertelsituatie. Je komt goed te weten hoe ze zich voelt wanneer ze zich geïsoleerd voelt. Er vind ook geen verdere verandering van perspectief plaats.





Verklaring titel, ondertitel en motto





De titel is simpel te verklaren, alles gaat over Robinson de hoofdpersoon, dus heet het boek Robinson. Zelf vind ik het geen goede titel, het vertelt te weinig over het boek en je zou een verkeerde indruk van het boek kunnen geven, het had ook een verhaal kunnen zijn over expeditie Robinson met zo’n titel.





Een ondertitel of motto bevat dit verhaal niet.







Genre





Het is een psychologisch roman, inderdaad zegt Wikipedia en Lezen voor de Lijst dit ook maar je merkt het ook aan het verhaal. Mentaal maak je veel mee qua gedachten gang van Robinson. Het is een boek waarin het psychologische gedeelte niet kan ontbreken omdat het daarover gaat.









Bronvermelding





Samenvatting:



https://www.scholieren.com/boekverslag/50714





Informatie over de schrijfster:



https://nl.wikipedia.org/wiki/Doeschka_Meijsing





Recensie 1:



https://www.reinjanmulder.nl/1976/04/doeschka-meijsings-romandebuut-de-verwarring-van-de-jonge-robinson/





Recensie 2:



http://hpblogs.nl/ludo/2013/12/35-recensie-robinson/





( Ik heb geen andere recensies kunnen vinden dan deze )




REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "Robinson door Doeschka Meijsing"

Ook geschreven door J.