ADVERTENTIE
Luisterboeken: de makkelijke optie? Lars is niet echt een fan van lezen. Daarom gaat hij op zoek naar de beste manieren om door zijn leeslijst heen te komen. Red je het met alleen maar samenvattingen, of is een e-reader of luisterboek een betere optie? Deze video wordt mede mogelijk gemaakt door Storytel.

Probeer 30 dagen gratis
Willem Frederik Hermans - Nooit meer slapen

SAMENVATTING
Op jonge leeftijd verliest Alfred zijn vader. Sindsdien wil hij het werk van zijn vader afmaken. Zijn vader was op expeditie in de Alpen toen hij in een ravijn viel en om het leven kwam. Alfred gaat op zoek naar een stuk meteoriet in het noorden van Noorwegen. Hij wilde luchtfoto’s en gaat naar professor Nummedal. Deze kon hem niet helpen en hij werd naar Oslo gestuurd. Ook daar konden ze hem niet helpen en werd naar Trondheim gestuurd. Hier konden ze hem ook niet helpen en zo ging Alfred zonder luchtfoto’s op pad. Hij ging niet alleen. Ze gingen met z’n vieren. Alfred deed zijn uiterste best om de missie te laten slagen maar erg lukken wil het niet. Van alles gaat mis. Valt in het water, heeft veel last van muggen, raakt achterop en op een gegeven moment raakt hij de groep kwijt. Ook Arne, een andere man, raakt de groep kwijt. Na lang zoeken en denken kwam hij erachter dat de andere twee wel in het bezint van luchtfoto’s waren en hun twee wilden afschudden. Alfred ging naar de enige en dichtstbijzijnde berg om de omtrek goed te kunnen zien en de twee te vinden. Dit plan mislukte volledig maar op een gegeven moment vond hij Arne, dood. Alfred nam al de bezittingen met waarde van Arne en ging terug. In Oslo vertelde hij wat er gebeurd was gaf al de bezittingen van Arne aan de professor zodat een andere man ooit zijn missie kan volbrengen.

Essayistisch ervaringsverslag
Ik koos het boek omdat de titel me aansprak. “Nooit meer slapen” als titel, dacht ik dat het over een man zou gaan die nooit meer zou slapen door rare omstandigheden. Terwijl ik het boek las kwam deze gedachte in me terug en bleek ik wel gelijk te hebben. Hij kon niet slapen door de muggen of rare gedachten. Ik vond het wel grappig dat mijn voorspelling uitkwam, ik heb immers vaak genoeg een verkeerde voorspelling gedaan.
Het eerste wat in me opkwam toen ik het boek uit had was dat Alfred er niet in geslaagd was het werk van zijn vader naar behoren voort te zetten en het af te maken. Het was hem niet gelukt en stelde zijn vader (en moeder) dus teleur. Terwijl hij op expeditie was, had zijn moeder een stukje meteoriet opgezocht wat zijn vader ooit op een beurs had gekocht. Ook voor Alfred zelf is het niet leuk om zo veel inspanning te verrichten om uiteindelijk met lege handen te staan. Dit zal mij zelf ook het langste bij te blijven omdat ik, als ik in zijn schoenen zou staan het heel vervelend zou vinden en daarom vind ik het ook vervelend voor hem. Toch had ik na 50 pagina’s al het idee dat het een zware tocht zou worden zonder al te veel succes. Maar ik had wel verwacht dat hij iets zou vinden dus in dit opzicht vond ik het boek toch een beetje tegenvallen.
Wel vind ik dat Alfred ervaring en met name levenservaring heeft opgedaan. Hij heeft gemerkt dat het leven ook zwaar en hard kan zijn. Hij wist van te voren dan misschien wel dat het hem niet zou lukken maar met zo’n instelling ga je niet aan zo’n uitputtingsslag beginnen. Gezien het feit dat hij veel moeite ervoor gedaan heeft maar met niets terug moest keren, zijn beste vriend op de reis Arne dood aantrof en het feit dat hij was ‘opgelicht’ bij het ophalen van de luchtfoto’s zijn voor mij reden genoeg om het eerder vermelde standpunt te bevestigen. Het lijkt misschien wel of dat dit allemaal negatieve gebeurtenissen zijn maar je kunt ze ook in zekere zin positief opvatten. Levenservaring opdoen is heel belangrijk en dingen die niet gaan zoals hij gehoopt zou hebben geven aan dat het leven hard kan zijn en dat niet alles gaat zoals men wil.
Naast het verhaal geeft het me een prachtig idee hoe het leven is als archeoloog en misschien nog veel belangrijker het milieu. Het gaf me een schitterend beeld van de ongerepte natuur in Noorwegen. Ik zou zelf ook wel eens zo’n tocht willen maken in een stukje wonderschoon natuurgebied maar ik zou niet naar een plek gaan waar bijvoorbeeld zoveel muggen zijn.
Al met al vond ik een mooi boek wat heel goed geschreven was, spanning en beschrijving van dingen waren een goed met elkaar in evenwicht. Toch vond ik het jammer dat er flashbacks in voorkwamen die iedere keer weer over het zelfde gingen.

Recensie 1
Willem Frederik Hermans door Hans Berghuis uit De volkskrant 19-03-66
Indien W.F.Hermans ooit had willen promoveren in de Nederlandse letterkunde en niet in de geologie, dan zou hij geen beter onderwerp hebben kunnen kiezen dan het thema "De werkelijkheid van de roman" en dan zou hij bovendien niet veel anders hebben behoeven te doen dan die werkelijkheid aan te tonen aan de hand van zijn eigen boeken. Willem Frederik Hermans behoort -naast Vestdijk- tot die drie of vier Nederlandse schrijvers, die een roman kunnen schrijven waarbij de lezer geen ogenblik kan denken dat het verhaal anders gebeurd had kunnen zijn dan Hermans het vertelt. Hermans lezende twijfelt men niet. Men vraagt niet: waarom zou het zo zijn? Men bedenkt zelfs niet, dat men zelf in 'n andere werkelijkheid leeft dan die van het verhaal. Hermans heeft niet de minste moeite met de overdracht van zijn verhaal: het komt vanzelf aan, niet omdat de lezer het wil, maar omdat de schrijver het wil en omdat hij daartoe precies de juiste middelen gebruikt. Dat lijkt veel lof voor een auteur, maar het is in elk geval niet te veel. Alleen wie kwaadwillig leest, kan Hermans' grootheid als schrijver over het hoofd zien.
"Nooit meer slapen", de nieuwe roman van Willem Frederik Hermans, is het verhaal van het wakker worden uit menselijke (wens-)dromen. De een valt bij dit wakker worden dood, de ander leert leven met de feiten, die volgens Wittgenstein geen oplossing zijn, maar wel een opgave. Voor de levenden natuurlijk, de doden hebben aan de feiten niets meer.
Alfred Issendorf is de hoofdpersoon van Hermans' nieuwe boek. Hij is afgestudeerd in de geologie (zoals Hermans zelf) en hij maakt een tocht naar Finnmarken in het poolgebied van Noorwegen om materiaal te verzamelen voor een proefschrift. Geleerden nemen namelijk aan, dat de ronde gaten in het poollandschap zogenaamde doodijsgaten zijn, veroorzaakt doordat overgebleven brokken ijs later zijn gesmolten dan het meeste ijs uit de ijstijd. Maar Alfreds' Nederlandse professor Sibbelee gelooft dat de ronde gaten meteorietkraters zijn en zijn leerling Alfred trekt erop uit om die stelling te bewijzen en mogelijke meteorieten mee te brengen als bewijs. De primitieve expeditie van Alfred naar het hoge noorden met een Noorse vriend en twee andere Noren is het raam van het verhaal. De schrijver Hermans heeft dus de geoloog dr Hermans te hulp geroepen, misschien wel om te bewijzen dat iedere menselijke bezigheid, inclusief een wetenschap als de geologie, omderwerp van een roman kan zijn, omdat juist iedere menselijke bezigheid op precies dezelfde menselijke wijze gedaan wordt, onverschillig of men nu forellen vangt in een bergmeer, of men gestoken wordt door honderden muggen, of men nu vloekt of lacht, en of men een zinnige ofwel een onzinnige hypothese wil bewijzen. De menselijke bezigheden, wijs of onwijs, blijven menselijk en zeer betrekkelijk van waarde. En zij blijven werkelijk, bij Hermans tenminste.
Steen der wijzen
Alfred's Noorse vriend, Arne bijvoorbeeld streeft een heel gewoon doel na, maar juist hij valt te pletter en zal nooit meer slapen. Alfred zelf, onervaren Nederlander in een vreemd land slecht voorbereid, een schijnbaar onzinnig doel nastrevend, overleefd krankzinnige situaties, maar ook hij zal nooit meer slapen, hij is voorgoed wakker geworden, hij leeft niet langer van de wensdroom een groot geleerde te worden zoals zijn vader was. Wanneer Alfred heelhuids terugkeert naar Nederland, is in Finnmarken in Noorwegen een meteoriet ingeslagen en Alfred krijgt van zijn moeder en van zijn zusje in Amsterdam twee manchetknopen, waarvan de stenen de twee helften zijn van een doorgesneden meteoriet, de steen der wijzen, waarnaar Alfred sinds zijn jeugd heeft verlangd en waarvan hij nu weet dat hij niet bestaat, tenzij in de onbruikbare vorm van manchetknopen.
Kenmerkend voor de nieuwe roman van Willem Frederik Hermans is dat het onderwerp, van het verhaal, een geologische expeditie en de mislukking daarvan, niet één enkele maal stoort. Bij deze auteur wordt het gehele verhaal van het begin tot einde werkelijkheid, ook voor de lezer die niets van het onderwerp afweet. Ergens bij het gebruik van een geologische vakterm raadt Hermans de lezer aan maar op te zoeken wat de term betekent, indien de lezer het niet weet. Multatuli heeft dat voor Hermans gedaan: vraag het maar aan de meester als je niet weet waarover ik het heb! Maar, het merkwaardige is dat niemand geologische vaktermen behoeft na te pluizen om toch de werkelijkheid van Hermans' boek te ervaren. De wetenschap van de jonge Alfred en zijn vrienden is, als vak apart, volkomen in het verhaal opgegaan. Lezende vergaat men dat het boek over geologen gaat, men ziet hen binnen de kortste keren alleen nog als mensen, mensen bovendien die men kent en herkent.
Ook kenmerkend voor het boek is dat Hermans, zoals men van hem gewend is, zelf voortdurend in het verhaal ingrijpt met opmerkingen, beschouwingen, meningen, die hij wel door z'n personen laat zeggen maar die op geheel eigen wijze toch van Hermans zelf zijn. De moeder van Alfred Issendorf is, bij wijze van voorbeeld, recensente van (buitenlandse) literatuur. Recensenten kunnen dan bij Hermans in de passage over de moeder van Alfred ogenblikkelijk nagaan hoe Hermans denkt over boekbeoordelaars: heel fraai en heel fijn om te lezen! Nederlanders laat W.F.Hermans op de korrel nemen door een geniale en getikte Noorse professor. Men weet weer eens hoe wij zijn en men verzet zich niet eens.
Maar al deze facetten van het boek behoren tot Hermans' normale en bekende schrijfwijze. De opmerkingen hierover zijn ook niet meer kanttekeningen. Hoofdzaak blijft dat Willem Frederik Hermans met "Nooit meer slapen" een roman heeft geschreven met zulk een groot en boeiend werkelijkheidsgehalte, dat men het boek klassiek voor de romanliteratuur zou willen noemen, als klassiek niet zo'n vervelende term was. Maar W.F.Hermans heeft zelfs eens gepleit voor de "klassieke roman". Hij kan dat pleidooi rustig vergeten, want de romanvorm, die hem dierbaar is, heeft hij met zijn nieuwe werk opnieuw volledig waar gemaakt.
Mening: De schrijver is hartstikke positief. Het belangrijkste argument wat hij hier voor gebruikt is dat alles wat Hermans schrijft, net werkelijkheid wordt. Ook een belangrijk argument is dat Hermans steeds ingrijpt met meningen of opmerkingen.
Met deze argumenten ben ik het gedeeltelijk eens. Over het eerste argument heb ik niets toe te voegen. Dit was mezelf ook opgevallen toen ik het boek uit had en er over nadacht. Met het tweede argument ben ik het gedeeltelijk eens. Inderdaad, hij geeft soms de meningen van de persoon of geeft een opmerking, toch deed hij dit niet zo vaak om meteen te zeggen dat hij het helemaal top geschreven heeft.

Recensie 2
Door bloeddorstige muggen belaagd door Johan Vandenbroucke uit De Morgen 14-05-99
Indien W.F.Hermans ooit had willen promoveren in de Nederlandse letterkunde en niet in de geologie, dan zou hij geen beter onderwerp hebben kunnen kiezen dan het thema "De werkelijkheid van de roman" en dan zou hij bovendien niet veel anders hebben behoeven te doen dan die werkelijkheid aan te tonen aan de hand van zijn eigen boeken. Willem Frederik Hermans behoort -naast Vestdijk- tot die drie of vier Nederlandse schrijvers, die een roman kunnen schrijven waarbij de lezer geen ogenblik kan denken dat het verhaal anders gebeurd had kunnen zijn dan Hermans het vertelt. Hermans lezende twijfelt men niet. Men vraagt niet: waarom zou het zo zijn? Men bedenkt zelfs niet, dat men zelf in 'n andere werkelijkheid leeft dan die van het verhaal. Hermans heeft niet de minste moeite met de overdracht van zijn verhaal: het komt vanzelf aan, niet omdat de lezer het wil, maar omdat de schrijver het wil en omdat hij daartoe precies de juiste middelen gebruikt. Dat lijkt veel lof voor een auteur, maar het is in elk geval niet te veel. Alleen wie kwaadwillig leest, kan Hermans' grootheid als schrijver over het hoofd zien.
"Nooit meer slapen", de nieuwe roman van Willem Frederik Hermans, is het verhaal van het wakker worden uit menselijke (wens-)dromen. De een valt bij dit wakker worden dood, de ander leert leven met de feiten, die volgens Wittgenstein geen oplossing zijn, maar wel een opgave. Voor de levenden natuurlijk, de doden hebben aan de feiten niets meer.
Alfred Issendorf is de hoofdpersoon van Hermans' nieuwe boek. Hij is afgestudeerd in de geologie (zoals Hermans zelf) en hij maakt een tocht naar Finnmarken in het poolgebied van Noorwegen om materiaal te verzamelen voor een proefschrift. Geleerden nemen namelijk aan, dat de ronde gaten in het poollandschap zogenaamde doodijsgaten zijn, veroorzaakt doordat overgebleven brokken ijs later zijn gesmolten dan het meeste ijs uit de ijstijd. Maar Alfreds' Nederlandse professor Sibbelee gelooft dat de ronde gaten meteorietkraters zijn en zijn leerling Alfred trekt erop uit om die stelling te bewijzen en mogelijke meteorieten mee te brengen als bewijs. De primitieve expeditie van Alfred naar het hoge noorden met een Noorse vriend en twee andere Noren is het raam van het verhaal. De schrijver Hermans heeft dus de geoloog dr Hermans te hulp geroepen, misschien wel om te bewijzen dat iedere menselijke bezigheid, inclusief een wetenschap als de geologie, omderwerp van een roman kan zijn, omdat juist iedere menselijke bezigheid op precies dezelfde menselijke wijze gedaan wordt, onverschillig of men nu forellen vangt in een bergmeer, of men gestoken wordt door honderden muggen, of men nu vloekt of lacht, en of men een zinnige ofwel een onzinnige hypothese wil bewijzen. De menselijke bezigheden, wijs of onwijs, blijven menselijk en zeer betrekkelijk van waarde. En zij blijven werkelijk, bij Hermans tenminste.
Steen der wijzen
Alfred's Noorse vriend, Arne bijvoorbeeld streeft een heel gewoon doel na, maar juist hij valt te pletter en zal nooit meer slapen. Alfred zelf, onervaren Nederlander in een vreemd land slecht voorbereid, een schijnbaar onzinnig doel nastrevend, overleefd krankzinnige situaties, maar ook hij zal nooit meer slapen, hij is voorgoed wakker geworden, hij leeft niet langer van de wensdroom een groot geleerde te worden zoals zijn vader was. Wanneer Alfred heelhuids terugkeert naar Nederland, is in Finnmarken in Noorwegen een meteoriet ingeslagen en Alfred krijgt van zijn moeder en van zijn zusje in Amsterdam twee manchetknopen, waarvan de stenen de twee helften zijn van een doorgesneden meteoriet, de steen der wijzen, waarnaar Alfred sinds zijn jeugd heeft verlangd en waarvan hij nu weet dat hij niet bestaat, tenzij in de onbruikbare vorm van manchetknopen.
Kenmerkend voor de nieuwe roman van Willem Frederik Hermans is dat het onderwerp, van het verhaal, een geologische expeditie en de mislukking daarvan, niet één enkele maal stoort. Bij deze auteur wordt het gehele verhaal van het begin tot einde werkelijkheid, ook voor de lezer die niets van het onderwerp afweet. Ergens bij het gebruik van een geologische vakterm raadt Hermans de lezer aan maar op te zoeken wat de term betekent, indien de lezer het niet weet. Multatuli heeft dat voor Hermans gedaan: vraag het maar aan de meester als je niet weet waarover ik het heb! Maar, het merkwaardige is dat niemand geologische vaktermen behoeft na te pluizen om toch de werkelijkheid van Hermans' boek te ervaren. De wetenschap van de jonge Alfred en zijn vrienden is, als vak apart, volkomen in het verhaal opgegaan. Lezende vergaat men dat het boek over geologen gaat, men ziet hen binnen de kortste keren alleen nog als mensen, mensen bovendien die men kent en herkent.
Ook kenmerkend voor het boek is dat Hermans, zoals men van hem gewend is, zelf voortdurend in het verhaal ingrijpt met opmerkingen, beschouwingen, meningen, die hij wel door z'n personen laat zeggen maar die op geheel eigen wijze toch van Hermans zelf zijn. De moeder van Alfred Issendorf is, bij wijze van voorbeeld, recensente van (buitenlandse) literatuur. Recensenten kunnen dan bij Hermans in de passage over de moeder van Alfred ogenblikkelijk nagaan hoe Hermans denkt over boekbeoordelaars: heel fraai en heel fijn om te lezen! Nederlanders laat W.F.Hermans op de korrel nemen door een geniale en getikte Noorse professor. Men weet weer eens hoe wij zijn en men verzet zich niet eens.
Maar al deze facetten van het boek behoren tot Hermans' normale en bekende schrijfwijze. De opmerkingen hierover zijn ook niet meer kanttekeningen. Hoofdzaak blijft dat Willem Frederik Hermans met "Nooit meer slapen" een roman heeft geschreven met zulk een groot en boeiend werkelijkheidsgehalte, dat men het boek klassiek voor de romanliteratuur zou willen noemen, als klassiek niet zo'n vervelende term was. Maar W.F.Hermans heeft zelfs eens gepleit voor de "klassieke roman". Hij kan dat pleidooi rustig vergeten, want de romanvorm, die hem dierbaar is, heeft hij met zijn nieuwe werk opnieuw volledig waar gemaakt.
Mening: De schrijver is negatief over het boek. Zijn argumenten hiervoor zijn, dat het veel met mythologie en Germaanse sagen te maken heeft. Ook vindt hij het boek langdradig en saai. Hij zegt “...Nooit meer slapen me bij momenten geforceerd over te zeer gericht op het filosofisch discours of al te gewild symbolisch.” Dit citaat is niet positief.
Ik ben het absoluut niet met de schrijver eens. Van mythologie en Germaanse sagen snap ik niets en ik vond dat dit aspect in zeer beperkte mate in het boek voorkwam. Met zijn mening van het langdradige en saaie verhaal ben ik het niet eens. Het was soms misschien wel wat langdradig geschreven maar dit was slecht een enkele keer en het gaf je dan tijd om te realiseren wat daarvoor had afgespeeld. Saai vond ik het zeker niet.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

J.

J.

Recensie van Vandenbroucke mist, de recensie van Berghuis staat er dubbel in.

4 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast