Heb jij spreekangst? Voor een item van RTL Nieuws doen we onderzoek naar spreekangst. Laat ons weten of jij nerveus wordt van spreken voor een groep. Meedoen duurt maar 2 minuutjes.

 


Naar de vragenlijst


ADVERTENTIE
Open Avond = ontdekken of jij hier past Leren is keuzes maken. Continu blijven zoeken, twijfelen, vallen en opstaan. Dát leren, dat leer je bij Hogeschool Inholland. Tijdens onze Open Avond op woensdag 30 oktober staan onze studenten en docenten klaar om al je vragen te beantwoorden. Kom langs en ontdek of jij hier past.

Meer info!
Titel: Razend
Auteur: Carry Slee
Druk: Eerste druk
Plaats van uitgave: Houten
Uitgeverij: Van Holkema & Warendorf
Jaartal van gelezen druk: 2000
Aantal bladzijden: 144 bladzijden
Jaartal van eerste druk: 2000
ISBN nummer: 90-269-9339-0
Titelverklaring
Carry Slee heeft ‘Razend’ waarschijnlijk als titel gekozen, omdat Sven en Roosmarijn razend zijn. Sven is razend op zijn vader, omdat zijn broer Lennart alles mag en krijgt. Terwijl Sven niks mag en ook nog eens word geslagen door zijn vader. En op school geloven ze hem ook al niet. Sven’s vader is óók razend op Sven omdat hij naar zijn idee alles fout doet en nooit iets goed kan doen en daar wordt hij dan boos over.
Roosmarijn is razend op de kinderen uit haar klas omdat ze haar niet geloven. Ze is ook boos op Bob en had dan ook nooit verwacht dat hij zoiets kon doen.
Wat zijn de eigenschappen van de belangrijkste personages, en zijn er nog veranderingen?
De hoofdpersoon van dit verhaal is Sven Feije
Sven is 14 jaar. Hij is erg slimme jongen, hij ziet altijd in wat er gaat gebeuren; Hij moest altijd doen wat zijn vader zei, maar op een gegeven moment was hij dit zat. Hij ging van zwemmen af (waar hij heel goed in was) omdat hij het niet meer leuk vond. Daar werd zijn vader heel kwaad om. (Dit was een van de redenen dat Sven zijn vader hem mishandelde.)
Citaat: “Sven kijkt naar zijn wenkbrauw. Gelukkig is die al iets minder dik dan gisteren. Hij wist wel dat zijn vader kwaad zou worden toen hij hoorde dat hij met zwemmen stopte. Sven herinnert zich nog de ruzies toen hij met scouting ophield.” (blz.5)
Uit dit citaat kan je dus zien dat Sven al langere tijd geslagen word maar tóch gaat Sven doen wat hij zelf wil en niet wat zijn vader wil. Ook is Sven erg ‘uitgekookt’ hij bedenkt door met zijn grote passie filmen “zijn grote liefde” Roosmarijn te veroveren. Hij bedacht van allerlei dingen om bij haar in de buurt te komen.
Citaat:“‘Hoe ga je het trouwens aanpakken?’ ‘Vandaag móét ik iets tegen haar zeggen, dat heb ik me voor genomen. Ik doe het op mijn manier’ ‘tegen die tijd ben je misschien eindelijk zo ver dat je drie zinnen tegen haar durft te zeggen.’” (blz.7)
Hij weet dat Roosmarijn graag actrice wil worden en hij houdt van filmen. Dus bedenkt hij een plan om een film te gaan maken met haar in de hoofdrol om zo meer contact met haar te hebben.
Citaat: “’Ik heb een machtig goed plan, man. Ik ga een film maken met een meisje in de hoofdrol. En dat meisje wordt… Roosmarijn’. ‘Deze versiertruc vind ik niet gek bedacht voor een beginneling, maar je kunt het nog aantrekkelijker maken. Je moet zeggen dat je meedoet met een of ander wedstrijd. Roosmarijn wil filmster worden, die hoop dat ze ontdekt wordt.’” (blz. 22)
Sven voelt zich vaak ongelukkig en heeft het gevoel dat niemand hem begrijpt en hij heeft het gevoel dat alles fout gaat.
Hij voelt zich nog ongelukkiger als hij een paar keer niet op een afspraak kan komen vanwege de striemen die hij heeft doordat zijn vader hem weer een heeft mishandelt. Of door dat zijn vader Sven’s camera heeft afgepakt.
Citaat: “Sven had er de hele week stiekem op gehoopt dat zijn vader zijn camera zou teruggeven, maar dat is niet gebeurd. Sven durft er uit zichzelf niet over te beginnen.” (blz. 46)
Je ziet echt dat Sven bang wordt van zijn vader. Sven zijn broer; Lennart wordt áltijd voor getrokken, Lennart is de gene die alles doet wat zijn vader hem opdraagt vandaar dat híj niets fout kan doen.
Citaat: “Nu wordt Sven kwaad. ‘Je hebt nooit iets met mij te maken. Alles draait hier om Lennart. Ik ben er ook nog, hoor!’ ‘Nee, we zullen ons leven om jou laten draaien, nou goed? Wat wil je nou? Je bent toch zelf met zwemmen gestopt? En dan zeker wel jaloers op je broer worden.’ ‘Ik ben helemaal niet jaloers.’ Waarom begrijpt zijn vader hem nu niet? ‘En hou je nou je kop! Schreeuwt zijn vader. [..] ‘Dit heb je nodig!’ de klap komt hard aan. Sven voelt dat zijn neus warm wordt. Als hij zijn hand ertegen houdt, komt er bloed op.” (blz.37)
Lennart doet alles dus goed volgens zijn vader omdat hij zo goed zwemt, aardige vrienden heeft, goede cijfers heeft voor school.. zélfs als Sven hogere cijfers heeft of sneller zwom dan Lennart.
In dit citaat zie je trouwens ook nog dat hij zich dus niet begrepen voelt, nooit begrijpt zijn vader hem is, of wíl hij Sven niet begrijpen?!!
Vrienden van Sven vinden hem aardig, maar balen er erg van dat hij zo vaak niet kan komen of zegt dat hij komt en dat dan afzegt met elke keer een andere zwakke smoes om zijn blauwe plekken en wonden niet op te laten vallen.
Citaat: “Als hij wil dat Bart er nog staat, moet hij wel heel hard fietsen.
Sven scheurt de straat uit. In de verte ziet hij het rode jack van Bart al.
‘Ja, dat verbaast je, hè, dat ik hier sta, zegt Bart. ‘Jij bent zelf niet al te trouw.’ ‘Sorry,’ zegt Sven. ‘Ik kon gisteravond echt niet komen. Ik barstte van de koppijn.’ ’En je hebt zeker nog nooit van een aspirientje gehoord. Nee, dat zal wel niet. Ik dacht dat je meer tijd zou hebben nu je niet meer hoeft te zwemmen, maar dat is dus niet zo. Waarom zeg je niet gewoon dat je ons plan niks vindt.’ (blz.40)
Ik vind Sven heel sympathiek overkomen en hij geeft mij het idee dat hij echt heel veel om zijn vrienden geeft. hij probeert met wat voor reden dan ook zijn vriendschappen te onderhouden. Ook heeft Sven veel doorzettingsvermogen: hij gaat ondanks alles door met filmen en gaat niet meer op zwemmen als hij dat niet wil ook al moet het van zijn vader.
Het was veel makkelijker geweest voor hem als hij weer gewoon deed wat zijn vader wilde, maar toch doet hij dat niet. Dat vind ik heel erg goed van hem, want het kost dan heel erg veel moeite om toch door te gaan als je steeds geslagen wordt.
Wat voor een soort misdrijf is gepleegd?
Mishandeling is het grootste misdrijf, daar draait het hele boek om.
Het boek begint dan ook vrijwel meteen met dat Sven geslagen word door zijn vader.
Citaat: “’Niet doen papa!’ roept Sven. Maar hij heeft de eerste klap al te pakken. ‘Je wilt me toch kwaad zien? Nou, dat kan.’ Sven probeert de klappen te ontwijken, maar dat maakt zijn vader nog kwaaier. Hij grijpt Sven vast en kwakt hem tegen de muur. Sven valt met zijn achterhoofd tegen een muurhaak. [….] Sven kijkt in de spiegel. Nog een geluk dat die wond op zijn achterhoofd zit. Hij kamt zijn haar eroverheen. Was hij maar zoals Lennart.”
(blz. 5)
Citaat: “’Dit heb je nodig!’ De klap komt hard aan. Sven voelt dat zijn neus heel warm wordt. Als hij zijn hand ertegen houdt, komt er bloed op. Voordat zijn vader weer kan uithalen, rent hij de kamer uit naar boven.” (blz.38)
Door het hele boek heen wordt Sven geslagen om veel verschillende redens. Vaak is er van te voren een ruzie om nutteloze dingen die dan tot groot uit loopt en als laatst krijgt Sven dan meestal nog een klap te pakken.
Daarnaast wordt ook nog een meisje seksueel geïntimideerd door een leraar op school. Dé favoriete leraar van de school; Bob. Niemand wil daarom ook geloven dat Bob zoiets zou doen, Sven is de enige die Roosmarijn wel gelooft.
Citaat: “Ze mag Bob graag, maar hij moet zo naar haar kijken. Bob strijkt met zijn vinger over haar wang. ‘Met je mooie gezichtje.’ (blz.17)
In het begin twijfelt Roosmarijn of Bob wel echt iets doet bij haar, ze voelt zich er zeker niet prettig bij. Maar doet hij het niet gewoon bij elk meisje zo? Bedoelt hij er wel iets mee? dat soort vragen komen bij Roosmarijn op. Ook haar beste vriendin Halima gelooft haar niet. Roosmarijn vraagt aan haar vriendin of het normaal is dat als een leraar je aanraakt dat je dan een benauwd gevoel krijgt, Halima begint meteen allerlei leraren op te noemen.. dan dit citaat:
Citaat: “’Oh nee, wie dan wel?’ ’Bob.’ ‘Bob?’ Halima’s mond valt open. ‘Wat deed hij dan?’ ‘Hij hield de hele tijd mijn hand vast tijdens de uitleg van een som.’ ‘Nou en? Dat bedoelt hij alleen maar aardig. Je kent Bob toch! Daar meent hij niks van.’ (blz.18)
Doordat Halima haar niet gelooft gaat ze nog meer twijfelen of het niet gewoon fantasie is. Maar steeds vaker raakt Bob haar aan.
Citaat: “Bob komt naast Roosmarijn staan en legt zijn hand op haar schouder. Loop alsjeblieft door, denkt ze. Ze heeft het meteen hartstikke warm. Gelukkig, Bob laat haar los, maar terwijl hij doorloopt, schuift zijn hand langs haar borst. Roosmarijn is helmaal in de war. Ze wil de som afmaken maar het lukt niet meer. Ze denkt steeds aan de hand op haar borst.” (blz.44)
Roosmarijn wordt erg bang voor Bob en probeert hem zo veel mogelijk te ontlopen en spijbelt daar zelfs voor.
Citaat: “’Ik schrok me dood. Ik was juist van plan te spijbelen.’ ‘Ja, dat dacht ik al,’ zegt Halima. ‘Maar dat gaat mooi niet door. ‘Je hoeft niet bang voor Bob te zijn.’” (blz. 71)
Uiteindelijk heeft Sven een klacht in gediend toen Bob steeds erger werd, maar ze wilde ook hem niet geloven en Sven werd toen geschorst. Roosmarijn kwam er achter dat ook een ander meisje; Astrid al een half jaar lastiggevallen werd door Bob.
Wat is het motief of de reden van het misdrijf?
Dat Sven geslagen werd door zijn vader is eigenlijk niet goed te praten. Sven’s vader werd vroeger ook geslagen door zijn vader. Sven’s opa dus. Zijn opa deed dat als zijn vader niet deed wat hij wilde, net als Sven’s vader dus deed bij Sven. Ook al vond Sven’s vader het niet leuk toch deed hij het, dat bleek uit dit citaat:
Citaat:“Mevrouw Simons is net weg. Ze heeft lang met hen gepraat. Om de beurt liet ze hen vertellen . Eerst zijn vader daarna zijn moeder en Lennart. Sven als laatste. Eerst zag hij ertegenop om met een wildvreend iemand hun problemen te bespreken, maar hij vond haar heel aardig. En hij is er ook wel iets mee opgeschoten. Hij weet nu tenminste hoe het komt dat zijn vader hem zo behandelt. Zijn vader heeft vroeger hetzelfde met zijn opa meegemaakt. Zijn opa sloeg zijn vader ook als hij niet deed wat hij wou. Zijn vader vond het heel erg en toch doet hij nu precies het zelfde bij Sven. Dat is toch raar! Maar volgens mevrouw Simons gebeurt dat heel vaak.”(blz. 135)
Ze hebben uiteindelijk dus toch de psycholoog is geschakeld.
Citaat: “’Het moet afgelopen zijn,’ zegt zijn vader. Deze ellende mag geen minuut langer meer duren’ Hij kijkt zijn vrouw aan. ‘Ik ben zo ver’ Sven ziet dat zijn moeder de telefoon pakt. ‘Hallo ma’ hoort hij haar zeggen. ‘Wil je mevrouw Simons vragen of ze komt. Ja, het gaat nu allemaal veranderen’ en dan begint zijn moeder te huilen.” (blz. 135)
Dat is opmerkelijk want wat uit het volgende citaat blijkt is dat Sven’s vader eerst ontkende dat ze een probleem zouden hebben. En dat dus de psycholoog niet nodig zou zijn.
Citaat: “’Begin nou niet weer over die mevrouw Simons, ma. Ik geloof wel dat ze goed is, maar we hebben hier geen psycholoog nodig. Begrip? Hoezo begrip? Moet ik begrip hebben voor zo’n stuk ellende? Die koppigheid kun je er alleen maar uitrammen.’” (blz. 39)
Eigenlijk had Sven’s oma ook al een vermoede of ze wist het al zeker dat Sven’s vader Sven sloeg en mishandelde.
Citaat: “’Waardoor kon je dan niet zwemmen?’ wil oma weten. ‘Hierdoor.’ Sven houdt zijn T-shirt omhoog. Hij snapt niet waarom zijn oma niks zegt, maar als hij haar aankijkt schrikt hij. ‘Huil je om mij oma?’ Oma knikt verdrietig. ‘Maar ik huil ook om je vader’. (blz. 102)
Wat dus uiteindelijk de reden van mishandeling was (volgens de vader) was dat Sven alles fout deed en gewoon niet luisterde en dat kon alleen opgelost worden door een pak slaag
Citaat: “’Je denkt toch zeker niet dat ik mijn handen vuil maak aan zo’n walgelijk onderkruipsel als jij. Je maakt me misselijk, kotsmisselijk. Ik ben niet die enige die daar last van heeft. Op die school van je weten ze ook niet meer wat ze met je aan moeten. Vuile sadist!‘“ (blz.118)
Bij Roosmarijn en Astrid die werden lastig gevallen door Bob is geen enkele aanleiding. Roosmarijn en Astrid deden niks fout.
Hoe ziet de toekomst er uit voor de dader en/of het slachtoffer?
De toekomst voor Sven en dan eigenlijk ook het hele gezin zal veel beter worden, ze gaan naar een psycholoog mevrouw Simons genaamd. die hun dan zal helpen met hun problemen omgaan en zo zal alles veel beter worden.
Citaat:“Mevrouw Simons is net weg. Ze heeft lang met hen gepraat. Om de beurt liet ze hen vertellen . Eerst zijn vader daarna zijn moeder en Lennart. Sven als laatste. Eerst zag hij ertegenop om met een wildvreemd iemand hun problemen te bespreken, maar hij vond haar heel aardig. En hij is er ook wel iets mee opgeschoten. Hij weet nu tenminste hoe het komt dat zijn vader hem zo behandelt. Zijn vader heeft vroeger hetzelfde met zijn opa meegemaakt. Zijn opa sloeg zijn vader ook als hij niet deed wat hij wou. Zijn vader vond het heel erg en toch doet hij nu precies het zelfde bij Sven. Dat is toch raar! Maar volgens mevrouw Simons gebeurt dat heel vaak.”(blz. 135)
Je ziet dus dat de psycholoog erg veel helpt al na het eerste gesprek voelt iedereen zich wat meer opgelucht. Ook weet Sven waarom zijn vader hem sloeg. Verder ziet de toekomst van Sven er liefdevol uit, hij krijgt ‘verkering’ met Roosmarijn die hij het hele verhaal al leuk vind.
Citaat: “’Dat had je gedacht,’ zegt Sven stralend. ‘Roosmarijn is helmaal geen verleden tijd . we hebben gisteravond verkering gekregen.’. (blz. 141)
Alle vriendschappen van Sven zijn weer goed. Eerst was Bart de beste vriend van Sven boos op hem, omdat hij Bob beschuldigde van aanranding (wat later dus toch waar bleek te zijn).
Bob van school gestuurd, dus daar hoeft Roosmarijn niet meer bang voor te zijn.
Citaat: “’Ik hoop dat de politie heb aan pakt.‘ ‘reken maar. Arnouts vader zit in het bestuur. In elk geval wordt hij van school getrapt.’” (blz.140)
Thuis bij Sven word alles steeds beter, zijn vader slaat niet meer en Lennart die ook niet graag zo veel zwom heeft nu meer een eigen leven zonder zwemmen.
Citaat: “Mevrouw Simons zei dat het allemaal goed kon komen als ze er met elkaar hard aan werken.” (blz.137)
Welke visie geeft de schrijver op misdaad?
Carry slee schrijft in haar kinderboeken (C-boeken) meestal over ‘de standaard’ problemen onder standaard problemen versta ik; mishandeling, seksueel misbruik, drugs gebruik of roken en drinken als verslaving. Dus eigenlijk actuele problemen.
Carry slee neemt dus hedendaagse onderwerpen voor haar boeken zodat kinderen zich kunnen inleven of het kunnen begrijpen en misschien zo zelfs kinderen steunen of waarschuwen voor bijvoorbeeld de gevaren van drugs.
Samenvatting:
Sven wordt thuis mishandeld door zijn vader. Lennart wordt voorgetrokken, omdat hij alles doet wat zijn vader zegt. Als Sven tegen zijn vader zegt dat hij stopt met zwemmen om meer aan zijn hobby filmen te doen, loopt het helemaal uit de hand.
Sven wil namelijk een film gaan maken met Roosmarijn in de hoofdrol (het meisje waar hij verliefd op is). Roosmarijn heeft zelf ook een probleem, maar houd het niet verborgen, zoals Sven doet. Als ze aan de klas vertelt dat hun favoriete leraar zijn handen niet thuis kan houden gelooft niemand haar, behalve Sven. Sven besluit weg te lopen, als blijkt dat Lennart Roosmarijn probeert af te pakken. Hij schrijft een afscheidsbrief, waarin hij aan zijn moeder uitlegt waarom hij weg gaat. Roosmarijn vindt die brief. Ondertussen bedenkt Sven een oplossing voor het mishandelen: als zijn vader hem dan toch dood wil hebben moet hij hem maar meteen vermoorden. Dit doet zijn vader niet, en dan blijkt dat zijn vader vroeger zelf ook mishandeld is.
De leraar die Roosmarijn lastig valt word betrapt en word ontslagen. Roosmarijn en Sven krijgen op het eind verkering.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Z.

Z.

leuke boekverslag ook veel info gekregen groet zainaaz

7 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

Y.

Y.

Het is een heel mooi boek, maar wel zielig

8 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

A.

A.

Sven in 15 jaar om precies te zijn

10 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast