Moederkruid door Carry Slee

Beoordeling 6.4
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 4e klas vmbo | 5423 woorden
  • 31 januari 2007
  • 42 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.4
  • 42 keer beoordeeld

Eerste uitgave
2001
Pagina's
202
Geschikt voor
onderbouw vmbo/havo
Punten
1 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Literaire thema's
Prijzen
NS Publieksprijs (2001 Genomineerd)

Boekcover Moederkruid
Shadow
Een meisje en haar zusje proberen de wereld te bekijken door de ogen van hun ouders. Dat is moeilijk, want die wereld is ingewikkeld en vaak onbegrijpelijk. Als de kleermakerij van hun vader failliet gaat, verhuist het gezin naar een andere buurt. Volgens hun moeder wonen ze hier ver beneden hun stand, en de meisjes mogen zich daarom met niemand bemoeien. De relatie t…
Een meisje en haar zusje proberen de wereld te bekijken door de ogen van hun ouders. Dat is moeilijk, want die wereld is ingewikkeld en vaak onbegrijpelijk. Als de kleermakerij van…
Een meisje en haar zusje proberen de wereld te bekijken door de ogen van hun ouders. Dat is moeilijk, want die wereld is ingewikkeld en vaak onbegrijpelijk. Als de kleermakerij van hun vader failliet gaat, verhuist het gezin naar een andere buurt. Volgens hun moeder wonen ze hier ver beneden hun stand, en de meisjes mogen zich daarom met niemand bemoeien. De relatie tussen de ouders - die toch al niet goed was - verslechtert verder tot de ruzies en het isolement ten slotte bijna te veel worden voor beide zusjes.
Moederkruid door Carry Slee
Shadow
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!
Titel: Moederkruid
Auteur: Carry Slee
Samenvatting:
Haar moeder vertelde haar over de oorlog, dat ze dat niet konden voorstellen, de Duitsers beslisten alles. Daar dacht het meisje lang over na, want waarom ging het huwelijk van haar ouders dan door?
Haar moeder was 17 toen het meisje haar oma haar moeder meenam naar de kleermakerij van het meisjes vader. Haar vader nam haar moeder in dienst, haar oma ging akkoord met het salaris. Maar zodra haar moeder ergens anders kon werken, zou haar oma haar gelijk weghalen. Het stond al vast dat haar vader verliefd zou worden op haar moeder, omdat het precies zijn type was. Haar moeder kon haar oma blij maken, ze vertelde dat haar vader kon kaarten, en omdat haar oma een nieuwe kaartspeler nodig had voor haar man, kon hij zeker komen. Daarna zaten ze aan tafel, haar oma, opa en haar vader, haar moeder mocht niet meedoen die was te sloom. Haar vader legde heel wat geld neer, hij wilde spelen, daar schrok haar oma van. Haar oma hield de score bij, de radio moest zachter, dat gebeurde altijd wanneer opa verloor, en dat gebeurde dit keer. Haar moeder hield van gespierde mannen, met veel haar, maar dat was haar vader totaal niet. Hij was zelfs afgekeurd voor militaire dienst omdat hij te mager was. Haar vader was verliefd op haar moeder, maar haar moeder was nog een beetje afstandelijk, maar haar oma had verstand van de liefde, dus ging ze er toch maar op in. Haar oma had een kaart voor het openbaar vervoer, zo hield ze haar sociale contacten bij. Daardoor reed ze elke middag met de tram naar het eindpunt en weer terug. Het was geheel vrijblijvend, niemand kwam over de vloer, en zo kon ze toch haar verhaal kwijt. Ze praatte meestal over dingen waar ze vol van was, zoals de verkering van haar dochter. Maar op een ochtend stond er een vrouw voor de deur die binnen wilde komen, maar dat kon niet. De vrouw vertelde dat haar man verliefd is op haar dochter, en ze wou graag dat haar dochter wegbleef, anders zou haar huwelijk kapot gaan. Haar oma wist niet wat ze hoorde, ze deed gelijk de deur dicht, want niet iedereen kon geluk hebben.
Het ging niet erg snel volgens haar oma tussen haar vader en moeder, daarom zou haar oma een handje helpen. Zij en opa gingen een nacht weg. Haar oma wist een goedkope verpleegster, die zou het dan wel regelen. 6 jaar geleden was haar moeder bevallen, toen moest haar vader ook al weg, en hij had gewoon zijn personeel laten werken, terwijl ze alles konden horen. Haar vader zei dat toch alles goed ging, dus het maakte niet veel uit. Haar vader klaagde dat ze nu wel die verjaardag konden vieren, maar haar moeder ging door, ze bleef klagen, terwijl elsje en het meisje de wijnballen aan het tellen waren. Haar vader vertelde dat alles anders zou zijn als ze een zoon hadden gehad. Haar moeder knikte, maar zei dat het hun lot was. Haar moeder zei het altijd 1 keer per dag, dat ze maar goed in hun oren moesten knopen dat ze er niet voor gekozen hadden om van zo’n fijn huis naar een rotbuurt te verhuizen, want hun vader moest maar risico’s nemen. Hij had nooit zoveel balen stof moeten inkopen. Ze moesten 1 ding nooit vergeten, dat ze in deze buurt niet horen. Ze liep met haar moeder door een straat waar ze niet horen, en zo ver mogelijk bij de huizen vandaan, want als er iemand aankwam kon hij zich aan hen vastklampen. Ze mochten ook niet veel spreken, want de mensen waren nieuwsgierig. Ook de mensen die een winkel hadden waar ze langs kwamen, die waren niet goed, de meeste waren achterbaks. Als haar vader geen klant zou zijn, was de winkel gelijk al failliet. Elke keer als het meisje er langs liep dacht ze daaraan. Ze kochten alleen bij het kruidenierswinkeltje, daar werd alles verkocht dat naar zeep rook. Ze kochten er bijna alles, alleen geen onverpakte spullen, haar moeder trok er een vies gezicht naar. Haar moeder zei dat die familie hier ook niet hoorde, het meisje begreep er niets van, hoe zag haar moeder het aan die mensen? Haar oma kwam op bezoek, ze kregen van haar altijd het snoepje van de week. Haar oma vroeg of het nu al gewend was om daar te wonen, maar haar moeder klaagde alleen maar. Haar oma vertelde dat er in hun huis brand was geweest, maar dat klopte niet, dat zei ze toen haar oma weg was tegen haar. Ze zei dat ze dat niet moest vertellen, omdat mensen dat willen weten, en die houden ervan als het slecht met je gaat. Het meisje zei dat niemand mocht liegen, maar dit bleek een leugen om bestwil te zijn. Het meisje wist wel beter, later als ze meer geld zouden hebben zouden ze teruggaan naar het huis, dat had haar vader beloofd. Ondertussen ging haar oma weg. Haar vader had eindelijk een auto op de kop getikt, ze wilden het graag zien zij en haar zus, maar haar moeder was streng, en wilde eerst dat ze wat wilden eten. Ze vond het niets dat haar vader een auto had gekocht, geld voor andere belangrijke dingen hadden ze niet, maar wel voor een roestbak. Ze mochten na het eten de auto zien, maar haar moeder wilde niet mee. De mannen buiten zeiden dat het hem niet ging lukken om hun moeder buiten te krijgen, na een paar pogingen kwam ze dan, en zeurde al gelijk dat het een rotbak was die hij had gekocht. De auto sloeg niet aan, haar vader slingerde de auto aan maar helaas. Haar moeder had het al weer gezien, en wilde dat ze gelijk naar binnen gingen. Terwijl juist nu de auto startte. Het meisje wilde naar dezelfde school als haar vriendin Ada, alleen van haar moeder mocht dat niet, omdat het een christelijke school was. En dat waren ze niet. Ze deden er een half uur over om naar school te lopen, terwijl er om de hoek ook een school was, haar moeder zei dat het daar een slachthuis was, en dat ze maar blij mochten zijn dat ze naar zo’n goede school mochten gaan. Ada belde aan, het meisje wilde snel de deur open doen, maar van haar moeder mocht niemand naar binnen, nu kon ze haar jas niet eens pakken, anders zou Ada haar achterna gaan. Ada wilde graag bij haar thuis spelen, maar van het meisjes moeder mocht het niet, anders zou iedereen straks bij haar over de vloer komen. Bij Ada thuis, was haar moeder heel aardig, maar ze moest oppassen want haar moeder zij altijd tegen haar dat als mensen aardig doen dat ze juist alles van je willen weten. Het ging ondertussen niet zo goed tussen haar ouders, bij een potje voetbal schoot haar vader te hard, en viel er een schilderij op de grond, er zat een enorme barst in. Haar moeder zag dat en werd kwaad, maar haar vader deed net of hij niets zag. Het meisje vond altijd dat haar moeder gelijk had, dat komt omdat Elsje haar zus altijd partij trok voor haar vader. Haar moeder liep kwaad weg. Ze mochten mee naar de zondagsschool van Ada. Dan hadden haar ouders rust, maar haar moeder wilde eerst alles weten of het met Jehova’s te maken had, maar dat was niet zo. Haar vader zei nog dat hij dat haar zo kon vertellen, maar haar moeder wilde dat niet horen. Van haar moeder mochten ze mee naar de zondagsschool, de school waar Ada op zat. Haar moeder moest wel weten of ze daar niet bidden of hoe veel ze daar doen. Haar moeder had het over de boven buren, die waren Jehova's, ze had daar veel last van, ze moesten zo nodig aan de deur komen om je lastig te vallen over hoe goed god is. Haar vader schoot in de verdediging en vond ze aardige mensen, maar haar moeder was het er mee oneens, die mensen hadden het er alleen over hoe de wereld verging. Het meisje vond dat niets, haar moeder zei dat ze dan maar niet met de bovenverdieping te maken moest hebben. Buiten wachtten Ada en Sylvia al hun vriendinnen. Haar moeder had haar nog gewaarschuwd dat ze niet mocht bidden, en dat je de vrouw geen juf mocht noemen omdat je alleen juf mocht zeggen als ze betaald kregen. Van de juf waren de meisjes welkom, een vrouw heette hun welkom en het begon met een paar liedjes. De vrouw vertelde dat god hun twee nieuwe leerlingen hadden geschonken, het meisje voelde zich belangrijk. De vrouw begon verder te vertellen over de dag des heren, maar het meisje wist beter, het was de dag van haar moeder, haar moeder had altijd wat lekkers staan dan moesten ze dat op hun kamer opeten en net zo lang wachten tot hun vader hun kwam halen, terwijl de andere kinderen allang al buiten speelden. Haar moeder vertelde dat, dat kwam dat alle moeders altijd vrij waren en zij altijd dag en nacht hun zo goed verzorgden. De vrouw wilde gaan bidden, de juffrouw zei tegen de meisjes dat dat, niet hoefde, omdat god iedereen toch hoort, dus ook binnenlaat als je dat toelaat. Het meisje wilde dat, ze wist dat haar moeder niet gelijk had, ze vouwde haar handen, en liet god binnen. Het zag er nog niet uit dat ze snel zouden verhuizen, dus zei haar vader dat ze met iedereen mocht spelen. Haar moeder had voor haar 'speel' kleren gemaakt, zodat ze niet met bacteriën binnen hoefde te komen. Ze wou het niet aan, Elsje hoefde dat ook niet. Maar haar moeder had nog meer regels, ze mocht geen kam van iemand anders gebruiken, alle nagels werden kort geknipt, en op de wc-bril mocht je helemaal niet zitten, dan zouden de bacteriën naar binnen kruipen, en dan kon je enge ziektes krijgen. Het meisje schrok en dacht eraan dat ze er thuis ook altijd op zat, haar moeder vertelde haar dat ze thuis er ook op kon zitten omdat ze het altijd goed schoonmaakte, maar daar bij iemand anders? Nee, dat kon niet, de meeste waren vies, ze maakten het niet goed schoon. Olga kwam haar ophalen, en gingen bij haar binnen spelen, ze hoorde veel geschreeuw daarbinnen, de zus van Olga was bezig met schreeuwen. Toen ze daar binnen kwam, wilde Olga's zus wel verstoppertje spelen, het meisje werd in een kast geduwd, en na een tijdje kreeg Olga's moeder de sleutel eindelijk te pakken. Het meisje rende naar de wc en schrok zich rot, ze zat op de bril! Ze rende naar haar moeder en vertelde het, haar moeder vond het vreselijk, en zei dat er niet tegen was. Het meisje ging naar de moeder van Ada waar ze haar verhaal kwijt kon en een kopje thee kreeg wat ook hielp. De volgende dag zei het meisje tegen haar moeder dat ze bruine urine had, haar moeder schrok en wilde gelijk een afspraak maken met de dokter. De volgende dag werd het meisje snel gewekt, ze moest in bad, en werd totaal schoongemaakt, het deed zeer, maar haar moeder dreigde ermee dat als je niet schoon was dat de dokter je opsloot in de kelder en dat je een week in een bad vol chloor moest zitten, en dat zal pas erg prikken. Bij de dokter mocht het meisje niet met andere mensen praten, omdat de mensen je gewoon wilde uithoren. De dokter onderzocht het meisje, en later hoorde ze van haar moeder dat ze 6 weken niets mocht doen, geen puzzel, niet lezen. En niets eten met zout erin, dat was dodelijk, en ze wilde niet naar het ziekenhuis, dan moest haar moeder meer uitleggen. Het meisje lag daar maar alleen, ze was elke keer blij als haar kamerdeur open ging, haar moeder kwam dan met eten, ze zuchtte erbij, omdat ze het bijna nergens kon vinden, en mensen hadden bijna geen zoutloos eten. Het meisje wou steeds dat haar moeder bleef, maar die had geen tijd om te blijven, omdat ze voor haar steeds aan het werk moest. Ze hoopte snel dat haar vader thuiskwam, die kwam dan met de krant bij haar zitten, maar helaas die was ook snel uit. 1 keer kwam Ada langs, maar mocht niet bij haar komen, haar moeder zei dat het te druk voor haar was. Ada had een appel en banaan meegenomen maar die kreeg ze niet, die zat in kranten verpakt, dus wist haar moeder al genoeg. Haar zus Elsje kreeg ook al op haar kop, omdat ze overal vertelde dat haar zus ziek was, en de moeder van Ada alles wilde weten. Die ochtend werd ze wakker of door het gevloek van haar moeder of door de deurbel. Ze hoorde juf Anja van de zondagsschool, haar moeder zei dat ze niet binnen kon komen, maar het meisje zei van wel, en de juf mocht binnenkomen. Het meisje legde uit dat het wel lang duurde tot het over was, en misschien ging het wel niet over. Juf Anja zei dat ze dan maar moesten gaan bidden, het meisje durfde niet zo goed, omdat haar moeder elk moment binnen kon komen, en je hoorde haar nooit aankomen. Toch vouwde het meisje haar handen, maar keek toch voorzichtig of haar moeder niet binnen zou komen. Eindelijk was het gebed klaar, het meisje voelde zich warm. Ze hoopte dat de juf snel op zou staan voordat haar moeder zag dat de juf op haar bed had gezeten, dan kwamen alle bacteriën op haar bed. Toen stond de juf op en ging weg, volgens het meisje had god dat gehoord, het kon niet anders!Later werd het meisje beter, haar moeder begon er over op te scheppen, ze had leren koken op de huishoudschool tussen vreemde figuren, maar daardoor was het goed eten, en het meisje had er zeker niets van geproefd dat het anders was. Volgens haar moeder had ze het allerbeste haar kind verpleegd, daar konden geen dokters en anderen tegenop. Elsje kwam thuis en had een brief, ze moesten op de zondagsschool zingen, en hun ouders moesten ook komen. Ze hadden alleen 2 witte lakens nodig omdat ze er als engelen uit moesten zien, en daarbij moesten ze ook een kaars dragen. Haar moeder vond het niets, en het meisje mocht helemaal niet mee doen, ze was ziek. Het meisje zei dat alles van de dokter weer mocht, en haar vader stemde daarmee in. Ze mochten erheen, met de dingen die ze nodig hadden en ook hun gingen mee. Het was kerst, ze hadden nog even geoefend voordat de ouders zouden komen. Het meisje wist hoopte dat haar ouders vroeg kwamen zodat ze vooraan kwamen te zitten, ze moest ook even de stoelen testen, want haar moeder kon vaak niet goed op de stoel zitten als ze te hard waren, dan kreeg ze een zere rug. Haar moeder kon beter niet vooraan zitten, dan was er een beetje tocht, en haar moeder hield niet van tocht, dan kon je longontsteking oplopen. Na de show zei hun vader dat het geweldig was, en haar moeder vond het goed dat hun lakens niet vies waren geworden. Thuis zaten haar opa en oma al te wachten, haar moeder vertelde hoe vreselijk het daar was geweest, dat die lakens er niet uitzagen, dat de stoelen verrot zaten, dat alles niet te drinken was, het was gewoon te vreselijk, ook haar vader was het daarmee eens. Ze wilden daar nooit weer komen. Als ze naar school moesten, moesten ze haar moeder altijd roepen, dat kwam omdat ze nooit wakker werd van de wekker, haar moeder zei altijd dat ze gewoon bewusteloos was. Haar moeder moest zich dan haasten, maar dat kon ze niet, omdat ze zich nog moest wassen en aankleden, en alles moest precies recht zitten en geen vouwen mochten erin zitten. Als ze dan eindelijk naar school konden werden ze altijd meegesleurd, maar toch waren ze altijd op tijd. Ze wilden graag zonder hun moeder naar school omdat niemand meer werd gebracht, dat kwam ook doordat hun dicht bij school woonden, dus zeiden ze vaak tegen hun moeder dat ze de weg wel konden vinden, als ze dichtbij waren, en snel renden ze naar school. De school was heel anders dan bij Ada, bij hun moest je in rijen gaan staan en werden je handen gecontroleerd op vieze randen. Haar moeder zei dat ze maar blij moesten zijn met zo'n goede school, want je kon daar niets oplopen. Alle kinderen zagen er net en verzorgd uit. Maar als het aan haar vader had gelegen, gingen ze gewoon bij Ada op school, maar dat zou nooit gebeuren. Elsje en zij zaten niet bij elkaar in de klas. Het meisje moest een verdieping naar boven, ze zat bij juffrouw steenman, sommige zeiden mevrouw maar volgens haar moeder klopte dat niet, omdat ze dan getrouwd moest zijn. Voor het meisje maakte het niets uit, alleen ze had af en toe een tik, haar moeder zei dat het van de spanning thuis kwam sommige kinderen deden haar na, maar juffrouw Steenman verdedigde haar, maar op een ochtend kwam er iemand binnen die zei dat mevrouw Steenman ziek was, en dat ze een ander kregen dat was juf Gerdien, die was niet aardig. De eerste dag had het meisje al klassendienst, maar dat kon niet, want haar moeder hielt niet van wachten, en ze moest altijd opschieten, dus dat zei ze tegen de juf. Alleen toen haar moeder haar kwam halen, zei ze dat ze eigenlijk wel kon wachten, en juf Gerdien werd kwaad. Het meisje probeerde wel te laten zien dat ze dingen kon zoals mooi schrijven, maar dat ging niet goed. Op een dag zag ze Willemijn huilen, ze wilde weten wat er aan de hand was, ze zei dat ze huilde om haar vader en haar moeder, het meisje vond het raar, maar sindsdien waren ze elkaars beste vriendinnen, ze gingen elke keer stiekem naar de begraafplaats in de pauze. Die dag kwam het meisje thuis met een brief, ze mocht niet weten waar het voor was, maar toch wilde ze het weten, haar moeder dacht dat het weer een oudergesprek was. En daar zou ze nooit meer naar toe gaan ze moesten anderhalf uur wachten voordat ze eindelijk wat te drinken kregen. Haar moeder dacht ook aan luizen, daardoor moesten ze een shampoo halen, maar dat was het ook niet, haar moeder zei dat haar juf dood was juf Steenman. Het meisje zei dat ze de brief niet mocht weggooien en dat ze het ook wilde lezen, haar moeder zei dat ze als ze zo door ging een zenuwinzinking zou krijgen. Haar vader ging zeil liggen, omdat het daar al kapot was, helaas was het te groot er moesten ze gokken hoeveel eraf moest, toen het lag werd haar moeder kwaad. Ze zag de naden liggen en bij de kantjes waren er happen weg. Haar vader zei dat hij er niets van zag en begon nog wat te schuiven met de meubelen, zodat je het bijna niet zag. Haar oma kwam op bezoek en zei dat het goed lag, omdat haar moeder er lang op doorging, en altijd steunt haar oma haar vader, dus hoefde het toch niet over nieuw. De volgende dag zou haar moeder haar wenkbrauwen verven, dan mochten ze nergens komen, want het was een precies werkje, en als ze dan in de keuken kwamen of ergens anders dan zou ze uitschieten en zag ze er niet uit. De deurbel ging dus het meisje moest er wel naar toe, er stond een man die moest per se haar moeder spreken, het was een deurwaarder. Het meisje moest nu wel haar moeder roepen, en haar moeder wilde niet dat er iemand binnen kwam, maar dat gebeurde wel, haar moeder schrok en de man vertelde dat haar man failliet was, en ze moesten dingen meenemen, zo ook haar naaimachine. Later toen haar vader thuiskwam was er ruzie, maar hij zei dat hij ook wel een atelier thuis kon beginnen, maar dat wilde haar moeder niet, maar toch, het moest, anders hadden ze geen inkomen. Ze moesten nieuwe schoenen, dus vertrokken ze vroeg. Voor Elsje had de man rode schoenen gevonden, het meisje vond ze ook erg mooi, en de man zei dat hij ook blauwe had. Ze mocht ze passen, maar haar moeder vond het niets, omdat ze die vast verloor. De man zei dat, dat niet kon gebeuren vanwege het elastiek. Maar toch mocht ze die schoenen niet hebben, ze kreeg hele lelijke die het meisje per se niet wilde aantrekken. Toen ze terug naar huis gingen zei haar moeder tegen haar dat ze maar een ondankbaar kind was, ze moest maar blij zijn dat er nog schoenen voor haar waren, want ze had geen goede voeten. Elsje bleef staan om haar schoenen te laten zien aan Ada, en het meisje bleef op de trap zitten omdat ze haar schoenen niet aan wou doen. Haar moeder snikte, ze zag haar man met een vrouw, Beppie, die net haar blouse dicht knoopte. Toen trok het meisje haar schoenen aan. Die avond aan tafel waren de meiden zenuwachtig, daarom moesten ze lachen, dat was niet hun bedoeling. Ze werden door hun vader weggestuurd, ze zagen hun moeder een borrel pakken dat deed ze altijd als ze zenuwachtig was. Toen hun boven op hun bed lagen praatte Elsje en zij nog even, dat ze niet wilde dat hun moeder hun pleister eraf zouden halen, en waar hun vader nu heen moest, of zou er een oud aardig vrouwtje helpen? De volgende dag zagen ze gelukkig hun vaders jas nog hangen. Maar die ochtend mochten ze niet meedoen met spelen, omdat ze volgens Ada gelogen hadden en dat hun ouders niet gingen scheiden omdat haar vader er nog was. Haar ouders hadden wel met elkaar weer gepraat, wel wat beledigingen maar ze praatte toch weer tegen elkaar. Haar vader had een kelder gevonden waar hij kon werken, en hij liet het zijn kinderen zien, het was vies en morgen moest alles er al in staan. De meiden vertelden het aan hun vriendinnen, en ze mochten opeens weer meespelen. Toen ze 9 jaar waren, kwam hun vader naar hun toe, hun moeder was ziek. Hij had de dokter gebeld, maar hij werd afgeblaft, haar vader was zo ontzettend boos. Hij zei dat ze maar wat moesten doen, hij wist het ook niet precies. Ze waren wakker en moesten naar school, ze wekten hun moeder maar ze zei dat ze het niet aankon, en dat ze zelf maar moesten gaan, dat wilden ze eigenlijk altijd wel, maar nu was het echt! Maar toch niet geslaagd. Die middag stond Kitty ook buiten, ze zocht iemand die mee ging werken bij haar vader, want haar vriendin was verhuisd. En het meisje werd gekozen, ze was bang dat het van haar moeder niet mocht, haar moeder zei er niet veel van, dus het meisje ging toch. Ze was stiekem wel een beetje verliefd op het meisje, maar wist niet wat verliefdheid was. Later moest ze een verwijsbrief halen, ze kwam bij haar moeder binnen in de slaapkamer, haar moeder schrok ze moest niet zo stiekem doen. Het meisje vroeg naar brood dat kon ze zelf wel halen had haar moeder gezegd. Later gaf ze de brief en haar moeder moest dat maar proberen, alleen moest ze nog een nummertje halen. Haar moeder wilde nooit een te hoog nummertje en nooit een te laag nummertje, helaas was ze 1 van de laatste, haar moeder was daar niet blij mee. Maar Elsje zei dat ze maar blij moest zijn want ze had een nummertje, ze kwam aan de beurt. Het meisje was te lang in de stalling gebleven en moest eigenlijk naar huis, maar Kitty zei dat ze moest blijven anders zou die enge man komen, het meisje vroeg of hij haar dan wat had aangedaan, en hoe het dan met Margje erbij was. Het meisje zei van niet, en dat hij niet bang was voor margje. Na een tijdje kwam haar vader en het meisje kon weg. Het was etenstijd, en haar ouders waren al thuis, het meisje vroeg hoe het met haar moeder ging, het ging al goed. Ze moest alleen nog een drankje 3x op een dag slikken, haar vader vond het vreselijk stinken, en ze moest het maar innemen op het balkon, want het was een vreselijke lucht. Maar haar moeder zei dat het wel meeviel, en dat ze niet in de tocht wilde staan. Toch ging ze naar buiten, maar deed de deur niet dicht, en er kwam een vieze geur naar binnen. Haar moeder ging om half 8 al naar bed, terwijl Els wilde blokfluiten, ze moest oefenen, maar dat mocht niet van haar moeder, terwijl haar vader haar verdedigde. Ze mocht gewoon fluiten, het meisje ging naar haar moeder om te vragen of het echt goed ging, maar haar moeder zei dat ze weg moest, anders zou ze nog eens van het balkon springen.

Elke woensdag moest ze een nummertje voor haar moeder halen, ze moest zelfs soms gaan ruilen. Die middag kwam er een piano binnen. Elsje had altijd piano willen spelen en haar vader had hem gekocht. Haar moeder werd boos, ze wilde gelijk dat lelijke ding uit haar huis, daardoor ging ze expres hard de deur opendoen zodat alles fout ging. Elsje kon zich daardoor niet goed concentreren. Als het meisje weer in de stalling is staat Kitty al op haar te wachten, het meisje keek alleen naar haar gezicht en probeerde haar te zoenen, maar dat ging Kitty te ver, en ging weg. Het meisje snapte er niets van. Het meisje had een nieuwe fles gehaald voor haar moeder, haar moede vroeg of ze het verschil zag, het meisje knikte het was een donkere vloeistof. Haar moeder knikte en zei dat ze achteruit ging, en dat, dat niet gaf omdat niemand haar nodig had. Het meisje ging naar de stalling toe omdat ze had gehoord dat Kitty weer vriendinnen wilde worden, maar toen ze daar binnenkwam zagen ze haar niet staan, en het meisje rende weg. Haar moeder stond in een speld en ging erg te keer, het meisje wilde haar vader halen, maar dat mocht niet, haar moeder zou hem vermoorden, omdat hij met spelden werkt. Het zou zijn schuld zijn. Na een dag met haar voet omhoog gezeten te hebben kon ze weer normaal lopen, maar was nog niet tevreden. Ze werd woest toen de deur openging en de vrouw van 1 boven haar naar binnen stapte om te vragen of het goed met haar ging. Daar hadden haar vader en moeder die avond ruzie over, dat mens kon alles meenemen, maar haar vader vond dat onzin, dat mens zou niets stelen. Haar moeder had kwade dingen gezegd en was nu bang dat er wat zou gebeuren. Toen de meisjes uit school kwamen moesten ze ontzettend snel binnen komen, de deur moest op slot, alles moest dicht, want de buurman kon komen. De buurman bonkte op de deur hij moest open, haar moeder pakte de pook en bleef staan. De man wilde weten wat ze over zijn dochter had gezegd. De volgende dag, ging de deur niet open toen haar vader, elsje en zij daar stonden, zelfs niet toen ze haar een paar keer riepen. Het meisje was bang dat de buurman haar had vermoord. Haar vader moest met haar mee naar binnen anders geloofde ze het niet. Haar vader ging snel naar binnen maar deed snel een deur dicht en zei tegen de kinderen dat hun moeder een ongeluk had gehad. Het meisje dacht dat haar moeder dood was maar dat was niet zo, wel moest ze naar het ziekenhuis. Mensen zeiden dat ze zichzelf van kant probeerde te maken, iedereen had het over haar moeder. Ze wist niet wat ze moest geloven, wilde ze echt dood? Haar moeder schaamde zich niet, ze liet het zelfs zien, haar moeder wilde weten of ze wisten wat ze had gedaan, en ze moesten het daarna nog uitleggen ook. Haar moeder had het maar voor 1 ding gedaan, ze konden verhuizen naar een betere buurt, het had bijna haar leven gekost maar het is wel gelukt. Het meisje vroeg dat als ze zouden verhuizen wel beter zou worden. Haar moeder zei dat er met haar niets aan de hand was, maar dat de buurt dat had gedaan.
Ze stonden voor hun nieuwe huis, voor het raam van de tweede verdieping zag ze een vrouw zwaaien, het meisje wilde terug zwaaien, maar haar moeder waarschuwde: Geen aandacht aan besteden, denk erom, we bemoeien ons met niemand.. Met helemaal niemand!!
Personages:
Ikpersoon:
De ikpersoon is een meisje tussen de 5 en 9 jaar. Je weet niet de naam en geen leeftijd. Je ziet alles door haar ogen hoe het thuis is, en haar gevoelens. Ze wordt als jongen gezien door haar vader omdat hij altijd graag een zoon zou willen hebben. Daaruit kun je opmaken dat het meisje eruit had moeten zien als een jongen. Het is nog al een meisje die graag met kinderen om wilt gaan en zeker met haar goede vriendin Ada. Daar kwam ze in een goede wereld, ze wilde in god geloven maar haar moeder hield haar overal tegen. Ze denkt vaak aan de dingen die haar moeder zegt, ze denkt niet dat, dat allemaal waar is. Ze heeft verder een goede band met haar vader beter dan die van haar moeder. Toch wilt ze liever partij trekken voor haar moeder.
Elsje:
Elsje is het zusje van de Ikpersoon. Ook zij is erg jong. Ze is erg bang voor haar vader omdat hij haar meerdere malen heeft misbruikt, dat weet de ikpersoon niet. De ikpersoon komt er wel achter dat ze een keer op haar bed zat te huilen, toen wou Elsje niet vertellen wat er was. Elsje is nogal een stil typje, en ook nogal braaf. Ze trekt snel partij naar haar vader terwijl ze een veel betere band heeft met haar moeder. Haar moeder doet meer voor Elsje dan voor de ikpersoon een voorbeeld daarvan is bijvoorbeeld toen ze in de schoenenwinkel waren, Elsje mocht kiezen wat ze wou en de ikpersoon had zogenaamde slechte voeten.

Moeder van de ikpersoon:
Dat is een persoon die moeilijk te omschrijven is. Volgens de ikpersoon was vroeger alles goed de moeder zou toen in een goede buurt hebben gewoond en ze had geen smetvrees. Maar omdat haar man failliet was moesten ze naar een armere buurt verhuizen. Volgens de moeder van de ikpersoon is die buurt niet goed voor hun. Ze heeft allerlei waanideeën, ze heeft smetvrees en alles wat de kinderen doen verzint ze wel wat. Zoals wat er verkeerd aan is of wat ze kunnen oplopen, want alle mensen zijn vies, gek en daar moet je niet mee te maken krijgen. Ook aan het eind van het verhaal probeert de vrouw zich erg te verwonden zodat ze eindelijk naar een goede buurt mogen. De ikpersoon denkt dat het dan allemaal goed zou komen met hun moeder. Alleen haar moeder gaat door, smetvrees, en iedereen is fout. Ze profiteren alleen maar van haar man.
Vader van de ikpersoon:
De vader van de ikpersoon misbruikt Elsje. Het wordt niet goed in het boek beschreven maar toch is het zeker duidelijk. De vader doet nogal macho en wilt de populairste uit de buurt zijn. Dat is hij ook, iedereen vindt hem geweldig. Hij wil daarom ook dat zijn kinderen met de kinderen uit de buurt kunnen spelen. De moeder wilt dit echter niet. De vader wordt betrapt door zijn vrouw als hij vreemdgaat, alleen na een tijd komt het weer goed tussen zijn vrouw en hem.
Bijpersonen:
Ada de vriendin van de twee zusjes, ze wordt beschreven als een aardig meisje met een aardige moeder die alles voor je doet. Kitty is ook een meisje van hun leeftijd en zocht iemand om mee te werken voor haar vader ze zoekt de ikpersoon uit, terwijl de ikpersoon stiekem verliefd op haar is. Willemijn is een goede vriendin van de ikpersoon, ze praten over van alles, en kunnen het echt goed vinden. Juf Steenman ze moest een heel aardig persoon zijn voor de ikpersoon, de juf zou haar begrijpen, alleen ze werd snel ziek en overleed. De opvolger juf Gerdien moest een wreed persoon zijn, ze hield geen rekening met de ikpersoon.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

S.

S.

bij de personages, bij elsje staat ergens typje en dat moet type zijn.

15 jaar geleden

Andere verslagen van "Moederkruid door Carry Slee"