Nooit meer slapen door Willem Frederik Hermans

Beoordeling 6
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 5e klas havo | 1354 woorden
  • 15 augustus 2006
  • 4 keer beoordeeld
  • Cijfer 6
  • 4 keer beoordeeld

Eerste uitgave
1966
Pagina's
478
Geschikt voor
bovenbouw havo/vwo
Punten
3 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Literaire thema's
Verfilmd als

Boekcover Nooit meer slapen
Shadow

Nooit meer slapen is het meesterlijke verhaal van de jonge geoloog Alfred Issendorf, die in het moerassige noorden van Noorwegen onderzoek wil verrichten om de hypothese van zijn leermeester en promotor Sibbelee te staven. Issendorf is ambitieus: hij hoopt dat hem op deze reis iets groots te wachten staat, dat zijn naam aan een belangrijk wetenschappelijk feit zal wor…

Nooit meer slapen is het meesterlijke verhaal van de jonge geoloog Alfred Issendorf, die in het moerassige noorden van Noorwegen onderzoek wil verrichten om de hypothese van zijn l…

Nooit meer slapen is het meesterlijke verhaal van de jonge geoloog Alfred Issendorf, die in het moerassige noorden van Noorwegen onderzoek wil verrichten om de hypothese van zijn leermeester en promotor Sibbelee te staven. Issendorf is ambitieus: hij hoopt dat hem op deze reis iets groots te wachten staat, dat zijn naam aan een belangrijk wetenschappelijk feit zal worden verbonden. Deze ambitie hangt samen met het verlangen het werk van zijn vader, die door een ongeluk tijdens een onderzoekstocht om het leven kwam, te voltooien. Nooit meer slapen is een grootse roman over grote dromen.

Nooit meer slapen door Willem Frederik Hermans
Shadow
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!
Zakelijke gegevens.

Titel: Nooit meer slapen
Naam auteur: Willem Frederik Hermans
Druk: 26e
Jaar van uitgifte: 1997
Omslag: Rudo Hartman
Fotoauteur: Steye Raviez
Naam uitgever: De bezige Bij
ISBN nummer: 90 234 3665 2
NUGI nummer: 300
Aantal bladzijde: 265

Informatie over de schrijver.

Willem Frederik Hermans (Amsterdam 1921 – Utrecht 27 april 1995)

Studeerde fysische geografie aan de Gemeentelijke Universiteit in Amsterdam, promoveerde in 1955 en werd in 1958 benoemd tot lector aan de Rijksuniversiteit te Groningen. In 1973 nam hij ontslag en vestigde zich als fulltime schrijver in Parijs. De laatste jaren van zijn leven woonde hij in Brussel. Als romancier debuteerde hij in 1947 met Conserve. De verhalenbundel Moedwil en misverstand (1948) en de roman De tranen der acacia's (1949) geven een duidelijk inzicht in Hermans' wereld- en literatuurbeschouwing. Volgens hem is de werkelijkheid een chaos en probeert de mens daarbinnen vergeefs waarheid, identiteit, orde en zinvolle verbanden te ontdekken. Het duidelijkst komt deze visie dat alles een chaos is en de werkelijkheid onkenbaar is tot uiting in de novelle Het behouden huis

Aanvankelijk moest het maatschappelijke en culturele establishment het ontgelden. Vanaf de jaren zeventig richtte Hermans zich vooral op maatschappijhervormers. De bezettingstijd is natuurlijk bij uitstek een periode om zijn wereldbeeld te demonstreren: De tranen der acacia's, de reeds genoemde novelle Het behouden huis (1952) en de romans De donkere kamer van Damocles (1958) en Herinneringen van een engelbewaarder (1971) zijn in deze periode gesitueerd.


Enkele aanraders voor een leeslijst: Het behouden huis, Nooit meer slapen, De donkere kamer van Damocles.

Ander nog niet genoemd werk (een keuze): De God Denkbaar, Denkbaar de God (1956); Een heilige van de horlogerie (1987); Au pair (1989); Ruisend gruis (1995; postuum verschenen). Een landingspoging op Newfoundland en andere verhalen (1957); Een wonderkind of een total loss (1967); Filip's sonatine (1980); Homme's hoest (1980); Geyerstein's dynamiek (1982); De zegelring (1984); De laatste roker (1991); in de mist van een schimmenrijk

Samenvatting.

Alfred Issendorf, een jonge geoloog, is op weg naar Noord-Noorwegen om materiaal te verzamelen voor zijn proefschrift. Professor Sibbelee uit Amsterdam had hem een briefje meegegeven voor Professor Nummedal in Oslo. Bij hem moet hij luchtfoto's halen van Finnmarken, het gebid dat hij gaat onderzoeken met twee van Nummedal's leerlingen: Arne Jordal en Qvigstad. De halfblinde professor laat hem zowat heel Oslo zien en aan het einde van de dag wijst hij hem voor de foto's door naar de geologische dienst in Trontheim, die in aanbouw is. Daar zijn de foto's wel, maar nog geen register, zodat hij er nog niets aan heeft.
Daarna gaat hij Arne ophalen, samen halen ze Qvigstad op, die ene Mikkelsen meebrengt, ook een onderzoeker. Nu hebben ze nog een paard nodig om de eerste 25 kilometer van hun tocht een gedeelte van hun lasten te dragen: ze stuitten echter op een sterke man.
Onderweg raakt Alfred steeds achter op de rest: hij heeft erg veel moeite met het lopen met een zware rugzak. Tijdens het lopen maakt hij steeds plannen voor de toekomst: Hij wil belangrijk en beroemd worden.
Op een dag blijkt, dat Mikkelsen de luchtfoto's heeft, waarvoor Alfred zoveel moeite heeft gedaan. Alfred denkt dat dit een smerige streek van Nummendal is geweest. Nummedal heeft niet zo'n hoge pet op van Sibbelee. Mikkelsen staat toe dat Alfred de foto's mag bestuderen. Op deze foto's ziet hij niets indrukwekkends.

Niet lang daarna wordt hij op een morgen wakker en zijn Qvigstad en Mikkelsen vertrokken. Arne zegt dadt zij een andere route nemen, omdat dat voor hun onderzoek het beste uitkomt. Zo gaan Arne en Alfred er met z'n tweeën op uit. Als zij onderweg de richting bepalen, zijn zij he oneens met elkaar en gaan beide een andere kant uit. Achteraf merkt Alfred, dat Arne toch gelljk had, maar hij vindt hem niet meer terug. Dan besluit hij terug te gaan naar een bepaalde berg, die hij nog kan zien aan de horizon (de plaats waar Mikkelsen en Qvigstad vermoedelijk zijn). Hij is bang dat Mikkelsen een belangrijke ontdekking doet en hij niet. Hij denkt namelijk dat dit ook weer een streek van Nummedal is geweest, om hem op een dwaalspoor te laten zetten. Hij kan hen niet vinden.
Dan gaat hij op zoek naar Arne: hij vermoedt dat hij in het kloofdal op hem wacht. Bij zijn eerste blik in het kloofdal ziet hij al meteen een voorwerp staan, dat Arne bij zich had. Als hij bij dat voorwerp is ziet hij verder niets: geen Arne, geen tent. Later vindt hij het lijk van Arne: hij is gevallen.
Hij besluit terug te gaan naar de bewoonde wereld. Een gesprek met Nummedal dat hij dan heeft maakt hem duidelijk, dat het niet zijn schuld was, dat hij de luchtfoto's niet had. Hij kon niet goed overweg met de direkteur van de Geologische dienst in Trontheim. Ook hoort hij dat er waarschijnlijk een meteorietinslag heeft plaatsgehad.
Thuis krijgt hij van zijn moeder twee manchetknopen. Op iedere knoop is een halve meteorietsteen bevestigd: dit is de steen, die zijn vader eens voor hem gekocht had. Zijn expeditie is totaal mislukt.

Tijd
De verteltijd, uitgedrukt in pagina's, is 253.
Het is onmogelijk zo te zeggen hoe lang de vertelde tijd is. Gevoelsmatig zou ik zeggen: verscheidene weken. Maar misschien wel enkele maanden.
In het boek komen geen flash-backs voor, waardoor het wel chronologisch is. Wel denkt de hoofdpersoon, Alfred Issendorf, vaak terug aan zijn moeder en zijn zus, maar het verhaal verplaatst zich niet.
Continu is het boek echter niet. De sprongen in de tijd zijn weliswaar klein: je kunt raden wat er in de tussentijd gebeurt, maar er wordt niets over verteld.

Personages.
Alfred Issendorf:Deze hoofdpersoon leeft slechts voor één ding: hij moet zijn jong gestorven vader overtreffen. Hij moet geschiedenis maken. Hij moet op deze tocht meteoorkraters kunnen vinden, en daarmee een belangrijke ontdekking doen. Het lukt hem echter niet. (gefrustreerde artistieke ambitus)

Arne Jordal:Een nuchtere jongen van rijke afkomst. Hij wil niet met moderne spullen aan deze expeditie beginnen, want hij houdt rekening met de mogelijkheid dat hij niet vindt en wil daardoor niet voor gek staan. Hij werkt hard, maar heeft niet zozeer de behoefte aan het opstrijken van eer.

Qvigstad en Mikkelsen: Zij worden in de ogen van de hoofdpersoon gezien als niet al te intelligente mensen.

Professor Nummedal: Een blinde professor, wiens tijd bijna voorbij is. Aanvangs ziet die hoofdpersoon hem als iemand die hem wil beletten meteoorkraters te ontdekken, omdat dan zijn stellig omver gegooid zou worden. Later blijkt dat Nummedal hem niet in de weg heeft gestaan, maar dat hij zichzelf in de weg heeft gestaan.

Ruimte
Ik denk dat de ruimten op een natuurlijke wijze zijn ontstaan in het verhaal. De enige ruimte die zich onderscheidt van de anderen is Finnmarken. Dit is de plaats waar alles misging. Hier werd Alfred duideljk, dat hij zijn ideaal niet zou bereiken en hier vond Arne de dood. Na zijn terugkeer hoorde Alfred dat daar vermoedelijk gevonden was wat hij zocht, maar door anderen.

Vertelwijze
Het verhaal is geschreven in de ik-vorm. Vanzelfsprekend ligt het perspectief bij deze ik-persoon, Alfred Issendorf. Hij wordt voortduren gevolgd in zijn gedachtegang, en zijn gevoelens worden voortduren beschreven.

Stijl
De zinnen zijn niet lang, zijn beschrijvingen zijn vaak vrij lang, maar omdat de zinnen zeer gevarieerd zijn, verveelt dit niet. De zinnen zijn wel eenvoudig van opbouw, en ook de woordkeuze is niet moeilijk. Zijn zinnen bevatten over het algemeen weinig bijvoeglijke naamwoorden: de koude sfeer van Finmarken komt goed over.

Thema
Mijns inziens is het thema van dit boek: de tegenslag die je krijgt als je je ideaal niet kunt vervullen, omdat het te hoog voor je gegrepen is.
De hoofdpersoon moet, van zichzelf, Sibelee's verklaring voor de gaten in het ijs kunnen bewijzen, om zo beroemd te worden en zijn vader te kunnen overtreffen.

Titelverklaring (Verdiepingsopdracht)
De hoofdpersoon leeft eigenlijk maar voor één ding: beroemd worden door een belangrijke ontdekking te doen, en zo zijn vader te overtreffen: dit kan worden gezien als een soort slaap.
Op de expeditie komt hij tot inkeer, en beseft dat dat geen leven is: leven om beroemd te worden: in feite wordt hij voorgoed wakker. Hij zal dus "Nooit meer slapen".
Een bijkomstigheid die kan worden genoemd, is de dood van Arne: hij zal ook nooit meer slapen.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "Nooit meer slapen door Willem Frederik Hermans"